1/160
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
privaatrecht delen door 2:
personen en familierecht- vermogensrecht
vermogensrecht delen door 2:
verbintenisrecht en goederenrecht
definitie verbintenisrecht:
de vermogensrechtelijke relatie tussen 2 of meer (rechts) personen. Een verbintenis heeft 2 zijdes, 1 recht en 1 plicht.
Waar ontstaan verbintenissen uit:
overeenkomst, rechtmatige daad en onrechtmatige daad. Het is een relatief karakter.
Goederenrecht
Heeft betrekking op goederen en op de relatie (rechts) personen tot goed. Hier staat niet de prestatie centraal maar de goed.
wat regelt de goederenrecht:
Het goederenrecht regelt wie er rechten kunnen uitoefenen tot een bepaald goed. Bv: eigendomsrechten. Het is een absoluut karakter en dwingend recht.
Absoluut karakter:
Geheel onafhankelijk en zonder binding met iets of iemand anders.
Relatief karakter:
verbintenis tussen 2 personen of meer. Verhouding tussen 2 partijen.
Publiekrecht verdelen door 3:
strafrecht, bestuursrecht en staatsrecht
Objectief recht:
geheel aan de rechtsregels.
Subjectief recht:
Recht dat een individu bezit.
Materieel recht
inhoud/ rechten en plichten.
Formeel recht
Handhaving regels en procedureregels.
Rechtsbronnen;
de wet, jurisprudentie, het verdrag en de gewoonte.
Rechtsfeit:
een feit waaraan juridische gevolgen aan verbonden zijn.
Voorbeeld Rechtsfeit:
arbeidsovereenkomst sluiten, er komen dan rechten en plichten bij kijken.
Feiten zonder rechtsgevolg:
Een handeling waarbij er geen juridische gevolgen aan verbonden zijn. Voorbeeld; huis schoonmaken.
Bloot rechtsfeit:
Is geen feitelijke handeling maar levert wel een rechtsgevolg op. Voorbeeld: je 18e verjaardag, je krijgt rechten en plichten maar je hoefde er helemaal niks voor te doen.
Menselijke handelingen;
rechtshandelingen en feitelijke handelingen
Rechtshandelingen:
Een handeling die iemand uitvoert met de bedoeling om een bepaald rechtsgevolg tot stand te brengen. Voorbeeld; een overeenkomst sluiten.
Feitelijke handelingen:
De handeling waarbij een persoon niet een bepaald rechtsgevolg ten doel heeft. (feiten zonder rechtsgevolg)
Eenzijdige rechtshandelingen
Rechtshandelingen die door 1 partij die betrokken is wordt gedaan. Voorbeeld; beëindigen van je sport abonnement of je werknemer ontslaan.
Meerzijdige rechtshandelingen
Rechtshandeling die door minimaal 2 personen wordt verricht. Voorbeeld; koopovereenkomst of een huwelijk.
Rechtmatige daad:
Zaakwaarneming, onverschuldigde betalingen en onrechtvaardige verrijking.
Onrechtmatige daad:
Je doet gewoon een normale feitelijke handeling alleen is der per ongeluk toch juridische gevolgen aan verbonden. Voorbeeld; aan het voetballen en er is per ongeluk een bal door de ruit van de buren gegaan.
Zaakwaarneming:
Belangen behartigen van iemand anders met een goede reden zonder overeenkomst. Voorbeeld; de buren zijn op vakantie en er is ingebroken, dan kan jij voor ze hun ruit laten vervangen.
Onverschuldigde betalingen:
Het betalen van geld, overdragen van goederen of verlenen van diensten zonder rechtsgrond (geen reden voor betaling). Voorbeeld; je maakt per ongeluk 2x geld over naar dezelfde bankrekening, terwijl die daar geen recht op heeft.
Onrechtvaardige verrijking:
Wanneer iemand is verrijkt ten koste van een ander. De verrijker is verplicht om het te vergoeden als hij er niet in bezwaar ging. Voorbeeld; vader maakt afspraak met schilder voor zoon. Vader moet natuurlijk betalen want hij heeft de overeenkomst gesloten, maar hij heeft geen geld. Omdat de zoon geen bezwaar had tegen dat de huis werd geverfd kan de schilder hem de rekening geven voor het verven. Art. 6:212 BW.
Vermogensrecht
rechten die tot het vermogen van rechtssubjecten behoren, omdat ze tot geldwaarde behoren. (BW 3,5 en 6)
Vermogensrecht bestaat uit:
verbintenissenrecht en goederenrecht
Vernietigbaar:
Ongedaan maken bestaande rechtshandeling. Rechtshandeling vernietigen is eenzijdig. Art.3:44 en 45 BW
Nietigheid:
Rechtshandeling wordt geacht nooit bestaan te hebben. Art.3:39-3:40-3:43 BW
Wanneer rechtshandeling vernietigbaar:
Minderjarigheid, onder curatele en wilsgebreken.
Hoe rechtshandeling vernietigen:
buitengerechtelijk of rechterlijke uitspraak. Art.3:49-51 BW.
Binnen welke tijd rechtshandeling vernietigen
art.3:52 BW
Ter goeder trouw:
Degene die handeling doet en daadwerkelijk niet weet of niet redelijkerwijs behoort te weten dat iets niet rechtmatig gebeurt. Voorbeeld je gaat naar een fietsenwinkel. Je koopt een gestolen fiets zonder dat je dat wist.
Niet ter goeder trouw
Als je een zaak van iemand anders bezit, terwijl je weet dat het niet je eigendom is.
Wil en verklaring
Dit zijn de vereisten voor een rechtshandeling. De rechtshandeling moet berust zijn op de wil van degene die de rechtshandeling uitvoert. Daarnaast moet deze wil tot uitdrukking zijn gekomen (verklaring). Voorbeeld; Als er in je wilsverklaring een behandeling staat die je niet wilt doen, dan moet je arts zich daar aan houden. Maar staat er in je wilsverklaring iets wat je wel wilt, dan is je arts niet verplicht om zich daar aan te houden.
Wil=verklaring vorbeeld:
bijvoorbeeld; ik wil een jurk en ik verklaar het door het te betalen.
Wilsgebreken:
Toestemming van het afsluiten van een overeenkomst, gebrekkig tot stand is gekomen. De partijen komen weliswaar met elkaar overeen, maar de werkelijke wil van 1 van de partijen komt tot stand onder invloed van een verkeerde instelling.
Wilsgebreken:
Art.3:44 lid 1 en 3 BW- Art.6:28 BW ( bedreiging, bedrog, misbruik van omstandigheden en dwaling)
wilsgebreken Voorwaarde lid 1:
rechtshandeling, wilsgebrek en vernietigen.
Wilsgebreken Voorwaarden lid 3
bewegen tot rechtshandeling op basis van onjuiste informatie. (opzettelijk)
Verschil tussen bedrog en dwaling:
Bedrog is opzettelijk onjuiste informatie vertellen. Bij dwaling wordt er per ongeluk en niet opzettelijk verkeerde informatie gegeven.
Handlichting
Bij handlichting kan een 16- of 17-jarige via de kantonrechter bepaalde bevoegdheden van een meerderjarige krijgen
Nietig:
i.v.m. vorm, in strijd met openbare orde of handelingsonbevoegd persoon.
Volmacht
Een volmacht is de bevoegdheid die een volmachtgever verleent aan een ander (de gevolmachtigde) om in zijn naam rechtshandelingen te verrichten. Art. 3:60 BW. Volmacht kan uitdrukkelijk maar kan ook stilzwijgend verleend worden en het kan ook algemeen of bijzonder zijn. Bijvoorbeeld: volmacht voor alle rechtshandelingen of volmacht voor een specifieke doel.
Hoe eindigt een volmacht
Als een van de 2 partijen overlijdt. Wanneer een van de 2 partijen het opzegt of herroept.
Bezitter:
De bezitter is vaak, maar niet altijd de eigenaar. Je bent de bezitter als je de zaak voor jezelf houdt. Maar de bezitter hoeft niet altijd de eigenaar te zijn. (art.3:107 BW)
Houderschap:
de persoon heeft wel de macht over de zaak, maar gedraagt zich niet als de eigenaar. Oftewel het hebben van een zaak , zonder de bedoeling hebben om het zelf te houden. De houder is verplicht het terug te geven aan de eigenaar. (art.3:107 BW)
Onmiddellijk bezitter
iemand bezit zonder dat een ander het voor hem houdt. (art.3:107 lid 2)
Middellijke bezitter:
wanneer iemand in bezit is van een zaak maar iemand anders het houdt. (art.3:107 lid 3 bw)
Interversie van houderschap
een houder van een goed kan zichzelf niet tot bezitter van dat goed maken en kan dat ook niet zomaar zelf beslissen (art.3:111 bw)
Eigendomsverkrijging:
verkrijging van het meest omvattende recht dat een persoon op een zaak kan hebben. (art.3:80 lid bw)
Eigendomsverkrijging bijzondere titel:
- Overdracht 3:84 BW
- Verjaring 3:99 BW-3:105 BW
- Natrekking 5:3 jo.3:4 BW
- Toe-eigening 5:4 Bw
- Vinderschap 5:5 BW
- Schatvinding 5:13 BW
- Vermenging 5:14 BW
- Zaaksvorming 5:16 BW
- Vruchttrekking 5:1 lid 3 BW
Overdracht:
Bij overdracht draagt de ene persoon het eigendomsrecht over aan het ander persoon. (art.3:84 BW)
Eisen voor een geldige overdracht
levering, geldige titel en beschikkingsbevoegdheid
Levering overdracht roerende zaken
bezittingsverschaffing. Dus het letterlijk geven aan de ander. Art.3:90 bw
Levering onroerende zaken
notariële akte en inschrijving openbare register. Art.3:89 lid 1 BW
Geldige titel:
rechtsgrond van levering bijvoorbeeld een overeenkomst
Beschikkingsbevoegdheid:
de bevoegdheid om iets te vervreemden of te bezwaren. Dus het goed moet ook daadwerkelijk van diegene zijn die het aan je gaat geven.
Derden bescherming bij ongeldige overdracht:
aan 1 van de vereisten wordt niet voldaan. Art.3:86 lid 1 BW -> dan moeten ze aan de volgende eisen voldaan : roerende zaak, levering anders dan om niet (tegenprestatie) , ter goede trouw als dit allemaal het geval is, wordt koper toch de eigenaar.
Ongeldige overdracht diefstal
Dan wordt derden geen eigenaar en kan de originele eigenaar de zaak terugeisen. Art.3:86 lid 3.
Verbintenis:
rechtsverhouding tussen 2 partijen. Ene partij is schuldenaar en de andere partij is schuldeiser. De schuldenaar is een prestatie verschuldigd aan de schuldeiser.
Verbintenissen ontstaan door
uit de wet , overeenkomsten of rechterlijke uitspraken
Verschillende verbintenissen:
eenzijdige overeenkomst en meerzijdige overeenkomst
Eenzijdige overeenkomst
Bij eenzijdige overeenkomst, ontstaat er een overeenkomst waarbij 1 partij een prestatie uitvoert en de andere partij niks hoeft te doen.
Meerzijdige overeenkomst
Bij meerzijdige overeenkomst moeten beide partijen een prestatie voeren. De ene is schuldenaar en de ander schuldeiser
Hoe komt een overeenkomst tot stand:
· Aanbod en aanvaarding ( art. 6.217 BW)
· Eis van bepaalbaarheid (art. 6:227 BW) (voorbeeld: je weet wat voor prijs, je weet de specifieke product dus alle details weet je.)
Dwaling
onjuiste voorstelling van zaken
Verschillende dwalingen
door onjuiste mededeling, verzwijgen en wederzijdse dwaling
Onjuiste mededeling (dwaling)
je hebt een onjuiste mededeling (niet opzettelijk) gekregen want als je de juiste had gekregen was je de overeenkomst niet aan gegaan
Verzwijgen (dwaling):
bewust iets niet vertellen
Wederzijdse dwaling
Dat beide partijen geen weet hebben
Wat gebeurt er als er sprake is bij dwaling
dan kan je de overeenkomst vernietigen.
Haviltex-criterium
Dit komt van sprake als er onduidelijkheid is tussen de partijafspraken. Dan gaan ze niet alleen kijken wat er letterlijk op papier staat, maar gaan ze ook kijken naar de bedoelingen.
Verschillende lijsten voor algemene voorwaarden:
het kan zijn dat een partij algemene voorwaarden invoert, maar zodat het toch wel redelijk blijft heeft de wetgever een soort bescherming voor de wederpartij en dan doen ze doormiddel van deze lijsten. Zwarte lijst = niet redelijk, grijze lijst= dan zijn de onredelijke dingen bespreekbaar en witte lijst= redelijk.
Wanprestatie:
niet nakoming van een verbintenis. (art. 6:74 BW)
Wanneer is er sprake van een wanprestatie:
· Tekortkoming; het feit dat jouw wederpartij zich niet aan de verplichting voldoet.
· Schade: Als iets niet werkt naar behoren of het is kapot.
· Causaal verband (relatie) tussen tekortkoming en schade: de tekortkoming is de reden van de schade.
· Toerekenbaar; dat de wederpartij schuldig is of verantwoordelijk aan de wanprestatie.
Niet nakoming ontbinding en het is ook niet meer mogelijk:
· Schadevergoeding (art.6: 74 lid 2 BW)
· Ontbinding (art. 6: 265 BW)
Niet nakoming van verbintenis maar nog wel mogelijk
1. Ingebrekestelling (art.6:82 BW) of in verzuim (art.6:83 BW)
2. Of na ingebrekestelling toch in verzuim
Verzuim:
mocht je tijdens het maken van de overeenkomst een termijn geven en er is niet gehouden aan de termijn, dan ben je gelijk in verzuim. Als de wederpartij ook gelijk aangeeft dat die prestatie niet kan leveren ben je ook gelijk in verzuim.
Gevolgen van verzuim:
ontbinding of opschorting.
Opschorting:
de ene partij komt zijn verplichting niet na tot de wederpartij ook zijn of haar verplichting nakomt.
Ingebrekestelling
Als je geen termijn had gegeven voor wanneer de prestatie geleverd moet worden, kan je de wederpartij wat extra tijd geven om het toch te doen. Mocht het daarna toch niet lukken kom je in verzuim terecht. (art.6:81 BW)
Gevolgen van ingebrekestelling->verzuim
nakoming + aanvullende schadevergoeding, opschorting of ontbinding.
Nakoming + aanvullende schadevergoeding:
vermogensschade of ander nadeel -> vertraging schade of gevolg schade (art.6:74 en art.6:85 BW). Of alleen schadevergoeding (vervangende schadevergoeding) geen nakoming. (art.6:87 BW)
Verbintenis uit de wet
onrechtmatige daad en rechtmatige daad
Rechtmatige daad:
· Zaakwaarneming (art.6:198 BW)= je neemt zorg voor een zaak van een ander
· Onverschuldigde betalingen (art.6:203 BW)= betaling zonder rechtsgrond
· Onrechtvaardige verrijking (art.6:212 BW)=verrijking ten koste van een ander
Vereisten onrechtmatige daad:
· Onrechtmatigheid
· Toerekening aan de dader (art.6:162 lid 3 bw)= aan zijn schuld en/ of voor zijn rekening
· Schade (art.6:95 BW)=vermogensschade en ander nadeel
· Causaal verband tussen de daad en de schade= direct verband tussen de daad en de schade. Als de daad niet was gepleegd was er ook geen sprake van schade.
· Relativiteitsbeginsel (art.6:163 BW)= de geschonden norm dient te strekken tot bescherming tegen de geleden schade. (als er een norm wordt geschonden moet je goed uitzoeken of die norm ook je beschermt tegen rivaliteit)
Onrechtmatigheid (art.6:162 lid 2 BW)
· Inbreuk op een recht
· Doen of nalaten in strijd met wettelijke plicht’
· Doen of nalaten in strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijke verkeer betaamt. Gevaarzetting( de rechter vult het in met het zorgvuldigheidsbeginsel)
Beoordeling bij gevaarzetting
· Hoe waarschijnlijk kan de niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid worden geacht?
· Hoe groot is de kans dat daaruit ongevallen ontstaan?
· Hoe ernstig kunnen de gevolgen zijn?
Hoe bezwaarlijk zijn de te nemen veiligheidsmaatregelen
Op welke manieren kan je een verbintenis teniet gaan?:
· Nakoming
· Afstand doen van de verbintenis
· Verrekening (bv ik leen jou 50 euro en je geeft me 50 euro terug)
· Vermeen; schuldenaar en schuldeiser worden 1 persoon. (bv; je krijgt nog 50 euro van je partner maar je trouwt met je partner zonder huwelijksvoorwaarden dan zijn jullie samen 1 persoon) .
Wanneer naar rechtbank
eerste aanleg, inclusief kantonrechter
Wanneer gerechtshof
bij hoger beroep, die maakt arrest.
Wanneer cassatie
Bij hoge raad
Wanneer kantonrechter
geldvorderingen tot 25000 euro, collectieve arbeidsovereenkomsten en consumentenkrediet overeenkomst, huurovereenkomsten etc. bij overeenkomsten gelden er geen limiet qua geld.
In welke boek moet je kijken voor formele privaatrecht:
Het wetboek van rechtsvorderingen.
Absolute competentie:
Welke rechter is bevoegd
Relatieve competentie:
Welke plaats