Kaarten: Ontwikkelingspsychologie Les 9 Bart Soenens ugent | Quizlet

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
0.0(0)
full-widthCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/75

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No study sessions yet.

76 Terms

1
New cards

wat is de puberteit?

reeks biologische gebeurtenissen die leiden tot volwassen gestalte en seksuele rijpheid

2
New cards

in welke leeftijd speelt de puberteit zich af?

10-15 jaar

3
New cards

wat is de adolescentie?

de volledige overgang tussen kindertijd en volwassenheid

4
New cards

in welke leeftijd speelt de adolescentie zich af?

10-20 jaar

5
New cards

wat is het genitale stadium van Freud? (2)

"de seksuele drift ""ontwaakt"" na de latentiefase en veroorzaakt psychologisch conflict en losgeslagen gedragslechts tegen het einde van de adolescentie geraakt deze drift gekanaliseerd en mondt dit uit in de capaciteit om een intieme relatie aan te gaan"

6
New cards

wat is sturm und drang?

Dit biologische perspectief vervreemd jongeren van de rest van de maatschappij, en heel lang ('60 - '80) waren er stevige generatieconflicten, omdat jongeren andere waarden hadden dan hun ouders, maar tegenwoordig is dit minder

7
New cards

wat zei Stanley Hall over adolescenten?

dat ze emotioneel onstabiel zijn en zielig, dat we permanent spiritueel dronken zijn

8
New cards

wat zei Anna Freud over Adolescenten?

dat adolescenten extreem egoïstisch zijn, ze zien zichzelf als het centrum van het universum, maar iets later in hun leven zijn ze in staat tot gigantisch veel zelfopoffering en toewijding + dat jongeren het ook wel moeilijk hebben tijdens deze fase, maar hun omgeving ook met hen

9
New cards

wat is het sociale perspectief op de adolescentie?

culturele invloeden: niet in elke cultuur verloopt de adolescentie zo turbulent

10
New cards

Wat is een vroege, midden en late adolescentie?

Vroeg: 11 - 14; uiterlijk/lichaam belangrijk Midden: 14 - 16; sociale aspect belangrijk Laat: 16 - 18; blik naar binnen: wie ben ik? werken aan identiteit, blik naar buiten/maatschappij

11
New cards

Welke hormonale veranderingen vinden plaats op 8j.-9j.?

Toename van het groeihormoon en thyroxine (lengte en botten). Groeihormoon krijgt de bovenhand vanaf de puberteit.

12
New cards

wat doet thyroxine?

reguleert groeisnelheid bij kinderen

13
New cards

welke veranderingen gebeuren er op basis van geslachtshormonen?

- meer oestrogenen bij meisjes - meer androgenen (zoals testosteron) bij jongens

14
New cards

in welke delen van de hersenen speelt er zich voornamelijk ontwikkeling af tijdens de adolescentie?

vooral vooraan en opzij

15
New cards

wat is synaptisch snoeien?

alle synapsen die zelden/nooit actief zijn worden weggegooid

16
New cards

waar gebeurt synaptisch snoeien/pruning?

frontale cortex

17
New cards

wat gebeurt er met de ruimte die is vrijgekomen door het synaptisch snoeien?

versnelling van myelinisatie

18
New cards

wat is een gevolg van versnelling en myelinisatie?

connecties tussen regio's worden versterkt, hierdoor kunnen we 200x sneller denken dan een kind: dit is het verschil tussen een slak en een racewagen

19
New cards

wat zijn 4 cognitieve voordelen van synaptisch snoeien en versnelling van myelinisatie?

- betere aandacht - beter plannen - integreren van informatie - betere zelf-regulatie

20
New cards

tot wat leidt een gebrek aan slaap? (3)

slechtere schoolresultatenhumeurigheidrisicogedragwant het interfereert met aandachts- en emotieprocessen

21
New cards

wanneer begint de groeiversnelling bij jongens?

op 12 en half jaar

22
New cards

wanneer begint de groeiversnelling bij meisjes?

op 10 jaar

23
New cards

wat is de menarche?

tijdstip wanneer meisjes hun eerste regels hebben

24
New cards

wanneer is de menarche bij meisjes?

op 12 en half à 13 jaar, samen met piek in groeispurt

25
New cards

wanneer is de spermarche bij jongens?

13.5 jaar

26
New cards

op welk jaar zijn meisjes gemiddeld geslachtsrijp?

op 15 jaar

27
New cards

wat zijn 6 invloeden waarom sommige meisjes sneller hun regels hebben in de puberteit dan andere meisjes?

- erfelijkheid - voeding, lichaamsbeweging (meisjes die meer aan sport doen hebben vaak minder vet en beginnen ook later aan menstruatie, mensen die meer vetrijke voeding eten gaan sneller beginnen met menstrueren) - SES (hangt samen met de kwaliteit van voeding) - Etnische groep (Afrikanen vroeger dan Europeanen) - Ervaringen in het gezin: een meisje in een gezin met veel conflicten en stress gaat zich sneller ontwikkelen - seculaire trend: over de jaren heen zijn meisjes vroeger vruchtbaar, dit hangt samen met het verschil in voedingskwaliteit, daarom werd menstruatie ook gezien als een gezondheidsindicator

28
New cards

waarvan is het type reactie op de menarche of spermarche sterk afhankelijk?

de mate waarin en de manier waarop dit wordt aangekondigd: als kinderen beter op voorhand wisten wat er zou gebeuren zouden ze minder onzeker zijn

29
New cards

hoe is de relatie van humeurigheid met hormonen?

zwak

30
New cards

wat bepaalt dan wel de toegenomen humeurigheid?

biologische en sociale factoren

31
New cards

wat zijn gevolgen van vroeg rijpen bij jongens? (3)

- populair - zelfvertrouwen, onafhankelijk - positief lichaamsbeeld

32
New cards

wat zijn de gevolgen van vroeg rijpen bij meisjes? (4)

niet populairteruggetrokken, weinig vertrouwenbeeld lichaam negatiefmeer afwijkend gedrag

33
New cards

wat zijn de gevolgen van laat rijpen bij jongens? (3)

- niet-populair - angstig-praatziek, zoekt aandacht - negatief lichaamsbeeld

34
New cards

wat zijn de gevolgen van laat rijpen bij meisjes? (3)

- populair - sociaal, levendig - positief lichaamsbeeld

35
New cards

wat is het lichaamsbeeld?

opvatting over en houding tegenover eigen voorkomen

36
New cards

welk stadium van Piaget hoort bij de adolescentie?

formeel-operationeel denken

37
New cards

wat is hypothetisch-deductief redeneren? (4)

"- hypotheses afleiden uit een algemene theorie - denken als een wetenschapper - hypothese formuleren en omzetten in toetsbaar experimenteel opzet - ""waarom?"", ""als ..., dan ..."" - bvb. het slinger experiment: adolescenten gaan van alles uitproberen om hypothese te bewijzen"

38
New cards

wat is propositie-denken?

- de logica van verbale uitspraken evalueren zonder verwijzing naar de echte wereld - bvb. jetontaak

39
New cards

ado's kunnen DENKEN IN TERMEN VAN MOGELIJKHEDEN

- Over niet-waarneembare en niet-ervaren dingen (vb. toekomst)

- Over zaken die anders kunnen zijn dan ze nu zijn (vb. ouders)

o Adolescent kan denken 'iets is zoals het is, maar misschien zou het anders kunnen zijn' à bv.

relatie met ouders: kan ook zijn zoals relatie van vrienden met ouders

- Zelfreflectie, dagdromen, fantasie

- Thema's: milieu, oorlog, discriminatie, vrijheid, liefde, rechtvaardigheid, ...

- Ontstaat niet altijd pas in adolescentie: sommige kinderen op jonge leeftijd in specifiek domein al

formeel operationeel denken à in adolescentie generaliseert dit naar geheel

40
New cards

is Formeel-operationeel denken universeel?

mogelijks niet: - Gemodereerd door opleidingsduur -en niveau

- Goede stimulerende omgeving thuis en in schoolcontext bevordert hersenontwikkeling

41
New cards

wat gebeurt er bij de informatieverwerkingstheorie bij de adolescentie? (7)

- aandacht (selectie van relevante informatie; inhibitie van irrelevante info) - geheugenstrategieën worden efficiënter, op vlak van opslaan, verwerken en ophalen van info (op betere manieren dingen onthouden) - kennis neemt toe - metacognitie breidt uit (bvb. weten wanneer te pauzeren tijdens blok, wat het beste is voor te studeren) - cognitieve zelf-regulering (bvb. flexibiliteit van denken, bvb. realiseren dat studeren op het einde van een vermoeiende dag niet te veel effect meer zal hebben) - verwerkingscapaciteit: snelheid van denken (x200) - coördineren theorie en evidentie GSMZACK

42
New cards

wat zijn invloeden op het kunnen coördineren van theorie met bevindingen? (4)

- capaciteit van het werkgeheugen - ervaring met complexe problemen - meta-cognitieve vaardigheden (denken over denken) - openheid van geest CEMO

43
New cards

wat zijn 6 gevolgen van abstract denken?

- belust op discussie (ouders nemen discussies sneller als conflict) - idealisme en kritisch zijn - planning en beslissingen nemen - zelf-bewustzijn & zelf-gerichtheid - imaginair publiek - persoonlijke legende 5 (adolescenten nemen aan dat hun eigen gedachten en gevoelens uniek zijn(niemand heeft ooit zo verschroeiend liefgehad of de muziek van hun favoriete band begrepen)) BIPZIP

44
New cards

wat is een imaginair publiek?

de sterke focus op zichzelf leidt ertoe dat adolescenten het gevoel hebben dat iedereen ook op hen gefocust is (nadruk op imago, blozen, verlegenheid, gevoeligheid voor kritiek)

45
New cards

wat is persoonlijke legende?

adolescenten nemen aan dat hun eigen gedachten en gevoelens uniek zijn (niemand heeft ooit zo verschroeiend liefgehad of de muziek van hun favoriete band zo begrepen) dit leidt tot vaak overdreven of geïdealiseerde zelfbeelden

46
New cards

met wat gaat persoonlijke legende vaak gepaard?

risicogedrag: adolescenten zijn geneigd om risicovol gedrag te stellen dat volwassenen nooit zouden durven stellen

47
New cards

welk intern conflict heerst er tijdens de adolescentie volgens Erik Erikson?

identiteit versus verwarring

48
New cards

wat is identiteit volgens erikson?

bepaalt wie je bent, wat je belangrijk vindt, en de richting die je uit wilt in het leven

49
New cards

niet geslaagde identiteitsontwikkeling: identiteitsverwarring: geef voorbeelden

Negatieve identiteit, Synthetische identiteit, In beide gevallen: Erzats-identiteit (false self)

50
New cards

Negatieve identiteit

je ontwikkelt een identiteit die ingaat tegen de heersende normen in de

samenleving of wat van je verwacht wordt

o Bv. jongen groeit op in gezin waar zijn vader extreem veel drinkt: ontwikkel abstinentie -->

gaat radicaal in tegen de norm om alcohol te drinken

o Radicalisme is teken van verstoorde identiteit

51
New cards

Synthetische identiteit:

niet zelf nadenken wat je wil, maar klakkeloos overnemen wat je in omgeving

ziet

o Bv. dochter van de bakker wordt ook bakker

52
New cards

wat is het epigenetisch principe in de theorie van erikson?

invloed van vorige fasen

53
New cards

wat is het verschil tussen identiteitscrisis (visie van Erikson) en exploratie (visie van nu/andere auteurs)?

"identieteitscrisis is een tijdeljke periode van verwarring en onbehagen tijdens experimenteren met alternatieven: ""soul searching"" met als optimale uitkomst: gevoel van temporeel-spatiale continuïteit exploratie is een geleidelijke en rustige aanpak van vorming identiteit (crisis niet meer nodig, zoals lang denken over studiekeuze)"

54
New cards

wat is een status? (marcia)

mogelijke uitkomst van identiteitsproces

55
New cards

welke 4 statussen bestaan er?

- achievement - foreclosure - moratorium - diffusion

56
New cards

welke 2 criteria bestaan er volgens marcia bij identiteitsstatussen?)

mate van exploratie (openstaan voor afwegen van, uitproberen van keuzemogelijkhedenmate van binding: in staat zijn bindingen en verplichtingen aan te gaan

57
New cards

wat zijn 5 bepalende factoren bij identiteitsvorming?

- persoonlijkheid adolescent (bvb. openheid) - opvoeding en gezin: secure base to explore (John Bowlby) - interacties met peers, in vrije tijd en op school - scholen en gemeenschappen die ruimte bieden voor exploratie en opnemen van verantwoordelijkheid (sjc vs lyceum) - culturele invloeden - ...

58
New cards

wat gebeurt er bij het Zelf-Concept (cognitief) bij adolescenten? (4)

brengt afzonderlijke trekken samen in abstractere trekken (slim en getalenteerd pijltje intelligentie) (=integratie)kan verwijzen naar contradictorische trekken tijdens vroege adolescentie (bvb. verlegen en extravert)geleidelijk trekken gecombineerd in georganiseerd systeem, met meer zin voor nuance (midden en late adolescentie)inhoudelijk: meer nadruk op persoon in relatie tot andere

59
New cards

wat gebeurt er bij zelf-waardering (evaluatief) bij adolescenten? (4)

- steeds meer gedifferentieerd: nieuwe dimensies worden toegevoegd (hechte vriendschap, romantische relaties, competentie in job of studie...) - het niveau van zelfwaardering neemt meestal toe, tenminste op het einde van de adolescentie - stabiliteit wordt groter: het zelfwaardegevoel wordt gecrystalliseerd - positief zelfwaardegevoel is belangrijke voorspeller voor aanpassing (bvb. schoolse prestaties, sociale aanvaarding)

60
New cards

welke 3 categoriën van zelfwaarde kunnen we onderscheiden?

- consistent hoog: 87,1% - Chronically low: 5.5% - U-shaped (dipje in middelbaar): 7.4%

61
New cards

wat zijn 4 invloeden op zelfwaardering?

- democratische opvoeding (hoog) (ouders warm en ondersteunend, maar ook met vaste regels en normen) - aanmoediging leraren (hoog) - steun voorwaardelijk (enkel als voldaan aan hoge normen) (onecht gedrag) (lage en instabiele ZW): bvb. belonen als goed rapport van 90% maar vanaf 80% heel boos - etnische groep: blanke adolescenten lager dan Afro-Amerikaanse, want Afro-Amerikaanse mensen identificeren zich meer met rolmodellen, wat hun ZW positief beïnvloedt

62
New cards

welke 3 niveaus bestaan er bij Kohlberg's theorie van morele ontwikkeling?

- preconventioneel niveau (1 en 2) - conventioneel niveau (3 en 4) - post-conventioneel of principieel niveau (5 en 6)

63
New cards

wat is het eerste stadium van de theorie van Kohlberg?

straf en gehoorzaamheid (puur op persoon gericht en uit eigenbelang): bvb.: de persoon mag het niet stelen, misschien komt hij in de gevangenis terecht OF hij zal gelukkiger zijn als zijn vrouw gezond is, kind kan niet letten op 2 standpunten

64
New cards

wat is het tweede stadium van de theorie van Kohlberg?

instrumentele gerichtheid (aandacht voor eigenbelang, voordelen, maar iets meer aandacht voor belang andere mensen, maar 'voor wat, hoort wat'): bvb. de persoon mag stelen want de directeur vraagt veel te veel geld/dokter heeft wss lang gewerkt aan die pil en als je dat steelt heeft hij al zijn werk voor niks gedaan

65
New cards

wat is het derde stadium van de theorie van Kohlberg?

"""good boy-good-girl"" (moraal van coöperatie tussen mensen) (sociaal: grotere aandacht voor de andere) bvb. als papa steelt zijn er gevolgen voor mensen uit dichte omgeving, zij gaan daar ook problemen van krijgen, of juist wel stelen om stress van naasten op te heffen, ideale wederkerigheid, 'Gulden regel': behandel een ander enkel zoals jij behandelt wil worden"

66
New cards

wat is het vierde stadium van de theorie van Kohlberg?

zorg dragen voor iedereen, niet alleen voor iedereen behoud van de sociale orde (samenleving, regels, normen, wetten zijn belangrijk) bvb. stelen is onaanvaardbaar, want mag niet volgens de wet, of juist wel stelen want er is geen wet tegen te dure medicijnen, niet volgen van regels is onmogelijk

67
New cards

wat is het vijfde stadium van de theorie van Kohlberg?

Sociaal contract goede regels zijn belangrijk op voorwaarde dat ze goede dingen creëren voor ALLE MENSEN: utilaristisch denken: alles moet nut hebben voor iedereen (wetten samen gemaakt, daarom veranderbaar)

68
New cards

wat is utilitaristisch denken?

alles moet nut hebben voor iedereen

69
New cards

wat is het zesde stadium van de theorie van Kohlberg?

gedrag niet enkel beoordelen vanuit belangen mensen in die situatie of samenleving in zijn geheel, maar vanuit meer universele ethische principes zoals rechtvaardigheid, samenhorigheid en respect voor ieders waarde sturen morele oordelen gelijke aandacht voor ieders aanspraken respect voor ieders waarde

70
New cards

welke veranderingen op het vlak van vriendschap gebeuren er tijdens de adolescentie? (5)

- minder goede vrienden - meer intimiteit, loyaliteit (nabijheid, vertrouwen, zelf-onthulling...) - vrienden gelijkaardig of worden meer gelijkaardig - geslachtsverschillen - potentiële gevaren van intieme vriendschappen: co-ruminatie en relationele agressie

71
New cards

wat is co-ruminatie?

elkaars depressieve gevoelens versterken

72
New cards

wat zijn gevaren van online vriendschappen? (3)

romantische relatie via internet opbouwen, kunnen ook pedo's zijn zoals de discord modenkel vrienden via het internet leren kennen (mist fysiek contact, zorgt voor meer conflicten met ouders, delinquentie...)gevaarlijke uitwassen, zoals pro-ana nation, die promoten anorexia baa

73
New cards

wat zijn 4 voordelen van vriendschappen?

mogelijkheid zelf-exploratie, iemand anders echt begrijpenbasis voor latere intieme relatieshelpen omgaan met dagelijkse stresskan houding en betrokkenheid school bevorderen

74
New cards

wat is een clique? (3)

kleine groep (5-7 man)goede vriendenbepaald door interesses, sociale status (bvb. populair en niet-populair)

75
New cards

wat is een crowd?

groter - meerdere cliqueslidmaatschap gebaseerd op reputatie, stereotype (bvb. VPPK)

76
New cards

waarom is formeel-operationeel denken mogelijk niet universeel?

het wordt gemodereerd door opleidingsduur en opleidingsniveau