Les 1

studied byStudied by 1 person
0.0(0)
get a hint
hint

Hoe heet het binnenste van het ER?

1 / 122

encourage image

There's no tags or description

Looks like no one added any tags here yet for you.

123 Terms

1

Hoe heet het binnenste van het ER?

De ER lumen

New cards
2

Wat is glycosylering?

Het koppelen van suikergroepen

New cards
3

Wat is de functie van glycosylering?

  • Oplosbaarheid verbeteren

  • Herkenning

  • Bescherming tegen afbraak

New cards
4

Wat is de functie van zwavelbruggen?

Zwavelbruggen versterken de tertiaire structuur

New cards
5

Waar vindt glycosylering plaats?

In het ER aan de lumenale kant ivm aanwezigheid van enzymcomplex

New cards
6

Waar vindt het maken van zwavelbruggen plaats?

In de ER lumen → bevat redox enzymen en een omgeving die gunstig is voor het maken van S-S bindingen

New cards
7

Waarom worden zwavelbruggen niet in het cytosol gemaakt?

In het cytosol zouden de S-S bruggen weer gereduceerd worden

New cards
8

Wat zijn zwavelbruggen?

Covalente bindingen tussen -SH groepen van cysteine aminozuren

New cards
9

Waardoor worden zwavelbruggen gemaakt?

Redoxreactie en enzymen

New cards
10

Waaruit bestaat het golgi-apparaat?

Een stapel platte zakjes (cisternae)

New cards
11

Waardoor ontstaat er een nieuwe laag aan de cis-zijde van het Golgi-apparaat?

Door vesicles van het ER

New cards
12

Waardoor verdwijnt een laag aan de trans-zijde van het Golgi-apparaat?

Door het versturen van vesicles met gesorteerde producten naar de juiste bestemming

New cards
13

Wat gebeurt er in het cisternae van het Golgi-apparaat?

De eiwitten worden aangepast door een knip en gesorteerd naar de juiste bestemming

New cards
14

Wat is het cytoskelet?

Een netwerk van draden door het gehele cytoplasma

New cards
15

Waarbij is het cytoskelet betrokken?

  • Vorm en stevigheid van de cel

  • Celbewegingen

  • Transport van blaasjes

New cards
16

Welke 3 soorten cytoskeletten zijn er?

  • Microtubuli

  • Actine filamenten (microfilamenten)

  • Intermediaire filamenten

New cards
17

Welk soort cytoskelet is betrokken bij beweging van organellen en vesicles?

Microtubuli

New cards
18

Welk soort cytoskelet is betrokken bij beweging van chromosomen?

Microtubuli

New cards
19

Welk soort cytoskelet is betrokken bij beweging van flagellen en ciliën?

Microtubuli

New cards
20

Waaruit groeien microtubuli?

Het centrosoom (= spoelfiguur)

New cards
21

Waaruit bestaat het centrosoom?

2 centrioles

New cards
22

Hoe wordt het centrosoom ook wel genoemd?

MT organising center

New cards
23

Wat is het structuur van microtubuli?

Holle buisvormige structuren bestaande uit het eiwit tubuline

New cards
24

Welk soort cytoskelet is betrokken bij beweging van spiercellen?

Actine filamenten

New cards
25

Wat zorgt voor de spiercontractie?

Actine en het motoreiwit myosine

New cards
26

Wat is het structuur van actine filamenten?

Dunne draadvormige eiwitstructuren opgebouwd uit actine-eiwitten

New cards
27

Welk soort cytoskelet is betrokken bij amoeboïde beweging?

Actine filamenten

New cards
28

Welk soort cytoskelet is betrokken bij stroming cytoplasma in cellen?

Actine filamenten

New cards
29

Welk soort cytoskelet is betrokken bij verankering van bijvoorbeeld de celkern?

Intermediaire filamenten

New cards
30

Wat is het structuur van intermediaire filamenten?

Dikke, draadvormige eiwitstructuren, bestaande uit verschillende soorten eiwitten afhankelijk van het celtype

New cards
31

Welk soort cytoskelet is betrokken bij stevigheid van de cel?

Microtubuli, actine filamenten en intermediare filamenten

New cards
32

Waaruit bestaan intermediaire filamenten voornamelijk uit?

Keratine eiwitten

New cards
33

Waarvoor zorgt te veel keratine bij intermediaire filamenten?

Extreme eeltvorming

New cards
34

Waarvoor zorgt te weinig keratine bij intermediaire filamenten?

Blaren

New cards
35

In welk organel vindt synthese van lipiden plaats?

Glad endoplasmatisch reticulum

New cards
36

In welk organel vindt metabolisme van koolhydraten plaats?`

Glad endoplasmatisch reticulum

New cards
37

In welk organel vindt opslag van calcium plaats?

Glad endoplasmatisch reticulum

New cards
38

In welk organel vindt ontgifting plaats?

Glad endoplasmatisch reticulum

New cards
39

Waaruit bestaat microtubuli?

Alfa tubuline en beta tubuline

New cards
40

Wat is de functie van extracellulaire matrix bij dierlijke cellen?

  • Bescherming tegen invloeden van buitenaf

  • Stevigheid aan de cellen

New cards
41

Waaruit bestaat het dierlijke matrix?

Proteoglycaan complex (eiwit met suiterketens): eiwit-suikerstructuren (proteoglycaan) die niet covalent vastgeplakt zitten aan een lange koolhydraatketen

New cards
42

Hoe maakt een extracellulaire matrix contact met het actine cytoskelet van de dierlijke cel?

Integrines

New cards
43

Waaruit bestaat intermediaire filamenten?

Keratine eiwitten

New cards
44

Wat zijn de drie vormen van intercellulaire verbindingen in dierlijke cellen?

  1. Tight junctions

  2. Desmosomen

  3. Gap junctions

New cards
45

Waarvoor zorgt tight junctions?

De cellen worden stevig tegen elkaar aangetrokken. Door deze verbinding komt er geen water langs de cel (waterdicht)

New cards
46

Wat regelen tight junctions?

De permeabiliteit

New cards
47

Wat is een voorbeeld van cellen waar tight junctions zijn en wat is de functie van de tight junction daar?

In het epitheelweefsel wordt lekkage verhindert van de darm naar het interstitium

New cards
48

Kan een celtype meerdere junctions hebben?

Ja

New cards
49

Waarvoor zorgen desmosomen?

Voor ankerpunten voor het cytoskelet voor extra stevigheid. Klinken als een popnagel aan elkaar en vormen een anker voor keratine filamenten.

New cards
50

In welk soort weefsel komen desmosomen voor?

Spiercellen

New cards
51

Wat zijn gap junctions?

Het zijn kleine kanaaltjes tussen cellen.

New cards
52

Wat voor soort moleculen gaan door gap junctions?

Laagmoleculaire stoffen (grotere stoffen dan via een transporteiwit)

New cards
53

Wat voor soort eiwitten maken vrije ribosomen?

Cytoplasmatische eiwitten

New cards
54

Wat voor soort eiwitten maken gebonden ribosomen?

Secretie of membraaneiwitten

New cards
55

Waar worden secretie eiwitten en membraaneiwitten gemaakt?

In de ER lumen

New cards
56

Waar zitten de ER lumen?

In het binnenste van het ER

New cards
57

Wat is een voorbeeld van weefsel waar gap junctions in voor komt en wat is de functie daar?

Hartweefsel voor goede communicatie

New cards
58

Met welke soort intercellulaire verbindingen is plasmodesmata vergelijkbaar?

Gap junctions

New cards
59

Welke eiwitten vormen de kanaaltjes bij gap junctions?

Connexine

New cards
60

Welke intercellulaire junctions hebben plantaardige cellen?

Plasmodesmata

New cards
61

Wat is de functie van plasmodesmata?

Celcommunicatie en transport van moleculen

New cards
62

Welke cellen hebben een afmeting van 1-10 um? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Prokaryoten

New cards
63

Welke cellen hebben geen organellen? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Prokaryoten

New cards
64

Welke cellen hebben circulair DNA? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Prokaryoten

New cards
65

Welke cellen hebben een celwand? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Prokaryoten

New cards
66

Welke cellen hebben een afmeting van 10-100 um? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten

New cards
67

Welke cellen hebben wel organellen? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten

New cards
68

Welke cellen hebben DNA fragmenten (chromosomen)? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten

New cards
69

Welke cellen hebben soms een celwand? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten

New cards
70

Welke cellen hebben genetisch materiaal die bestaat uit DNA? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten en prokaryoten

New cards
71

Welke cellen hebben een plasmamembraan? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten en prokaryoten

New cards
72

Welke cellen hebben ribosomen om mRNA om te zetten in eiwit? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten en prokaryoten

New cards
73

Welke cellen hebben dezelfde soort macromoleculen? Prokaryoten, eukaryoten of beide?

Eukaryoten en prokaryoten

New cards
74

Waarom is het gunstig dat eukaryoten in compartimenten zijn verdeeld?

De organellen kunnen hun eigen functie uitvoeren

New cards
75

Wat zijn nadelen van het hebben van organellen?

  1. De celdeling duurt lang

  2. Als er iets misgaat in een van de organellen, kan de cel niet meer goed functioneren

  3. Het kost energie om de compartimenten te maken en te onderhouden

New cards
76

Op basis van welke eigenschappen zou je cel componenten van elkaar kunnen scheiden?

  • Grootte

  • Gewicht

  • Dichtheid

  • Inhoud

New cards
77

Waar bestaat het endomembraansysteem uit?

  • Kernmembraan

  • Transport vesicles

  • Golgi-apparaat

  • Lysosoom

  • Plasmamembraan

  • ER

New cards
78

Cytosolische eiwitten worden gemaakt door vrije ribosomen, membraan- en secretie-eiwitten door ribosomen die gebonden zijn aan het ER. Dit zou betekenen dat er 2 ‘soorten’ ribosomen zijn? Klopt deze bewering? Verklaar je antwoord.

Vrije en gebonden ribosomen zijn identiek. Ribosomen raken gebonden aan het ruwe ER door binding tussen signaalpeptide, SRP en SRP receptor.

New cards
79

Wat is hier een verklaring voor: Het blijkt dat regelmatige drinkers de alcohol beter kunnen verdragen dan incidentele drinkers.

Regelmatig alcohol drinkers hebben meer glad ER. → Een van de functies van het glad ER is het onschadelijk maken van toxische stoffen

New cards
80

Wat is hier een verklaring voor: Op bijsluiters bij geneesmiddelen staat vaak vermeld dat alcoholgebruik moet worden vermeden.

Zowel medicijnen en alcohol worden afgebroken door de lever, door gebruik van alcohol tegelijkertijd met medicijnen krijg je competitie. Daardoor is het lastiger te voorspellen hoe lang een medicijn werkzaam blijft.

New cards
81

Welke aanwijzingen ondersteunen de endosymbiose theorie?

  • Dubbele membraan

  • Hebben de afmeting van een bacterie

  • Eigen circulair DNA

  • Eigen ribosomen

  • Autonoom → ze groeien en delen zelf

New cards
82

Welke veranderingen in grootte en/of aantallen verwacht je bij de volgende celtypen? Cellen die voornamelijk gebruik maken van vetten als brandstof

Veel mitchondriën en peroxisomen

New cards
83

Welke veranderingen in grootte en/of aantallen verwacht je bij de volgende celtypen? Endocriene cellen die veel eiwit hormonen produceren voor secretie naar de bloedbaan

Veel ER, Golgi en vesicles

New cards
84

Welke veranderingen in grootte en/of aantallen verwacht je bij de volgende celtypen? Rode bloedcellen die vooral veel zuurstof moeten vervoeren

Vooral ruimte nodig voor het opslaan van hemoglobine → geen kern, ER, Golgi, mitochondriën en ribosomen meer

New cards
85

Welke veranderingen in grootte en/of aantallen verwacht je bij de volgende celtypen? Levercellen die veel schadelijke stoffen onschadelijk moeten maken

Veel glad ER

New cards
86
<p>Welke type cytoskelet is te zien in tekening A?</p>

Welke type cytoskelet is te zien in tekening A?

Microfilamenten

New cards
87
<p>Welk type cytoskelet is te zien in tekening B?</p>

Welk type cytoskelet is te zien in tekening B?

Intermediaire filamenten

New cards
88
<p>Welk type cytoskelet is te zien in tekening C?</p>

Welk type cytoskelet is te zien in tekening C?

Microtubuli

New cards
89

Geef aan welk type cytoskelet betrokken is bij de volgende functie: Chromosoombeweging bij celdeling

Microtubuli

New cards
90

Geef aan welk type cytoskelet betrokken is bij de volgende functie: Rol bij desmosomen

Intermediaire filamenten

New cards
91

Een ionenstroom tussen de cellen in het hart coördineert de samentrekking van de hartspier. Welke verbinding regelt de passage van kleine moleculen van het cytoplasma van de ene cel naar het cytoplasma van de andere cel?

Gap junctions vormen kanalen tussen cellen en laten laagmoleculaire stoffen door

New cards
92

Mutaties in eiwitten die betrokken zijn bij de vorming van desmosomen kunnen problemen (bij mensen) veroorzaken. In welke cellen of weefsel kan je zoal problemen verwachten?

In spiercellen

New cards
93

Epitheelcellen in de darmen schermen de darminhoud helemaal af van de intercellulaire vloeistof. Welke structuur zorgt ervoor dat er geen vloeistof door een laag van epitheelcellen kan lekken?

Tight junctions → trekken cellen stevig tegen elkaar verhinderen bijvoorbeeld epitheel lekkage van darm naar interstitium

New cards
94

Wat zijn de verschillen van gap junctions en plasmodesmata?

  • Bij gap junctions blijven de plasmamembranen van de twee cellen gescheiden van elkaar

  • Bij plasmodesmata versmelten de plasmamembranen en krijg je 1 grote plasmamembraan

  • Gap junctions laten alleen laagmoleculaire stoffen door, terwijl je bij plasmodesmata zelfs uitstulpingen van het ER contact kunnen maken met het ER van de andere cel

New cards
95

Met het stofje Brefeldine A blokkeer je het transport van blaasjes/vesiscles van het ER naar het Golgi. Beschrijf wat de gevolgen voor de cel kunnen zijn.

  • Membraan- en secretie-eiwitten komen niet meer uit het ER

  • Transport vanuit het Golgi (naar het plasmamembraan maar ook terug naar het ER) gaat wel door → Het Golgi verdwijnt uiteindelijk

  • Endomembraansysteem wordt niet meer voorzien van nieuwe membranen → problemen met plasmamembraan, lysosomen etc

  • Cel gaat dood

New cards
96

Wat is de principe van celfractionering?

Het scheiden van celcomponenten om hun functies en structuren te bestuderen

New cards
97

Waarom is er een ondergrens voor celgrootte?

Er is een minimale celgrootte nodig voor het bevatten van essentiële moleculen en organellen, en voor een voldoende oppervlakte-volume verhouding

New cards
98

Waarom is er een bovengrens voor celgrootte?

Bij te grote cellen wordt het transport van stoffen inefficiënt en kan de regulatie van celprocessen problematisch worden

New cards
99

Wat is het belang van compartimentalisatie van de eukaryote cel?

Compartimentalisatie zorgt voor scheiding van functies, ruimtelijke regulatie, bescherming van moleculen en efficiënte communicatie tussen organellen. Dit draagt bij aan een georganiseerde en efficiënte werking van de cel.

New cards
100

Wat is de globale structuur van ribosomen?

2 subeenheden: een kleine en een grote subeenheid

New cards

Explore top notes

note Note
studied byStudied by 1 person
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 11 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 214 people
Updated ... ago
5.0 Stars(2)
note Note
studied byStudied by 39 people
Updated ... ago
4.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 12 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 5 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 12 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 6 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)

Explore top flashcards

flashcards Flashcard32 terms
studied byStudied by 1 person
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard61 terms
studied byStudied by 53 people
Updated ... ago
5.0 Stars(2)
flashcards Flashcard52 terms
studied byStudied by 9 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard296 terms
studied byStudied by 4 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard51 terms
studied byStudied by 83 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard48 terms
studied byStudied by 33 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard20 terms
studied byStudied by 21 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard49 terms
studied byStudied by 14 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)