Frans 3VWO Chapitre 1 Grandes Lignes

studied byStudied by 1 person
0.0(0)
get a hint
hint

à cause de

1 / 170

Tags and Description

French

Vocabulaire et phrases clés

171 Terms

1

à cause de

vanwege

New cards
2

pourtant

echter, toch

New cards
3

tout de suite

meteen, direct

New cards
4

parfois

soms

New cards
5

même

zelfs

New cards
6

ressembler à

lijken op

New cards
7

raconter

vertellen

New cards
8

se présenter

zich voorstellen

New cards
9

s'occuper de

zorgen voor, zich bezighouden met

New cards
10

rester

(ver)blijven

New cards
11

aller voir ses amis

zijn vrienden bezoeken

New cards
12

chez (moi)

bij (mij thuis)

New cards
13

ensemble

samen

New cards
14

aller chercher quelqu'un

iemand ophalen

New cards
15

la rencontre

de ontmoeting

New cards
16

je vois

ik zie, ik snap het

New cards
17

seul(e)

alleen, enig

New cards
18

avoir le temps

de tijd hebben

New cards
19

la date

de datum

New cards
20

la semaine

de week

New cards
21

Le couchon d'Inde

de cavia

New cards
22

le poisson rouge

de goudvis

New cards
23

le lapin

het konijn

New cards
24

Noël

Kerstmis

New cards
25

Pâques

Pasen

New cards
26

Tu peux te présenter?

Kun je jezelf voorstellen?

New cards
27

Je m'appelle Eneko et j'ai 14 ans.

Ik heet Eneko en ik ben 14 jaar.

New cards
28

C'est quand, ton anniversaire?

Wanneer ben je jarig?

New cards
29

Mon anniversaire, c'est le 14 février.

Mijn verjaardag is op 14 februari.

New cards
30

Est-ce que tu ressembles à ta sœur?

Lijk je op je zus?

New cards
31

Oui, on a la même couleur d'yeux.

Ja, we hebben dezelfde kleur ogen.

New cards
32

Tu as aussi un animal domestique?

Heb je ook een huisdier?

New cards
33

Non, je n'ai pas d'animaux domestiques.

Nee, ik heb geen huisdieren.

New cards
34

Oui, j'ai un chien.

Ja, ik heb een hond.

New cards
35

Je ne comprends pas

Ik begrijp het niet.

New cards
36

autrefois

vroeger

New cards
37

aujourd'hui

vandaag, tegenwoordig

New cards
38

au cours de

in de loop van

New cards
39

il y a (+temps)

(+tijd) geleden

New cards
40

peu à peu

stukje bij beetje

New cards
41

la demi-sœur

de halfzus

New cards
42

le divorce

de scheiding

New cards
43

le couple

het stel, het koppel

New cards
44

se marier

trouwen

New cards
45

un (enfant) sur deux

één op de twee (kinderen)

New cards
46

le droit (de vote)

het (stem)recht

New cards
47

le sentiment

het gevoel

New cards
48

le sens

de betekenis

New cards
49

sinon

zo niet, anders

New cards
50

quelques

een paar, enkele

New cards
51

abandonner

verlaten, in de steek laten

New cards
52

choisir

kiezen

New cards
53

obéir à

gehoorzamen aan

New cards
54

agrandir

groter maken, vergroten

New cards
55

se composer de

bestaan uit

New cards
56

le fils

de zoon

New cards
57

le beau-père

de stiefvader/schoonvader

New cards
58

la belle-mère

de stiefmoeder/schoonmoeder

New cards
59

le nord

het noorden

New cards
60

l'est

het oosten

New cards
61

le sud

het zuiden

New cards
62

l'ouest

het westen

New cards
63

Tu habites où?

Waar woon je?

New cards
64

J'habite à Biarritz. C'est une ville dans le sud de la France.

Ik woon in Biarritz. Dat is een stad in het zuiden van Frankrijk.

New cards
65

As-tu des frères et sœurs?

Heb je broers en zussen?

New cards
66

Oui, j'ai un frère et une demi-sœur.

Ja, ik heb een broer en een halfzus.

New cards
67

comme d'habitude

zoals gewoonlijk

New cards
68

sans oublier

niet te vergeten

New cards
69

être de la partie

van de partij zijn

New cards
70

manquer à

gemist worden

New cards
71

sauf

behalve

New cards
72

la veille

de vorige dag

New cards
73

je dors

ik slaap

New cards
74

se réveiller

wakker worden

New cards
75

tôt

vroeg

New cards
76

fatigué(e)

moe, vermoeid

New cards
77

la pêche

het vissen, de visserij

New cards
78

les affaires

de zaken, de spullen

New cards
79

si

als, jawel

New cards
80

vers

omstreeks

New cards
81

grave

ernstig, erg

New cards
82

attendre

wachten op

New cards
83

quelque chose

iets

New cards
84

tout le monde

iedereen

New cards
85

ne t'inquiète pas

maak je geen zorgen

New cards
86

penser

denken

New cards
87

se coucher

naar bed gaan

New cards
88

se laver

zich wassen

New cards
89

tu me manques

ik mis je

New cards
90

s'habiller

zich aankleden

New cards
91

s'inquiéter

zich zorgen maken

New cards
92

quelqu'un

iemand

New cards
93

Tu te lèves à quelle heure?

Hoe laat sta jij op?

New cards
94

Je me lève à six heures et demie.

Ik sta om half zeven op.

New cards
95

Qu'est-ce que tu fais le matin?

Wat doe je 's ochtends?

New cards
96

Je me douche et je m'habille

Ik douche me en kleed me aan.

New cards
97

méchant

gemeen, onaardig

New cards
98

frimeur/-se

opschepperig

New cards
99

le sens de l'humour

het gevoel voor humor

New cards
100

la qualité

de goede eigenschap

New cards

Explore top notes

note Note
studied byStudied by 6 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 146 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 5 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 4 people
Updated ... ago
4.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 18 people
Updated ... ago
5.0 Stars(2)
note Note
studied byStudied by 7 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 3 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
note Note
studied byStudied by 155 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)

Explore top flashcards

flashcards Flashcard131 terms
studied byStudied by 3 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard41 terms
studied byStudied by 24 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard60 terms
studied byStudied by 4 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard87 terms
studied byStudied by 5 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard24 terms
studied byStudied by 32 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard21 terms
studied byStudied by 5 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard35 terms
studied byStudied by 2 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)
flashcards Flashcard93 terms
studied byStudied by 7 people
Updated ... ago
5.0 Stars(1)