les 10: technologie en cognitie

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/23

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:51 PM on 1/22/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

24 Terms

1
New cards

these-kids-these-days-effect

  • veel weerklacht op de jeugd van tegenwoordig = veel mensen klagen dat de jongeren niet meer lezen

    • = uitvergroot door superioriteitseffect = herkennen zwakte waar ze zelf in excelleren

  • = voorwerp van onderzoek

    • geheugenvertekening = overschatten in hetzelfde domein hun eigen competentie van hun jeugdjaren

      • mensen die nu goed lezen = vaak als student minder goede lezers.

  • zie driehoek

<ul><li><p>veel weerklacht op de jeugd van tegenwoordig = veel mensen klagen dat de jongeren niet meer lezen</p><ul><li><p>= uitvergroot door superioriteitseffect = herkennen zwakte waar ze zelf in excelleren</p></li></ul></li></ul><ul><li><p>= voorwerp van onderzoek</p><ul><li><p>geheugenvertekening = overschatten in hetzelfde domein hun eigen competentie van hun jeugdjaren </p><ul><li><p>mensen die nu goed lezen = vaak als student minder goede lezers.</p></li></ul></li></ul></li><li><p class="MsoListParagraphCxSpFirst">zie driehoek</p></li></ul><p></p>
2
New cards

Belang opslag

  • evolutionaire basis = wie betere info heeft, heeft grotere kans op overleven

    • geletterdheid helpt bij duurzame opslag

    • → digitale dragers MAAR hebben beperkte levensduur

3
New cards

opslag digitale dragers

  • de levensduur van digitale dragers is beperkt.

    • een aantal voordelen =

      • makkelijk te vermenigvuldigen

      • eenzelfde fysieke ruimte kan meer data dragen

      • MAAR= ze verouderen veel sneller (moeten constant kopieën gemaakt worden)

    • Omgevingsfactoren maar ook
      gebruik en kwaliteit (bv. krassen op CD, zijn helemaal niet robuust)

4
New cards

Back-ups

= veiligheidskopie (regelmatig verversen om betrouwbaar te houden)

  • verschillende vormen:

    • partieel = enkel cruciale bestanden worden gekopieërd

    • incrementeel = enkel wijzigingen ten aanzien van de oudste back-up worden bijgehouden

5
New cards

Back-ups in praktijk

  • gebeurt met rotatieschema

  • 3-2-1 principe:

    • er worden 3 afzonderlijke kopieën voorzien

    • op 2 verschillende types geheugendragers

    • waarvan 1 kopie op een andere locatie (vb. cloud)

  • veiligheid komt door het veelvoudig bewaren van informatie

  • oudere versies bijgehouden via service management

6
New cards

Internet archive

= een bewaarplatvorm (1996) met als doel = ""universal access to all knowledge”

  • Multipodaal archief = bewaart dingen als beeld, tekst, geluid,… en heeft meer dan 48 petabyte aan data

    • initiatief: SUCHO = door zo’n 1500 vrijwilligers = backups maken van Oekraïnse websites (al zo’n +50TB)

7
New cards

repositories

= digitale kerninfrastructuur waar mensen voor lange termijn data dumpen

  • → hopen dat het een op lange termijn is en je data dus lang beschikbaar blijft.

  • DUS hun functie = opslag van elektronische gegevens beheer en curatie

    • = ordenen, toegankelijk houden, bewaren

  • VB: Zenodo = repository voor onderzoekers

    • Onderhouden door CERN

    • Bevat data uit alle wetenschappelijke domeinen

    • Sinds 2021: meer dan 1 petabyte aan data

      • → wel Geen kwaliteitscontrole

8
New cards

Mnemotechnieken

  • de meerderheid van de bevolking had voor millenia nauwelijks toegang tot schrift

  • menselijke geheugen als enige instrument

    • Dus = cognitieve strategieën voor langdurige geheugenopslag

    • vb: geheugenpaleis

9
New cards

Somonides van Ceos

  • in 5e eeuw = building collapse

    • Simonides had net voor de instorting de feestzaal verlaten

      • wist waar mensen waren wanneer hij er was en kon die lijken dan identificeren

10
New cards

Loci-methode (geheugenpaleis)

  • je gaat mentaal feiten aan fysieke ankerpunten in een bekende omgeving linken.

    • → kan later In gedachte locatie doorlopen en het relevante feit ophalen

  • werkt omdat = mens heeft het brein van een jager-verzamelaar (goede navigatie)

    • deze techniek os vooral toegepast in de kunst van rhetorica

    • VOORBEELD (FAIR) = je plakt bij elke gekende hoek van je gekende locatie een voorwerp

      • findable = zoekbalk/ microscoop

      • accessable = inlogscherm/ open deur

      • interopable = kabels/ tape

      • reusable = zoutvat/ glas

  • Je “wandelt” in gedachten door je kamer → Elke hoek triggert een beeld
    →Elk beeld triggert een begrip

11
New cards

transmissie culturele informatie

  • via het geheugen is culturele informatie stabiel door te geven

    • paradox = pas met introductie van het schrift krijgt uit het hoofd leren waarde

  • transmissie via Oraliteit

12
New cards

oraliteit

  • pas in vorige eeuwen stroomversnelling in onderzoek naar oraliteit

    • VB onderzoek Parry

      • = Illias en Odyssee door één persoon geschreven?

      • schrijfstijl analyseren

  • Epitheta = vaste bijvoeglijke woorden bij een naam
    bv. “de snelle Achilles”, “de slimme Odysseus”

    • Worden constant herhaald

    • Soms onlogisch in de context

  • Parry = de betekenis is niet belangrijk

    • ze zijn handig om het metrum te vullen → zoals stopwoordjes

    • DUS = vaste epitheta zijn handig voor het onthouden en eventueel improviseren

    • slavische dichters = voorbrengen in cafe = onthoudbaar en rest improviseren

13
New cards

mondelinge tradities

  • (vb: cantussen, spreekwoorden, grapjes)

  • nog niet uitgestorven

  • Waren heel belangrijk voor onderdrukte groepen (vb zingen ontsnappingsroutes verstopt in liederen die op plantages gezongen werden)

  • nooit opgeschreven maar toch stabiel

    • vormelijk en inhoudelijke eigenschappen maken de tekst makkelijk te onthouden (logische structuur verhaal, patronen, opeenvolgende acties)

    • cognitieve psychologie wordt ook constraints genoemd omdat ze opties beperken

14
New cards

General chrystalised knowledge VS General fluid knowledge

  • GC = parate kennis in werkgeheugen (minder direct getest in IQ test, onder drukt laatste decennia: ‘werkgeheugen’)

  • GF = algemener, probleemoplossend denken

15
New cards

omkering Flynn effect

  • effect = gedachte dat IQ in de loop van tijden stijgt MAAR omkering daarvan:

  • Controversieel, want niet overal…

  • eventuele oorzaken

    • Onderwijs minder effectief?

    • Gekoppeld aan migratie?

    • Minder economische groei?

    • (Leef)milieu verbetert niet meer

    • Gebrekkige aandachtsspanne?

    • Minder lezen (want geen concentratie?)

    • Druk digitale media?

      • Vaak (anekdotisch): smartphone

16
New cards

Digitale amnesie

  • = vergeetachtigheid door digitale technologie

    • je vertrouwt op je apparaten = je moet zelf niet meer onthouden

      • Transactive memory: het uitbesteden van geheugen aan iets of iemand anders (hier: digitale apparaten)

      • Cognitive offloading: je hersenen “ontlasten” door informatie extern op te slaan

    • Waarschijnlijk = luiheid = gedachte dat de computer het wel zal onthouden/ weten

17
New cards

stroop effect

  • studie test = blauw is makkelijker te herkennen dan blauw

    • studie had veel weerklank omdat het bevestigde wat iederen al vermoedde

  • Google effect: makkelijker onthouden dat info op te zoeken is dan de info zelf.

18
New cards

Ontlezing

= dalende tijd voor lezen EN dalende kwaliteit van tekstbegrip

  • MAAR

    • nog nooit zoveel gelezen (wel digitale tekst) (dagelijks 100.000 woorden)

      • fictie lezen heeft positieve gevolgen (zoals empathie)

  • conclusie studie = mensen die lezen zijn niet minder gaan lezen maar er is wel toename van mensen die niet voor hun plezier lezen

    • mensen die niet lezen (vaak jonger dan 35) = beweren geen tijd te hebben

      • MAAR = aandeel vrijheid stabiel sinds jaren 60

DUS antwoord = nee maar ja (lol)

19
New cards

lezen in vrije tijd

  • = gebeurt nogsteeds meest op papierendragers

  • kranten en dagbladen blijven wel publiek verliezen

  • e-readers = objectieve voordelen, subjectieve nadelen

20
New cards

codex & hypertext

1 = lineaire rangschikking van info = lineair info vewerken = langdurig op één object concentreren
→ MAAR menselijk brein is niet gemaakt voor langdurige concentratie

2 = speelt rol in aandachtsverstrooïng
→ conventionele tekst lees je geconcentreerd van kaft tot kaft. maar bij hypertekst = elke link is uitnodiging om lezen te stoppen
== constant afleidingsmanoeuvre = nieuwe tekst beginnen lezen
→ fragmentering

21
New cards

onderbreking en aandachtsversnippering

  • het internet is ontworpen als ecosysteem van onderbrekingstechnologieën

  • concentratie en geheugenopslag constant op proef gesteld

  • internet bedreigt onze concentratie en langetermijngeheugen

  • notificaties bedreigen ook op een gelijkaardige wijze

    • mensen kijken gemiddeld +200 keer per dag naar mobiel
      (= 1 maand/ jaar)

    • notificaties ongerelateerd aan hoofdtaak dwingen tot cognitive switching

    • = leidt tot symptomen vooraf enkel bij ADHD- patiënten gezien

22
New cards

tekstbegrip

  • recente evidentie dat papieren tekstdragers leiden tot beter tekstbegrip

    • skimming/ snellezen = enkel belangrijke stukken grondig verwerken = leidt tot slechter tekstbegrip

      • skimmers zullen ook langer fixeren op hyprlinks omdat ze opvallend zijn

  • rede superioriteit van papieren tekstdragers =

    • digitale mediums = scrollen terwijl papier = tekst op vaste plaats van bladspiegel

23
New cards

Madeleintje van Proust

  • handgeschreven notas zijn beter omdat

    • meer externe cues

    • nood aan compressie

    • annotaties mogelijk

      • (scrollen = gebrek aan orientatie)

24
New cards

onderzoek essay

3 groepen =

  1. geen hulpmiddel = grootste score hersenactiviteit

  2. enkel zoekmachine =

  3. LLM (chat gpt) = later weinig gevoel eigenaarschap (zielloos, weinig origineel, wel correctere en rijkere woordenschat en grammatica)