Kaarten: Begrippen Het Geneesmiddel | Quizlet

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
0.0(0)
full-widthCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/198

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No study sessions yet.

199 Terms

1
New cards

Farmacokinetiek

Wat lichaam doet met geneesmiddel. GM wordt opgenomen (absorptie), verdeeld (distributie), omgezet/afgebroken (metabolisatie), uitgescheiden (excretie) = ADME

2
New cards

In vitro

("in glas") proeven in proefbuizen, petrischaaltjes, ...

3
New cards

Ex vivo

("uit het leven") proeven op organen buiten levend wezen (uit levend wezen halen en hierop testen)

4
New cards

In vivo

("in het leven") proeven op levende wezens (dieren, mensen)

5
New cards

Farmacologie

Leer vh geneesmiddel, interactie tussen GM en levend biologisch systeem

6
New cards

ADMET

ADME + toxicologie

7
New cards

MAA

Marketing Authorization Application

8
New cards

NDA

New Drug Application

9
New cards

EMA

European Medicines Agency

10
New cards

FDA

Food and Drug Administration

11
New cards

NCW

Netto Constante Waarde, Financieel model v investeringsproject dat zegt of financieel verstandig is om project uit te voeren

12
New cards

Geneesmiddel

Chemische stof of mengsel v chemische stoffen dat farmacologisch, immunologisch of metabolisch effect heeft op mens of dier

13
New cards

"lead"-product

Chemische stof met farmacologische of biologische werking gebruikt als vertrekpunt voor chemische modificatie met doel activiteit, selectiviteit of farmacokinetische eigenschappen te verbeteren (in proces v "lead optimization")

14
New cards

"me-too" product

"gekopieerde" geneesmiddel. Door wijziging v chemische structuur & kenmerken v "lead"-product worden deze producten ontwikkeld (tijdens patent v "lead"-product). Bevat werkzame stof die vergelijkbaar is met bestaand GM, maar is gn exacte kopie

15
New cards

Licentie

Toestemming om iets te doen of te gebruiken. Rechthebbende verleent iemand het recht om zijn rechten te gebruiken in ruil voor financiële vergoeding

16
New cards

Ethnofarmacologie

= volksgeneeskunde, geheel v alle, onder het volk levende, opvattingen over ziekten en de daartegen gebruikte geneesmethoden

17
New cards

Antihistaminica

Groep GM'en met remmende werking op stof histamine en eosinofiele witte bloedcel (hebben belangrijke rol in ontstaan v allergische ziekteverschijnselen), kunnen nooit 100% alle symptomen onderdrukken, kunnen kalmerend of sederend effect hebben, maar moet niet

18
New cards

Elektrostatische interactie

Interacties tussen positieve en negatieve ladingen waarbij tegengestelde ladingen (+ en -) elkaar aantrekken en gelijksoortige ladingen (+ en +, - en -) elkaar afstoten

19
New cards

Elektronegativiteit (EN)

De neiging van een atoom om elektronen in een covalente binding naar zich toe te trekken

20
New cards

Waterstofbruggen

Niet-covalente bindingen gevormd wanneer waterstof (gebonden aan sterk elektronegatief atoom) elektrostatisch wordt aangetrokken door ander elektronegatief atoom (dat nog vrije elektronenparen ter beschikking heeft)

21
New cards

Van der Waals interacties

(niet-covalente interactie) als 2 atomen elkaar dicht naderen ontstaat er een zwakke niet specifieke aantrekkingskracht door tijdelijke dipolen (ontstaan door elektronenwolken) , als elektronenwolken overlappen -> afstoting

22
New cards

Hydrofobe interacties

Watermoleculen rond een apolair product vormen een 'kooi-achtige' structuur -> wanorde/entropie neemt af als 2 apolaire producten associëren (samenvoegen), komen er watermoleculen vrij -> wanorde neemt toe, stijging in entropie is drijfveer die zorgt apolaire stoffen samenvoegen

23
New cards

Aromatische interacties

Aantrekking tussen 2 aromatische systemen door ongelijke ladingsverdelingen (ontstaan door verschil in EN v atomen in aromatisch systeem)

24
New cards

Moleculaire modelling

Theoretische methoden gebruiken om structuur en gedrag v moleculen te simuleren en bestuderen

25
New cards

Homologie-modelling

Eiwit met ongekende structuur passen op eiwit met gekende structuur door overeenstemmende bouwstenen op elkaar te leggen

26
New cards

Affiniteit

Farmaceutische context: sterkte van de interactie tussen geneesmiddel en zijn doelwit — (bio)chemische context: sterkte/goesting waarmee 2 macromoleculen of kleinere molecule en macromoleculen aan elkaar koppelen via niet-covalente reacties

27
New cards

Intrinsieke activiteit (IA)/ effectiviteit

Het vermogen van een ligand, geneesmiddel om een fysiologische (of farmacologische) respons uit te lokken na vorming van een geneesmiddel doelwitcomplex

28
New cards

Ligand

Molecule die op selectieve wijze aan bepaalde receptor of bindingsplaats bindt

29
New cards

Agonist

Product dat receptor activeert en effect veroorzaakt gelijkaardig aan effect v fysiologische signaalmolecule

30
New cards

Antagonist

Stof die affiniteit heeft, maar geen fysiologisch effect (respons) veroorzaakt (om effect v agonist te verzwakken/teniet te doen)

31
New cards

Competitief antagonisme

Antagonist bindt op plaats waar agonist (veroorzaakt fysiologisch effect) wil binden; agonist en antagonist zijn in competitie om op receptor te binden

32
New cards

Niet-competitief antagonisme

Antagonist bindt niet op zelfde plaats als agonist; geen competitie om op receptor te binden

33
New cards

Irreversibele receptorantagonist

Chemisch reactief product. 1. bindt zich aan receptor 2. reageert met receptor waarbij covalente binding wordt gevormd. geen dissociatie, blijft voor lange tijd gebonden, vermindert aantal actieve receptoren, verlaagt maximale effect

34
New cards

Dosis-responscurve

Relatie tussen dosis en specifieke respons die door die concentratie teweeg wordt gebracht EC50-waarde/ED50-waarde (= effectieve concentratie 50%) Concentratie aan GM nodig om 50% v maximale effect te veroorzaken (!NIET 50% van receptoren bezet)

35
New cards

Partiële agonist

Vertoont kenmerken van zowel agonist als van antagonist; activeert receptor en veroorzaakt sub-maximaal effect; werkt werking van agonist tegen

36
New cards

Spare receptors

Receptoren die over zijn als er maar een deel nodig was om het maximale effect te veroorzaken

37
New cards

(partiële) inverse agonist

Veroorzaakt een effect omgekeerd aan dat van (partiële) agonist

38
New cards

Pre-formulatie onderzoek

Onderzoek van fysicochemische eigenschappen van het nieuw actief bestanddeel; dit leidt tot de formulatie van het actieve bestanddeel in bruikbare toedieningsvorm

39
New cards

Lipinski-regels/regel van 5

4 regels die voorspellen of een molecule geschikt is voor orale toediening (per os = via de mond) in mensen (op basis van zijn chemische of fysische eigenschappen), als twee of meer regels niet voldaan zijn -> slechte absorptie na orale toediening (gn voorspelling over farmacologisch actief zijn)

40
New cards

ADME

= Absorptie, Distributie, Metabolisme, Excretie

41
New cards

NOAEL

"no observed adverse effect level", grootste concentratie/hoeveelheid waarbij geen detecteerbare schadelijke effecten optreden in blootgestelde populatie; gebaseerd op toxicologische grenzen

42
New cards

Farmacokinetiek

(=PK); wat lichaam met product doet

43
New cards

Farmacodynamiek

(=PD); wat product met lichaam doet

44
New cards

HED

(= human equivalent dose); bekomen door de NOAEL van elke diersoort te vermenigvuldigen met ratio Kmdier op Kmmens

45
New cards

HED

(mg/kg) = NOAEL (mg/kg) x (Km dier/Km mens) (kg/m²)

46
New cards

MRSD

(= Maximum Recommended Safe Starting Dose); berekend door kleinste HED te delen door veiligheidsfactor (meestal waarde van 10)

47
New cards

MABEL

(= Minimum Anticipated Biological Effect Level); laagste dosis waarbij een meetbaar biologisch effect verwacht wordt; richt zich op biologische activiteit (nt op toxiciteit)

48
New cards

Teratogene stoffen

Stoffen die niet toxisch zijn voor de moeder, maar de ontwikkeling van de foetus beïnvloeden (vooral tijdens orgaanaanleg)

49
New cards

EMA

European Medicines Agency

50
New cards

FDA

Food and Drug Administration (Amerikaans)

51
New cards

"Code van Neurenberg"

Code waaraan legale medische experimenten moeten voldoen: 1. deelnemen op vrijwillige basis, 2. onderzoek heeft duidelijk maatschappelijk nut, gn onnodige lichamelijke/mentale schade, 3. onderzoek vooraf gegaan door in vitro proeven, 4. deelnemers voldoende geïnformeerd (informed consent) over verloop, eventuele gevolgen + schriftelijke verklaring dat ze willen deelnemen, 5. onderzoek moet worden stopgezet als proefpersoon hierom vraagt

52
New cards

FAGG

= Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, Bevoegde instantie voor toezicht op klinische proeven met GM'en + houdt toezicht op naleven v wettelijke voorschriften

53
New cards

RCT

= "double blind randomised controlled trials" , Zowel patiënt als uitvoerder weet niet welke patiënt welke behandeling kreeg, na afloop wordt dit pas bekend gemaakt

54
New cards

Superiority

Nieuw (X) vs bestaand product (A), Statistisch plan om aan te tonen dat nieuw product beter is dan bestaand alternatief (X>A)

55
New cards

Non-inferiority

Nieuw (X) vs bestaand product (A) Statistisch plan om aan te tonen dat nieuw product zeker niet slechter is dan bestaand alternatief (X!

56
New cards

Add-on

Nieuw product wordt toegevoegd aan bestaand product (X+A), behandeling wordt vergeleken met behandeling v enkel bestaand product (X+A>A)

57
New cards

Placebo

Geneesmiddel zonder werkzame bestanddelen (geneest/verbetert niets)

58
New cards

Placebo-effect

= positief psychisch effect door vertrouwen in geneeskrachtige werking v behandeling

59
New cards

RIZIV

Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeits Verzekering, een Belgische federale overheidsinstelling die verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering beheert, zorgt voor kwalitatieve en toegankelijke gezondheidszorg en geschikte uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid, ouderschap, ...

60
New cards

OTC-geneesmiddelen

= 'over the counter', Geneesmiddelen die zonder voorschrift verkocht worden

61
New cards

Het geneesmiddel

Elke enkelvoudige of samengestelde substantie die voorgesteld wordt als product met therapeutische (genezende) of profylactische (ziektevoorkomende) eigenschappen met betrekking tot ziekten bij mens of dier, ook elke enkelvoudige of samengestelde substantie die aan mens of dier kan toegediend worden om medische diagnose te stellen, om organische functies te herstellen, verbeteren of wijzigen

62
New cards

MAA

= Marketing Authorisaton Approval

63
New cards

CGH

= Commissie voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik, Wetenschappelijk orgaan binnen de FAGG

64
New cards

VHB

= vergunning voor het in de handel brengen

65
New cards

EEA/EER

= Europese Economische Ruimte

66
New cards

EMA

= European Medicines Agency

67
New cards

Weesgeneesmiddel (= orphan drugs)

GM'en gebruikt om weesaandoeningen (<5/10 000 v bevolking lijdt eraan) te behandelen die ernstig, levensbedreigend of chronisch invaliderend zijn

68
New cards

ATMP

= "Advanced Therapy Medicinal Products", GM'en voor menselijk gebruik gebaseerd op genen, weefsels en cellen

69
New cards

CHMP

= Committee for Human Medicinal Products

70
New cards

CVMP

= Committee for Veterinary Medicinal Products

71
New cards

EPAR

= European Public Assessment Report, Europees openbaar beoordelingsrapport

72
New cards

MRP

= Mutual Recognition Procedure, Procedure van wederzijdse erkenning

73
New cards

RMS

= Reference Member State, referentielidstaat

74
New cards

Farmacovigilantie

Geneesmiddelenbewaking

75
New cards

CTG

= Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen

76
New cards

Homeopathie

Geneesmethode waarbij middelen, in zeer kleine hoeveelheden, worden toegediend (die bij gezonde mensen juist de ziekte zouden doen ontstaan)

77
New cards

ADH

= Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid

78
New cards

EBM

= "Evidence Based Medicine", Er bestaan bewijzen voor de werking van het GM

79
New cards

Generisch GM

= "wit product", Soort kopie van merkmedicijn waarvan patent vervallen is, bevat exact dezelfde werkzame stof, wordt chemisch gesynthetiseerd, Biologische beschikbaarheid, De hoeveelheid v GM die in organisme wordt opgenomen en de snelheid hiervan, De fractie toegediende dosis die in onveranderde vorm de systeemcirculatie bereikt

80
New cards

Bio-equivalentie

De biologische beschikbaarheid v 2 GM'en is na toediening v eenzelfde molaire dosis vergelijkbaar, leiden tot dezelfde effecten (gewenste EN ongewenste)

81
New cards

First-pass effect

Verlies aan GM terwijl het tijdens het absorptieproces voor de eerste keer passeert door de organen waar het wordt geëlimineerd

82
New cards

AUC

= "Area Under the Curve"

83
New cards

VOS

= Voorschrift Op Stofnaam, De arts laat aan de apotheek de zorg over om zijn voorschrift in het belang van de patiënt uit te voeren (apotheker geeft een eigen invulling aan het voorschrift)

84
New cards

Biologisch geneesmiddel

= "biological" -- Geneesmiddel waarvan de werkzame stof afkomstig is van levend organisme, van bio(techno)logische komaf

85
New cards

Biosimilair

Biologisch GM dat een versie v werkzame stof v origineel biologisch GM bevat dat al in EER is toegelaten, Patent v biologisch GM is verlopen -- Is nooit exact hetzelfde (doordat werkzame stof afkomstig is v levend organisme)

86
New cards

RMP

= "Risk Management Plan" -- risicobeheerprogramma

87
New cards

Immunogeniciteit

Het vermogen v stof om een specifieke immuunrespons te veroorzaken

88
New cards

Substitueerbaarheid

Geneesmiddel vervangen door een ander waarvan verwacht wordt dat het hetzelfde klinisch effect heeft

89
New cards

Switch

Verandering v GM op initiatief vd arts

90
New cards

Substitutie

Afleveren v GM ipv ander gelijkwaardig en verwisselbaar GM in apotheek zonder overleg met voorschrijver

91
New cards

HMA

= "Heads of Medicines Agencies" -- Europese geneesmiddelenautoriteiten

92
New cards

Galenica, galenische farmacie, farmaceutische technologie

Het omzetten v GM in een voor de patiënt bruikbare vorm

93
New cards

Excipiëntia

Farmaceutische hulpstoffen voor de bereiding v toedieningsvorm

94
New cards

Farmacon

De actieve stof in GM

95
New cards

Magistrale receptuur

Bereiding v GM volgens een recept, met door de arts aangegeven samenstelling, voor individuele patiënt

96
New cards

Formulariumbereidingen/voorraadbereidingen/ officinale bereidingen

Bereiding v GM volgens protocol, grote hoeveelheid GM wordt bereid, voor GM dat vaak wordt voorgeschreven

97
New cards

Poeders

Vaste toedieningsvorm -- Enkelvoudige of samengestelde preparaten, bestaande uit vaste, losse, droge, +- fijne deeltjes, door plantaardige, dierlijke of scheikundige stoffen tot voldoende fijnheidsgraad te brengen, Homogeen --> om toediening/gebruik te vergemakkelijken -- Bevatten één/meer werkzame bestanddelen, gemengd met andere poederbestanddelen (excipiëntia) -- Indien nodig: kleur- en/of smaakstoffen

98
New cards

Capsules

Vaste toedieningsvorm -- Harde of zachte wand (met uiteenlopende vorm en grootte), enkelvoudige dosis GM, voor orale toediening -- Wand: gelatine/cellulosederivaten -- Gelules Capsules met een harde wand (wand bestaat uit 2 cilindrische delen)

99
New cards

Tabletten (= compressi)

Vaste toedieningsvorm -- Door samenpersen v GM in poedervorm, in combinatie met hulpstoffen, enkelvoudige dosis GM, meestal oraal toegediend, maar ook anders

100
New cards

Sugar coating

Tablet voorzien v suikerlaagje