1/29
Deze flashcards helpen bij het leren van belangrijke anatomische termen en concepten in de anatomie en fysiologie van het dier.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Craniaal
Naar het hoofd toe.
Caudaal
Naar de staart toe.
Dorsaal
In de richting van de rug.
Ventraal
In de richting van de poten.
Sagittaal
Een snede die naast (links en rechts) van de mediaan ligt.
Transversaal
Dwars door het midden van een lichaamsdeel.
Mediaal
Loopt naar het mediaan toe.
Lateraal
Loopt van de mediaan weg.
Mediaan
Dwars door het dier heen via de rugwervel.
Horizontaal
Recht door het midden van het dier.
Pariëtaal
Naar de lichaamswand toe.
Visceraal
Naar de ingewanden toe.
Internus
Inwendig.
Externus
Uitwendig.
Profundus
Diep.
Superficialis
Oppervlakkig.
Osteologie
De studie van botten.
Lang been
Type bot.
Kort been
Type bot.
Onregelmatig been
Type bot.
Plat been
Type bot.
Sesam beentjes
Type bot.
Osteoblasten
Beenvormende cellen.
Osteocyten
Ingemetselde beencel.
Osteoclast
Been afbrekende cel.
Beencellen
Cellen die betrokken zijn bij de opbouw en afbraak van bot.
Mergholte
De holte in lange beenderen waar het beenmerg zich bevindt.
Gewrichtskraakbeen
Hyalien of glasachtig kraakbeen dat gewrichten bedekt.
Periost
Beenvlies dat de buitenkant van het bot bedekt.
Spongieus beenweefsel
Soort beenweefsel dat lijkt op een spons.