1/12
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Dermatophilus congolensis infecties
Dermatophilus congolensis-infecties zijn acute, etterige huidontstekingen veroorzaakt door een grampositieve bacterie. Ze ontstaan bij huidbeschadiging, in vochtige omgevingen en door specifieke stammen van de bacterie, en worden overgedragen via insecten, teken of contact. Het is een zoönose.
Symptomen: ringvormige laesies (vooral bij langharige dieren op de romp), erytheem, papels, haren staan recht (“paint brush effect”), gele/ groene etterige korsten, roze bloedende laesies, pijnlijk maar weinig jeuk.
Behandeling: dieren in droge, goed geventileerde omgeving, korsten verwijderen, antibiotica, huid wassen en drogen, insecten bestrijden, aangetaste dieren isoleren.
Droes
Droes wordt veroorzaakt door Streptococcus equi ssp. equi, een zeer besmettelijke bacterie die vooral jonge paarden treft. Besmetting verloopt via direct contact of besmette voorwerpen, en uitscheiding kan 1–2 maanden doorgaan.
Symptomen: koorts, zwelling en abcessen van lymfeklieren, faryngitis met slikproblemen, etterige neusuitvloei, hoest, depressie en lusteloosheid. Complicaties kunnen luchtzakontsteking, pneumonie, myocarditis en abcessen elders veroorzaken.
Behandeling en bestrijding: isolatie, strikte hygiëne, stalrust, abcessen openen en reinigen, soms geen antibiotica, symptomatische zorg, grondige reiniging en ontsmetting van stallen, strooisel verbranden en andere paarden controleren op koorts.
Rhodococcus equi
Rhodococcus equi is een grampositieve bacterie die vooral veulens jonger dan 6 maanden treft, met een extra risico bij veulens met FPT (Failure of Passive Transfer, onvoldoende opname van colostrum). De infectie veroorzaakt chronische bronchopneumonie en wordt opgenomen via inhalatie.
Symptomen: koorts, tachypnee, hoest, etterige neusuitvloei, ademhalingsproblemen door longabcessen, colitis, arthritis, lymfangitis en soms abcessen in de hersenen.
Behandeling: besmette veulens isoleren, antibiotica op basis van antibiogram (weken), ondersteunende therapie zoals slijmoplossers en Ventipulmin®, en huisvesting in een goed geventileerde, stofvrije stal. Bronchopneumonie bij veulens heeft een matige prognose.
FPT
Failure of Passive Transfer
Colitis
Ontsteking van de dikke darm
Lymfangitis
Ontsteking van de lymfevaten
Salmonella
Salmonella is de meest voorkomende infectieuze oorzaak van diarree bij paarden, maar geen specifieke paardenziekte. De bacterie komt normaal in de darmwand voor in een niet-ziekteverwekkende vorm en kan door stress geactiveerd worden. Dit leidt tot diarree door verminderde weerstand en veranderde darmdoorlaatbaarheid, soms in combinatie met worminfecties. De ziekte kan levensbedreigend zijn.
Behandeling: antibiotica op basis van antibiogram, vochttherapie en herstel van een gezonde darmflora via transfaunatie (toediening van niet-pathogene darmbacteriën).
Preventie: strikte hygiëne, opletten voor zoönose.
Tetanus
Tetanus wordt veroorzaakt door Clostridium tetani, een grampositieve bacterie die sporen vormt en in de bodem voorkomt. De bacterie produceert het neurotoxine tetanospasmine, dat de remmende neuronen blokkeert, waardoor tonische krampen van de dorsale spieren en andere spiergroepen ontstaan. Alle zoogdieren zijn gevoelig, maar besmette dieren vormen zelf geen infectierisico voor anderen. Infectie vindt meestal plaats via vuil, diepe wonden met lage zuurstofspanning.
Symptomen: incubatie 7–10 dagen (kortere incubatie = slechtere prognose), stijfheid van kauwspieren, slikproblemen, tonische krampen van rug, hals en ledematen, stijve gang, opgeheven staart, opengesperde neusgaten, gespitste oren, zichtbaar 3de ooglid, en spasmen van ademhalingsspieren (kan dodelijk zijn).
Behandeling: wondverzorging, antibiotica, toediening van antitoxine, sedatie en rust, vochttherapie en oogverzorging.
Preventie en bestrijding: vaccinatie (geïnactiveerd exotoxine, bijv. Tetapur®), passieve bescherming via antiserum bij veulens na geboorte, herhalingsvaccinaties vanaf 5–6 maanden leeftijd, jaarlijks of om de 3 jaar. Bij risicowonden: vaccinatie en/of antitoxine toediening.
Keratitis
Hoornvliesontsteking
Orale necrobacillose
Orale necrobacillose is een necrotiserende ontsteking van de mond-, keel-, neus- of larynxmucosa bij vooral kalveren jonger dan 1 maand, veroorzaakt door Fusobacterium necrophorum (gram-) en Arcanobacterium pyogenes (gram+). De ziekte is vaak bedrijfsgebonden en tast vooral wangslijmvlies, tong en larynx aan, met necrose als gevolg. Bij rassen zoals Belgisch Wit-Blauw kan een nauwe larynx ernstigere symptomen geven.
Symptomen: pijnlijke aften of necrose van wang/tong, verminderde eetlust, speekselvloed, voedsel blijft in de mond, stinkend geel-grijs slijmvlies, neusuitvloei, ademhalingsproblemen, en bij larynxbetrokkenheid risico op verstikking.
Behandeling: antibiotica, eventueel corticosteroïden om de luchtwegen te ontspannen, en bij ernstige luchtwegobstructie (vooral jonge BWB) tijdelijk tracheostomie tot het dier slachtbaar is.
Enterotoxemie
Enterotoxemie (“het bloed”) wordt veroorzaakt door Clostridium perfringens, een bodembacterie waarvan sporen ook in de darm van gezonde schapen aanwezig zijn. Bij plotselinge verandering van darmmilieu (bijv. door jong gras of teveel krachtvoer) ontluiken de sporen, vermenigvuldigen zich en produceren toxines die de bloedvatwanden aantasten.
Symptomen: hyperacute sterfte, vaak bij jonge, snelgroeiende lammeren; bij autopsie vloeibare, hemorragische darminhoud. Behandeling is meestal te laat; preventie is cruciaal.
Preventie: vaccinatie (tweemaal met 4–6 weken tussentijd, jaarlijkse herhaling), boostervaccinatie van ooien tijdens dracht voor hoge antistoffentiter in colostrum. In België zijn commerciële vaccins multivalent, gericht tegen meerdere Clostridia-soorten en toxines.
Infectieuze kerato-conjunctivitis
Infectieuze keratoconjunctivitis (“zere oogjes”) is een acute oogziekte die snel in een groot deel van de kudde kan optreden en via vliegen wordt overgedragen. De veroorzaker is Mycoplasma conjunctivae.
Symptomen: ontsteking van het bindvlies (rood, gezwollen, tranenvloed, lichtschuwheid) en later aantasting van het hoornvlies met vertroebeling en zweren.
Behandeling: lokaal met oogzalf, eventueel langwerkende antibiotica; geneest vaak spontaan zonder blijvende schade, maar recidieven komen voor
Rotkreupel
Rotkreupel is een besmettelijke klauwziekte bij schapen, met chronische ontsteking van de tussenklauwhuid en ondermijning van het hoorn in het balgebied. Komt vooral voor voorjaar en winter.
Oorzaak: Dichelobacter nodosus (obligaat) en Fusobacterium necrophorum (facultatief), vaak via aankoop van dieren.
Symptomen: kreupelheid, vochtige tussenklauwspleet, losse hoorn, kloven en overmatige hoorngroei.
Behandeling: pedicuren, lokale antibiotica, vaccinatie (Footvax®), soms algemene antibiotica, ontsmettend voetbad, opruimen slecht reagerende dieren.