1/79
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
|---|
No study sessions yet.
een spreekkamer
un cabinet
een pil
un cachet
een lepel (inhoud)
une cuillerée
een diagnose
un diagnostic
een medisch onderzoek
une examen médical
de koorts
la fièvre
een druppel
une goutte
de verbeelding
l’imagination
een (huis)arts
un médecin (généraliste)
een voorschrift
une ordonnance, une prescription
een verband
un pansement
een wonde
une plaie
een gips
un plâtre
een rÖntgenfoto
une radio(graphie)
een verkoudheid
un rhume
een wachtzaal
une salle d’attente
de hoest
la toux
een huisbezoek
une visite à domicile
verzwakt
affaibli, affaiblie
moeilijk, ingewikkeld
compliqué, compliquée
diep
profond, profonde
school
scolaire
oververhit
surchauffé, surchauffée
dringend
urgent, urgent
gaan liggen, zich uitstrekken
s’allonger
cir
strekken
étendre
onderzoeken
genezen
guérir
wegen
peser
voorschrijven
préscrire
(de mond) spoelen
(se) rincer (la bouche)
bloeden
saigner
flauwvallen
s’évanouir, tomber dans les pommes
zich verzorgen
se soigner
ondergaan
subir
housten
tousser
er goed / slecht uitzien
avoir bonne / mauvaise mine
een loopneus hebben
avoir le nez qui coule
besmet zijn met
être atteint, atteinte par
een afspraak vastleggen
fixer un rendez-vous
het is beter te + infinitief
il vaut mieux + infinitif
alstublieft
er niet in slagen
ne pas y arriver
ziek worden
tomber malade
une plaie
een wond
terugkeren
retourner
naar/bij hem thuis
Chez lui
zich zorgen maken
s’inquiéter
komen/ gaan halen
venir / aller chercher
ergens binnengaan
entrer
inderdaad
en effet
koude handen hebben
avoir les mains froids
ergens
quelque part
het schoolwerk
le travail scolaire
een verstropte neus hebben
avoir le nez qui coule
oplopen
attraper
de long
le poumon
verzwakt
affaibli
op die manier
ainsi
ziek worden
ontsmetten
désinfecter
gaan slapen
se coucher
inslapen / in slaap vallen
s’endormir
genezen
guérir
verwijderen, uitdoen
enlever
hoeveel is het?
ça fait combien
krijgen
recevoir
zonder ophouden
sans cesse
een telefoontje, een oproep
un appel
een huisbezoek
une visité à domicile
gebeuren
se passer
naar huis gaan
rentrer
op de grond
par terre
diep
profond(e)