latijn semester 1 poezie

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/23

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 10:23 PM on 11/5/25
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

24 Terms

1
New cards

epiek eigenschappen

  • lange geidchten

  • dactylische hexameters

  • schemaverzen

  • speciale woorden

    • episch taalgebruik

2
New cards

E heldendicht/epos

  • ilias en odysee

  • historisch/helden/godenfiguren

  • hellenistische periode ( 3e - 1ste eeuw v.C ) => epyllia ( korter, liefde, psychologie ) => poeta doctus ( geleerde in mythe ) v.: de Argonautica van Apollonius  

    • vanaf 3e eeuw in Rome populair v.C ) metamorphoses Ovidius

3
New cards

E leerdicht

  • didachtische vorm van epiek

  • info over goden/morele/regels… voor gewone mens

  • hellenistische periode : + filosofische en wetenschap

  • 2e eeuw v.C in Rome => de georgica (vergilius) en ars amatoria ( ovidius )

4
New cards

L lyriek eigenschap

  • betekenis ( lier )

  • instrumentale begeleiding

  • versmaten

  • poetisch genre

  • gedichten of liederen

5
New cards

L elegie

  • betekenis ( klaagzang )

  • klaagzang, drink- en liefdeslied 

  • tweeledige verzen met afwisselend hexameter ( elegisch disticha )  en pentameter 

  • rome niet meer met fluitspel begeleiding

6
New cards

L epigram

  • betekent : opschrift

  • graven en offergaven

    • rome populair als spotdicht voor wantoestanden en bekende figuren 

7
New cards

L jambische poezie

  • geschreven in jambische disticha

    • = versmaat die zoals omgangstaal klinkt

  • fel en sarcastisch

8
New cards

L gezongen lyriek

  • oorspronkelijk gezongen

  • uiteenlopende versmaten

  • gelegenheids poezie ( huwelijk/begrafenis ) 

    • ook als lofzang winnaars en hymnen voor goden

  • dichters als individu met persoonlijke gevoelens ( sapho ( grieks ) )

  • in rome meer persoonlijker qua inhoud bv. catullus met ‘carmina’

9
New cards

L bucolische poezie

  • betekent : herder

  • bezingt natuur en landschap

  • hellenistische periode

  • inrome : vergilius met bucolica t( beschrijft de ideale wereld ) 

10
New cards

L Satire

  • oorsprong : romeinse genre ( 2e eeuw v.C )

  • spottend en kritsche benadering wantoestanden maatschapij

  • in dactylische hexameters

  • horatius met sermones en juvenalis

11
New cards

dramatiek eigenschappen

  • betekent handeling/daad

  • verdeeld in proloog ( 3-5 episodes ) 

  • ontstaan in griekeland ( cultus van dionysus ) 

  • mannelijke acteurs die (+) rollen hadden

    • verwissseling van kledij en maskers

  • 5e eeuw v.C hogotepunt in athene met dionysia

  • tragedies en komedies ( meer voor romeinen )

12
New cards

D Tragedie 

  • conflict door hybris/overmoed ( goddelijke menselijke wet overtreden => straf ondergaan ( noodlot ) 

  • griekse tragediedichters : aeschylus, sophocles

  • romese tragediedichter : seneca met medea

    • kom

13
New cards

komedie

  • alledaagse, grappige situaties

    • vaak met vaste rollen bv.: luie zoon etc.

  • grieks ekomediedichter : aristophanes

  • rome hoogtepunt in 2e eeuw met plautus met mostellaria

14
New cards

proza

verdergaande structuur, geen terugkerende versus/herhalende metrische structuur

15
New cards

poezie

van het grieks doen/maken, dichter is scheppter, litreaire = proza en poezie, niet literaire : rehct, epigrafie, numismatiek

16
New cards

poeta ..

vates

  • schepper, profeet

  • schept en heeft talent en w. geïnspireerd door muzen

faber

  • schepper, vakman

  • talent EN technische vaardigheid ( opgeleid ) 

  • rretorisch gevormd : metrie, stijl, retorische middelen

doctus

  • kennis van literatuur, geschieeenis, aardrijkskunde, mythologie,…

  • voor lezer is kennis van gedachtewereld vereist

17
New cards

overleverign

  • materialen waarop teksten overgeleverd ( papyrus en perkament )

  • + teksten oudheid verloren, deel bewaard

    • rechtstreeks of onrechtstreeks ovregeleverd

18
New cards

stijlvfiguren van klank en woord

  • alliteratie

  • assonantie

  • eindrijm

    • onomatopees

19
New cards

stijlfiguur woordvolgorde

  • inversie

  • chiasme

  • parallellisme

  • hyperbaton

    • enjambement

20
New cards

stijlfiguur weglating/herhaling

  • repetitio ( direct herhaalt )

  • anafoor

  • epifoor

  • tautologie Tautologie → “Altijd en eeuwig” 2/meer woorden die elkaar “versterken”

  • pleonasme

  • polysyndeton

  • asyndeton

  • ellips

  • polyptoton Hij leeft een levend leven” (zelfde woord, andere vorm

    • zeugma

21
New cards

stiljfiguur betekenis

  • antithese

  • oxymoron Oud nieuws” (tegengestelde woorden samen

  • paradox

    • hendiadys → “Rust en vrede” (één idee met twee woorden

    • hypallage De slapende wind” (bijvoeglijk naamwoord hoort eigenlijk bij iets anders)

    • hyperbool

  • litotes

  • anticipatio

22
New cards

verschillende vormen beeldspraak

metafoor en metonymie

23
New cards

retorische stijlfiguren

  • gradatio

  • tweeledgigheid

  • drieledigheid ( trikolon)

24
New cards

scriptorem

plaats waar monikken klassieke teksten overschreven