1/26
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Inductie:
Theorie geformuleerd op basis van data
Data → analyse → theorie geformuleerd op basis van data
Deductie:
Data bevestigt of ontkracht theorie
Theorie → analyse → data bevestigt of ontkracht theorie
Inductief coderen
Data genereert de codes
Deductief coderen
Theoretisch kader genereert de codes
2 stappen in coderen (algemeen):
Decoding → ontdekken wat er bedoeld wordt
Encoding → label geven
Stappen kwalitatieve inductieve data-analyse:
Data management en voorbereiding
Reviewing en data reductie/opschoning
Coderen
Memo’s schrijven
Bouwen + testen vna conceptuele modellen/verklaringen
Typen codes:
Attribute codes → achtergrond & demografische info
Index codes → grote delen data, bredere onderwerpen
Analytic codes → beschrijven de betekenis van specifieke stukken data, deels obv literatuur, deels vanuit verzamelde data
Hoe ziet het abductief proces eruit?
Data/theorie verkennen (inductie)
Voorlopige verklaring
Verifiëren met nieuwe data (deductie)
Wat houdt de Grounded Theory benadering globaal in?
Iteratief proces om nieuwe theorie te ontwikkelen op basis van verzamelde data
Glaser & Strauss, vanaf 1967 in ontwikkeling
Stappen van de Grounded Theory benadering:
Conceptuele theorie (hypothese)
Doelgroep bepalen, selecte steekproef trekken
Dataverzameling tot theoretische saturatie
Data coderen volgens Grounded Theory methode: open coderen → axiaal coderen → selectief coderen
Theorie aanscherpen/herformuleren
Nagaan of je nieuwe theorie standhoudt → aan de hand van literatuur en je gemaakte memo’s
Sensitizing concepts:
Gives the user a general sense of reference and guidance in approaching empirical instances
Lens om naar data te kijken
Mag geen tunnelvisie opleveren
Helpt om bevindingen te kunnen plaatsen en de puzzel te kunnen oplossen
A priori codes:
Heb je van tevoren al bepaald
Doelen van open coderen (fase 1 van data coderen volgens Grounded Theory methode):
Data reductie
Overzicht creëren
Topics identificeren in de tekst
Stappen binnen fase 1 data coderen volgens Grounded Theory methode (open coderen):
Data doornemen
Fragmenten identificeren
Fragmenten afbakenen
Naam geven aan fragment
Kwaliteit van de codeboom waarborgen
3 C’s bij open coderen (fase 1 van data coderen volgens Grounded Theory methode):
Context → bepaal wat een betekenisvol geheel vormt
Content → vang de inhoud + zorg dat de open code dekt wat de respondent bedoelt (dus niet vertelt wat het algemene onderwerp is)
Coverage → zorg dat elk aspect van het fragment gedekt is met de code(s) + creëer meerdere codes voor een fragment als nodig
Constant comparison:
Alles met alles vergelijken
Valkuil als je dit niet doet = dat je laatst gevonden data bepalend worden
Doelen van axiaal coderen (fase 2 van data coderen volgens Grounded Theory methode):
Structuur creëeren
Overkoepelende thema’s identificeren
Thema’s identificeren
Stappen binnen axiaal coderen (fase 2 van data coderen volgens Grounded Theory methode):
Structuur aanbrengen → lagen van hoofd- en subcodes identificeren
Definitie formuleren bij elke overkoepelende code
Doelen van selectief coderen (fase 3 van data coderen volgens Grounded Theory methode):
Model bouwen
Onderzoeksvraag beantwoorden
Stappen van selectief coderen (fase 3 van data coderen volgens Grounded Theory methode):
Overkoepelend verhaal vinden → hoofdthema’s, kernboodschap, thema’s linken, patroon ontdekken, perspectief respondenten representeren
Verklarend model bouwen → onderzoeksvraag staat hierbij centraal
Theoretische saturatie:
Nieuwe data levert geen nieuwe info op
Bij open coderen → bij nieuwe data geen nieuwe open codes nodig
Bij axiaal coderen → nieuwe data geeft geen aanscherpingen in definities of structuur
Bij selectief coderen → nieuwe data heeft geen gevolgen voor beschreven relaties
Negative case:
Niet passend bij de (voorlopige) theorie
Outliers (uitschieters)
Kenmerken van deductieve data-analyse (categorisatiematrix):
Op basis van een onderzoeksvraag (deze is complex en/of sensitief)
Thema’s gevonden in literatuur
Theorie testen → toegepast in nieuwe situatie, met doel deze theorie verder te ontwikkelen
Stappen binnen deductieve data-analyse:
Categorisatiematrix maken
Data verzamelen
Coderen → matrix toepassen op data → niet-passende data labellen → kiezen wat je doet met niet-passende data
Fit van de data-matrix bepalen
Onderliggende (latente) bevindingen verkennen
Verschillende toepassingen van de categorisatiematrix:
Inductieve versie → nieuwe thema’s creëren voor niet-passende data
Verklarende versie → onderliggende (latente) bevindingen verkennen
Beschrijvende versie → je creëert geen nieuwe thema’s en verkent ook geen onderliggende (latente) bevindingen
Type onderzoeksvragen voor deductieve data-analyse:
Komen alle thema’s voor in de data?
Welke nieuwe thema’s zijn geïdentificeerd?
Hoe frequent komen de thema’s (ten opzichte van elkaar) voor in de data?
Belangrijkste verschillen tussen inductief en deductief:
Inductief: theorie vormen, sensitizing concepts, open-axiaal-selectief coderen, hoge flexibiliteit (nieuwe inzichten)
Deductief: theorie testen, categorisation matrix, matrix toepassen op data, lage tot medium flexibiliteit