1/120
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No study sessions yet.
wie was de grondlegger van sociale context van cognitieve ontwikkeling
Vygotsky
wat is de theorie van sociale context van cognitieve ontwikkeling
sociale contexten (andere mensen) dragen bij tot cognitieve ontwikkeling
wat is de Zone van naaste ontwikkeling
"zone of proximal developmentreeks taken die kind niet alleen kan uitvoeren maar kan leren met hulp van meer ervaren partners (""fine tuned support"")"
wat is het principe van scaffolding
metafoor: huis bouwen: sterke stellingen voor huis te bouwen, later heb je ze niet meer nodig en mogen ze weg
wat proberen cognitieve theoriën te verklaren
het proces van de ontwikkeling
wat testen infant tests
(2) meestal perceptuele en motorische reactiessoms vroege taal en probleem-oplossen
wat omvat de Bayley Scales of Infant Development
een 'Cognitive Scale': bvb. een gevallen object zoeken, een toren bouwen, objectpermanentie...een 'language scale': bvb. objecten en mensen benoemen, richtingaanwijzingen volgen, kan je brabbelen, kan je praten...een 'Motor Scale': bvb. grijpen, zitten, trap oplopen
in welke soort verdeling op een grafiek kunnen we resultaten van mensen op elke leeftijd terugvinden
een normale of klokvormige verdeling
wat is het Intelligentie-Quotiënt (IQ) score die toelaat om de prestatie van een kind op een intelligentietest te vergelijken met de prestaties van andere kinderen van dezelfde leeftijd
waarom klopt het idee dat intelligentie aangeboren is wel of niet
klopt niet, want intelligentietests voor jonge kinderen zijn slechte voorspellers voor latere intelligentie
waarom zijn intelligentietests voor jongere kinderen slechte voorspellers
(3) Intelligentie schommeltJonge kinderen zijn snel afleidbaarOp jonge leeftijd hebben de tests een andere inhoud (meer motorisch) Daarom worden de scores voor jonge kinderen ontwikkelingsquotiënten (OQ) genoemd
hoe ontwikkelt taal zich in de eerste 6 jaar van het leven
(3) 12 maanden (8-18): eerste woordtussen 1.5 en 2 jaar: 2-woorden-zinop 6 jaar: woordenschat van 10.000 woorden
wat is de behavioristische visie op taalontwikkeling
geef ook de visie van Skinner Aangeleerd door operante conditioneren (bekrachtiging wanneer ze klanken uitspreken die het meest lijken op woorden), imitatie en/of een combinatie ervan. Volgens Skinner volledig toe te schrijven aan de invloed uit de omgeving.
waarom is de behavioristische visie niet mogelijk ivm leren spreken
omdat we dan lettergreep per lettergreep zouden moeten leren en dit gaat veel te traag
wat is de nativistische visie op taalontwikkeling
geef ook een naam (3) Chomskytaal is te complex om aangeleerd te worden of ontdekt te worden door kinderen zonder de veronderstelling van een aangeboren potentieeloplossing: 'Language acquisition device' (LAD)
wat is het 'Language acquisition device'
(2) een aangeboren systeem dat een geheel van regels omvat dat gemeenschappelijk is aan alle talenlaat kinderen toe (ongeacht welke taal ze horen) om te begrijpen en te spreken op een door regels gedreven manier, zodra ze genoeg woorden hebben opgepikt
Welke evidentie is er voor de nativistische visie op taalontwikkeling
(3) over hele wereld: kinderen bereiken mijlpalen inzake taal in gelijkaardige volgerdekinderen beschikken over ritmische sensitiviteit voor zin(snedes) en woordenKinderen worden geïsoleerd opgevoed: blijvende taalproblemen: wijst op bestaan gevoelige periode voor taalontwikkeling, waarin aangeboren taalpotentieel kan worden toegepast
welke tegenevidentie bestaat tegen de nativistische visie op taalontwikkeling
(2) Het gemeenschappelijke grammaticale systeem voor alle talen is niet gevondentaalontwikkeling verloopt niet snel, maar geleidelijk: meer leren dan Chomsky veronderstelt
wat is de visie van het interactionisme op de taalontwikkeling
taal ontwikkelt zich door interacties tussen aangeboren capaciteiten en invloeden vanuit omgeving (compromis nativisme en anti-nativisme)
welke 3 factoren zijn belangrijk bij de visie van het interactionisme
(ivm taalontwikkeling) aangeboren capaciteiteneen sterk verlangen om met anderen om te gaaneen rijke taal- en sociale omgeving
welke 4 factoren kunnen van verschillend belang zijn voor verschillende taalcomponenten
(interactionisme) uitspraak grammaticawoordenschatcommunicatievaardigheden
hoe benoemen we het eerste jaar (wanneer we spreken over de voorbereiding op praten)
pre-linguale periode
wat gebeurd er allemaal in de pre-linguale periode?
vocalisaties, brabbelen, gedeelde aandacht, geven en nemen, pre-verbale gebaren
hoe evolueert de taalontwikkeling in het eerste levensjaar
(4) - minder dan 6 weken: 1. interesse in stemgeluiden & verschillen tussen taalklanken - rond 2 maanden: 2. vocalisaties ('Cooing') = produceren van klinkerachtige geluiden - vanaf 4 maanden: 3. brabbelen (= medeklinkers toegevoegd en medeklinker-klinker combinatie herhaald in lange reeksen = nonsense combinaties) het brabbelen is polyglot/universeel (babytjes brabbelen over in de wereld op dezelfde manier, zelfs dove babytjes) - vanaf 8 maanden 4. brabbelen wordt meer gemodelleerd naar eigen taal: brabbelen wordt dus meer taalspecifiek = monoglot of aangepast brabbelen
wat is communicatie
een interactief proces waarbij beide communicatiepartners op elkaar afgestemd dienen te zijn (vb. gedeelde aandacht, beurtelings spreken)
wat zijn de verschillende communicatievaardigheden
gedeelde aandacht, geven en nemen, preverbale gebaren
wat is gedeelde aandacht
(3) joint attentionvanaf 4 maanden: baby kijkt in zelfde richting als volwassenevolwassenen kijken in zelfde richting als baby en benoemen omgeving
wat is geven en nemen
(2) spelletjes waarbij spelers elk om beurt meedoen: handjeklap en kiekeboedraagt bij tot inzicht in beurtelings karakter van conversatie ('turn taking')
wat doen preverbale gebaren
(2) gebruikt om gedrag van anderen te beïnvloeden (bvb. wijzen naar een koekje omdat je het wilt eten of omdat je het woord wilt kennen)draagt bij tot inzicht dat taal tot gewenste resultaten kan leiden
hoe ontwikkelen de eerste woorden in de eerste 12 maanden
(4) "6 maanden: woorden 'mama' en 'papa' kunnen onderscheiden. Kunnen het nog niet uitspreken, maar weten wel wat het betekent, zo kijken ze naar de juiste persoon op een foto12 maanden: eerste woorden Sommige woorden: samenhang met cognitieve prestatiesObjectpermanentie: ""weg"" Puzzelstuk op de juiste plaats: ""ooh"" Woorden worden ook op een meer emotionele wijze uitgesproken (bvb. holofrases)"
wat is een holofrase
In 1 woord een hele zin uitdrukken (dmv heel veel intonatie) (bv. wemmie voor 'jeej we gaan zwemmen')
welke categoriën zijn meestal de eerste woordjes
(4) belangrijke mensen (mama of papa)Alles wat beweegt (auto, bal, kat...)bekende handelingen (op, meer, neer, ...)resultaten bekende handelingen (vuil, nat, heet)
welke 2 kenmerken zijn er bij het gebruik van woorden
onderextensieoverextensie
wat is onderextensie
term wordt te eng toegepast (bvb. beer: knuffels, maar niet de echte beer)
wat is overextensie
term wordt te breed toegepast (bvb. auto: alles wat uit zichzelf beweegt, tot zelfs vliegtuigen)
wanneer gaan kinderen over tot overextensie
wanneer ze zich het juiste woord niet meer kunnen herinneren
welke verschillen zijn er bij spreken en begrijpen
bij spreken moeten ze het woord zelf benoemen, en dit gaat vaker gepaard met overextensies, maar als ze een bepaald object moeten aanduiden, doen ze dit meestal correct
welke 4 dingen kan je zeggen over de telegram-stijl
slechts 2 woorden, kortere en minder belangrijke woorden worden eruit gelaten (vanaf 20-26 maanden wel)vaak eenvoudige vorm (willen + X; meer + X)vele combinaties van woorden beantwoorden niet aan regels grammatica van volwassenenals regels wel gevolgd dan gewoonlijk kopie van paren van woorden die volwassenen gebruiken
welke 5 invloeden zijn er van individuele verschillen in taalontwikkeling
omgeving (taal gericht naar kind: Child directed speech)geslacht (meisjes licht vooruit vroege ontw. woordenschat door snellere hersenontwikkeling en interesse in taal)persoonlijkheid (teruggetrokken kinderen praten later)stijl van praten (referentiëel en expressief)taalachterstandTOP G'S
wat is de referentiële stijl en wie maakt er het meest gebruik van
woordenschat = woorden die refereren naar objectenpeuters die graag omgeving verkennen
wat is de expressieve stijl en wie maakt er het meest gebruik van
woordenschat = woorden die uitdrukking geven aan wensen en gevoelenssociaal georiënteerde kinderen
wat zijn de leeftijden van de taalnormen
(6) 2 maand: vocalisaties4 maand: brabbelen8-12 maand: brabbelen als volwassen taal (bvb. intonatie)12 maand: eerste herkenbare woord18-24 maanden: woordenschat 50-200 woorden20-26 maanden: 2 woorden combineren (telegramstijl)
geef een ander woord voor vocalisaties cooing
hoe kan je vroege taalverwerving bij babytjes ondersteunen
(3) reageren op vocalisaties en brabbelenaandacht vestigen en reageren op gedeelde aandachtsociale spelletjes spelen
hoe kan je vroege taalverwerving bij peuters ondersteunen
(3) samen spelen (verbeeldingsspel)vaak met elkaar pratenlees peuters vaak voor en praat over de boeken
wat zijn kenmerken van 'Child directed speech'
(6) korte zinnenhoge stemhoge expressiviteitduidelijke spraakduidelijk afgescheiden pauzes tussen onderdelenherhalen van nieuwe woorden in nieuwe contexten
waarom zou je child directed speech gebruiken bij baby's
voorkeur voor CDS vanaf geboortevanaf 5 maanden: sterke responsiviteit voor CDS
Waarmee kan je het orale stadium van Freud vergelijken bij Erikson
basisvertrouwen tegenover wantrouwen
Waarmee kan je het anale stadium van Freud vergelijken bij Erikson
autonomie tegenover schaamte/twijfel
Waar hangt een goed verloop van ontwikkeling van af bij Erikson in de eerste levensjaren
kwaliteit van zorg en niet van hoeveelheid orale stimulatie
Wat is het Basisvertrouwen vs. Wantrouwen-conflict volgens Erikson
cruciale rol van beschikbare & sensitieve ouderwederzijdse bevestiging en vertrouwen komt tot uiting via rituelen: hebben positieve functies zoals het geven van een gevoel van veiligheid, erkenning en voorspelbaarheid
Wat is een positieve oplossing voor schaamte en twijfel bij Erikson
aanbieden van gepaste begeleiding en redelijke keuzes --> peuter uit zo zijn individualiteit en wint aan zelfvertrouwen
wat is een negatieve oplossing voor autonomie vs. schaamte/twijfel
Twijfel en angstEen tekort aan zelfbeheersing en zelfcontrole die gepaard gaat met schrik door anderen veroordeeld te worden, te sterke blootstelling kan averechts effect hebbente sterke blootstelling kan averechts effect hebben: = koppigheid en rebellie
wat zijn kenmerken van basisemoties
universeel bij mensenhebben lange geschiedenis in evolutie en overlevingswaardekunnen rechtstreeks afgeleid worden uit gelaatsuitdrukkingen
Welke 2 globale toestanden van opwinding heeft een baby
Aantrekking tot aangename stimulus Terugtrekken van onaangename stimulus
wat gebeurt er op de leeftijd van 6 maand
(ivm basisemoties) (2) geleidelijk aan worden emoties duidelijke, goed georganiseerde signalenemoties variëren mee met de sociale omgeving (bvb. responsieve vs depressieve moeder)--> interne gemoedstoestand van peuter kan afgelezen worden van expressie van emoties
waarom is de (glim)lach belangrijk
verbindt ouders en baby met elkaaris uitdrukking van het beheersen van een nieuwe vaadigheid: bevordert competentie
Hoe ontwikkelt de emotie 'geluk' bij baby's in de eerste weken
Baby's glimlachen als ze voldaan zijn (voelen zich fysiologisch goed in hun vel). Lach is niet gedifferentieerd.
Hoe ontwikkelt de emotie 'geluk' bij baby's rond week 6-10
Eerste sociale glimlach/contactglimlach uitgelokt door menselijk gelaat (hangt samen met toenemde gevoeligheid voor complexiteit van visuele patronen)Lach bij het herkennen van emoties van anderen
Hoe ontwikkelt lachen bij een baby van 3-4 maanden
als reactie op actieve stimuli
Hoe ontwikkelt lachen bij een baby van 10-12 maanden
Verschillende vormen van lachen. Enkel voor de mensen die ze het beste kennen. Versterking van band met ouders. Ze gaan gereserveerd lachen naar vreemden.
waarom neemt woede toe
(3) uitdrukking van protest adaptief bij verkenning omgeving (overleving) (bvb. boos worden wanneer mama kamer verlaat)cognitieve ontwikkeling: je kan intentioneel gedrag stellen (Piaget) waardoor je weet krijgt van factoren die je doelstellingen verhinderen
op welke leeftijd neemt angst toe
2de helft eerste levensjaar (7-12 maand)
vanaf wanneer komt vreemdenangst
ongeveer 8 maanden
waarvan hangt vreemdenangst af
temperamentvroegere ervaring met vreemdensituatie en stijl van vreemden
waarmee loopt vreemdenangst parallel
met het glimlachen naar vertrouwde mensen
waarvoor is vreemdenangst een indicatie
dat kind scherp onderscheid leert te maken tussen verschillende gezichten
wat is scheidingsangst
angst om door verzorgingsfiguren verlaten te worden
vanaf wanneer begint scheidingsangst
8 maanden
van wat is scheidingsangst een logisch gevolg
van hechte band die wordt opgebouwd (met verzorgingsfiguren)
wat is emotionele besmetting
in de ban geraken van de sfeer/een gevoel dat in een bepaalde context heerst (bvb. als de sfeer in huis goed is zal de baby zich ook goed voelen)
Wanneer ontwikkelen baby's een begrip voor emoties van anderen/herkennen van gelaatsuitdrukkingen van anderen
7-10 maand
vanaf wanneer kunnen baby's geaffecteerd worden door emotionele besmetting
vroege kinderjaren
wat is social referencing
kind baseert zich op emotionele reactie van vertrouwenspersoon om situatie te kunnen duiden en te kunnen beslissen hoe te reageren in onzekere situatie
wat zijn de voordelen van sociale bevestiging te zoeken
(3) vormt krachtige methode om negatieve gebeurtenis te vermijdenomgeving leren kennen door onrechtstreekse ervaringze kunnen hun eigen interne emotionele toestand beter benoemen en leren kennen door vergelijking met die van ouderen
wat zijn voorbeelden van zelfbewuste emoties
(5) SchaamteSchuldJaloezieTrotsVerlegenheidSSJTV
vanaf welke leeftijd komen zelf-bewuste emoties naar voor
rond midden tweede jaar
aan wat hebben kinderen behoefte wanneer ze zelf-bewuste emoties ervaren
richtlijnen van volwassenen
wat is zelfregulatie
De strategieën die we gebruiken om onze emotionele toestand tot een comfortabel niveau te brengen zodat we onze doelen kunnen bereiken
aan wat dragen verzorgers bij ivm zelfregulering van het kind
tot de stijl van zelfregulering van het kind
Wat is de rol van de verzorgers bij emotionele zelfregulatie (2)
Tolerantie voor stimulatie neemt toe: in face-to-face play wordt de mate van stimulatie aangepast aan mogelijkheden van het kind (hersenmaturatie: het brein kan meer prikkels tegelijkertijd aan)Leren wat sociaal aanvaard is
hoe evolueert zelfregulatie in het 2de levensjaar
(4) dankzij voorstellingsvermogen en taal kunnen ze zichzelf troostenfysieke troost opzoekenmoeder opzoekenkunnen emoties beter benoemen --> verzorgers hoeven niet meer te raden
wat is temperament
stabiele individuele verschillen in kwaliteit en intensiteit van reactiviteit en zelfregulatie
wat onderzochten Thomas en Chess
bekendste longitudinale studie over temperament, dit is de basis voor huidig onderzoek over persoonlijkheidsontwikkeling
welke conclusies trokken Thomas en Chess
(2) Temperament voorspelt psychologische aanpassingopvoedingsstijl van ouders beïnvloedt emotionele stijl kind
in welke 3 types resulteren de 9 dimensies van Thomas en Chess
+ geef een naam Makkelijkmoeilijk'Slow-to-warm-up'(niet geclassificeerd (makkelijk + moeilijk))Rothbard
wat zijn kenmerken van gemakkelijke temperamenten
(4) komt als baby snel tot regelmatige gewoonten (routines)is meestal opgewektpast zich makkelijk aan nieuwe ervaringen aanzelfregulatie
wat zijn kenmerken van moeilijke temperamenten
(3) is onregelmatig inzake dagelijkse gewoonten (routines)reageert negatief en intenspast zich traag aan nieuwe ervaringen aan
wat zijn kenmerken van 'slow-to-warm-up' temperamenten
(3) niet actiefreageert matig en weinig intens op omgeving of negatieve stemmingpast zich traag aan nieuwe ervaringen aan
hoe stabiel is temperament
vele studies geven steun aan idee van stabiliteit op lange termijn, maar stabiliteit is meestal laag tot matigvele kenmerken enkel stabiel voor extreme waarden
wat is bewijs voor genetische invloed op temperament
(4) eeneiige tweelingen meer gelijkaardig dan twee-eiige tweelingen inzake temperamentmaar slechts 50% van individuele verschillen terug te voeren op genetische verschillenetnische verschillen: Aziatische baby's minder actief, minder irriteerbaar, maken minder geluid en makkelijker te troosten dan blanke baby'sgeslachtsverschillen: jongens meer actief en durven meer
wat is het goodness-of-fit model
model dat verklaart hoe temperament en omgeving samen tot gunstige resultaten kunnen leiden
hoe werkt het goodness-of-fit model
Men richt een opvoedingsomgeving in waarin het temperament van elk kind erkend wordt (fit) om zo meer aangepast functioneren aan te moedigen
van wie is het Goodness-of-fit model
Thomas en Chess
wat is gehechtheid
de sterke, affectieve band die we hebben met bijzondere mensen in ons leven
waarvoor zorgt gehechteid
(2) plezier en vreugdetroost in tijden van stress
Wat is de psychoanalytische theorie inzake hechting
Voeding zorgt voor de ontwikkeling van deze band (~orale fase). Voeding = primaire drijfveer, hechting is een neveneffect
Welke theorie inzake hechting brengt de klassieke conditionering naar voor
(3) Baby ontwikkelt een voorkeur voor de aanrakingen van de moeder tijdens het voederenAanrakingen van moeder tijdens voeding = positieve gevoelens door hongerbevredigingDeze positieve gevoelens worden aan de moeder toegeschreven.
Welke theorie inzake hechting brengt de operante conditionering naar voor (Watson)
Psychological care of infant and child: niet knuffelen of oppakken bij het huilen (Watson).
Wat is tegenevidentie voor voeding leidt tot hechting
hechting met familieleden die ons niet voeden