Examenwoordenschat

0.0(0)
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/71

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Signaalwoorden

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

72 Terms

1
New cards

Uitbreiding/ opsomming

Erweiterung/ Weiterführung/ Ergänzung

2
New cards

Ook

Auch

3
New cards

Bovendien

außerdem/ zudem/ zusätzlich/ hinzu/ kommt

4
New cards

eveneens/ ook

ebenfalls

5
New cards

ten eerste/ ten tweede/ ten derde

Erstens/ Zweitens/ Drittens

6
New cards

niet alleen… maar ook

nicht nur… sondern auch

7
New cards

evenals/ alsook

sowie

8
New cards

daarbij

Zudem

9
New cards

Reden/ Oorzaak

Begründung/ Grund

10
New cards

want

denn

11
New cards

doordat

indem

12
New cards

namelijk

nämlich

13
New cards

per slot van rekening

schießlich

14
New cards

omdat

weil

15
New cards

Tegenstelling

Gegensatz

16
New cards

maar

aber

17
New cards

echter

allerdings

18
New cards

daarentegen

dagegen/ hingegen

19
New cards

desalniettemin

dennoch

20
New cards

toch

doch

21
New cards

echter (andere vorm)

jedoch

22
New cards

eigenlijk

eigentlich

23
New cards

enerzijds… anderzijds

einerseits… andererseits

24
New cards

in ieder geval, toch

immerhin/ ohnehin

25
New cards

niet… maar

nicht… sondern

26
New cards

hoewel

obwohl

27
New cards

in plaats daarvan

stattdessen

28
New cards

(des)ondanks

trotz(dem)

29
New cards

terwijl

während

30
New cards

weliswaar… maar

zwar… aber/ zwar… doch

31
New cards

Gevolg/ conclusie

Folge/ Schlussfolgerung

32
New cards

dus

also

33
New cards

vandaar

daher

34
New cards

zodat/ om te bereiken dat

damit

35
New cards

dus/ daarom

demnach

36
New cards

derhalve/ daarom

deshalb

37
New cards

daarom/ vandaar

deswegen

38
New cards

hoe…(groter)… hoe… (zwaarder)

je… desto

39
New cards

dus/ daarom

so (conclusie)

40
New cards

zo… (eerlijk)… dat…(kwetsend)

so… dass

41
New cards

Voorbeeld geven/ concreet maken

Illustrieren/ Konkretisieren

42
New cards

bijvoorbeeld

etwa

43
New cards

zo, bijvoorbeeld

so (voorbeeld)

44
New cards

bijvoorbeeld

zum Beispiel

45
New cards

Vergelijken

Vergleichen

46
New cards

ook

auch (vergelijken)

47
New cards

(net/precies) zo… als

(eben/genau) so… wie

48
New cards

noch… noch (geen van beide)

weder… noch

49
New cards

Versterking

Stelgerung

50
New cards

pas echt

erst recht

51
New cards
52
New cards

al helemaal

gar

53
New cards

zelfs

sogar

54
New cards

inderdaad

tatsächlich/ in der Tat

55
New cards

vooral omdat

zumal

56
New cards

Beperking

Einschränkung

57
New cards

in elk geval

je denfalls

58
New cards

slechts/ alleen (maar)

nur

59
New cards

Extra informatie

Zusatz

60
New cards

overigens

übrigens

61
New cards

daarbij komt bij/ daarnaast

zusätzlich

62
New cards

Voor(dat)

Bevor/ vor

63
New cards

Vroeger

Früher

64
New cards

Aanvankelijk

Anfangs

65
New cards

Later

Später

66
New cards

Nu

Jetzt

67
New cards

Vandaag de dag/ Nu

Heutzutage

68
New cards

Totdat

Bis

69
New cards

Ondertussen (gebeurt het tegenovergestelde)

Inzwischen

70
New cards

Vroeger

Damals

71
New cards

Ondertussen

Mittlerweile

72
New cards

Als laatste

Zulezt