MIO: deel 2 examen

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
0.0(0)
full-widthCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/197

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No study sessions yet.

198 Terms

1
New cards

autonomie, verbondenheid, competentie

Zelfdeterminatietheorie: 3 behoeften

2
New cards

autonomie

inspraak hebben, verantwoordelijkheid krijgen, zelfstandigheid

3
New cards

verbondenheid

goede band creëren, warm

4
New cards

competentie

het gevoel hebben dat je iets goed kan/doet

5
New cards

behoefte deprivatie

1 of meerdere basisbehoefte ontbreken —> ongelukkig/gedemotiveerd kind

6
New cards

behoefte frustratie

sommige basisbehoefte ontbreken of werken tegen 

  •  Prestaties van leerling worden steeds afgebroken —> vijandigheid, depressie, eetstoornis

7
New cards

lichaamsperceptie

het waarnemen en ervaren van eigen lichaam in de ruimte (hoe het beweegt, grootte inschatten)

8
New cards

referentiepunt van lagereschoolkind

basis voor ontwikkeling van ruimtelijke oriëntatie

  • belangrijk voor de ontwikkeling van schoolse en dagelijkse activiteiten

9
New cards

lichaamsbesef

het bewustzijn van eigen lichaam en zijn onderdelen (waar/hoe het staat)

10
New cards

bewegingen nabootsen

lichaamsbesef: 0 jaar

11
New cards

experimenteren met het lichaam

lichaamsbesef: 10 - 11 maanden

12
New cards

zinvol bewegen, ik = centrum van handelen

lichaamsbesef: 2 jaar

13
New cards

lichaamsidee

oordelen eigen lichaam & hoe je eruit ziet (uiterlijk, emoties)

14
New cards

affectieve band met moeder

lichaamsidee: 0 jaar

15
New cards

gevoelig voor blikken

lichaamsidee: 1 - 3 jaar

16
New cards

rekening houden met reacties van anderen

lichaamsidee: 4 - 5 jaar

17
New cards

vergelijken van lichamelijke mogelijkheden

lichaamsidee: adolescentie

18
New cards

lichaamsplan

geheel van sensomotorische schema’s (zintuigen, automatisch, geautomatiseerd gedrag)

19
New cards


opbouw van lichaamsstructuren

lichaamsplan: foetus

20
New cards

ontwikkeling coördinatie van lichamelijke structuren-

lichaamsplan: 0 jaar -

21
New cards

zelfstandig wezen (= iets doen om iets te verkrijgen)

lichaamsplan: 2 jaar

22
New cards

·        Hoofd: neus, mond tanden

·        Buik, billen, zitvlak

·        Benen, knieën, voeten, tenen

lichaamsbesef: 3 jaar

23
New cards

·        Hoofd: neusgaten, lippen, tong, wangen, kin

·        Borst, navel, schouder

·        Ellebogen, pinken —> nagels

lichaamsbesef: 4 jaar

24
New cards

·        Voor- en achterhoofd, wenkbrauwen, wimpers

·        Maag, heupen

·        Handpalm, de andere vingers

·        Kuiten, hielen, voetzolen

lichaamsbesef: 5 jaar

25
New cards

executieve functies (hogere cognitieve vaardigheden)

oordeels- en beslissingsvermogen, plannen, ontwikkelen van sociale vaardigheden

26
New cards

prefrontale cortex

Deel dat de executieve functies stuurt

27
New cards

miswiring

fouten hersenverbindingen zorgen voor een onveilige leefomgeving

28
New cards

rolneming

het standpunt van een ander innemend

29
New cards

decentratie.

met verschillende factoren rekening houden bij het oordelen.

30
New cards

perceptuele regulaties

de manier waarop ons brein waarnemingen organiseert, interpreteert en aanpast

31
New cards

Perceptuele reorganisatie

mentale herschikking van aangeboden materiaal

32
New cards

Gestaltswitch

figuur en achtergrond omwisselen (zwart-wit afbeeldingen)

33
New cards

Perceptuele schematisering

het geheel kunnen zien van een figuur die uit deelfiguren bestaat (fruituiltje, K I P = kip)

34
New cards

Perceptuele exploratie

 op een systematische/planmatische manier te werk gaan om overzicht te krijgen over een bepaalde situatie (Waar is Wally?)

35
New cards

Semilogische cognitieve processen (van Piaget)

Perceptuele reorganisatie, Perceptuele schematisering, Perceptuele exploratie

36
New cards

concreet - operationeel stadium (lagereschoolleeftijd)

  • bewerkingen maken door concreet materiaal

    • blokjes, tekeningen bij verhalen

  • voorstellingen maken zonder object volledig te zien

  • problemen oplossen door gezind verstand

  • conservatieproeven ✅

37
New cards

decentratie

je leert door het kijken vanuit andere perspectieven

38
New cards

omkeerbaarheid

terugdenken aan het begin toestand

39
New cards

oog voor transformaties

het proces van begin- tot eindstand zien ( conservatieproeven)

40
New cards

theorie van naaste ontwikkeling

kinderen die al “verder” staan in hun ontwikkeling helpen kinderen die nog niet zo ver staan

41
New cards

classificatietaken

ordenen, groeperen, categoriseren

42
New cards

metalinguïstisch bewustzijn

kritisch zijn over eigen taal

  • Beseffen dat “voetbal” uit 2 woorden bestaat

  • Weten wanneer/waarom iets rijmt of niet

43
New cards

mnemoniek (= ezelsbruggetje)

geheugen strategieën

44
New cards

concervatie

inzicht dat bepaalde eigenschappen van een object of hoeveelheid hetzelfde blijven

45
New cards

conservatie: 6-7 jaar

beseffen dat de hoeveelheid hetzelfde blijft

46
New cards

conservatie: 8-9 jaar

beseffen dat het gewicht hetzelfde blijft

47
New cards

conservatie: 11-12 jaar

beseffen dat het volume hetzelfde blijft

48
New cards

verdedigingsmechanisme lagereschoolkind

innerlijke conflicten wegduwen

  • verlangens naar ander geslacht —> weg duwen

49
New cards

sublimatie

het uiten van moreel onaanvaardbare verlangens

  • jaloezie, haat, wraak, …

50
New cards

verschuiving (van gevoelens)

gevoelens op andere manieren uiten

  • via een tekening

  • via sport

51
New cards

Erikson: bekwaamheid

beter worden in iets —> grotere ego = gevoel van bekwaamheid

52
New cards

Erikson: minderwaardheid

Niet beter worden in iets —> frustratie = gevoel van minderwaardigheid

53
New cards

emotionele coping

omgaan met emoties —> weerbaarheid

54
New cards

probleemgerichte coping

manieren vinden om oorzaken van problemen aan te pakken

  • van sport veranderen als het frustratie oplevert 

55
New cards

sociale spiegel

zichzelf vergelijken met anderen —> zichzelf beter leren kennen

56
New cards

neerwaartse sociale vergelijking

negatiever tegenover de ander kijken —> zelfvertrouwen opkrikken

57
New cards

opwaartse sociale vergelijking

positiever tegenover de ander kijken —> verlagen van zelfvertrouwen

58
New cards

modulatie

gecontroleerd aanpassen van een proces in de hersenen

59
New cards

excitatie

bijkomende prikkels activeren sensorische receptoren

  • kind krijgt compliment van de juf —> gaat beter zijn best doen door prikkel in de hersenen

60
New cards

sensitisatie

zenuwstelsel erkent een prikkel als belangrijk —> verhoogde reactie

  • veel gepest kind zal heftiger reageren als er rondom heb gelachen word (denken aan uitlachen)

61
New cards

inhibitie

hersenen erkennen nutteloze prikkels

62
New cards

habituatie

gewend geraken aan bepaalde prikkels (negeren)

63
New cards

sensorische discriminatie

onderscheiden van soorten prikkels

  • 2 verschillende kleuren uit elkaar houden

  • in een zak met stenen en veren het verschil kunnen voelen

64
New cards

posturale reacties

houden het lichaam in evenwicht —> experimenteren met bewegingen en posities

65
New cards

praxie

vermogen om te doen wat we willen/moeten doen bij dagelijkse activiteiten (efficiëntie)

66
New cards

sensorische integratietheorie

Winnie Dunn is de uitvinder van

67
New cards

hoge prikkel drempel

heeft hoge prikkels nodig om iets te ervaren

68
New cards

lage prikkel drempel

heeft weinig prikkels nodig om iets te ervaren

69
New cards

actieve strategie

bewust ondernemen om gedrag te sturen

70
New cards

passieve strategie

automatisch reageren, iets doen zonder bewuste sturing

71
New cards

gebrekkige registratie 

  • hoog - passief

  • vangen subtiele niet op uit de omgeving

  • hebben duidelijke aanwijzingen nodig

  • merken prikkels minder snel op

72
New cards

prikkel vermijdend

  • laag - actief

  • wil prikkels beperken

  • onbekende prikkels —> frustrerend, moeilijk te begrijpen

73
New cards

prikkel zoekend

  • hoog - actief

  • behoefte aan veel prikkels

  • actief betrokken

74
New cards

prikkel gevoelig

  • laag - passief

  • merkt veel zintuigelijke prikkels op

  • zijn snel afgeleid en klagen snel

75
New cards

Sensorische integratietheorie - winnie dunn

Naam model + van wie

knowt flashcard image

76
New cards

vroege adolescentie, midden adolescentie, late adolescentie 

3 delen adolescentie

77
New cards

11/12 - 14/15 jaar

leeftijd: vroege adolescentie

78
New cards

14/15 - 18 jaar

leeftijd: midden adolescentie

79
New cards

18 - 22 jaar

leeftijd: late adolescentie

80
New cards

interimstatus

status word deel ontleed van de ouders maar begint zelf ook status op te bouwen

81
New cards

Ausubel

“adolescenten hebben een interimstatus” is een uitspraak van

82
New cards

vrouwenbesnijding 

genitale verminking —> medische complicaties

83
New cards

primaire geslachtskenmerken

organen die nodig zijn voor de voortplanting (eierstokken, baarmoeder, penis, zaadleider)

84
New cards

secundaire gelsachtskenmerken

dragen niet bij tot de voortplanting (borsten, schaamhaar, spierontwikkeling, schouders die breder worden)

85
New cards

acceleratieverschijnsel

het steeds sneller optreden van de pubertijd bij generaties

86
New cards

secundaire groeiverschuiving

mensen worden tegenwoordig (sneller) groter

87
New cards

menarche

eerste menstruatie

88
New cards

9 - 14 jaar

start rijping meisjes

89
New cards

11 - 12 jaar

start rijping jongens

90
New cards

spermarch

eerste zaadlozing ( zoals natte droom)

91
New cards

boulimia nervosa

vreetbuien hebben maar ook de drang hebben om te blijven vermageren (door intensief te sporten)

92
New cards

25 jaar

profrontale cortex is volledig ontwikkeld op (leeftijd)

93
New cards

amygdala

kern van de hersenen

  • reageert enorm op emoties en non-verbale communicatie

94
New cards

melatonine

slaaphormoon

95
New cards

synaptic Pruning

wegsnoeien van neuronverbindingen

96
New cards
  1. minder goed nieuwe dingen leren

  1. hersenen zijn minder plastisch —> minder snel aanpassen

  2. verbindingen ontwikkelingen zich beter

3 gevolgen van Synaptic Pruning,

97
New cards

hypothetisch-deductief

algemene hypothese kunnen formuleren en het kunnen afleiden naar de werkelijkheid

98
New cards

propositioneel denken

logische verbanden leggen tussen concrete situaties

  • als … dan … verbanden leggen

99
New cards
  • verschillende conclusies naast elkaar kunnen leggen

  • nieuwe ideeën produceren

  • opinie vormen + debatten voeren

combinatorisch denken

100
New cards

contingentiebeginsel

beseffen dat het anders had kunnen zijn

  • bv. beseffen in welke thuissituatie je leeft