nationale politiek 2 termen

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/91

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:47 PM on 3/22/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

92 Terms

1
New cards

republiek der zeven verenigde Nederlanden

De republiek der zeven verenigde Nederlanden was een confederatie ( soevereiniteit lag bij de deelstaten) van zeven zelfstandig functionerende provincies (met leden in de statengeneraal, met veto) die tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) ontstond. Drenthe zat niet in de SG maar werd wel autonoom bestuurd. En niet autonome Generaliteitslanden bestuurd door de SG.

2
New cards

stadhouder

kapitein generaal van de republiek, gekozen door de provincies (maar altijd een oranje). eigenlijk de monarch. machtige militaire functie.

3
New cards

statengeneraal

De vergadering van afgevaardigden uit de verschillende provincies, verantwoordelijk voor wetgeving en belangrijke beslissingen tijdens de republiek. bestaande uit 45 leden, gedelegeerd uit de provincies, overlegden met last en ruggespraak. op basis van concensus (iedere provincie 1 stem, allemaal veto). over Buitenlandbeleid, handel, defensie en het bestuur van de generaliteits landen.

4
New cards

prinsgezinden

wilde de macht houden bij de oranjes (stadhouder) bestonden vooral uit de gereformeerde lage burgerij. streven naar centralisatie van de macht

5
New cards

staatsgezinden

wilde de macht bij de staten generaal, bestondenj vooral uit amsterdamse regenten. macht moest bij de provincie sliggen

6
New cards

patriotten

opvolgers staatsgezinden, vanaf 1780. streefden naar verlichting en conservatisme. herstel: oude glorie, macht SG, lokale privileges, povinciale autonomie. in verschillende provincies aan de macht. (1786 stadhouder in holland geschorst, 1786-1787 vuurgevechten, 1787 pruisische inval, 1787-1795 oranjerestauratie)

7
New cards

Generaliteitslanden

gebieden die onder het gezag van de statengenraal vielen, vaak katholiek, zwaar belast.

8
New cards

bataafse republiek

1795-1806, na een intern conflict tussen de patriotten en prinsgezinden (willen V stadhouder gevlucht) grijpen de patriotten de macht met hulp van frankrijk. het is een chaotische periode als democratische experiment. in 1796 nationale vergadering (unitarissen , moderaten en federalisten).

9
New cards

koninkrijk holland

1806 (-2010) als napoleon ingrijpt. minder onafhankelijk tov Frankrijk, lodewijk (broer napoleon koning). autocratische monargie, meest eregel salleen met goedkeuring koning, uitvoering door ministers. wetgevend lichaam voor goedkeuren begroting en wetgeving, nationaal zelfbewust zijn, eenheidsstaat, nationale en culturele instituties, rationalisatie, kerk nogsteeds ondergeschikt.

10
New cards

koning (functie)

keurde regels goed

11
New cards

soeverein vorstendom der verenigde nederlanden

1813-1815; ontstaan na een machtsvacuum als het franse keizerrijk verslagen is. 3 belangrijke orangisten nemen iniatief en vormen tijdelijk bestuur. in 1813 vragen ze willem 1 (laatste stadhouder terug te keren) (hij wordt soeverein vorst).

12
New cards

grondwet 1814

Nederland blijft een eenheidsstaat en (autocratische) monarchie. Herinvoering van de Staten generaal met een soeverein vorst (niet genoeg internationale steun voor koningsschap). soeverein vorst beneoemd en ontslaat ministers. vergaderen is een kabinetsraad, maar vorst bepaalde uiteindelijk alles. continuiteit met de republiek

13
New cards

soeverein vorst

hoogste macht

14
New cards

staten generaal (onder grondwet 1814)

jaarlijks budgetrecht, kon wetten initieren. 55 leden maar 1 kamer. in de statengeneraal zaten nobelen, adel en burgerij die indirect gokozen werden door de provinciale staten, elk jaar werd 1/3 van de kamer gewisseld. er was sprake van vrijmandaad (leden maakte beslissingen zonder last en ruggespraak)

15
New cards

verenigd koninkrijk der nederlanden

1815-1830, ontstaat doordat napoleon valt. congres van wenen; van nederland een bufferstaat maken boven Frankrijk. onder de oranjes, godsdienstrijheid, gelijke vertegenwoordiging, een staatschuld

16
New cards

grondwet van 1814

soeverein vorst, ministers verschuldigd aan de vorst. 1 kamer indirect verkozen, budget en iniatiefrecht. vorst verantwoordelijk.

17
New cards

eerste kamer

na 1815, 40 tot 60 leden, leden voor het leven door de koning benoemd. brussel en den haag. adel binden aan het nieuwe regime. 1x per 10 jaar begroting. buitenlandse zaken en kolonien

18
New cards

tweede kamer

indirect verkozen door provinciale staten, mede wetgevend, budgetrecht, ministers verantwoordelijk aan de koning. 110 leden deel noord deel zuid

19
New cards

personele unie

Luxemburg en nederlanmd hadden dezelde staatshoofd maar een andere regering en grondwet. Pruissen zag luxenburg als strategische locatie tussen de duitse bond. luxemburg behoorde tot de duitse bond, maar werd ook door pruissen militair bewaakt.

20
New cards

neutraliteit

het verenigd koningkrijk der nederlanden ging geen bontgenootschappen of andere verbonden aan. maar zette zich wel in voor vreedzame conlictoplossing.

21
New cards

cultuur stelsel

dwingen om 20% land op te gebruiken voor nederlandse export als pacht indien niet mogelijk 66 dagen dwangarbeid. Nederlandse residenten bestuurden en regenten leide lokaal. 1/3e van de nederlandse inkomen kwam vanuit het cultuur stelsel → investering in infrastructuur en schepen.

22
New cards

tegenstellingen tussen koning en parlement

tegenstelling in het noorden, koningsgezinden (steun willen I wilde een sterke monarchie en steun aan zijn beleid) vs financiele oppositie (kritisch op uitgaven en belastingen)

23
New cards

tegenstellingen tussen noord en zuid

belgische katholieken ( oog voor de rol van katholieke kerk in onderwijs en besturu)vs belgische liberalen ( nadruk burgerlijke vrijheden) vs franstaligen (bedreigd door vernederlandsing van bestuur en onderwijs). zuidelijke provincie sbetaald emeer voor het noorden, hoge staatschuld, aritmetique holandaise (verdraaing van minderheid naar meerderheid). zuiden was ondervertegenwoordigd.

24
New cards

koningsgezinden

  • Steunden koning Willem I

  • wilden een sterke monarchie en steun aan zijn beleid

25
New cards

fianciele oppositie

  • kritisch op uitgaven en belastingen

  • Centrale thema: controleerbaarheid van staatsfinanciën

26
New cards

belgische liberalen

Legden nadruk op burgerlijke vrijheden

27
New cards

belgische katholieken

Hadden oog voor de rol van de katholieke kerk in onderwijs en bestuur

28
New cards

belgie

1830 onafhankelijk; wienig integraie met het noorden, onenigehid vanuit de protopartijen over het bewind, unionisme, vereniging tegen nederland. 1830 oproer in belgie, willem i mobiliseert 1831 dit was een succes totdat frankrijk belgie ging steunen. 1833 wapenstilstand, 1839 erkenning

29
New cards

unionisme

het samenwerken van de katholieken en liberalen, voor meer burgerlijke vrijheden

30
New cards

grondwet van 1840

macht koning ingeperkt, erkenning belgie. uitbreiding 2e kamer naar 58. strafrechterlijke ministeriele verantwoordlijkheid. contraseign minister. 2 jarige begrotingen, 1841 ministerraad zonder koning. parlement meer grip op de koning. ondertekend door willen 1 maar trekt zich later terug.

31
New cards

competitie

de mate waarin er verschillende partijen met elkaar wedijveren om de macht.

32
New cards

participatie

aandeel van bewoners dat deelneemt aan de politiek

33
New cards

self rule

de mate waarin deelstaten zichzelf kunnen reguleren

34
New cards

shared rule

de mate waarin deelstaten kunnen participeren in het overkoepelende bestuur

35
New cards

relatie tussen kerk en staat

  • indiciduele vrijheid

  • gelijke behandeling

  • organisatorische vrijheid voor kerken

  • → kerk geen rol in de staat en vice versa

36
New cards

thorbeckianen

aanhangers van thorbecke en zijn ideeen

37
New cards

thorbeckiaans liberalisme

vanaf 1840 ongeveer 5 zetels in de staten generaal, liberalisme met romantische invloeden; rationalisme. macht gebaseerd op rede, politiek is rationeel en vrij debat. rationalsiem van bestuur; uniformiteit en einde van lokale privileges. organisatorische maatschappijopvatting. grondwet is kader voor ontplooiing, nachtwakerstaat. nieuwe grondwet; burgerlijke vrijheden, miniteriele verantwoordleijkheid, rechtsstreekse verkiezingen.

38
New cards

grondwet van 1848

scheiding kerk en staat, parlementair stelsel, beperkte participatie, ministers verantwoordlijk voor beleid

39
New cards

ministerraad

centrale orgaan van de uitvoerende macht, de voorzitter roteert. hoogste orgaan dat gemelijk beleid bepaalde, ministeriele verantwoordelijkheid

40
New cards

censuskiesrecht

alleen manen die een bepaald bedrag aan directe belastingen betaalde mochten stemmen. in 1848 was dit 2,5%

41
New cards

meervoudig districtenstelsel

land verdeeld in districten die elk meerdere afgevaardigden naar het parlement sturen

42
New cards

liberalen

groepen net buiten de elite, ondernemres en intelectuelen, vrijzinnig hervomden, remonstranten, lutheranen, doopsgezinden. volgde thorbecke

43
New cards

conservatieven

koningsgezind (SG als klankbord van de koning) voortanders cultuurstelsel, verdeeld tussen liberaal en protestandse conservatieven, partijvorming mislukt door onderlinge verdeeldheid. maatschappelijke elite

44
New cards

katholieken

vrijheid godsdoenst voor RKK, vrijheid voor rooms katholieke scholen, papio thorbeckiaanse samenwerking

45
New cards

anti revolutionairen

tegen de revolutie (het evangelie), tegen rationalisme (menselijk onvermogen), tegen volkssoevereiniteit (god is soeverein), nadruk op het organische gegroeide (christelijk historisch) , kwam vanuit het reveil ( religieuze opleving binnen de NHK). anti papisme (tegten invloed katholieke kerk). startegische samenwerking met de conservatieven voor bijzonder onderwijs.

46
New cards

papio thobeckianen

katholieke aanhangers liberale thorbecke

47
New cards

aprilbeweging

door grondwet 1848 scheiding kerk en staat, ophyeffen ministeries van eredienst. maar in 1853 wilde het vaticaan de bisschaoppelijke hiergie in nederland herstellen. hier tegen protest, petitie. de herinvoering van bischoppelijke hierarchie werd niet ongedaan gemaakt

48
New cards

luxemburgse kwestie

nederland in personele unie met luxenburg ( zelfde staatshoofs, andere regering). conflict koning en kamer willen III wil luxenburg verkopen aan FR, maar pruissen geeft weerstand. liberalen keren zich tegen het kabinet, begroting buitenalndse zaken wordt 2 maals afgekeurd

49
New cards

vertrouwens regel

als een kabinet niet het vertrouwen geniet van de 2e kamer moet het kabinet aftreden

50
New cards

plantage stelsel

kritiek op cultuur stelsel door multatuli (nederlandse residenten slechte controle en corrupt, veel macht inlandse regenten). liberaal vs conservatief (economische vrijheid vs behoud koloniale systeem). 1870 suiker en agrarische wet (sterkere rol nederladse ambtenaren, kleinere rol indische elites, grotere rol particulieren ondernemingen die grond kunne machten, uitbreiding directe controle buiten java, meer nederlandse militairen aanwezig)

51
New cards

parlement

deliberatie, representatie, soevereiniteit, verantwoording, wetgevende macht (1.Deliberatie: in het parlement vindt een uitwisseling op basis van argumenten plaats gericht op een algemeen belang.

2.Representatie: leden van het parlement zien zichzelf als vertegenwoordigers van de burgers

3.Soevereiniteit: de hoogste beslissingsmacht ligt bij het parlement

4.Verantwoording: het parlement kan leden van de regering naar het parlement vragen om beslissingen uit te leggen en het parlement kan leden van de regering sanctioneren als dit onvoldoende vindt

5.Wetgevende macht: het parlement kan wetten aannemen of afwijzen.)

52
New cards

ARP 1868-1918

abraham kuyper, groen van prinsterer. anti revolutionair, anti volkssoeverein maar soeverein in eigen kringen. kringen eigen regels en principes autoriteit en competenties. tegen staatsalmacht, wortel van verzuiling. eerste partij met centrale organisatie en landelijk bestuur. nationale organisatie van (lokale) kiesverenigingen. mannen van beginselen, gedeeld programma; gelijke fianciering bijzonder onderwijs, kiesrecht voor gezinshoofden, fractiedicipline. scheiding tussen condervatief en rooms katholiek. domineert tussen 1888 en 1940 de politiek. kabinet McKay, Kuyper, heemskerk

53
New cards

CHU 1868-1918

opgericht vanuit een conflict in de ARP, savornin lohman. wilde niet centralisatie van het partijapparaat, geen fractiedicipline, geen uitbreiding kiesrecht. wild edat leden vanuit hun eiegen gewesten konden stemmen

54
New cards

anti revolutionaire partij 1868-1918

55
New cards

de coalitie 1868-1918

56
New cards

antithese 1868-1918

nieuwe tegenstelling tussen geloof (ARP en RK) en revolutie (liberalen en socialisten) domineert de politiek tot WO2

57
New cards

CNV 1868-1918

christelijk nationaal vakverbond, opgricht in 1909, wijst idee van klassenstijd af → samenwerking tussen werkgevrrs en werknemers. weigerde katholiek gesstelijke leiding. niet expliciet gekoppeld aan CHU en ARP

58
New cards

VPCW 1868-1918

verbond van protestants christelijke werkgevers, opgricht in 1937, ontstaan vanuit eerdere iniatieven (boaz 1892 → VCWG 1918). belangen van protestandse ondernemers vertegenwoordigen, bedrijven laten werken op christelijke normaen en waarden. bestuurlijk verbonden met de CHU en ARP

59
New cards

anti papisme

deelideologie, negatieve grondhouding tov rooms katholieken

60
New cards

katholiek sociaal gedachtengoed

solidariteit ( afwijzing socialisme en klassenstrijd, bescherming zwakkeren, organsiche manier, herstellen oude rechtstoestand) en subsidiariteit (wat de overheid niet hoeft te doen kan zich onttrekken aan de macht van de overheid. overheid is aanvullend)

61
New cards

bahlmaniaan

62
New cards

schaepmanniaan

63
New cards

algemene bond der rooms katholieke kiesverenigingen

eerste landelijke organisatie van katholieken in de nederlandse politiek, 1897, gezamelijk optreden bij verkiezingen, meer invloed in de SG. schaepmannianen en voor zichtige katholieken. legde basis voor RKSP

64
New cards

KVWV

katholiek vakverbond van werklieden, organiseren katholieke werknemers, tegen socialistische klassenstrijd

65
New cards

conservatief liberalisme

jong liberalisme; breken met de nachtwakerstaat→ interventie, overheidsinterventie om sociale misstanden te voorkomen, voor algemeen kiesrecht, anti klerikaal ( sterke scheing kerk en staat), kinderwet, 1e golf feminisme

66
New cards

sociaal liberlisme

oud liberalisme; nachtwakerstaat, orde en recht in de maatschappij, openbaar onderwijs, censuskiesrecht

67
New cards

LU

68
New cards

VDB

69
New cards

BVL

70
New cards

de concentratie

samenwerking van liberale fracties in de 2e kamer

71
New cards

VNW

vereniging van nederlandse werkgevers 1899. 1879 LU aan de macht onder kabinet pierson. gericht op (tegen) ongevallenwet; verplicht verzekering bij een rijksverzekeringsbank. voorstel van Lely, vooruitstrevende liberale werkgevers die al eigen regelingen hbben, geen centraal overleg met regering (wilde onafhankelijk blijven), met succes de verplichte rijksverzekering werd afgewezen

72
New cards

marxisme

→ verschrikking van de industrieele economie

verschuiving van macht van bourgeosie naar proletariaat

verschuiving van productiemiddelen van privebezit naar collectief bezit

van besluitvorming van markt naar democratsiche planning

niet via parlememnt maar via revolutie

73
New cards

refomisme

streeft naar geleidelijke verbeteringen en sociale hervormingen binnen het bestsnde democratsiche en kapitalistische systeem, via perlementaire weg; streven naar verschuiving macht. via verkiezingen zetels halen om langzame concrete veranderingen te maken

74
New cards

SDAP

75
New cards

NVV

  • algemene werkstaking 1903

  • stakingen voor stakingsrecht en vakbondslidmaatschap

  • georganiseerd door mationaal arbeisdsecretariaat

  • zorgwetten van kuyper

  • grote algemens estaking

  • tegen de wil van de SDAP

  • opgericht in 1906

  • formeel onafhankelijk

76
New cards

sociologisch model

model van verandering; veranderende maatschappelijke context maakt nieuwe themas belangrijk voor mensen. samenleving → poliek

77
New cards

strategisch model

model van verandering; issue entrepreneurs proberen een nieuwe tegenstelling te activeren; om ruimte te scheppen voor een nieuwe politieke partij, of om de electorale positie van hun eigen partij te verbeteren. politiek → samenleving

78
New cards

kaderpartij

79
New cards

massapartij

80
New cards

parlementair kabinet

81
New cards

extraparlementair kabinet

82
New cards
83
New cards
84
New cards
85
New cards
86
New cards
87
New cards
88
New cards
89
New cards
90
New cards
91
New cards
92
New cards

Explore top notes

note
History Study
Updated 1037d ago
0.0(0)
note
Chapter 26 - Lipids
Updated 1283d ago
0.0(0)
note
Theology Unit 1 Test
Updated 1256d ago
0.0(0)
note
Spanish 3 1
Updated 559d ago
0.0(0)
note
Ethics in Health Care
Updated 1200d ago
0.0(0)
note
APUSH Unit 5
Updated 854d ago
0.0(0)
note
History Study
Updated 1037d ago
0.0(0)
note
Chapter 26 - Lipids
Updated 1283d ago
0.0(0)
note
Theology Unit 1 Test
Updated 1256d ago
0.0(0)
note
Spanish 3 1
Updated 559d ago
0.0(0)
note
Ethics in Health Care
Updated 1200d ago
0.0(0)
note
APUSH Unit 5
Updated 854d ago
0.0(0)

Explore top flashcards

flashcards
World History Quiz Part 3
61
Updated 1070d ago
0.0(0)
flashcards
Glossary 4
24
Updated 1046d ago
0.0(0)
flashcards
Bio p cr
39
Updated 1170d ago
0.0(0)
flashcards
anatomy ch 7 list 1
53
Updated 77d ago
0.0(0)
flashcards
Systems Pathology Exam 1
133
Updated 240d ago
0.0(0)
flashcards
MX history
48
Updated 1172d ago
0.0(0)
flashcards
World History Quiz Part 3
61
Updated 1070d ago
0.0(0)
flashcards
Glossary 4
24
Updated 1046d ago
0.0(0)
flashcards
Bio p cr
39
Updated 1170d ago
0.0(0)
flashcards
anatomy ch 7 list 1
53
Updated 77d ago
0.0(0)
flashcards
Systems Pathology Exam 1
133
Updated 240d ago
0.0(0)
flashcards
MX history
48
Updated 1172d ago
0.0(0)