Kaarten: Operationeel Personeelsmanagement | Quizlet

0.0(0)
studied byStudied by 1 person
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/99

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:02 PM on 10/10/23
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

100 Terms

1
New cards

P&O (Personeel en Organisatie)

Ookwel peroneelszaken.

Het vakgebied dat gaat over mensen, arbeidsmiddelen, arbeidsprocessen en structuren in een onderneming.

2
New cards

HRM (Human Resource Management)

Verwijst naar de verborgen bronnen van de individuele mens en de wijze waarop de manager deze bronnen kan aanboren en managen.

3
New cards

Recruiter

Personeelswerver

4
New cards

Opleidingsadviseur

Helpt medewerkers van een onderneming of bedrijf zich te ontwikkelen binnen hun vakgebied.

5
New cards

MD-manager (Management Development)

Het geheel van maatregelen en activiteiten gericht op het werven, selecteren, aanstellen, begeleiden, overplaatsen en ontwikkelen van (toekomstige) managers.

6
New cards

Hands-on P&O

Heeft betrekking op de dagelijkse voortgang van het werk van de medewerkers.

7
New cards

Operationele P&O'er

Is verantwoordelijk voor het uitvoerende personeelswerk. Deze moet ervoor zorgen dat medewerkers worden geworven, geselecteerd, beloond, opgeleid, ontslagen, enz. Oftewel instroom, doorstroom en uitstroom van personeel.

8
New cards

Strategisch personeelsmanagement

Richt zich veel meer op de ontwikkelingen en veranderingen binnen de organisatie als geheel en de gevolgen daarvan voor het personeelsmanagement. Instroom, doorstroom en uitstroom nemen hierbij een centrale positie in.

9
New cards

Conjunctuur en arbeidsmarkt

In tijden van economische voorspoed wordt er door bedrijven veel geproduceerd. Dat betekent dat de werkgelegenheid toeneemt en het aantal werklozen afneemt. Er is dan behoefte aan personeel. De arbeidsmarkt raakt 'overspannen'. Wanneer het weer slechter gaat met de economie, heeft menig bedrijf te maken met een overcapaciteit aan personeel. Dit resulteert in een 'ontspannen' arbeidsmarkt.

10
New cards

Vergrijzing en ontgroening

Het percentage ouderen neemt drastisch toe, wat voortkomt uit een afname van het aantal twintigers.

11
New cards

Differentiatie en flexibiliteit

Arbeidscontracten worden meer en meer op maat afgesloten, het aantal parttimers neemt toe en steeds meer vrouwen treden toe op de arbeidsmarkt.

12
New cards

Shared Services

Administratieve P&O-zaken, zoals de personeelsadministratie en het betalen van de salarissen, zullen in grotere ondernemingen steeds vaker worden ondergebracht in een centrale afdeling waar deze taken worden uitgevoerd.

13
New cards

Personeelsplanning

Het in kaart brengen van de personeelsbehoefte: het aantal en soort personeelsleden dat een bedrijf nodig heeft om tot een evenwichtig personeelsbestand te komen.

14
New cards

5 stappen van goede personeelsplanning

1. in kaart brengen van de personeelsbehoefte

2. bepalen van het interne personeelsaanbod

3. analyseren en voorspellen van de arbeidsmarkt

4. planning

5. evaluatie

15
New cards

Kwalitatieve methoden

Zijn gebaseerd op meningen en ervaringen van deskundigen binnen of buiten de organisatie en worden gebruikt als aanvulling op kwantitatieve methoden.

16
New cards

Delphi-methoden

Hierbij worden de meningen van managers (of andere belangrijke betrokkenen) verzameld.

17
New cards

EFTE-methode (Estimate Feedback Talk Estimate)

Er wordt een discussie gevoerd met alle managers over de verschillende meningen en ideeën. De meningen blijven anoniem.

18
New cards

Kwantitatieve methoden

Kunnen worden onderverdeeld in de extrapolatie- en correlatiemethode.

19
New cards

Extrapolatiemethode

Hierbij gaat men ervan uit dat de behoefte aan personeel voor de toekomst kan worden afgeleid uit de mate waarin het personeelsbestand de afgelopen jaren is gegroeid of gekrompen.

20
New cards

Correlatiemethode

Deze methode gaat ervan uit dat er een verband bestaat tussen de personeelsbehoefte van een onderneming en verschillende factoren als afzet, marktontwikkeling, dollarkoersen enzovoort.

21
New cards

Personeelsbehoefte

De mate waarin een bedrijf behoefte heeft aan medewerkers.

22
New cards

Kwalitatieve behoefte aan personeel

Een bedrijf is altijd in beweging. Functies worden uitgebreid, verdwijnen of worden aangepast, waardoor in de loop der tijd andere eisen worden gesteld aan het personeel.

23
New cards

Kwantitatieve behoefte aan personeel

Betreft de hoeveelheid medewerkers die nodig is om de taken binnen de organisatie uit te voeren.

24
New cards

Labour hoarding

Overcapaciteit aan werknemers die toch al aanwezig was in de onderneming.

25
New cards

Strategische personeelsplanning

De eventuele behoefte aan personeel en de beschikbaarheid en benodigde capaciteiten van medewerkers hangen nauw samen met de plannen die de onderneming heeft en het beleid dat de organisatie voert om die plannen te realiseren.

26
New cards

Functieanalyse

Arbeidsinhoud en -eisen.

27
New cards

Functiebeschrijving

Een uitgebreid document over de inhoud van de functie en de daarbij behorende competenties en eisen. Het geschreven resultaat van een functieanalyse.

28
New cards

Functiewaardering

Op basis van een functieomschrijving kan de zwaarte van de functie ten opzichte van andere functies in kaart worden gebracht.

29
New cards

Functioneringsgesprek

Informeel en gestructureerd gesprek, dat minimaal een keer per jaar wordt gevoerd en wettelijk verplicht is. Het gaat om tweerichtingsverkeer. Het gesprek gaat over het functioneren van de medewerker, zodat zijn prestaties kunnen verbeteren. Er wordt gesproken over het gedrag in het verleden, maar vooral ook over hoe het in de toekomst beter kan.

30
New cards

Functiewaarderingssystemen

ORBA

FWG

USB

FUWASYS

Hay

31
New cards

Puntenmethode

Hierbij wordt op alle aspecten met een waarde beoordeeld en vermenigvuldigd met een wegingsfactor.

32
New cards

Methode van functieklassenindeling

Hierbij worden de functies in hun totaliteit in een beperkt aantal klassen ingedeeld. Voor elke klasse is omschreven aan welke eisen de functie moet voldoen om in die klasse te worden ingedeeld.

33
New cards

Methode van rangschikken naar functie in haar totaliteit

Hierbij worden de functies met elkaar vergeleken.

34
New cards

Methode van rangschikking per kenmerk

Bij deze methode worden de functies geanalyseerd en geordend per kenmerk, zoals verantwoordelijkheid en kennis.

35
New cards

Arbeidsmarktcommunicatie

Het planmatig proces waarbij wordt getracht een directe of indirecte wervingsboodschap over te brengen bij potentiële medewerkers en hun beïnvloeders, direct of via een bepaald medium.

36
New cards

Employer branding

Het communiceren van een imago om een positief beeld te scheppen van de organisatie als potentiële werkgever.

37
New cards

NOA-onderzoek

Houdt zich bezig met het onderzoeken van het keuze- en zoekgedrag van de Nederlandse beroepsbevolking.

38
New cards

Ad-hocacties

Een bedrijf heeft een specifiek beleid nodig voor communicatie met de arbeidsmarkt.

39
New cards

Open sollicitaties

'Ongevraagde' sollicitaties. Sollicitaties die niet uit een reactie op een vacature komen.

40
New cards

Onderwerpen van een arbeidscommunicatieplan

- Doelgericht werken

- Heldere strategie

- Externe partijen

- Vooruitkijken in plaats van ad hoc

- Verkrijgen van draagvlak

- Verkrijgen van budget

- Inrichting van de organisatie

- Biedt reflectie en mogelijkheden voor effectmeting

41
New cards

Onderwerpen van een communicatieplan

- Probleemstelling

- Doelstelling

- Doelgroep

- Boodschap

- Strategie

- Mediakeuze

- Organisatie

- Wervingsbudget

- Evaluatie

42
New cards

SMART

Specifiek

Meetbaar

Actiegericht

Realistisch

Tijdgebonden

43
New cards

Communicatiestrategieën

Rechtstreekse communicatie of communicatie via bepaalde intermediairs

44
New cards

Interne werving

Binnen de eigen organisatie op zoek gaan naar een kandidaat.

45
New cards

Externe werving

'Buiten' op de arbeidsmarkt op zoek gaan naar een kandidaat.

46
New cards

Voordelen interne werving

- De kosten kunnen laag worden gehouden

- De sollicitanten zijn bekend

- De werving- en selectieprocedure kan sneller verlopen

- De kandidaat is al bekend met de bedrijfscultuur

- De inwerktijd is kort

47
New cards

Voordelen externe werving

- Het aantal goede kandidaten om uit te kiezen is groot

- De beoordeling vindt objectiever plaats dan bij interne werving

- Met de nieuwe kandidaat waait er meteen een frisse wind door de organisatie

- Het voorkomt dat er elders in het bedrijf een vacature ontstaat

- Het voorkomt dat andere medewerkers zich gepasseerd voelen

48
New cards

Wervingsmiddelen

- Vacaturesite

- Social-mediasite

- Personeelsadvertentie

- UWV Werkbedrijf

- Uitzendbureau

- Detacheringsbureau

- Werving- en selectiebureau

49
New cards

Wervingskanalen

- Internet

- Dag- en weekbladen

- Banenmarkt

- Congres/seminar

- Netwerk

50
New cards

Waar moet een P&O'er op letten bij het opstellen van een goede personeelsadvertentie?

- Wees professioneel

- Straal visie uit

- Maak een imagokeuze

- Beperk de tekst tot één functiegroep

- Wees zo beknopt mogelijk

- Maak gebruik van de corporate website

- Zoek een goede balans tussen tekst en beeld

- Koppel vormgeving aan huisstijl

- Wees eerlijk

- Kies het juiste medium

51
New cards

Corporate website

Een website met het doel de interactie tussen de organisatie en de verschillende stakeholders te ondersteunen.

52
New cards

Selectiemiddelen

- Sollicitatiebrieven en cv's

- Sollicitatieformulieren

- Het sollicitatie-interview

- Referenties

- Tests

53
New cards

Onderdelen CV

1. Personalia

2. Opleidingen

3. Werkervaring

4. Overig

5. Referenties

54
New cards

Tests

Geven de werkgever extra informatie over het functioneren van de kandidaat, nu en in de toekomst.

55
New cards

Drie typen tests

1. Beroepskeuze- of interessetest

2. Capaciteitentest

3. Persoonlijkheids- of psychologische test

56
New cards

FFPI

Five Factor Personality Inventory, een populaire persoonlijkheidsvragenlijst.

57
New cards

Vijf dimensies van persoonlijkheidstests (Big Five)

1. Extraversie

2. Vriendelijkheid

3. Zorgvuldigheid

4. Emotionele stabiliteit

5. Openstaan voor ervaringen

58
New cards

Validiteit

Meet de test wat het beoogt te meten?

59
New cards

Betrouwbaarheid

Is de uitkomst van de test herhaalbaar en dus geen toeval?

60
New cards

Voorspellende waarde

In hoeverre zegt de uitkomst van de test iets over het toekomstige gedrag van de kandidaat?

61
New cards

Assessment-centermethode

Een methode die bestaat uit praktijksimulaties; een soort vakbekwaamheidsproef. De methode wordt voornamelijk gebruikt voor de selectie van hoger personeel, maar ook kandidaten voor lagere functies worden hieraan onderworpen.

62
New cards

Assessoren

Beoordelaars van gedrag en prestaties.

63
New cards

Soorten oefeningen bij een assessment

1. Gesprekssimulatie

2. Postbakoefening

3. Verzamelen van feiten

4. Presentatie

5. Groepsdiscussie

64
New cards

Postbakoefening

Hierbij krijgt de kandidaat een enveloppe of postbakje met daarin een aantal documenten, zoals memo's, brandbrieven, beleidsnota's, klachtenbrieven en notulen. De kandidaat moet deze binnen een afgesproken tijdsduur verwerken.

65
New cards

Een nieuwe medewerker moet kennismaken met:

- De leidinggevende

- De collega's

- De directie

- De ondernemingsraad

- De afdeling

- De werkplek

- De werkzaamheden

- Het bedrijf

66
New cards

Primaire arbeidsvoorwaarden

Worden uitgekeerd in de vorm van geld. De belangrijkste zijn:

- Uurloon

- Pensioenrecht

- Loon gedurende vakantie

- Winstuitkering

- Onkostenvoergoeding

- Bonus

67
New cards

Secundaire arbeidsvoorwaarden

Alle vormen die niet direct tot het looninkomen zijn terug te voeren. Deze vooraarden betreffen goederen, diensten, omstandigheden of voorzieningen die geheel of gedeeltelijk door de werkgever worden vergoed. De belangrijkste zijn:

- Arbeidstijden

- Mobiel bellen

- Auto van de zaak

- Kinderopvang

- Loopbaanmogelijkheden

- Ziektekostenverzekering

68
New cards

Tertiaire arbeidsvoorwaarden

Betreffen zaken die de medewerker zelf betaalt, maar die het bedrijf hem tegen scherpe prijzen en gunstige condities kan aanbieden:

- Hypotheek

- Levensverzekeringen

- Beleggingen

- Spaarregelingen

69
New cards

Individueel variabel inkomen

Bonus, provisie, stukloon

70
New cards

Collectief variabel inkomen

Winstdeling, aandelen en opties

71
New cards

Stukloon

Loon dat werknemers betaald krijgen per stuk afgeleverd werk. Er is sprake van een een-op-eenrelatie tussen prestatie en beloning.

72
New cards

Variabele beloningssystemen

- Individueel variabel inkomen

- Collectief variabel inkomen

73
New cards

Arbeidsvoorwaarden op maat worden onderverdeeld in vijf categorieën:

- Gezondheid

- Pensioen

- Geld

- Tijd

- Extra's (Fringe benefits)

74
New cards

Fringe benefits (extra's)

- Mobiele telefoon/autotelefoon

- Maaltijdvergoeding

- Renteloze lening

- Sportfaciliteiten

- Personal computer

75
New cards

Provisie

Hierbij is een gedeelte van het inkomen variabel en afhankelijk van een kwantitatieve doelstelling.

76
New cards

Competentiebeloning

Hierbij wordt de beloning gekoppeld aan de mate waarin medewerkers voldoen aan de gewenste competenties of deze verder ontwikkelen.

77
New cards

Winstdeling

Hierbij ontvangen de medewerkers een uitkering in geld, gerelateerd aan het bedrijfsresultaat. De uitkering wordt alleen uitgekeerd als de bedrijfsresultaten dit toelaten.

78
New cards

Tantième

Dit is een jaarlijkse uitkering in geld, afhankelijk van de wijze waarop de medewerker zijn functie uitoefent en de winst die het bedrijf maakt.

79
New cards

Bonus

Is bedoeld als waardering voor een unieke prestatie, bijvoorbeeld in het geval een project goed is afgerond. Ook het belonen van ideeën valt hieronder. Vaak wordt voor deze vorm van belonen een bepaald percentage van het maandsalaris uitgekeerd.

80
New cards

Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd

Wanneer de einddatum van het dienstverband vaststaat. De duur voor bepaalde tijd is niet aan een maximum gebonden en mag dus in principe ook enkele jaren beslaan.

81
New cards

Opzegtermijn

De werkgever moet de werknemer minimaal één maand voor het einde van het contract schriftelijk laten weten of de arbeidsovereenkomst al dan niet wordt voortgezet en zo ja, onder welke voorwaarden.

82
New cards

Ketenregeling

Deze bepaalt dat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd op een gegeven moment wordt omgezet in een overeenkomst voor onbepaalde tijd, om te voorkomen dat werknemers nooit in aanmerking komen voor een vast contract.

83
New cards

Arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd

Hierbij staat de einddatum van het dienstverband niet vast. De overeenkomst loopt door zolang beide partijen daar vrede mee hebben.

84
New cards

Oproepcontract

Hierbij 'wacht' de werknemer op een oproep van de werkgever om een aantal uur of gedurende een langere periode arbeid te verrichten. Deze contracten komen vaak voor in de vorm van een nul-urencontract of een min-maxcontract.

85
New cards

Nul-urencontract

Hierbij wordt er helemaal geen afspraak gemaakt over het aantal uren dat de oproepkracht werkt. De werkgever betaalt alleen loon over de uren die de oproepkracht gewerkt heeft.

86
New cards

Min-maxcontract

Hierbij worden vooraf afspraken gemaakt over de minimum en maximum arbeidsomvang. De werknemer krijgt de garantie-uren (dat wil zeggen de minimumuren) uitbetaald door de werkgever, ongeacht of hij wel of niet gewerkt heeft.

87
New cards

UItzendovereenkomst

Dit is een officiële arbeidsovereenkomst die wordt afgesloten tussen het uitzendbureau en de medewerker die uitzendwerk zal verrichten, ook wel flexwerker genoemd.

88
New cards

Flexwerker

Is iemand die in dienst is bij het uitzendbureau en niet bij het bedrijf waar hij tewerk wordt gesteld, ofwel de inlener.

89
New cards

Freelance-overeenkomst

Hierbij gaat het om een samenwerking tussen de opdrachtnemer die zichzelf als het ware verhuurt aan de opdrachtgever.

90
New cards

Verklaring arbeidsrelatie (VAR)

Een verklaring die de Belastingdienst verstrekte om duidelijkheid te geven over de arbeidsrelatie die een werkgever ten opzichte van freelancers en zelfstandigen zonder personeel had.

91
New cards

Concurrentiebeding of non-concurrentiebeding

Om te voorkomen dat bedrijfsgeheimen op straat komen te liggen. De werkgever probeert te voorkomen dat de werknemer hem, na afloop van zijn dienstverband, zal gaan beconcurreren.

92
New cards

Collectieve arbeidsovereenkomst (CAO)

Arbeidsvoorwaarden die worden afgesproken met groepen medewerkers.

93
New cards

Bedrijfstak-cao

Dit wordt met een of meer werkgeversverenigingen afgesloten voor een bepaalde bedrijfstak. De meeste cao's in Nederland vallen hieronder.

94
New cards

Ondernemings-cao

Dit wordt afgesloten met één werkgever. Het wordt doorgaans afgesloten voor zeer grote ondernemingen.

95
New cards

Contractuele opzegtermijn

De opzegtermijn, waarvan de lengte afhankelijk is van wat er staat in de arbeidsovereenkomst of cao.

96
New cards

Wettelijke opzegtermijn

Wanneer de lengte niet is afgesproken, dan geldt de deze opzegtermijn.

97
New cards

Kan samen het salaris vormen:

- Loon

- Bonusuitkeringen

- Vaste reiskostenvergoeding

- Onregelmatigheidstoeslag

- Vakantietoeslag

- Vergoeding kinderopvang

- Auto van de zaak

98
New cards

Vakantietoeslag

De werknemer heeft recht op vakantiegeld van minimaal 8 procent van zijn bruto jaarsalaris van het afgelopen jaar.

99
New cards

Salarisgebouwen

Een verzameling van functiegroepen die aan salarisschalen zijn gekoppeld. Wie een bepaalde functie gaat vervullen, weet dan ook meteen in welke salarisschaal hij valt.

100
New cards

Het salaris wordt bepaald aan de hand van vijf factoren:

1. Het niveau van de functie

2. De schaarste van het aanbod

3. De vooropleiding van de medewerker

4. De tijd die men in een functie verblijft

5. Aantal arbeidsuren