begrippenlijst historisch onderzoek

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
0.0(0)
full-widthCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/200

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

begrip + uitleg/betekenis

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

201 Terms

1
New cards

pejoratieve connotatie

Een negatieve of veroordelende betekenis die aan een woord of uitdrukking wordt gegeven

2
New cards

aforismen

een korte, bondige en vaak memorabele uitspraak, die een algemene waarheid, wijsheid of principe uitdrukt die vaak op scherpzinnige wijze geformuleerd is.

3
New cards

etymologie

studie van herkomst van woorden

4
New cards

ontologie

het leer van “zijn” , wat is en wat niet is.

5
New cards

epistemologie

ook wel kennisleer of kennistheorie genoemd. De epistemologie is een tak van de filosofie die zich bezighoudt met de aard, oorsprong, grenzen en geldigheid van kennis.

6
New cards

artes liberales

de zeven vrijstaande kunsten die traditioneel de basis vormen van een klassieke opleiding.

7
New cards

rankeaanse revolutie

Een paradigmaverschuiving in de geschiedschrijving geïntroduceerd door Leopold von Ranke, die benadrukte dat geschiedenis objectief en op feiten gebaseerd moet zijn.

8
New cards

historisme

historische teksten geschreven zonder literaire dimensie→ droge feiten

9
New cards

linguistic turn

Een benadering in de filosofie en sociale wetenschappen die de nadruk legt op de rol van taal in ons begrip van de werkelijkheid en kennis.

10
New cards
11
New cards
12
New cards

pejoratieve connotatie

Een negatieve of veroordelende betekenis die aan een woord of uitdrukking wordt gegeven

13
New cards

aforismen

een korte, pittige spreuk, die geen deel uitmaakt van een algemeen denksysteem, maar wel karakteristiek is voor een bepaalde gedachtengang of geesteshouding.

14
New cards

etymologie

studie van herkomst van woorden

15
New cards

ontologie

de leer van de algemene eigenschappen der dingen, de ‘zijnsleer’.

16
New cards

epistemologie

de leer betreffende het wezen, de methoden en de grenzen van de menselijke kennis.

17
New cards

artes liberales

de zeven vrijstaande kunsten die traditioneel de basis vormen van een klassieke opleiding.

18
New cards

rankeaanse revolutie

Een paradigmaverschuiving in de geschiedschrijving geïntroduceerd door Leopold von Ranke, die benadrukte dat geschiedenis objectief en op feiten gebaseerd moet zijn.

19
New cards

historisme

een negentiende-eeuwse vorm van geschiedbeschouwing waarin het concrete en het individuele de meeste aandacht krijgt.

20
New cards

linguistic turn

Een benadering in de filosofie en sociale wetenschappen die de nadruk legt op de rol van taal in ons begrip van de werkelijkheid en kennis.

21
New cards

Anachronisme

betreft een persoon, zaak of gebeurtenis die misplaatst is in de tijd waarin hij gesteld is of zich voordoet.

22
New cards

Analytisch

of ontledend, probleemgericht (antoniem: descriptief of beschrijvend).

23
New cards

Anomalie

is een afwijking van een regel of wet.

24
New cards

Annoteren

betekent van verklarende aantekeningen voorzien, in het bijzonder van voetnoten.

25
New cards

Apocrief

is dat niet als gezaghebbend of geloofwaardig werd erkend.

26
New cards

Chronologie

is een opeenvolging van gebeurtenissen; de term kan ook wijzen op een hulpwetenschap.

27
New cards

Connotatie

is de met een woord verbonden voorstellingen (van emotionele aard) die buiten de eigenlijke betekenis van dat woord vallen.

28
New cards

Context

is het volledige betekenisverband (tijd, plaats, structuur, agency) waarin en waarom iets zich voordoet.

29
New cards

Descriptief

is beschrijvend (antoniem: analytisch).

30
New cards

Discipline

is een tak van de wetenschap, een wetenschapsgebied.

31
New cards

Empirisch

is op ervaring/bevinding of voor historisch onderzoek op bronnenstudie gegrond en daaruit voortvloeiend.

32
New cards

Epiloog

is een nawoord, gaat in op wat na het hoofdwerk volgt.

33
New cards

Epitheton

is een bijvoeglijk woord dat vaak ter versiering bij een eigennaam of zelfstandig naamwoord wordt gebruikt, m.n. in de klassieke letteren.

34
New cards

Ethiek

is de praktische wijsbegeerte die handelt over de zedelijke begrippen en gedragingen, over wat goed en kwaad is.

35
New cards

Excerpt

is een uittreksel.

36
New cards

Exhaustief

is volledig, uitputtend.

37
New cards

Extrapolatie

is een projectie of toepassing op basis van veronderstelde continuïteit of verwachte overeenkomst, of een uitbreiding over niet onderzochte of niet bewaarde gegevens.

38
New cards

Facsimile

is een nauwkeurige nabootsing (van een boek, handschrift, prent, …).

39
New cards

Falsaris

is iemand die valsheid in geschrifte pleegt.

40
New cards

Heuristiek

is de leer van het vinden.

41
New cards

Historia magistra vitae

is een aforisme dat impliceert dat het verleden een voorbeeldfunctie heeft en tot reflectie over heden en toekomst aanzet.

42
New cards

Historisisme

is een neologisme van Karl Popper; opvatting dat ritmes, patronen, wetmatigheden en tendensen die in het verleden worden teruggevonden ook kunnen worden gebruikt om de toekomst te voorspellen.

43
New cards

Historische kritiek

is het geheel van methodes waarmee bronnen door historici worden benaderd en beoordeeld op hun waarde voor historische vraagstellingen.

44
New cards

Humanisme

de geestelijke stroming tijdens de renaissance, gekenmerkt door vernieuwde studie van de klassieke oudheid.

45
New cards

Juxtapositie

is het naast elkaar of op dezelfde lijn (en daardoor met elkaar in contrast) plaatsen.

46
New cards

Katern

wordt gevormd door een aantal in elkaar gevouwen bedrukte vellen.

47
New cards

Lacune

is een holte, hiaat (bijvoorbeeld in het bronnenbestand).

48
New cards

Lemma

is een titelwoord in een woordenboek of encyclopedie, hoofd van een artikel.

49
New cards

Lexicon

is een alfabetisch geordend overzicht van termen in een vakgebied.

50
New cards

Literatuurstudie

is de kritische studie van de aanwezige literatuur in een vakgebied of over een bepaald onderwerp, ook wel status quaestionis genoemd.

51
New cards

Monografie

is een verhandeling over een enkel onderdeel van een wetenschap, in de geschiedeniswetenschap over een chronologisch, geografisch en thematisch afgebakend thema.

52
New cards

Multicausaal

betekent het gevolg zijnde van vele oorzaken.

53
New cards

Oxymoron

is een nauwe verbinding van twee tegenovergestelde begrippen, bijvoorbeeld ‘een jeugdige grijsaard’.

54
New cards

Paradox

is een schijnbare tegenspraak.

55
New cards

Parafrase

is een omschrijving met eigen woorden, van de inhoud (van een tekst).

56
New cards

Pejoratief

is een ongunstige betekenis hebbend.

57
New cards

Polemiek

is een pennenstrijd, twist.

58
New cards

Presentisme

is het anachronistisch aanwenden van hedendaagse ideeën en concepten in beschrijvingen en/of analyses van het verleden.

59
New cards

Proloog

is de voorrede, gaat in op datgene wat aan het hoofdwerk is voorafgegaan.

60
New cards

Pseudepigrafisch

is een geschrift uit de oudheid of een andere periode dat werd toegeschreven aan een ander dan de eigenlijke schrijver.

61
New cards

Pseudoniem

is een schuilnaam.

62
New cards

Retrospectief

blikt terug, bijv. een retrospectieve bibliografie of tentoonstelling.

63
New cards

Status quaestionis

of de stand van zaken (état de la question, state of the art), hier de stand van het geschiedkundig onderzoek.

64
New cards

Synthesewerk

is een wetenschappelijke studie waarin de resultaten van een aantal monografieën en wetenschappelijke artikelen zijn samengebracht in een synthetische vorm.

65
New cards

Teleologisch

is doelgericht, een doelstelling inhoudend; bij de geschiedwetenschap in het bijzonder gebruikt voor interpretaties die een doel of een einde in het verloop van de gebeurtenissen leggen omdat ze de afloop al kennen.

66
New cards

Terminus ante quem

datum waarvoor.

67
New cards

Terminus post quem

datum waarna.

68
New cards

Verzamelbundel

is een bundel waarin stukken van een of meer auteurs samengebracht zijn, bijvoorbeeld n.a.v. een congres.

69
New cards

Vulgariseren/Populariseren

is het breed toegankelijk maken van kennis via wetenschapscommunicatie.

70
New cards

Werk

is het neergeschreven verslag van een historisch onderzoek of van een kritische studie over een onderwerp.

71
New cards

Amtsbücherlehre

is de hulpwetenschap die vormkenmerken en stijlveranderingen van administratieve documenten (‘ambtelijke bescheiden’) doorheen de tijd bestudeert. De kennis van vormvereisten en de stijlkenmerken kan helpen bij de datering en de interpretatie van stukken uit onvolledig bewaarde reeksen. Protocollen, leenboeken, rekeningen, belastingkohieren zijn typische voorbeelden van deze Amtsbücher.

72
New cards

Antropologie (historische antropologie)

is de studie van de ‘mens’ en alle dimensies van ‘menselijkheid’, in het bijzonder het menselijk vermogen om zin en betekenis te geven aan de hem omringende wereld en de maatschappij.

73
New cards

Archeologie

is de wetenschapsdiscipline die materiële bronnen uit het verleden opspoort, blootlegt, inventariseert, dateert, bewaart en bestudeert.

74
New cards

pejoratieve connotatie

Een negatieve of veroordelende betekenis die aan een woord of uitdrukking wordt gegeven

75
New cards

aforismen

een korte, pittige spreuk, die geen deel uitmaakt van een algemeen denksysteem, maar wel karakteristiek is voor een bepaalde gedachtengang of geesteshouding.

76
New cards

etymologie

studie van herkomst van woorden

77
New cards

ontologie

de leer van de algemene eigenschappen der dingen, de ‘zijnsleer’.

78
New cards

epistemologie

de leer betreffende het wezen, de methoden en de grenzen van de menselijke kennis.

79
New cards

artes liberales

de zeven vrijstaande kunsten die traditioneel de basis vormen van een klassieke opleiding.

80
New cards

rankeaanse revolutie

Een paradigmaverschuiving in de geschiedschrijving geïntroduceerd door Leopold von Ranke, die benadrukte dat geschiedenis objectief en op feiten gebaseerd moet zijn.

81
New cards

historisme

een negentiende-eeuwse vorm van geschiedbeschouwing waarin het concrete en het individuele de meeste aandacht krijgt.

82
New cards

linguistic turn

Een benadering in de filosofie en sociale wetenschappen die de nadruk legt op de rol van taal in ons begrip van de werkelijkheid en kennis.

83
New cards

Anachronisme

betreft een persoon, zaak of gebeurtenis die misplaatst is in de tijd waarin hij gesteld is of zich voordoet.

84
New cards

Analytisch

of ontledend, probleemgericht (antoniem: descriptief of beschrijvend).

85
New cards

Anomalie

is een afwijking van een regel of wet.

86
New cards

Annoteren

betekent van verklarende aantekeningen voorzien, in het bijzonder van voetnoten.

87
New cards

Apocrief

is dat niet als gezaghebbend of geloofwaardig werd erkend.

88
New cards

Chronologie

is een opeenvolging van gebeurtenissen; de term kan ook wijzen op een hulpwetenschap.

89
New cards

Connotatie

is de met een woord verbonden voorstellingen (van emotionele aard) die buiten de eigenlijke betekenis van dat woord vallen.

90
New cards

Context

is het volledige betekenisverband (tijd, plaats, structuur, agency) waarin en waarom iets zich voordoet.

91
New cards

Descriptief

is beschrijvend (antoniem: analytisch).

92
New cards

Discipline

is een tak van de wetenschap, een wetenschapsgebied.

93
New cards

Empirisch

is op ervaring/bevinding of voor historisch onderzoek op bronnenstudie gegrond en daaruit voortvloeiend.

94
New cards

Epiloog

is een nawoord, gaat in op wat na het hoofdwerk volgt.

95
New cards

Epitheton

is een bijvoeglijk woord dat vaak ter versiering bij een eigennaam of zelfstandig naamwoord wordt gebruikt, m.n. in de klassieke letteren.

96
New cards

Ethiek

is de praktische wijsbegeerte die handelt over de zedelijke begrippen en gedragingen, over wat goed en kwaad is.

97
New cards

Excerpt

is een uittreksel.

98
New cards

Exhaustief

is volledig, uitputtend.

99
New cards

Extrapolatie

is een projectie of toepassing op basis van veronderstelde continuïteit of verwachte overeenkomst, of een uitbreiding over niet onderzochte of niet bewaarde gegevens.

100
New cards

Facsimile

is een nauwkeurige nabootsing (van een boek, handschrift, prent, …).