Kaarten: frans vocabulaire mission 2 et 3 | Quizlet

0.0(0)
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/95

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

96 Terms

1
New cards

een (hart) aanval

une attaque cardiaque

2
New cards

een weldaad, voordeel

un bienfait

3
New cards

een internationaal bouwproject

un chantier international

4
New cards

de liefdadigheid

la charité

5
New cards

de bloedsomloop

la circulation sanguine

6
New cards

een fondsenverwerving, de geldinzameling

une collecte de fonds

7
New cards

de fysieke conditie

la condition physique

8
New cards

een voedingsadvies

un conseil alimentaire

9
New cards

een medewerker, bijdrager

un contributeur, une contributrice

10
New cards

de teleurstelling

la déception

11
New cards

een depressie, inzinking

une dépression

12
New cards

een (sociaal) engagement

un engagement (social)

13
New cards

de opwinding

l'excitation (f)

14
New cards

de vermoeidheid

la fatigue

15
New cards

een ongemak, schaamte

une gêne

16
New cards

een vrijgevigheid

une générosité

17
New cards

de vreugde

la joie

18
New cards

een motivatie

une motivation

19
New cards

de sponsering

le parrainage

20
New cards

een preventie, maatregelen ter bescherming

une prévention

21
New cards

een remedie, een oplossing

un remède

22
New cards

een bospad

un sentier forestier

23
New cards

een gevoel van voldoening, een vervulling

un sentiment d'accomplissement

24
New cards

een palliatieve zorg

un soin palliatif

25
New cards

de solidariteit

la solidarité

26
New cards

een ondersteuning

un soutien

27
New cards

de stress

le stress

28
New cards

een immuunsysteem

un système immunitaire

29
New cards

efficient, doeltreffend

efficace

30
New cards

humanitair, menslievend

humanitaire

31
New cards

gemotiveerd

motivé(e)

32
New cards

dagelijk

quotidien(ne)

33
New cards

solidair

solidaire

34
New cards

stedelijk

urbain(e)

35
New cards

verbeteren

améliorer

36
New cards

bereiken

atteindre

37
New cards

overtuigen

convaincre

38
New cards

bekijken, overwegen

envisager

39
New cards

opgeven, loslaten

lâcher

40
New cards

doorzetten,

persévérer

41
New cards

versterken

renforcer

42
New cards

ademen

respirer

43
New cards

zichzelf overtreffen

se dépasser

44
New cards

zichzelf overtreffen

se surpasser

45
New cards

overwinnen

vaincre

46
New cards

een bijdrage leveren

apporter une contribution

47
New cards

het verschil maken

apporter sa pierre à l'édifice

48
New cards

calorieën verbranden

bruler des calories

49
New cards

geld inzamelen

collecter de l'argent

50
New cards

getroffen door, betrokken bij

Être concerné par, être concernée par

51
New cards

stabiel houden

garder stable

52
New cards

een oproep doen om te handelen

lancer un appel à l'action

53
New cards

geld inzamelen

récolter de l'argent

54
New cards

ten voordele van

au profit de

55
New cards

een leerling

un apprenant, une apprenante

56
New cards

een leerbehoefte

Un besoin d'apprentissage

57
New cards

een visuele beperking

une déficience visuelle

58
New cards

de diversiteit

la diversité

59
New cards

een recht

un droit

60
New cards

de uitsluiting

l'exclusion (f)

61
New cards

een handicap

un handicap

62
New cards

buiten de norm, het buiten de norm zijn

le hors-norme

63
New cards

de inclusie, opname in een groep

l'inclusion

64
New cards

de integratie

l'intégration (f)

65
New cards

een wet

une loi

66
New cards

een handboek

un manuel

67
New cards

de marginalisering, het aan de rand van de maatschappij zetten

la marginalisation

68
New cards

de uitsluiting, het buitensluiten

la mise à l'écart

69
New cards

een levensstijl, leefgewoonte

un mode de vie

70
New cards

een norm

une norme

71
New cards

een werkmiddel

un outil

72
New cards

financiële middelen

des ressources financières (f.)

73
New cards

de segregatie, afscheiding van een groep

la ségrégation

74
New cards

blind

aveugle

75
New cards

kansarm, kwetsbaar

défavorisé, défavorisée

76
New cards

ontheemd

déplacé, déplacée

77
New cards

horend

Entendant, entendante

78
New cards

uitgesloten

exclu, exclue

79
New cards

mindervalide

handicapé, handicapée

80
New cards

inclusief, waartoe iedereen behoort

inclusif/inclusive

81
New cards

slechtziend

malvoyant, malvoyante

82
New cards

nasaal

nasal, nasale

83
New cards

ras-

racial, raciale

84
New cards

doof

sourd, sourde

85
New cards

valide, gezond

valide

86
New cards

wat betreft het zicht, visueel

visuel, visuelle

87
New cards

genieten van, aanspraak maken op

bénéficier

88
New cards

uitsluiten, buitensluiten

exclure

89
New cards

begunstigen

favoriser

90
New cards

zich aanpassen

s'adapter

91
New cards

medelijden hebben met

avoir pitié de

92
New cards

allen aanbelangen

être l'affaire de tous

93
New cards

deel uitmaken van

faire partie de

94
New cards

aan de behoeftes voldoen

répondre aux besoins de quelqu'un

95
New cards

zich welkom voelen

se sentir le, la, les bienvenu(e)(s)

96
New cards

omwille van, vanwege

en raison de