onregelmatige werkwoorden 5

0.0(0)
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/26

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

27 Terms

1
New cards

staan, stond, gestaan (hebben)

stać

2
New cards

steken, stak/staken, gestoken (hebben)

ukłuć

3
New cards

stelen, stal/stalen,gestolen (hebben)

ukraść

4
New cards

sterven, stierf/stierven, gestorven (zijn)

umierać

5
New cards

stinken, stonk, gestonken (hebben)

śmierdzieć

6
New cards

strijden, streed, gestreden (hebben)

walczyć

7
New cards

strijken, streek, gestreken (hebben)

prasować

8
New cards

treden, trad/traden, getreden (zijn/hebben)

stąpać

9
New cards

treffen, trof, getroffen (hebben)

spotkać

10
New cards

trekken, trok, getrokken (zijn/hebben)

ciągnąć

11
New cards

vallen, viel, gevallen (zijn)

upaść

12
New cards

vangen, ving, gevangen (hebben)

złapać

13
New cards

varen, vaarde/voer, gevaren (zijn/hebben)

żeglować?

14
New cards

vechten, vocht, gevochten (hebben)

walczyć

15
New cards

verbieden, verbood, verboden (hebben)

zakazywać

16
New cards

verdwijnen, werdween, verdwenen (zijn)

znikać

17
New cards

vergelijken, vergeleek, vergeleken (hebben)

porównywać

18
New cards

vergeten, vergat/vergaten, vergeten (zijn/hebben)

zapomnieć

19
New cards

verliezen, verloor, verloren (zijn/hebben)

zgubić

20
New cards

vermijden, vermeed, vermeden (hebben)

unikać

21
New cards

vertrekken, vertrok, vertrokken (zijn)

wyruszyć

22
New cards

verzinnen, verzon, verzonnen (hebben)

wymyślić

23
New cards

verzoeken, verzocht, verzocht (hebben)

prosić? żądać?

24
New cards

vinden, vond, gevonden (hebben)

znaleźć

25
New cards

vliegen, vloog, gevlogen (zijn/hebben)

latać

26
New cards

vouwen, vouwde, gevouwen (hebben)

zwijać

27
New cards

vragen, vroeg, gevraagd (hebben)

pytać