HC Verlichting

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/51

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:13 PM on 1/1/25
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

52 Terms

1
New cards

abolitionisme

Beweging waarvan de aanhangers streden voor afschaffing van de slavernij.

2
New cards

absolutisme

Regeringsvorm waarbij de koning of keizer alle macht in handen heeft.

3
New cards

anarchisme

Politieke stroming die tegen elke vorm van overheidsgezag is en streeft naar kleine, autonoom bestuurde gemeenschappen.

4
New cards

ancien régime

Letterlijk: de oude orde. Benaming voor de bestuurlijke en sociale verhoudingen in de tijd voor de Franse Revolutie, die werden gekenmerkt door een standensamenleving en absolutisme.

5
New cards

bourgeoisie

Gegoede burgerij; welgestelde burgers.

6
New cards

censuskiesrecht

Kiesrecht dat alleen geldt voor mensen die een bepaald bedrag aan belasting betalen (de census).

7
New cards

communisme

Politieke stroming die door een revolutie de productiemiddelen in handen van de gemeenschap wil brengen.

8
New cards

confessionalisme

Politieke stroming waarvan de aanhangers hun politieke en maatschappelijke opvattingen baseren op hun godsdienstige overtuiging.

9
New cards

conservatisme

Politieke stroming die tegen snelle hervormingen is en veel waarde hecht aan traditie.

10
New cards

constitutionele monarchie

Regeringsvorm waarbij het staatshoofd een koning is die gebonden is aan de grondwet (constitutie).

11
New cards

directe democratie

Regeringsvorm waarbij het volk direct (zonder tussenkomst van een volksvertegenwoordiging) de macht uitoefent.

12
New cards

droit divin

Letterlijk: het goddelijk recht. De vorst heeft het recht om te regeren uit handen van God gekregen en is daarom alleen aan Hem verantwoording schuldig.

13
New cards

emancipatiebeweging

Beweging die zich inzet voor verbetering van de maatschappelijke positie van een bepaalde groep.

14
New cards

empirisme

De opvatting dat waarneming en experiment de voornaamste bronnen van kennis zijn.

15
New cards

federaal

Het (centrale) bestuursniveau dat boven de staten staat die samen een federatie of bondsstaat vormen.

16
New cards

feminisme

Politiek-maatschappelijke beweging die zich inzet voor de emancipatie van vrouwen.

17
New cards

grondrechten

Vrijheidsrechten die burgers bescherming bieden tegen een oneerlijke behandeling door de overheid of door medeburgers.

18
New cards

grondwet

Een wet waarin de grondbeginselen van een staat en de rechten en plichten van de burgers en de overheid staan.

19
New cards

humanisme

Geestelijke beweging uit de vijftiende en zestiende eeuw die zich kenmerkte door studie van de klassieke Oudheid en zelfstandig en kritisch denken.

20
New cards

industrieel kapitalisme

Verschijnsel waarbij ondernemers streven naar het maken van zoveel mogelijk winst door het fabrieksmatig produceren van goederen.

21
New cards

industriële revolutie

Overgang van een economie die draait om landbouw en huisnijverheid naar een economie die zich kenmerkt door machinale massaproductie in fabrieken.

22
New cards

klasse

Groep binnen de samenleving die min of meer in dezelfde sociaal-economische omstandigheden leeft. Klasse is (in tegenstelling tot stand) niet gebaseerd op geboorte, maar op inkomen en vermogen.

23
New cards

liberalisme

Politiek-maatschappelijke stroming waarin burgerlijke vrijheden en economische vrijheid kernpunten zijn. De overheid dient zich terughoudend op te stellen.

24
New cards

machtenscheiding

Scheiding van de macht in drie delen: wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht.

25
New cards

nationalisme

Verschijnsel dat wordt gekenmerkt door trots op het eigen land, het eigen volk en de eigen cultuur.

26
New cards

natuurlijke rechten

Rechten die een mens vanaf zijn geboorte bezit en losstaan van de wetten die de overheid heeft ingesteld. Ze gelden voor ieder mens en overal.

27
New cards

natuurwet

Natuurlijke kracht of verschijnsel in de natuur waaraan alle levende en niet-levende wezens zijn onderworpen.

28
New cards

proletariaat

Sociale groep die alleen in haar levensonderhoud kan voorzien via de arbeidskracht die zij verkoopt.

29
New cards

rationalisme

De opvatting dat de menselijke rede de voornaamste bron van kennis is.

30
New cards

rationeel optimisme

Het geloof dat de mens met behulp van zijn rede alle religieuze, politieke, economische en maatschappelijke problemen kan oplossen.

31
New cards

rechtsstaat

Een land waarin onafhankelijke rechters op basis van wetgeving die voor iedereen hetzelfde is, bepalen of iemand moet worden gestraft.

32
New cards

romantiek

Stroming die zich afzette tegen het rationalisme en het gevoel op de eerste plaats zette.

33
New cards

sociaal contract

Denkbeeldig verdrag tussen de mensen onderling om een politieke samenleving of staat te vormen.

34
New cards

sociaaldemocratie

Politieke stroming die via parlementaire weg de macht van de bezittende klasse wil breken om daarna een samenleving op te bouwen zonder maatschappelijke ongelijkheid.

35
New cards

sociale kwestie

Het vraagstuk van de slechte levensomstandigheden van de arbeidersklasse en de wijze waarop deze problematiek moest worden opgelost.

36
New cards

socialisme

Verzamelnaam van politieke stromingen die tot doel hebben de maatschappelijke ongelijkheid op te heffen.

37
New cards

standensamenleving

Samenleving waarin iemands rechten worden bepaald door de stand waartoe hij behoort.

38
New cards

terreur

Het gebruik van geweld met de bedoeling de bevolking schrik aan te jagen en zo bepaalde politieke doelen te bereiken.

39
New cards

trias politica

Scheiding van de macht in drie delen: wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht.

40
New cards

verlicht absolutisme

Een regeringsvorm waarbij de vorst op absolute wijze regeert en onder invloed van verlichte ideeën streeft naar het bevorderen van het welzijn van het volk.

41
New cards

verlichte ideeën

Ideeën die dankzij rationeel (verstandelijk) redeneren ontstonden en die tot doel hadden een betere samenleving te creëren.

42
New cards

wetenschappelijke revolutie

Door nauwkeurig te observeren en te experimenteren wordt er zo veel nieuwe kennis vergaard dat de kijk op de wereld grondig wordt veranderd.

43
New cards

politieke gemeenschap

Een gemeenschap waarin de meerderheid de beslissingen neemt en iedereen zich aan die beslissingen moet houden.

44
New cards

de algemen wil

De wil die gericht was op het gemeenschappelijk belang.

45
New cards

committees of correspondence

Lokale burgercomités die waren onstaan om met andere steden en koloniën informatie uit te wisselen over politieke gebeurtenissen en later op veel plaatsen het gezag overnamen van de vertegenwoordigers van de Britse overheid.

46
New cards

Eerste Continentale Congres

Een vergadering van afgevaardigden uit de dertien koloniën.

47
New cards

demarcation line

Een grens (onder het Britse bestuur) die van noord naar zuid liep in Noord-Amerika, die de kolonisten van de inheemse bevolking scheidde en en zo bescherming bood.

48
New cards

de Bastille

Een oud kasteel dat symbool stond voor het absolutisme en dat werd gebruikt als gevangenis en als opslagplaats van buskruit.

49
New cards

Jakobijnen

Radicale Franse revolutionairen.

50
New cards

Code Napoléon

Het wetboek dat Napoléon instelde waarin het burgerlijk recht, dat regels rond huwelijken en scheidingen, erfenissen, contracten en dergelijke omvat, werd behandeld.

51
New cards

nachtwakerstaat

Een staat waarin de overheid het leven en de bezittingen van de mensen beschermt, maar verder niet actief ingreep in de samenleving en in de economie.

52
New cards

volk

Een groep mensen die zich door een gedeelde taal, geschiedenis en cultuur onderscheidde van andere groepen.