1/80
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
---|
No study sessions yet.
la gare
het station
le train
de trein
le car
de streekbus
un avion
een vliegtuig
la voiture
de auto
la direction
de richting
les renseignements
de inlichtingen
le départ
het vertrek
la destination
de bestemming
l'arrivée
de aankomst
la neige
de sneeuw
le sandwich
het broodje
un aller-retour
een retourtje
à cause de
vanwege
en face de
tegenover
dans une heure
over een uur
bienvenue
welkom
agréable
prettig
seul(e)
alleen
je suis désolé(e)
het spijt me
je serai
ik zal zijn
il fait froid
het is koud
aider
helpen
continuer
doorgaan
monter
instappen
chercher
zoeken, ophalen
demander
vragen
rendre visite à
(iemand) bezoeken
descendre
uitstappen
entendre
horen
le désert
de woestijn
le travail
het werk
le centre-ville
het centrum
le quartier
de wijk
le gâteau
het gebak
le temps libre
de vrije tijd
l'arabe
het Arabisch (taal)
marocain(e)
Marokkaans
seulement
slechts
sauf
behalve
heureusement
gelukkig maar
tout
alles
au printemps
in het voorjaar
simple
eenvoudig
découvrir
ontdekken
partir
vertrekken
blaguer
grappen maken
j'aurai
ik zal hebben/krijgen
la vue (sur)
het uitzicht (op)
les sports d'hiver
de wintersport
le vêtement
het kledingstuk
le lit
het bed
le patron
de baas
à côté (de)
naast
moi aussi
ik ook
au camping
op de camping
le petit déjeuner
het ontbijt
le déjeuner
de lunch
le diner
het avondeten
délicieux, délicieuse
heerlijk
mauvais(e)
slecht
propre
schoon
sale
vies
ridicule
belachelijk
le métier
het beroep
la solution
de oplossing
la petite annonce
de advertentie
le journal
de krant
le rendez-vous
de afspraak
la pluie
de regen
contre
tegen
tous les ans
ieder jaar
avant
voor (tijd)
sur
op
principal(e)
belangrijkste
recyclable
recyclebaar
rester
blijven
inventer
bedenken, uitvinden
trouver
vinden
ressembler à
lijken op
Nog leren (7)
Je hebt een begin gemaakt met het leren van deze termen. Hou vol!