Begrippenlijst Aardrijkskunde HAVO CE

0.0(0)
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/247

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Alle begrippen die je moet weten voor het Aardrijkskunde examen HAVO.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

248 Terms

1
New cards

Analfabetisme

Het niet kunnen lezen of schrijven.

2
New cards

Arbeidsmigratie

Het verhuizen van mensen als gevolg van het zoeken naar werk.

3
New cards

Beroepsbevolking

Het deel van de bevolking tussen de 15 en 65 jaar, dat werk heeft of werk zoekt.

4
New cards

Bevolkingsdichtheid

De verhouding tussen het aantal inwoners en de oppervlakte van een gebied.

5
New cards

Bevolkingsgroei

De toename van het aantal inwoners in een bepaalde periode.

6
New cards

Bevolkingsspreiding

De manier waarop een bevolking zich over een gebied verdeelt.

7
New cards

Bruto binnenlands product

De waarde van alle geproduceerde goederen en diensten van een land in een jaar.

8
New cards

Bruto nationaal product

De waarde van alle goederen en diensten die in een jaar in een land worden geproduceerd, plus het inkomen dat inwoners uit dat land verdienen in het buitenland minus de inkomens die door buitenlanders die werken in dat land worden verdiend.

9
New cards

Bruto regionaal product

De waarde van alle goederen en diensten die in een bepaald jaar in een gebied (regio) worden geproduceerd.

10
New cards

Centrum

In het wereldsysteem zijn dit de rijke, kapitalistische landen (de westerse wereld).

11
New cards

Cultuurgebied

Een gebied waar mensen met dezelfde cultuur leven.

12
New cards

Dekolonisatie

Het proces waarbij koloniën onafhankelijk worden.

13
New cards

Demografische druk

De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar.

14
New cards

Demografisch transitiemodel

Een model dat de overgang van hoge geboorte- en sterftecijfers naar lage geboorte- en sterftecijfers beschrijft naarmate een land zich economisch ontwikkelt.

15
New cards

Diffusie

De verspreiding van cultuurelementen van het ene naar het andere cultuurgebied.

16
New cards

Exploitatiekolonie

Een kolonie die door een ander land werd overheerst en gebruikt om grondstoffen te leveren.

17
New cards

Inkomen

Het geldbedrag dat een persoon in een bepaalde periode ontvangt aan loon, winst, huur, pacht of rente.

18
New cards

Koopkracht

De hoeveelheid goederen en diensten die een persoon van zijn geld kan kopen.

19
New cards

Leeftijdsopbouw

De samenstelling van een bevolking naar leeftijd.

20
New cards

Periferie

In het wereldsysteem zijn dit de achtergestelde arme landen (de derde wereld).

21
New cards

Pullfactoren

Factoren in een bepaald gebied die mensen als prettig kunnen ervaren, waardoor migranten zich aangetrokken voelen tot dat gebied.

22
New cards

Pushfactoren

Factoren in een bepaald gebied die mensen als onprettig kunnen ervaren, waardoor mensen worden aangezet om te migreren naar een ander gebied.

23
New cards

Ruilvoet

De verhouding tussen de waarde van de export en de waarde van de import.

24
New cards

Semi-periferie

In het wereldsysteem zijn dit de opkomende landen op economisch gebied.

25
New cards

Verstedelijking

Het verschijnsel dat relatief steeds meer mensen in steden wonen en relatief minder op het platteland.

26
New cards

Vestigingskolonie

Een gebied overzee dat als doel had om als vestigingsgebied voor Europeanen te functioneren.

27
New cards

Vrijhandel

Internationale handel zonder handelsbelemmeringen.

28
New cards

Internationale arbeidsverdeling

De arbeidsverdeling tussen landen, waarbij landen zich toeleggen op de productie van producten waar zij relatief goed in zijn.

29
New cards

Multinationale onderneming

Een bedrijf met vestigingen in meerdere landen.

30
New cards

Wereldsysteem

De theorie dat de wereld bestaat uit een centrum, een periferie en een semi-periferie.

31
New cards

VN-ontwikkelingsindex

Indicator die wordt gebruikt om landen te vergelijken op het gebied van gezondheid, kennis en levensstandaard.

32
New cards

Kolonialisme

Het proces waarbij een land andere gebieden onder zijn controle brengt en exploiteert voor eigen voordeel.

33
New cards

Handelsbelemmeringen

Maatregelen die de vrijhandel tussen landen beperken, zoals importtarieven of importquota.

34
New cards

Migratienetwerken

Netwerken bestaande uit contacten en gemeenschappen die nieuwe migranten ondersteunen bij hun vestiging en integratie in een nieuw land.

35
New cards

Selectieve migratie

Het proces waarbij mensen met specifieke vaardigheden of kwalificaties migreren naar landen waar deze vaardigheden gevraagd zijn.

36
New cards

De-industrialisatie

De ontwikkeling waarbij de industriële activiteiten in een regio grotendeels verdwijnen.

37
New cards

Industrialisatie

De overgang naar een samenleving waarin de industrie een belangrijk middel van bestaan is.

38
New cards

Brp per hoofd

Het bruto regionaal product van een regio gedeeld door het aantal inwoners van die regio.

39
New cards

Bbp per hoofd

Het bruto binnenlands product van een land gedeeld door het aantal inwoners van dat land.

40
New cards

Natuurlijke bevolkingsgroei

De veranderingen in de omvang van de bevolking als gevolg van geboorte en sterfte.

41
New cards

Sociale bevolkingsgroei

De veranderingen in de omvang van de bevolking als gevolg van migratie (immigratie en emigratie).

42
New cards

Amerikanisering

De wereldwijde verspreiding van Amerikaanse cultuurelementen.

43
New cards

Culturele globalisering

Het proces van wereldwijde culturele integratie, wat wordt gekenmerkt door de internationale verspreiding van cultuurelementen, informatie en ideeën.

44
New cards

Economische globalisering

Het proces van wereldwijde economische integratie, wat wordt gekenmerkt door internationale kapitaalstromen, internationale handel, internationale arbeidsverdeling, multinationale ondernemingen, internationale productieketens en minder economische restricties.

45
New cards

Globalisering

Het proces van wereldwijde economische, politieke en culturele integratie van gebieden en samenlevingen.

46
New cards

Global shift

De verschuiving op aarde van het economisch kerngebied.

47
New cards

Culturele identiteit

Het gevoel van verbondenheid en herkenning dat iemand heeft met een bepaalde cultuur, gebaseerd op gemeenschappelijke taal, tradities, waarden, en normen.

48
New cards

Lingua franca

De gemeenschappelijke taal die wordt gebruikt als mensen met een verschillende moedertaal met elkaar communiceren.

49
New cards

Mondiaal netwerk

Een wereldwijde verbinding tussen gebieden en landen op economisch, politiek of sociaal-cultureel terrein.

50
New cards

Productieketen

De schakels waaruit het productieproces van goederen bestaat, van grondstof tot eindproduct.

51
New cards

Regionale ongelijkheid

Verschillen in de welvaart en ontwikkeling tussen verschillende gebieden.

52
New cards

Sociale ongelijkheid

Verschillen in inkomen, kennis en status tussen verschillende groepen van de bevolking.

53
New cards

Tijd-ruimtecompressie

Het proces waardoor de relatieve afstand tussen gebieden afneemt door ontwikkelingen in de transporttechnologie en informatietechnologie.

54
New cards

Transporttechnologie

De technische voorzieningen en infrastructuur die het transport van mensen en goederen mogelijk maken.

55
New cards

Wereldstad

Een stad die wereldwijd een belangrijke rol speelt op economisch, cultureel of politiek gebied.

56
New cards

World Trade Organization

Organisatie die de handel tussen landen reguleert en streeft naar het zoveel mogelijk vrij maken van de internationale handel.

57
New cards

Informatie- en communicatietechnologie (ICT)

Geheel van technische middelen waardoor informatie snel kan worden opgeslagen en verspreid, zoals via computers en het internet.

58
New cards

Offshoring

Het verplaatsen van bedrijfsactiviteiten of productieprocessen naar een ander land om kosten te besparen of de efficiëntie te verhogen.

59
New cards

Reshoring

Het terughalen van de productie uit lagelonenlanden naar het eigen land.

60
New cards

Aardbeving

Een trillende beweging van de aardkorst, ontstaan door krachten van binnenuit de aarde.

61
New cards

Aardverschuiving

Situatie dat plotseling een grote hoeveelheid grond naar beneden glijdt onder invloed van de zwaartekracht.

62
New cards

Atmosferische circulatie

De wereldwijde verplaatsing van lucht laag en hoog in de atmosfeer.

63
New cards

Basalt

Zeer hard, donker gekleurd, stollingsgesteente.

64
New cards

Caldera

Het deel van een stratovulkaan dat overblijft als de bovenkant van de vulkaan na een explosieve uitbarsting instort.

65
New cards

Chemische verwering

Het oplossen van gesteente door de inwerking van water, zuren en zuurstof.

66
New cards

Convergente plaatbewegingen

Twee tektonische platen die tegen elkaar aanbotsen (de beweging is convergent).

67
New cards

Delta

Afzetting van sediment voor de monding van een rivier.

68
New cards

Trog

Diepe, smalle kloof in de zeebodem die kan ontstaan na subductie.

69
New cards

Divergente plaatbewegingen

Twee tektonische platen die uit elkaar bewegen (de beweging is divergent).

70
New cards

Effusieve eruptie

Vulkaanuitbarsting waarbij voornamelijk lava vrij komt.

71
New cards

Erosie

Het proces van slijtage van een oppervlak waarbij stukken oppervlakte en materiaal worden meegenomen door stromend water, ijs, wind of de zwaartekracht.

72
New cards

Explosieve eruptie

Heftige vulkaanuitbarsting, waarbij pyroklastisch materiaal wordt uitgestoten.

73
New cards

Fysische verwering

Het verbrokkelen van gesteente door het bevriezen van water en temperatuurwisselingen. Wordt ook wel mechanische verwering genoemd.

74
New cards

Gebergtevorming

Het ontstaan van gebergten door de botsing van twee platen.

75
New cards

Geologische tijdschaal

De indeling van de geschiedenis van de aarde in geologische tijdperken.

76
New cards

Gesteentekringloop

Kringloop waarbij gesteente steeds opnieuw de fasen doorloopt van verwering, erosie, sedimentatie en nieuwe gesteentevorming.

77
New cards

Graniet

Hard soort stollingsgesteente.

78
New cards

Horsten

Een deel van de aardkorst dat langs een breukvlak omhooggekomen is.

79
New cards

Hotspot

Vulkaan die zich niet aan de rand van een plaat bevindt.

80
New cards

Hydrologische kringloop

De reeks van processen die het water doorloopt (verdamping, transport, condensatie en neerslag).

81
New cards

Intertropische convergentiezone (ITCZ)

Lagedrukgebied rond de evenaar.

82
New cards

Kalksteen

Sedimentgesteente dat ontstaat door het samenpersen van schelpen en kalkskeletten.

83
New cards

Klimaatsysteem van Köppen

Een classificatiesysteem dat klimaattypen wereldwijd categoriseert op basis van temperatuur, neerslag en vegetatiekenmerken.

84
New cards

Leisteen

Metamorf gesteente dat onder invloed van druk is ontstaan uit kleisteen.

85
New cards

Marmer

Metamorf gesteente dat onder invloed van druk is ontstaan uit kalksteen.

86
New cards

Massabeweging

Het naar beneden glijden van verweringsmateriaal onder invloed van de zwaartekracht.

87
New cards

Metamorf gesteente

Gesteente dat ontstaat doordat bestaand gesteente onder druk wordt gezet en daardoor vervormt.

88
New cards

Midoceanische rug

Een langgerekte onderzeese vulkanische bergketen in het midden van een oceaan.

89
New cards

Moesson

Wind in tropische gebieden die elk half jaar van richting wisselt, door de verplaatsing van de ITCZ met de seizoenen.

90
New cards

Morene

Sedimentatie dat wordt afgezet door middel van ijs.

91
New cards

Oceanische circulatie

Grote constante beweging van het zeewater dat zich stroomsgewijs in zeeën en oceanen verplaatst in een vaste richting.

92
New cards

Passaat

Stabiele stevige wind die gedurende het hele jaar waait van subtropische hogedrukgebieden naar de evenaar.

93
New cards

Platentektoniek

Geologisch verschijnsel waarbij delen van de aardkorst (genaamd platen), ten opzichte van elkaar verschuiven.

94
New cards

Plooiingsgebergte

Gebergte dat ontstaat door de druk in de aardkorst, waarbij gesteente geplooid en opgeheven wordt.

95
New cards

Puinhelling

De ophoping van stenen die door een aardverschuiving naar beneden zijn gevallen.

96
New cards

Puinwaaier

De ophoping van zand, klei en grind op plaatsen waar de stroomsnelheid van een rivier plotseling afneemt.

97
New cards

Schildvulkaan

Type vulkaan dat wordt gekenmerkt door een brede basis en een langzaam oplopende, flauwe helling.

98
New cards

Sedimentatie

Afzetting van materiaal door rivieren, zeeën, ijs of wind.

99
New cards

Sedimentgesteente

Gesteente dat is ontstaan uit in de grond weggezakt gesedimenteerd verweringsmateriaal en onder druk van de aardkorst is samengeperst tot gesteente.

100
New cards

Slenken

Een laag gelegen deel van de aardkorst dat langs een breuk naar beneden is gegleden.