1/415
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
---|
No study sessions yet.
un stéréotype
stereotype
stéréotypé, stéréotypée
stereotiep
un cliché
cliché
une image
beeld
une image stéréotypée
stereotiep beeld
une image figée
een vast(geroest) beeld
une idée reçue
gevestigde mening, gangbare overtuiging
un préjugé
vooroordeel
percevoir comme
zien, ervaren, waarnemen als
être perçu(e) comme
gezien, ervaren, waargenomen worden als
être mal perçu(e)
slecht overkomen
la perception
waarneming
considérer comme
beschouwen als
être considéré(e) comme
beschouwd worden als
la considération
beschouwing, overweging
prendre en considération
in overweging nemen
une coutume
gewoonte, traditie, gebruik
une habitude
gewoonte
s'habituer
gewoon worden
une pratique
gewoonte, gebruik
une valeur
waarde
une norme
norm
une tradition
traditie
une culture
cultuur
culturel, culturelle
cultureel
interculturel, interculturelle
intercultureel
la diversité culturelle
culturele diversiteit
la multiculturalité
multiculturaliteit
multiculturel, multiculturelle
multicultureel
se comporter
zich gedragen
un comportement
gedrag
une attitude
houding
le respect
respect
respecter
respecteren
respectueux, respectueuse
respectvol
irrespectueux, irrespectueuse
onrespectvol
l'honneur (m.)
eer
l'intérêt (m.)
interesse
intéresser
interesseren
s'intéresser à
zich interesseren voor
être intéressé(e) par
geïnteresseerd zijn in
intéressant, intéressante
interessant
la réflexion
gedachte, overpeinzing
réfléchir (à / sur)
nadenken (over)
réfléchi, réfléchie
doordacht
une analyse
analyse
analyser
analyseren
une critique
kritiek
critiquer
bekritiseren
un refus
weigering
refuser
weigeren
la hiérarchie
hiërarchie
hiérarchique
hiërarchisch
l'autorité (f.)
autoriteit
autoritaire
autoritair
une relation
relatie
les relations interpersonnelles
interpersoonlijke relaties
les relations interculturelles
interculturele relaties
les relations professionnelles
professionele relaties
un sentiment
gevoel
une émotion
gevoel, emotie
demander / prendre des nouvelles de qqn.
vragen hoe het met iem. gaat
un point de vue
standpunt
exprimer (librement) son point de vue
zijn standpunt (vrijuit) kenbaar maken
l'accord (m.)
overeenstemming
le désaccord
meningsverschil
exprimer (ouvertement) son (dés)accord
zijn akkoord / onenigheid (openlijk) uiten
un affront
belediging
être pris(e) comme un affront
als een belediging opgevat worden
être orienté(e) résultat
resultaatgericht zijn
une initiative
initiatief
prendre l'initiative
het initiatief nemen
l'autonomie (f.)
autonomie
autonome
autonoom
représenter
vertegenwoordigen
la représentation
vertegenwoordiging
un représentant, une représentante
vertegenwoordiger, vertegenwoordigster
être représentatif, représentative de
representatief zijn voor
caractériser
kenmerken
une caractéristique
kenmerk
être caractéristique de
kenmerkend zijn voor
être typique de
tekenend, kenmerkend zijn voor
prendre une décision
een beslissing nemen
la prise de décision(s)
het nemen van beslissingen
l'assertivité (f.)
assertiviteit
assertif, assertive
assertief
la clarté
duidelijkheid
clair, claire
duidelijk
une approche
aanpak, benadering
adopter une approche
een aanpak kiezen
la confusion
verwarring
prêter à confusion
verwarrend zijn
confondre
verwarren
confus, confuse
verward
la compréhension
begrip, het begrijpen
compréhensif, compréhensive
begrijpend, begripvol
compréhensible
begrijpelijk
l'incompréhension (f.)
onbegrip
incompréhensible
onbegrijpelijk
comprendre
begrijpen