1/23
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat is de kern van Lilienfeld et al.?
Artikel geeft een systematisch overzicht van de redenen waarom psychotherapieën de indruk kunnen wekken dat ze werken, terwijl ze niet effectief of zelfs schadelijk zijn
Causes of Spurious Therapeutic Effectiveness (CSTE’s): bronnen van inferentiële fouten die leiden tot onterechte conclusies over effectiviteit van de behandeling
Uit welke poten bestaat het EBP-framework? (Evidence-based practice framework, Lilienfeld et al.)
Wetenschappelijke onderzoeksresultaten (overefficacy & effectiveness)
Klinische expertise
Waarden en voorkeuren van de cliënt
Wat valt er allemaal onder de eerste poot van het evidence-based practice framework? (Lilienfeld et al.)
Wetenschappelijke onderzoeksresultaten
Controlegroepen
Randomisatie
Blindering
Om verkeerde conclusies te voorkomen
Hoe ontstaat de kloof tussen wetenschap en praktijk? (Lilienfeld et al)
Psychologen vinden dat ze op basis van informele klinische observaties kunnen beoordelen of een behandeling werkt
CSTE’s (Caused of Spurious Therapeutic Effectiveness) worden onderschat
Wat zijn de doelen van het artikel van Lilienfeld et al?
Cognitieve belemmeringen verklaren
Taxonomie presenteren van 26 CSTE’s in 3 hoofdcategorieën
Methodologische waarborgen en implicaties noemen
Cognitieve belemmeringen (Lilienfeld et al):
Naïef realisme
Confirmation bias
Illusoire causaliteit
Illusie van controle
Hoofdcategorieën waarin Lilienfeld et al. de 26 CSTE’s in indelen (Causes of Spurious Therapeutic Effectiveness)
Perceptie van verandering bij de cliënt → de verandering is er in feite niet
Misinterpretaties van echte verandering die voortkomt uit extratherapeutische factoren
Misinterpretaties van echte verandering die voortkomt uit algemene, aspecifieke factoren van de behandeling → bvb hoop en empathie
Methodologische waarborgen en implicaties (Lilienfeld et al.)
Gaan over hoe bepaalde onderzoeksmethoden fungeren als bescherming tegen CSTE’s
Naïef realisme (Lilienfeld et al)
Een van de cognitieve belemmeringen
Aanname dat de wereld precies zo is als wij deze waarnemen
Onterecht gelijkstellen van een verandering na therapie aan verandering door therapie
Confirmation bias (Lilienfeld et al):
Een van de cognitieve belemmeringen
Neiging om bewijs te zoeken dat je hypothesen bevestigt en tegenbewijs te negeren/vervormen
Illusoire causaliteit (Lilienfeld et al):
Een van de cognitieve belemmeringen
Neiging om een oorzakelijk verband te zien, terwijl de gebeurtenissen helemaal niet causaal gerelateerd zijn
Illusie van controle
Een van de cognitieve belemmeringen
Neiging om te overschatten dat en hoeveel invloed we hebben op gebeurtenissen
Wat is de invloed van de vier brede cognitieve belemmeringen (Lilienfeld et al)?
Grote gevolgen voor hoe therapeuten hun prestaties waarnemen en cliëntuitkomsten voorspellen
Belangrijkste implicaties Lilienfeld et al:
Systematische overschatting van eigen effectiviteit door therapeuten → gemiddelde clinicus vond zichzelf top 20%, niemand vond zichzelf beneden gemiddeld
Grote kloof tussen voorspelde en feitelijke verbetering → clinici voorspellen zelf 91% positieve uitkomsten, maar het is 40%
Niet herkennen van verslechtering → therapeuten voorspelden 0.5% achteruitgang, maar het is wel 7.3% tot 10%
Klinische overmoed en blind vertrouwen op ervaring door therapeuten
Wat is de kern van Macleod et al?
Gaat over of gebruik van illegale drugs (vooral cannabis) door jongeren direct leidt tot psychosociale problemen, of dat deze verbanden door andere factoren worden verklaard
Methoden Macleod et al:
Systematische review van 48 longitudinale studies
Ze beoordeelden de kwaliteit → op basis van steekproefomvang, representativiteit, duur van de follow-up en mate van rekening houden met verstorende factoren
16 studies van de 48 bleken van hogere kwaliteit
Resultaten Macleod et al → cannabis en onderwijsprestaties
Consistent verband tussen gebruik en lagere onderwijsprestaties
Maar! Bij correctie voor verstorende factoren nam het verband sterk af
Resultaten Macleod et al → cannabisgebruik en gebruik van andere illegale drugs
Consistente associatie tussen deze twee
Meeste gegevens gebaseerd op niet-gecorreleerde zelfrapportage
Verband verzwakte na correctie voor andere factoren
Resultaten Macleod et al cannabisgebruik en mentaal welzijn:
Verband hiertussen was inconsistent
Cannabisgebruik = afgelopen 30 jaar sterk gestegen en schizofrenie is stabiel gebleven/zelfs gedaald → spreekt een direct causaal verband tegen
Resultaten Macleod et al. cannabisgebruik en antisociaal gedrag:
Verband was inconsistent
Vaak verklaard door gemeenschappelijke achtergrondkenmerken
Wat is de hoofdconclusie van Macleod et al?
Er is weinig sterk bewijs voor een directe causale relatie tussen cannabisgebruik en psychosociale problemen
Conclusie van Macleod et al over veel van de onderzochte associaties:
Leken verklaard te worden door confounding
Jongeren die gebruiken, hebben al te maken met tegenslagen of bepaalde groepsfactoren die hen vatbaarder maken voor psychosociale problemen
Wat concluderen Macleod et al over beleid?
Louter gericht op preventie van drugsgebruik → dit is mogelijk minder effectief voor de volksgezondheid dan gehoopt
Onderliggende oorzaken worden niet aangepakt