1/65
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Exteroceptief
Receptoren die reageren op externe stimuli
Interoceptief
Receptoren die eigen bewegingen waarnemen
Suprachiasmatische nucleus (SCN)
Circadiane ritmes, zoals voeding en slaap in reactie op lichtverandering
Pretectum
Pupilaire respons op licht
Pineal gland
Lange termijn circadiane ritmes door de afgifte van melatonine
Superieure collicus
Orientatie van het hoofd naar objecten
Accessoire optische nucleus
Oogbewegingen die compenseren voor hoofdbewegingen
Visuele cortex
Patroonherkenning, dieptewaarneming, kleurwaarneming en het volgen van bewegende objecten
Frontale cortex
Vrijwille oogbewegingen
Staafjes
Helpen met contrast en beweging, zien in zwaklicht/nachticht
Kegeltjes
Rood, groen en blauw met eigen golflengte, maken kleurwaarneming mogelijk
Optisch chiasme
Plek waar oogzenuwen elkaar kruizen
Visuele vorm agnosie
Geen vormen zien en geen objecten herkennen
Gehoor
Geluidtrillingen komen het oor binnen en worden opgevangen door het trommelvlies
Via het drumstel wordt het doorgegeven aan het slakkenhuis
Doorgegeven aan verschillende neurale banen
Nociceptie
Perceptie van pijn, temperatuur en jeuk
Hapsis
Voelen van objecten en druk op het lichaam
Proprioceptie
Vermogen om positie en beweging van ons lichaam waar te nemen
Vestibulaire systeem
Eigen beweging waarnemen en rechtop staan zonder balans te verliezen
Perceptie
Subjectieve ervaring van de sensorische informatie die mensen binnen krijgen
Synesthesie
Vermogen om een prikkel van het ene zintuig waar te nemen als sensatie van een ander zintuig
Posterior cortex
Specificeert bewegingsdoelen en verzendt sensorische info van visie, aanraking en horen naar frontale gebieden
Prefrontale cortex
Genereert plannen voor beweging
Premotorische cortex
Sequenties van bewegingen
Primaire motorische cortex
Specifieke bewegingen
SMA
Feedback vanuit bewegingen
Spiegelneuronen
Specifieke neuronen die een dubbele functie hebben. Wanneer ik zelf een een motorische uitvoer, maar wordt ook geactiveerd wanneer ik zie dat iemand anders die motorische actie uitvoert. (gapen)
Basale ganglia
Betrokken bij oogbewegingen, motivatie en motorische beslissingen nemen
Schade = Parkinson
Cerebellum
Verbeteren motorische vaardigheid, leren en onthouden van bewegingsnauwkeurigheid (coordinatie en fijne motoriek)
Occipitaalkwab
Verwerking van visuele informatie
Ventrale stroom
Wat pad, verwerkt kleur, loopt omlaag langs temporaalkwab
Dorsale stroom
Waar pad, loopt omhoog langs parietaalkwab
V1
Basisverwerking visuele informatie, licht, lijnen en orientatie
V2
Eerste scheiding in kleur, vorm en beweging
v3
Verwerkt dynamische vormen
v4
Kleurherkenning en vormperceptie
v5
Bewegingswaarneming, snelheid en richting
Blindsight
Kunnen zien zonder iets visueel te zien, onbewust reageren op visuele prikkels
Visuele agnosie
Deel van patronen niet kunnen zien
Prosopagnosia
Hele gezichten verdwijnen of komen op gekke plekken terecht
Alexia
Geen letters lezen, abstracte symbolen niet kunnen lezen
Ataxia
Wat je niet ziet met je motorisch systeem kunnen integreren
Parietaalkwab
Selectieve aandacht, verwerkt zintuigelijke informatie en helpt bij ruimtelijke taken en beweging
3 belangrijke paden parietaalkwab
premotische gebieden
prefrontale cortex
mediale temporale gebieden
2 functionele zones parietaalkwab
Anterieur
Posterieur
Anterieur
Verwerkt lichamelijke waarnemingen
Posterieur
Integreert zintuigelijke input om beweging te controleren
Laterale intra parietaal
Neuronen met informatie over spatiele locaties, hier komen gerichte oogbewegingen uit voort
Ventraal intra parietaal
Tactiele informatie, tracking met ogen door hoofd
Medial intra parietaal
Informatie over items binnen handbereik
Anterior intra parietaal
Gevoelig voor vorm, grootte en orientatie, van plan iets vast te nemen
Astereognosis
Onvermogen iets te herkennen obv tast
Extinction
2 dezelfde objecten, maar zien er maar 1
Asomatognosia
Verlies van gevoel voor (delen van) eigen lijf
Asymbolia
Geen reactie op pijnprikkels
Ideomotor apraxia
Onvermogen bewegingen na te doen, links
Constructionele apraxia
Verstoorde visuomotoriek, moeite met tekenen en bouwen
4 paden visueel
pad 1 = snelle oogreflexen
pad 2 = smooth tracking (lezen)
pad 3 = complexe vaardigheden, anticiperende saccades
pad 4 = Mogelijke functie in inhibite en regulatie oog motorisch systeem