1/50
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
|---|
No study sessions yet.
Wat is een innovatiestrategie (Pisano, 2015)
Een expliciet plan dat beschrijft hoe innovatie waarde creëert
Hoe het bedrijf een deel van die waarde behoudt
Hoe middelen over verschillende innovatietypen worden verdeeld
Altijd afgestemd op de bedrijfsstrategie
Waarom falen veel innovatie-initiatieven? (Pisano, 2015)
Geen duidelijke innovatiestrategie
Organisaties voeren losse best practices uit zonder samenhang
Er ontstaat geen duurzame innovatiecapaciteit
Geen ondersteunende cultuur
Wat is het doel van een innovatiestrategie? (Pisano, 2015)
Coördineren van keuzes en prioriteiten
Trade-offs expliciet maken
Conflicten tussen afdelingen verminderen
Op lange termijn consistente innovatieprestaties realiseren
Welke vier innovatietypen onderscheidt (Pisano, 2015)
Routine-innovatie: bestaande technologie + bestaand businessmodel
Radicale innovatie: nieuwe technologie + bestaand businessmodel
Disruptieve innovatie: nieuw businessmodel + bestaande technologie
Architecturale innovatie: nieuwe technologie + nieuw businessmodel
Wat is ‘home field bias’ bij innovatie? (Pisano, 2015)
Organisaties investeren vooral in innovaties waar ze al goed in zijn
Routine-innovatie krijgt automatisch de meeste middelen
Radicale of disruptieve innovaties worden onderdrukt
Strategie is nodig om dit patroon te doorbreken
Wat zijn innovation trade-offs? (Pisano, 2015)
Onvermijdelijke afwegingen in middelen, processen en prioriteiten. Voorbeelden:
Crowdsourcing werkt bij modulaire systemen, niet bij complexe
Co-creatie helpt bij verbeteringen, maar remt disruptie
Phase-gate verhoogt voorspelbaarheid maar remt creativiteit
Innovatiestrategie bepaalt welke trade-offs passend zijn
Waarom moet innovatie gekoppeld zijn aan de bedrijfsstrategie? (Pisano, 2015)
Innovatie moet waarde creëren voor klanten én het bedrijf
Helpt bepalen welke innovaties wel/niet passen
Voorkomt versnippering
Maakt middelenverdeling rationeel in plaats van politiek
Wat is het verschil tussen supply-push en demand-pull innovatie? (Pisano, 2015)
Supply push: technologie gedreven; ontstaat vanuit technische mogelijkheden
Demand-pull: klant gedreven, ontstaat vanuit bestaande vraag
Innovatiestrategie bepaalt de gewenste balans
Wat is de rol van senior leidership in innovatie? (Pisano, 2015)
Innovatiestrategie formuleren en communiceren
Middelen verdelen over innovatietypes
Trade-offs maken en conflicten tussen afdelingen managen
Strategie continu aanpassen aan markt, technologie en competitie
Wat onderzoekt (Capaldo, 2007)
Hoe lead firms hun interfirmnetwerken over tijd managen
De relatie tussen netwerkstructuur en innovativiteit
De rol van sterke en zwakke banden
Hoe dual networks innovatie duurzaam ondersteunen
Wat is een lead firm? (Capaldo, 2007)
Centrale organisatie in een alliances-netwerk
Stuurt netwerkarchitectuur en partnerselectie
Beheert kennisstromen
Stimuleert innovatie op firm- en netwerkniveau
Wat zijn relational capabilities (Capaldo, 2007)
Routines om interne & externe kennis te integreren
Vermogen om alliantes te beheren voor gezamenlijke waardecreatie
Mechanismen voor interactief leren
Capaciteit om netwerkarchitectuur actief te ontwerpen
Waarom zijn netwerken belangrijk voor innovatie (Capaldo, 2007)
Faciliteren kennisdeling, verbeteren interactief leren, stimulerend voor exploratie en exploitatie, creëren toegang tot diversiteit aan kennisbronnen
Wat is tie strength volgens (Capaldo, 2007)
Duur: lange relaties → vertrouwen en stabiliteit
Frequentie: regelmatige interactie → kennisuitwisseling
Intensiteit: diepgang van samenwerking en sociale relaites
Wat zijn kenmerken van sterke banden (Capaldo, 2007)
Hoog vertrouwen, specifieke investeringen, diepe kennisintegratie, contuïteit en voorspelbaarheid, risico: overembeddedness & homogeniteit
Kenmerken van zwakke banden (Capaldo, 2007)
Minder intensief en korter, bruggen naar nieuwe kennisbronnen, verbeteren variëteit en marktgevoeligheid, cruciaal voor exploratie en innovatievernieuwing
Wat is een dual network (Capaldo, 2007)
Combinatie van:
Kern van sterke banden → exploitatie, diepgang, integratie
Periferie van zwakke banden → exploratie, nieuwheid, variëteit
Effect: continu en duurzaam hoge innovativiteit, voorkomt verstarring van netwerkstructuur
Wat is het risico van te veel sterke banden? (Capaldo, 2007)
Overembeddedness, lage diversiteit in partners, lagere absorptiecapaciteit, vicieuze cirkel: minder nieuwe kennis → lagere innovatie → minder aantrekkelijk netwerk
Wat is het kernprobleem volgens (Bansal & Grewatsch, 2020)
Het klassieke stage-gate innovatieproces:
Bevordert efficiëntie, snelheid en risicobeheersing
Maar: duwt duurzaamheid uit het proces
Leidt tot incrementele innovaties
Mist radicale, langdurige, systeemgerichte oplossingen
Waarom is het stage-gate proces ongeschikt voor duurzame innovatie?
Te lineair, te rigide, te gericht op kortetermijn en bestaande klanten, beoordelingscriteria focussen op winst en sales, te weinig ruimte in de fuzzy front end
Hoe duwt formalisatie duurzaamheid eruit? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Strakke regels, stappen en reviewcriteria
Vermindert creativiteit
Stimuleert kleine, veilige projecten
Blokkeert exploratie van radicale ideeën
Hoe beperkt klantfocus duurzame innovatie? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Klanten zijn kortetermijngericht
Denken vanuit bestaande producten
Vragen niet om systeeminnovaties
Leidt tot kleine productaanpassingen ipv transities
Hoe werken smalle prestatiemetingen remmend? (Bansal & Grewatsch, 2020)
KPI’s: verkoop, winst
Teams mijden risico
Radicaliteit wordt ontmoedigd
Langetermijn ecologische/sociale waarde wordt genegeerd
Wat is spatiotemporale attentieschaal? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Temporal: kort vs. langetermijn
Spatial: wie of wat centraal staat (klant → samenleving & planeet)
Stage-gate = smal en kort
Duurzame innovatie = breed en lang
Wat is attentional myopia? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Kokerzicht
Focus op directe, meetbare resultaten (sales)
Bedrijven missen bredere maatschappelijke kansen
Blokkade voor radicale duurzame ideeën
Wat is een megatrend innovation programme? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Innovatie start vanuit:
Grote maatschappelijke/ecologische trends (klimaat, schaarste, vergrijzing)
Meer tijd in het fuzzy front end
Externe partnerships
Lange termijn + systeemdenken
Creëert radicale, duurzame innovatie
Waarom zijn megatrends beter dan klantfocus voor duurzaamheid? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Klanten zien problemen op systeemniveau niet
Megatrends richten aandacht op lange termijn
Stimuleren creativiteit en variëteit
Leiden tot oplossingen die sociaal én ecologisch waardevol zijn
Wat is de belangrijkste bijdrage van het artikel? (Bansal & Grewatsch, 2020)
Stage-gate is fundamenteel ongeschikt voor duurzame innovatie
Drie mechanismen duwen duurzaamheid systematisch naar buiten
Megatrends vergroten spatiotemporale aandacht en radicaliteit
Duurzame innovatie vraagt een nieuw, verbreed innovatieprogramma
Wat onderzoekt (Ferlie et al., 2005) in hun artikel over innovaties in de gezondheidszorg?
Ze onderzoeken waarom innovaties vaak niet worden verspreid, zelfs bij sterk wetenschappelijk bewijs, en richten zich op de rol van professionele grenzen
Wat is nonspread volgens (Ferlie et al., 2005)?
Het uitblijven of falen van innovatieverspreiding door sociale en professionele mechanismen, niet door gebrek aan bewijs
Hoe verloopt innovatieverspreiding volgens dit onderzoek? (Ferlie et al., 2005)
Niet lineair, maar chaotisch, grillig ,circulair en afhankelijk van lokale omstandigheden en relaties
Waarom is wetenschappelijk bewijs alleen onvoldoende voor verandering? (Ferlie et al., 2005)
Omdat professionele identiteit, routines en autonomie bepalen of een innovatie wordt ovegenomen, ongeacht bewijs
Wat zijn ‘communities of practice’ en wat is hun rol in innovatieverspreiding? (Ferlie et al., 2005)
Lokale groepen van professionals die kennis binnen de groep versterken, maar vaak de uitwisseling tussen groepen blokkeren
Wat zijn professionele grenzen en hoe beïnvloeden ze innovatie? (Ferlie et al., 2005)
Grenzen tussen beroepsgroepen, veroorzaakt door opleiding, expertise, autonomie en identiteit, die innovatieverspreiding bemoeilijken
Hoe beïnvloedt multiprofessionaliteit innovatieverspreiding?
Meer beroepsgroepen betekent vaak meer barrières door botsende kennisstijlen en rolopvattingen, niet automatisch meer samenwerking
Welke factoren bevorderen succesvolle verspreiding van innovatie? (Ferlie et al., 2005)
Vertrouwensrelaties, lokale change champions en actieve overbrugging van professionele grenzen via protocollen of interdisciplinair overleg
Wat zijn cognitive boundaries? (Ferlie et al., 2005)
Verschillende manieren van denken en interpreteren van bewijs tussen beroepsgroepen, die adoptie van innovaties kunnen blokkeren
Welke rol spelen change champions bij innovatieverspreiding? (Ferlie et al., 2005)
Ze promoten actief innovaties en bouwen bruggen tussen groepen, cruciaal voor succesvolle implementatie
Wat is het onderscheid tussen creativiteit en innovatie volgens (Anderson et al., 2014)
Creativiteit = genereren van nieuwe en bruikbare ideeën, innovatie = implementeren van die ideeën. Samen vormen ze één geïntegreerd proces
Welke factoren beïnvloeden individuele creativiteit en innovatie? (Anderson et al., 2014)
Persoonlijke kenmerken (persoonlijkheid, waarden, cognitieve stijl)
Psychologische staten (stemming, motivatie)
Taakkenmerken (complexiteit, autonomie, tijdsdruk)
Sociale context (leiderschap, feedback, sociale netwerken)
Wat is de kern van de componential theory of creativity? (Anderson et al., 2014)
Creativiteit ontstaat uit: expertise, creatief denkvermogen, intrinsieke motivatie, en een ondersteunende werkcontext (autonomie, middelen, klimaat)
Hoe beïnvloedt leiderschap creativiteit en innovatie in teams? (Anderson et al., 2014)
Transformational leadership stimuleert ideegeneratie; transactional/directive leadership helpt vooral bij implementatie van ideeën
Welke organisatorische factoren bevorderen innovatie op bedrijfsniveau? (Anderson et al., 2014)
Structuur & HRM (decentralisatie, autonomie, training, betrokkenheid)
Kennis & netwerken (absorptive capacity, kennisuitwisseling)
Cultuur & klimaat (innovatieklimaat)
Strategie, grootte en middelen, externe omgeving
Wat is het belang van multilevel onderzoek bij innovatie? (Anderson et al., 2014)
Innovatieprocessen verlopen door meerdere niveaus heen, bijvoorbeeld teamklimaat kan individuele creativiteit beïnvloeden
Wat is creative self-efficacy? (Anderson et al., 2014)
De overtuiging dat iemand in staat is creatief te zijn, een sterke voorspeller van creatieve prestaties
Wat betekent absorptive capacity? (Anderson et al., 2014)
Het vermogen van een organisatie om nieuwe kennis te herkennen, te assimileren en toe te passen
Wat houdt de ambidexterity theory in voor organisaties? (Anderson et al., 2014)
Organisaties moeten zowel exploration (idee-generatie/nieuw) als exploitation (implementatie) effectief beheersen om innovatief te blijven
Wat is het interactionist perspective? (Anderson et al., 2014)
Creativiteit is niet alleen een eigenschap van individuen, maar een interactie tussen persoon, groep, organisatie en context
Om creativiteit te verklaren, moet je rekening houden met sociale en organisatorische invloeden
Wat is het model of individual creative action? (Anderson et al., 2014)
Beschrijft creatief gedrag als een keuze tussen routine en vernieuwing.Factoren die keuze beïnvloeden:
Sensemaking: hoe iemand de situatie en kansen interpreteert
Motivatie: intrinsiek, prosociaal of extrinsiek
Kennis en vaardigheden: expertise en creatieve capaciteiten
Wat zijn cultural theories of creativity? (Anderson et al., 2014)
Organistaie- en nationale cultuur beïnvloeden creativiteit door:
Normen, waarden en attitudes tegenover nieuwe ideeën
De mate van tolerantie voor risico, afwijking van routines en experimenteren
Wat is de four-factor theory of team climate for innovation?
Visie: duidelijke doelen en richting voor innovatie
Participatieve veiligheid: teamleden voelen zich veilig om ideeën te delen
Taakoriëntatie: focus op kwaliteit en uitvoering van werk
Ondersteuning voor innovatie: actieve aanmoediging en middelen beschikbaar voor creatieve iniatieven.