1/26
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Reflux
Terugstromen van maagzuur in de slokdarm, wat kan leiden tot ontstekingen (oesofagitis) en weefselschade.
Dyspepsie
Verzamelnaam voor klachten in de bovenbuik, zoals een opgeblazen gevoel, misselijkheid of maagpijn.
Plaveiselepitheel
Het meerlagige, beschermende weefsel dat normaal gesproken de slokdarm bekleedt.
Weefsel in de maag
Bestaat uit eenlagig klierepitheel dat gespecialiseerd is in de productie van slijm, zuur en enzymen.
Z-lijn
De scherpe gastro-oesofageale overgang waar het plaveiselepitheel van de slokdarm overgaat in het klierepitheel van de maag.
Barrett-slokdarm
Gevolg van chronische reflux: plaveiselepitheel verandert in klierepitheel (metaplasie). Dit verhoogt het risico op een adenocarcinoom.
Gastritis
Ontsteking van het maagslijmvlies, vaak veroorzaakt door H. pylori, alcohol of NSAID-gebruik.
Peptisch ulcus
Een zweer (diep defect) in de maag of het duodenum die ontstaat wanneer de beschermende slijmlaag faalt tegen maagzuur.
Maagcarcinoom
Kwaadaardige tumor in de maag, vaak een adenocarcinoom dat ontstaat uit het klierepitheel.
Maagzweren
Pijnlijke zweren in de maagwand (Ulcus Ventriculi); vaak verergerd door eten (zuurproductie).
Ulcus duodeni
Zweer in de twaalfvingerige darm; vrijwel 100% van de patiënten heeft een H. pylori infectie.
H. pylori
Bacterie die de maagwand koloniseert; hoofdoorzaak van chronische gastritis, maagzweren en maagkanker.
Diverticulitis
Ontsteking van kleine uitstulpingen (divertikels) in de darmwand, meestal in het sigmoïd (dikke darm).
Ziekte van Crohn
Inflammatoire darmziekte (IBD) die transmuraal (door de hele wand) en discontinu (skip-lesions) is; zorgt voor een verdikte darmwand.
Colitis ulcerosa
IBD die beperkt blijft tot het slijmvlies (mucosa) van de dikke darm; begint altijd in het rectum en verspreidt zich continu.
Poliepen
Uitstulpingen van het slijmvlies in de darm; kunnen goedaardig zijn of een voorstadium van kanker (adenomen).
Tumoren (Gastro-intestinaal)
Nieuwvormingen in het maag-darmkanaal; kunnen goedaardig (benigne) of kwaadaardig (maligne) zijn.
Luminale malabsorptie
Verstoring van de vertering in de darmholte zelf, bijv. door gebrek aan pancreassappen of galzuren.
Intestinale malabsorptie
Verstoring van de opname door de darmwand zelf, bijv. door schade aan de darmvlokken (villi).
Coeliakie
Auto-immuunreactie op gluten die leidt tot vlokatrofie in de dunne darm en ernstige malabsorptie.
Adenomateuze poliepen
Goedaardige poliepen die echter wel het potentieel hebben om uit te groeien tot darmkanker.
Adenocarcinomen en lymfomen
De meest voorkomende kwaadaardige tumoren in de darm; ontstaan respectievelijk uit klierepitheel en lymfeweefsel.
Inflammatoire darmziekten (IBD)
Verzamelnaam voor chronische immuun-gemedieerde ontstekingen van de darm (Crohn en UC).
Transmurale darmziekte
Ziekte die alle lagen van de darmwand aantast; kenmerkend voor de Ziekte van Crohn.
Ulceratieve colitis (UC)
Ontsteking die zich beperkt tot de mucosa en submucosa van de colon, met vorming van zweren (ulcera).
Verschil Crohn en UC
Crohn: hele darmkanaal, transmuraal, skip-lesions. UC: alleen colon, oppervlakkig, continu vanaf rectum.
Peritonitis
Buikvliesontsteking; een levensbedreigende situatie vaak na perforatie van een hol orgaan (zoals een zweer of blindedarm).