maatschappij h7

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
0.0(0)
full-widthCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/24

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

sociale ongelijkheid

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No study sessions yet.

25 Terms

1
New cards

sociale ongelijkheid

  • verschillen [ individuen & groepen]

  • mensen leven toz elkaar: gunstige & ongunstige situaties

  • resultaat: ongelijke verdeling vn sociale goederen

  • verschillende gebieden ( allochtonen, vrouwen ivm loon)

2
New cards

sociale goederen ( 2)

  • materiële middelen

    • inkomen, diploma

  • ideële zaken

    • status, recht, macht

3
New cards

sociale stratificiatie

  • samenleving: opgedeeld → lagen/ strata

  • 1 laag: verzameling: gelijke sociale posities

    • plek od sociale ladder

  • verschil: waardering, rijkdom, prestige

  • ongelijkheid: hiërarchische mechanisme

4
New cards

huidige klassenmaatschappij (7 klassen)

  1. eliten

  2. salariaat

  3. proficians

  4. arbeidsklasse

  5. precariaat

  6. werklozen

  7. afhakers

5
New cards

eliten

  • rijke

    • invloed od beslissingen vd overheid

6
New cards

salariaat

  • stabiele/ voltijdse job

  • middenklassers; loon, pensioen

7
New cards

proficians

  • combinatie; vrije beropeen & technicians

  • denken: eigen verlangen, wensen

8
New cards

arbeidsklasse

  • loonarbeid → loondienst

  • werk: minder zelf vorm geven

9
New cards

precariaat

  • grotere waarderende groep ( hoge & laaggeschoolden)

  • afhankelijk: tijdelijk werk & onzeker → inkomsten & toekomst

  • vatbaar; extreem gedachtengoed & populisme

10
New cards

pikkety ( 3 klasse)

  • onderklasse

  • middenklasse

  • bovenklasse

11
New cards

onderklasse ( 50%)

  • horeca, dienstverlenende beroepen

  • helft; schuldenlast → even groot als vermogen

12
New cards

middenklasse ( 40%)

  • inkomst → arbeid

  • 25/35% van totale vermogen

13
New cards

bovenklassen ( 60%)

  • topsalarissen

  • advocaten, dokters…

14
New cards

macht

  • anderen beïnvloeden → denken & doen

    • vr eigen belang of anderen

  • machtsongelijkheid

  • schaars goed

15
New cards

machtsongelijkheid

  • sommige posities: meer toegang → bronnen

  • hoog; ladder → meer invloed

16
New cards

schaars goed ( 3)

  • onafhankelijk zijn, eigen baad

  • eigen behoeften bevredigen

  • anderen helpen

17
New cards

definitie van macht

Handelingsmogelijkheden v/ anderen beperken of op bepaalde manier doen handelen ( tegen hun wil)

18
New cards

machtsbronnen (4)

  • politieke macht

  • economische macht

  • sociale macht

  • culturele macht

19
New cards

politieke macht

  • mogelijkheid: legitiem te sanctioneren

vb ouders; geen zakgeld meer

rechter; vonnis uitspreken

20
New cards

economische macht

  • mensen: schaarse middelen geven/ wegnemen

    • controle → verdemo,g

vb: werknemers ontslaan, aannemen, loon betalen

21
New cards

sociale macht

  • groep mobiliseren → gedachtengoed/ belangen: solidariteit

  • collectieve acties & organisaties

vb: vakbond: leden → staken

22
New cards

culturele macht

  • handelen van anderen sturen → beroep doen op waarden & verbondenheid

  • informeren/ getuigen

vb: religieuze leider: betoging

23
New cards

machtselite

  • groep: mensen kan sturen → verschillende machtsvormen

    • veel macht: eco, polit, soc

24
New cards

pluralisme

  • macht = meerdimensionaal

  • sl: beperkingen => omzetbaarheid van machtssoorten

vb diploma: niet kopen

25
New cards

burgerschap

  • lidmaatschap vd SL

  • rechten & plichten

  • ongelijkheid verminderen

    • ied: minimum aan macht