1/19
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
7 identiteiten van een woord
akoestisch: hoe klinkt het woord?
articulatorisch: hoe uitspreken?
fonologisch: overkoepelende term akoestisch & articulatorisch
morfologisch: hoe zijn woorden opgebouwd?
semantisch: betekenis zoals in woordenboek
syntactisch: mogelijkheden van woord om met andere woorden gecombineerd te worden
orthografisch: spelling van een woord
Concrete betekenis
Betekenis op ervaringsniveau (aanwijzen, zien, ervaren)
Abstracte betekenis
Betekenis zoals deze in hoofd van de gebruiker is (idee van het concept)
Contextuele betekenis
Relaties met andere woorden (bijv. gitaar & spelen)
Productieve woordenschat
actieve woordenschat
woorden die kinderen gebruiken om met anderen te communiceren
Receptieve woordenschat
passieve woordenschat
woorden die kinderen begrijpen of de betekenis van herkennen
3 principes woordenschatverwerving
labelen: woord koppelen aan voorwerp of gebeurtenis
categoriseren: betekenis woorden combineren of woorden onderbrengen bij overkoepelende begrippen
netwerkopbouw: betekenissen aan elkaar koppelen (relaties tussen woorden)
4 woordenstrategieën
analyseren woord
gebruik maken van context
gebruik maken van bron in eerste of tweede taal (aan iemand vragen)
letten op overeenkomsten tussen eerste en tweede taal (moedertaal?)
theorieën hoe kinderen taal verwerven
behaviorisme: leren door imitatie (goedkeuring)
creatieve constructietheorie: aangeboren taalvermogen waarmee op creatieve manier zinnen gebouwd worden
interactionele benadering: er is aangeboren leervermogen, maar interactie tussen sprekers belangrijkst
Niveaus van taal
fonologisch: vormen spraakklanken
semantisch: betekenis van woorden
syntactisch: regels voor combineren woorden
morfologisch: manier waarop woorden gevormd worden
pragmatisch: regels voor gebruik van taal en communicatie
Fasen ontwikkeling taal
prelinguale periode (0-1): losse klanken, brabbelen
vroeglinguale periode (1-2.5): betekenisvol taalgebruik, eenwoordzin
differentiatiefase (2.5-5): uitbreiding taal, overgeneralisaties regelmatigheden
voltooiingsfase (5+ jaar): meer bemoeienis vanuit de school
Spreekstrategie
Bewuste handeling om een bepaald spreekdoel te bereiken
Luisterstrategieën
globaal luisteren
intensief luisteren
kritisch luisteren (mening vormen)
gericht luisteren
Spreekdoelen
informeren
amuseren
instrueren: uitleggen/verduidelijken
overtuigen
emotioneren en waarderen
Metalinguistisch bewustzijn
Nadenken vorm en gebruik van taal en onbewuste kennis over de regels in de taal te verwoorden
Fonologisch bewustzijn
Woord bestaat uit verschillnde klanken
Fonemisch bewustzijn
Woord bestaat uit fonemen (combinatie letters), klank die betekenisverschil tussen twee woorden veroorzaakt
Auditieve vaardigheden
auditieve objectivatie: letten op klank (en niet betekenis)
auditieve discriminatie: verschil tussen woorden of klanken
auditieve analyse: woord in klanken splitsen
auditieve synthese: losse klanken samenvoegen tot woord
temporeel ordenen: volgorde van klanken onthouden
klankpositie bepalen: aangeven waar je een klank in een woord hoort
Visuele vaardigheden
visuele discriminatie: verschil tussen letters en woorden zien
visuele analyse: letters in een woord herkennen
visuele synthese: losse letters samenvoegen tot woord
spatieel ordenen: volgorde letters onthouden
letterpositie bepalen: wat is de plaats van een letter in een woord
Elementaire leeshandeling (3 stappen)
van links naar rechts koppelen van foneem naar grafeem
auditieve synthese
betekenis geven