1/20
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
S1-S2
=ervaring tussen 2 stimuli/prikkels/gebeurtenissen
(vorm van leren, net zoals ervaring stimulus op zich [S])
1. S1 (stimulus 1) =>R1 (respons 1)
2. Relatie S1 & S2 leren (soort associatief leren)
3. S1 =>R2
Ervaring met relatie tss 2 stimuli
1) Relatie bestaat onafh van gedrag organisme
(leren hoe wereld in elkaar zit: jouw reactie op st. geen invloed)
2) Geen actief gedrag (simpelweg wereld zoals ie is, vb wetmatigheid vd natuur)
3) Ongeacht G pp: ALS S1 komt, DAN volgt S2 (altijd!)
->R1 (G ontlokt dr S1) wijzigt door samengaan van S1 met S2
4) Vorm van associatief leren
<->habituatie/sensitisatie (S1: leren over 1 stimulus op zich)
Terminologie
1) Bel
=voorwaardelijke prikkel (VP) = conditioned stimulus (CS)
2) Voedselpoeder
=onvoorwaardelijke prikkel (OP) = unconditioned stimulus (US)
3) Speekselsecretie >voedsel
=onvoorwaardelijke respons (OR) = unconditioned response (UR)
4) Speekselsecretie >bel
=voorwaardelijke respons (VR) = conditioned response (CR)
Kern experiment Pavlov’s hond
1. OP ->OR
->voordat geconditioneerd: VP heeft geen respons
2. VP + OP ->OR
3. VP ->VR
Problemen bij Pavlov’s hond exp
1) Enorme simplificatie wat werkelijk gebeurt bij hond
2) Foute concl >misleidende simplicficatie
3) Schematische voorstelling
Enorme simplificatie wat werkelijk gebeurt bij hond
->volledige MAP voedingsgerelateerde & consummatorische responsen geactiveerd
->enkel speeksel gemeten want makkelijk
=>potentieel misleidend
Foute concl >misleidende simplicficatie
“klassieke cond. enkel autonoom-vegetatieve responsen” (Skinner)
≠waar!! (klassieke cond ook motorische skelet-responsen invloed: vb toenaderingsG naar signaal voor voedsel)
Schematische voorstelling
impliciete uitspraak over (noodzakelijke & voldoende) voorwaarden voor leren
->mogelijke concl dat altijd:
1. VP = neutrale stimulus
2. OP = stimulus die “van nature” OR uitlokt
3. Tijd-ruimtelijk samen voorkomen VP & OP volstaat (is voldoende om te leren)
+impliciete uitspraak over inhoud v/h geleerde
->VP verwerft capaciteit VR uit te lokken (VR volgt altijd uit VP) = vorm van “S-R leren”
Vb als je de bel vast hebt, zal de hond sws saliveren
=>beide uitspraken maar klein beetje juist!
2 veelgebruikte klassieke cond.procedures
1) Appetitieve conditionering
(OP = aangenaam, wenselijk) (bv voedsel)
2) Aversieve of vreesconditionering
(OP = onaangenaam, onwenselijk) (bv elektrische schok)
proefdieren: ratten, muizen, mensen (pp), duiven, konijnen
Autoshaping procedure & sign tracking (bij duiven)
Sign tracking =subject reageert op “sign”, toenadering
(zoals duif bij lampje: lampje = sign → gelijk aan voedsel)
->VR = benaderen van & pikken op lampje (Gver.: leren)
Vorm van autoshaping: =duif verandert G doordat er stimulus net voor beloning optreedt (gedrag ≠beloond)
->LIJKT alsof duif “denkt” dat pekken op lamp gelijk is aan eten
=>dit boeit NIET omdat we pavloviaans bezig zijn (zelf al slaapt duif, dan nog krijgt de duif eten)
Goal tracking (bij ratten)
=toenadering zoeken tot doelobject (waar eten verschijnt)
Ratten krijgen toon (VP) te horen
->gevolgd door voedsel (OP).
=>na verloop van tijd: Gverandering bij ratten
=>VR = zoeken naar & benaderen van voedselbakje zodra ze toon horen
Wanneer sign vs goal tracking?
Afhankelijk van 3 dingen:
1. aard vd VP
->versch soorten VP’s kunnen versch soorten VR’s ontlokken (bij éénzelfde OP)
2. procedurele aspecten (bv intervallen tss trails)
3. IV
->vb: verlichte hendel verschijnt bij ratten =>voedsel in bak
->ondanks ZELFDE TRAINING bij alle ratten:
1/3 ratten sign trackers
1/3 goal trackers
1/3 mixed
Oogknipper-reflex
=meermaals toont laten horen, gevolgd door luchtpuf in oog
~later: enkel toon =>knipperen
->nu amper gebruikt (wel historisch belang)
Ss = mensen/konijnen/ratten (ppn)
VP = korte visuele of auditieve st. (kort lampje/toontje)
OP = luchtstootje tegen oog (of lichte elektrische prikkel in buurt van oog) → zorgt voor knipperen
Vreescond bij ratten
Ss: ratten/muizen
VP = toon of licht
OP = korte elektrische prikkel langs metalen staafjes op bodem kooi (onaangenaam, maar niet pijnlijk)
Na VP & OP vaak samen aanbieden: 2 mogelijke reacties
1) VR = “freezing” (volledig bewegingsloos zitten)
->wanneer in situatie zonder mogelijke ontsnapping
2) VR = geconditioneerde suppressie
Geconditioneerde suppressie
=onderdrukken van stabiel operant G
->uitgedrukt met suppressieratio
(↓suppressieratio =↑ suppressie)
=>index mate van geconditioneerde vrees voor VP
Klassieke cond nuttig buiten labo?
JA, want:
1) één stimulus (VP) betrouwbaar voorafgaand aan andere significante st.: gebeurt vaak in echte wereld & sociale wereld
Vb: bliksem->donder, deurbel rinkelt ->iemand aan deur
2) Klassieke aversieve cond als model voor angststoornissen
->onderzoek naar: ontwikkeling, oorzaken & in stand houden van angst
3) Redeneeronderzoek (vb voedselallergie paradigma) haalt structuur redenering van bij pavloviaanse cond
Model voor angststo
Model voor “exposure-based” therapieën
~Extinctie & “Return of fear” (ROF)
->ROF: zelfs al leer je dat prikkel ongevaarlijk: 1w later is vrees terug
->grote vraag: hoe dit verminderen? (hiernaar veel ond.)
2 oude assumpties
(van vroeger binnen de leerpsy)
1) “Klassieke cond beperkt tot autonoom-vegetatieve responsen”
2) “VR=OR”
Klassieke cond beperkt tot autonoom-vegetatief
<->actuele standaardprocedures (exp tonen veel versch responsen!)
1. Freezing & gecond. suppressie (motorische responsen!)
2. Sign- & goal tracking: skelet-responsen
3. Oogknipper-reflex: skelet-responsen
=> Pavloviaanse cond kan ook rechtstreekse beïnvloeding van “skelet-responsen” (=motorisch G)
VR=OR
“Geconditioneerde respons = weerspiegeling vd ongecond respons”
<->exp:
1. Soms VR gelijkend op OR…
Vb. Oogknipper-reflex, salivatie VR = ± OR
2. Soms VR helemaal niet gelijkend op OR…
Vb. Vreescond ratten met schok “startle” & “opspringen”
(opspringen=OR <-> freezing= VR)
=>VR & OR niet altijd gelijk(end), kunnen heel erg verschillen!
Aard vd VR
>wijze waarop VP geïntegreerd wordt in het gedragssystem (geactiveerd door OP)
->bij vraag: kan men voorspelen of VR & OR zullen gelijken?
Kennis over gedragssystemen kunnen aard VR voorspellen
VP-OP interval
~als co-determinant van aard VR
Interval bepaalt mee hoe VR eruit ziet:
->stel: VP van 30min gevolgd dr shock
->OF VP 30sec gevolgd dr shock
=>tijd tussen start toon (VP) & start shock (OP) bepalen mee respons (VR)!
Vb: anticipatorische respons (duur anticipatie invloed op respons)