Ado college 3 morality

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/12

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 8:56 PM on 3/24/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

13 Terms

1
New cards

Moral development theory: Piaget

  • Richt zich op moreel begrip via sociale interactie (bv. samenwerking, rechtvaardigheid).

  • Mensen willen harmonie, stabiliteit en veiligheid behouden.

  • Onderscheid tussen:

    • Heteronome moraliteit – regels komen van buitenaf

    • Autonome moraliteit – interne morele principes

  • Ethic of constraint versus ethic of cooperation

  • Moreel denken (moral thought) en moreel handelen (moral action) een relatie hebben: denken beïnvloedt handelen en vice versa.

2
New cards

Moral development theory: Kohlberg

  • Gebaseerd op Piaget, maar specifieker in stadia van moraliteit: preconventioneel, conventioneel, postconventioneel.

  • Verandering van kennis (deontic judgment) naar wil en verantwoordelijkheid (responsibility judgment).

  • Houdt rekening met situatiespecifieke factoren en vaardigheden, maar wordt soms bekritiseerd vanwege excessieve nadruk op rationaliteit.

  • Ook hier is er een wisselwerking tussen denken en handelen.

3
New cards

Moral development theory: Rest

Richt zich op het proces van morele beslissingen:

  1. Interpreteer de situatie

  2. Formuleer een moreel ideaal

  3. Maak een beslissing

  4. Voer de actie uit

  • Nadruk: kennis alleen is niet genoeg; motivatie en persoonlijkheid zijn ook cruciaal.

4
New cards

Moral development theory: Gilligan & Straughan

Focus op motivatie achter moreel gedrag:

  • Shame ethic vs guilt ethic (schaamte vs schuldgevoel) beïnvloedt morele keuzes.

  • Deze emoties fungeren als motivational factors.

5
New cards

Moral development theory: Damon

  • Morality + self system come together during adolescence. only if it is important to yourself, you will act in a moral way

  • Nadruk op verschil tussen moreel oordeel en daadwerkelijk moreel gedrag.

  • Studie van morele exemplaren laat zien hoe rolmodellen morele ontwikkeling beïnvloeden.

6
New cards

Moral development theory: Blasi

  • Kijkt naar zelfconsistentie en morele emoties.

  • Morele overtreding kan leiden tot zelfverraad of innerlijke conflicten.

  • Kinderen van 4 begrijpen al goed/fout, maar het handelen wordt pas op latere leeftijd gestuurd door morele emoties en motivatie.

7
New cards

Moral disengagement van Bandura

  • Moral principles lead to selfworth + satisfaction

  • soms houden we ons niet aan ons moraal en dan excuses verzinnen om van de guilt en shame af te komen zoals bij bullies (even higher in victims door coping mechanism)

  • both a process and a trait

8
New cards

3 soorten Cognitive Restructuration (Cognitieve herstructurering)

  1. Moral justification: Iets verkeerds doen wordt gerechtvaardigd door te zeggen dat het voor een hoger doel is.

  2. Euphemistic labeling: Het gedrag zachter of acceptabeler maken door het anders te noemen (bijv. "plagen" in plaats van "pesten").

  3. Advantageous comparison: Je eigen daden vergelijken met ergere daden van anderen, zodat jouw gedrag minder slecht lijkt.

9
New cards

Distorting the consequences (Vertekend beeld van de gevolgen)

Disregarding or distorting the consequences: De schade of gevolgen van je gedrag negeren of minimaliseren, bijvoorbeeld denken “het doet haar vast geen pijn” of “ze vindt het stiekem leuk dat we aandacht aan haar besteden.”

10
New cards

2 soorten minimizing one’s agentivity (Eigen verantwoordelijkheid minimaliseren)

  1. Displacement of responsibility: Zeggen dat iemand anders verantwoordelijk is, bv. “ik ben er niet mee begonnen, het is iemands anders schuld.”

  2. Diffusion of responsibility: Zeggen dat verantwoordelijkheid gedeeld wordt, bv. “het is niet alleen mijn schuld.”

11
New cards

2 soorten victim attribution (Slachtoffer attribuering)

  • Dehumanization: Het slachtoffer als minder menselijk zien, bv. “ze is een beest” zodat het makkelijker is om hen te pesten.

  • Blaming the victim: Het slachtoffer de schuld geven voor wat hen overkomt, bv. “ze had zich zo gekleed, dus dit is haar eigen schuld.”

12
New cards

Self esteem

  • Stabiliteit: adolescentie ingaan met hoog se is ook verlaten met hoof

  • Fluctuatie: grootste onzekerheid 12-14 jaar door egocentrisme, verhoogde gevoeligheid menig leeftijdsgenoten en tegenstrijdige signalen ouders/vrienden

  • Determinanten: fysiek uiterlijk grootste voorspeller se

13
New cards

reciprocal influence

als ouders niet helemaal zelf bepalen wat voor kin/hoe het kind zich gedraagd. individual variability.

Explore top notes

note
Bio Chapter 2 - The Cell
Updated 1023d ago
0.0(0)
note
Kamienie na Szaniec
Updated 761d ago
0.0(0)
note
Chapter 22: Solutions
Updated 1036d ago
0.0(0)
note
Chapter 24: Lipid Metabolism
Updated 1264d ago
0.0(0)
note
Bio Chapter 2 - The Cell
Updated 1023d ago
0.0(0)
note
Kamienie na Szaniec
Updated 761d ago
0.0(0)
note
Chapter 22: Solutions
Updated 1036d ago
0.0(0)
note
Chapter 24: Lipid Metabolism
Updated 1264d ago
0.0(0)

Explore top flashcards

flashcards
Lesson 12 vocab
48
Updated 441d ago
0.0(0)
flashcards
Kunstgeschiedenis volledig
121
Updated 80d ago
0.0(0)
flashcards
Verbs - Winter Journal
182
Updated 92d ago
0.0(0)
flashcards
Literary Terms Polagri
126
Updated 1179d ago
0.0(0)
flashcards
Lesson 12 vocab
48
Updated 441d ago
0.0(0)
flashcards
Kunstgeschiedenis volledig
121
Updated 80d ago
0.0(0)
flashcards
Verbs - Winter Journal
182
Updated 92d ago
0.0(0)
flashcards
Literary Terms Polagri
126
Updated 1179d ago
0.0(0)