1/17
gebaseerd op de PPT die te vinden is op chamillo.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No study sessions yet.
Hoe verschuift de focus van het taalbeleid onder ministers Weyts (2021) en Demir (2025) ten opzichte van eerdere jaren?
De focus ligt sterker op strengere eisen, zoals de starttoets voor leraren en bindende taalvoorwaarden.
Er wordt ingegrepen met specifieke acties zoals aparte taalklassen en extra taaluren om het dalende taalniveau en het lerarentekort aan te pakken.
Wat is de "Task Force voor de Nederlandstalige scholen in de Vlaamse Rand"?
Een initiatief (onder Hilde Crevits) om de competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen specifiek in die regio te versterken.
Wat is de definitie van taalbeleid op schoolniveau?
Een structurele en strategische poging van het schoolteam om de onderwijspraktijk aan te passen aan de taalleerbehoeften van de leerlingen.
Het doel is het bevorderen van de algehele ontwikkeling en het verbeteren van onderwijsresultaten van alle leerlingen.
Wat is de "dubbele focus" van het taalbeleid binnen de lerarenopleiding (DLO)?
De taalvaardigheid van de studenten (toekomstige leraren) ondersteunen en versterken.
Studenten opleiden tot taalbewuste leraren die de taalcompetentie van hun leerlingen kunnen bevorderen.
Welke maatschappelijke ontwikkelingen in de 21ste eeuw hebben invloed op het taalonderwijs?
Toenemende migratie (superdiversiteit) en digitalisering.
De verschuiving van een kennissamenleving naar een lerende samenleving waarin taal het cruciale bindmiddel is
Wat zijn de vier kernthema's van taalcompetentie in de 21ste eeuw?
Identiteit, Communicatie, Informatie en Cultuur.
Wat houdt het begrip "geletterdheid" in binnen de nieuwe eindtermen?
De competenties om informatie te verwerven, te verwerken en gericht te gebruiken.
Dit omvat het omgaan met taal, cijfers, grafische gegevens én ICT.

Bekijk het model. Wat doen studenten die taalcompetent zijn?
Ze zijn zich bewust van het belang van taal, communiceren doelgericht in diverse contexten en begrijpen verschillende soorten informatie.
Ze verwerken doelgericht geschreven en gesproken materiaal.
Wat is de kernboodschap van de slogan "Elke leraar een taalleraar"?
Elke leraar, ongeacht het vak, moet een taalbewuste leraar zijn omdat taal het middel is waarlangs leren verloopt.
De taal van het vak (bijv. wiskundetaal) wordt in de vakles zelf geleerd.

In welke fase van het zorgcontinuüm bevindt een goed taalbeleid zich idealiter?
In Fase 0 (Brede basiszorg): Goed taalonderwijs is er voor elke leerling in elke klas.
In Fase 1 (Verhoogde zorg): Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben (bijv. remediëring).

Bekijk de piramide van het zorgcontinuüm. Wat is Fase 3?
Individueel Aangepast Curriculum (IAC): Voor leerlingen waarbij de algemene en verhoogde zorg niet volstaat.
Wat is feitenkennis?
Basiselementen zoals termen, details en specifieke begrippen.
Wat is conceptuele kennis?
Inzicht in structuren, verbanden, theorieën en modellen.
Wat is procedurele kennis?
Kennis over hoe iets te doen. (bv. manieren van onderzoek, algoritmen, technieken en methoden.)
Wat houdt metacognitieve kennis in?
Kennis over het eigen leerproces en zelfkennis (weten hoe je leert en wat je al weet).
Welke fasen onderscheiden we in de linguale fase van taalverwerving?
Vroeglinguale periode (1-2,5 jaar)
Differentiatiefase (2,5-5 jaar)
Voltooiingsfase (5+ jaar).
Volgens Vygotsky (1986), wat is de relatie tussen taal en intellectuele groei?
De intellectuele groei loopt gelijk op met de beheersing van taal; taal is het sociale middel voor het denken.
Wat zijn essentiële voorwaarden voor taalverwerving (wat heeft een brein nodig)?
Een rijk, relevant en gevarieerd taalaanbod (input) en veelvuldige kansen tot interactie en productie (output).
Constructieve feedback en een veilige context die motiveert.