H3 - IMP

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/36

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

systeemtheorie en cybernetica

Last updated 12:02 PM on 12/26/25
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

37 Terms

1
New cards

systeem

een geïntegreerd geheel waarvan de kenmerkende eigenschappen voortvloeien uit de relaties tussen zijn onderdelen

verzameling objecten samen met relaties tussen de objecten en tussen hun attributen

2
New cards

systeemdenken

de benadering van een verschijnsel als onderdeel van een groter geheel

3
New cards

objecten

componenten of onderdelen van het systeem (vb. mensen)

4
New cards

attributen

eigenschappen van de objecten (vb. hun communicatieve gedrag)

5
New cards

2 uitgangspunten

  1. interactie kan opgevat worden als een systeem

  2. de algemene systemen theorie geeft inzicht in de aard van interactionele systemen

6
New cards

interactie als een systeem

Een systeem bestaat van nature uit een interactie, en dit betekent dat er een opeenvolgend proces van actie en reactie moet plaatsvinden voordat we een toestand v/h systeem of verandering van toestand kunnen beschrijven

→ elk gegeven systeem kan verder worden onderverdeeld in subsystemen

7
New cards

tijd als noodzakelijke voorwaarde (systemen)

Communicatiesequenties zijn het materiaal van een lopend proces waarvan de volgorde en onderlinge relaties, die zich in de loop van de tijd voordoen

8
New cards

interactionele systemen

wanneer twee of meer personen die aan het communiceren zijn, in het proces van of op het niveau van het definiëren van de aard van hun relatie zitten

→ Watzlawick: belang relatieaspect (niet de inhoud)

9
New cards

belang omgeving bij syteem

de verzameling van alle objecten waarvan een verandering in de attributen van invloed is op het systeem en alle objecten waarvan de attributen worden veranderd door het gedrag van het systeem

10
New cards

een open systeem

er wordt materiaal, energie en informatie uitgewisseld met de omgeving

→ vb. organische systemen

11
New cards

een gesloten systeem

als er geen import of export is van energie in welke vorm dan ook, zoals informatie, warmte, fysieke materialen… → geen verandering van componenten

12
New cards

definitie Koestler: (sub)systemen

  • levend organisme = geïntegreerde hiërarchie van semi-autonome subgehelen, bestaande uit sub-subgehelen

  • functionele eenheden op elk niveau v/d hiërarchie hebben dubbel gezicht: gedragen zich als een geheel wnr ze naar beneden gericht zijn ((supra-)systeem), als delen wnr ze naar boven gericht zijn ((sub-)subsytemen)

13
New cards

horizontale en verticale relaties

omgeving: invloed op horizontale verbanden (deelname subsystemen) en verticale verbanden (deelname aan grotere gehelen) → geen harde grenzen stellen want systemen lopen over in elkaar!!!

  • Horizontaal: gezinslid is ook lid van andere groepen (systemen) zoals vriendenkring, klas op school…

  • Verticaal: gezin is subsysteem v/d familie, familie behoort tot een bepaalde gemeenschap

14
New cards

3 kenmerken van systemen

  1. Wholeness (~ totaliteit)

  2. feedback

  3. equifinaliteit

15
New cards

wholeness (~ totaliteit)

een verandering in 1 deel van het systeem veroorzaakt een verandering in alle andere delen = mate van samenhang v/h systeem

  • niet-optelbaarheid: het geheel is meer dan de som van zijn delen

  • niet-eenzijdigheid van relaties (bidirectionaliteit, onderlinge invloed)

16
New cards

definitie totaliteit - Watzlawick

elk deel v/e systeem verhoudt zich zo tot de andere delen, dat een verandering in één deel een verandering in alle delen zal veroorzaken → wil zeggen dat een systeem zich niet gedraagt als een eenvoudige samenvoeging van onafhankelijke elementen, maar als een samenhangend en ondeelbaar geheel

17
New cards

feedback

  • begrip uit de cybernetica

  • lineaire causaliteit

  • circulaire causaliteit (vb. sturen van een boot)

18
New cards

positieve causale invloed

een causale invloed van A of B wordt als positief gedefinieerd als een verandering in A een verandering in B veroorzaakt in dezelfde richting

(vb. toename van B als A toeneemt)

19
New cards

negatief causaal verband

als er een verandering gebeurt in de andere richting

20
New cards

causale verbanden positief of negatief → sturen van een boot

  • hoe minder de koers afwijkt, hoe kleiner de geschatte koersafwijking, hoe minder er tegenstuur wordt gegeven (positieve causale verbanden)

  • maar hoe minder tegenstuur wordt gegeven, hoe groter de afwijking v/d koers (negatief causaal verband)

21
New cards

zelf-dempende (negatieve) feedbacklussen

zorgen dat afwijkingen nooit te groot worden

  • zoals bij fietsen of besturen van een boot wordt ervoor gezorgd dat de afwijking v/d rij- of vaarrichting nooit te groot wordt

22
New cards

Zelfversterkende (of positieve) feedbacklussen

zorgen ervoor dat de afwijking van een norm steeds groter wordt

  • vb. exoot die geen natuurlijke vijanden heeft, en waarvan de aantallen steeds groter worden

  • vb. de wapenwedloop

  • vb. de uitroeiing van dieren

23
New cards

centrifugal governor (regulateur)

probleem stoommachine: zelfversterkende of positieve feedbacklussen → machine ging steeds trager of steeds sneller draaien

  • oplossing: centrifugaalregulateur

  • als machine sneller gaat draaien, slingeren de bollen verder naar buiten, waardoor centrale staaf omhoog gaat en stoomtoevoer vermindert

  • bij te laag toerental zakken de bollen naar beneden en wordt stoomtoevoer vergroot

  • (A) Snelheid v/d machine → +

  • (B) Draaisnelheid regulator → +

  • (C) Afstand ts. de gewichten → -

  • (D) Stoomtoevoer → +

feedbacklus: voor een stabiel systeem, is er nood aan een minnetje

stabiele systemen die feedbacklussen hebben met een oneven aantal minnetjes zijn zelfdempende feedbacklussen

24
New cards

toepassing cybernetica op gezinnen

Homeostase en symptoom als minnetje

  • gezin opgevat als zelfregulerend systeem dat d.m.v. feedbackprocessen (vb. een symptoom) een homeostatisch evenwicht in stand houdt. Zo werken de gezinsleden samen om de stabiliteit v/h gezin te vrijwaren

  • vb. ruzie ouders & kind buikpijn

25
New cards

de eerste orde cybernetica

de waarnemer vormt zelf geen onderdeel van het systeem!

26
New cards

de tweede orde cybernetica

de therapeut vormt zelf een + of - in het veranderingsproces en de therapeut maakt deel uit van het gezin/het systeem

→ therapeut is geïnvolveerd en heeft geen volledig overzicht

27
New cards

cybernetica v/d 2de orde betekent twee dingen

  1. beperking: je kan maar overzien wat je kan overzien

  2. mogelijkheid: je vormt zelf een + of - dus je kan het systeem positief beïnvloeden (verandering)

28
New cards

equifinaliteit

uit een begintoestand kunnen meerdere eindtoestanden voorkomen en één eindtoestand kan voortkomen uit verschillende begintoestanden

→ verklaring v/d toestand v/h systeem ligt in de beschrijving v/d actuele interacties en relaties: hoe de dingen nu lopen is belangrijker dan hoe de dingen vroeger liepen

29
New cards

verschillende systeemniveaus en emergente eigenschappen ~ equifinaliteit

  • centraal kenmerk v/h systeemdenken = vermogen om je aandacht beurtelings te richten op verschillende systeemniveaus

  • systeemeigenschappen op bepaald niveau worden ‘emergente’ eigenschappen genoemd

30
New cards

emergente eigenschap

een nieuwe, onvoorspelbare eigenschap die ontstaat uit de interactie tussen de simpele onderdelen van een systeem, maar niet aanwezig is in de losse delen zelf

31
New cards

twee valkuilen systeemtheorie

  1. verwarren van systeemniveaus: soms worden bepaalde eigenschappen die bij één niveau horen toegeschreven aan een ander niveau

  2. verwarren van contextualistaties: de meest zichtbare context verwarren met de meest verklarende context

32
New cards

Watzlawick: toepassing systeemtheorie op menselijke sociale systemen

vertrekken v/d constatering dat mensen vaak in relaties/systemen blijven die erg onaangenaam zijn.

  • proberen fenomeen te begrijpen vanuit communicatieve processen die relaties bijeenhouden, maar het verloop communicatie heeft zelf een limiterend effect omdat interacties of communicaties niet alleen recurrent zijn, maar ook recursief!

33
New cards

recurrent vs recursief

  • recurrent: herhalende karakter van communicatie en gedragingen (vb. koppel dat steeds dezelfde discussies aangaat)

  • recursief: manier waarop mensen met elkaar communiceren wordt niet enkel herhaald, maar zal ook zichzelf beïnvloeden of versterken door die herhaling

34
New cards

het beperkende effect van communicatie → in een communicatiesequentie beperkt elke uitwisseling van berichten het aantal mogelijke volgende zetten (zie schaakspel)

  1. Context kan meer of minder beperkend zijn, maar bepaalt altijd tot op zekere hoogte de eventualiteiten

  2. Maar context bestaat niet alleen uit institutionele, externe factoren → de manifest uitgewisselde boodschappen worden deel van de specifieke interpersoonlijke context en plaatsen hun beperkingen op de daaropvolgende interactie

  3. recursiviteit: interpersoonlijke interacties creëren een context die interpersoonlijke interacties mogelijk maakt die opnieuw een context vormen die (gelijkaardige of verschillende) interacties mogelijk maken

35
New cards

communicatie is recursief

in een voortdurende beweging veranderen interacties de context die op zijn beurt als het ware terugbuigt op de interacties en daardoor weer voor een nieuwe context zorgt die terugbuigt op de daaropvolgende interacties …

36
New cards

pragmatiek krijgt ruimere betekenis

communicatie beïnvloedt gedrag = de gedragseffecten van communicatie

  • Vanuit perspectief v/d pragmatiek is alle gedrag communicatie, en alle communicatie beïnvloedt gedrag

  • de zetten in communicatie vormen RECURSIEF mee de context die mee bepaalt welke de mogelijke volgende zetten zijn → niet alleen gedrag beïnvloedt gedrag, maar gedrag bepaalt mee welk volgend gedrag mogelijk is omdat gedrag een invloed heeft op de context

37
New cards

gezin is een regelgeleid systeem

(vb. limitating effects of communication)

in elke communicatie probeert men de aard v/d relatie te bepalen en men zal antwoorden met eigen relatiedefiniëring die de eerste bevestigt, verwerpt of wijzigt

moet tot stilstand komen zodat het systeem stabiel wordt en de regels vaststaan (= regel v/d relatie → vaak onbewust!! vb. wie zit waar aan de eettafel)

  • je moet ze waarnemen, observeren om ze te leren kennen

  • gezinnen = systemen met een hoge mate aan totaliteit