1/26
Flashcards over belangrijke concepten en terminologieën van Computersystemen 2, theorie voor het semester.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Grootheden
Een onderscheid tussen binair en decimaal in dataverwerking.
Harvard Architectuur
Een architectuur die scheidt de geheugen voor instructies en data.
Von Neumann Architectuur
Een veelvoorkomende model waar instructies en data in hetzelfde geheugen opgeslagen zijn.
Registers
Snelste, tijdelijke opslagplaatsen binnen de processor.
RAM-geheugen
Random Access Memory, waar zowel de code van programma's als de bijbehorende data wordt opgeslagen.
Booten
Het proces waarbij een computer opstart van ROM naar RAM.
BIOS
Basissoftware in ROM die hardware-instructies biedt voor opstarten.
MBR
Master Boot Record, de eerste sector van een opslagmedium met startup-instructies.
UEFI
Unified Extensible Firmware Interface, de moderne opvolger van BIOS.
I/O Beheer
Beheer van invoer en uitvoer apparaten zoals toetsenbord en beeldschermen.
RAID
Redundant Array of Independent Disks, technologie voor verbeterde opslagprestaties en redundantie.
SSD
Solid State Drive, een type opslagmedium zonder bewegende delen.
Bestandsbeheer
Het beheer van bestanden en data op opslagmedia.
Linux inodes
Datastructuren in Linux die informatie over bestanden opslaan.
Virtueel geheugen
Techniek die het mogelijk maakt om meer data op te slaan dan fysiek geheugen aanbiedt.
Processebeheer
Het beheren van actieve processen en hun uitvoering in een besturingssysteem.
Threads
Lichte processen die binnen één groter proces draaien met gedeelde data.
Deadlock
Een situatie waarin processen elkaar blokkeren door te wachten op resources.
Virtualisatie
Techniek waarbij meerdere virtuele machines op één fysieke server draaien.
Cloud Computing
Het aanbieden van IT-voorzieningen via het internet.
Bestandssysteem
Een structuur die defines bestanden, directories en hun attributen.
Fragmentatie
Het verlies van opslagcapaciteit door inefficiënte opslag van bestanden.
Interrupt driven I/O
Systeem dat de processor onderbreekt wanneer er gegevens klaar zijn voor verwerking.
Memory-mapped I/O
Een techniek waarbij I/O apparaten adresruimte delen met RAM.
Kernel Modules
Dynamische onderdelen van de kernel die tijdens runtime kunnen worden geladen.
Context switching
Het onderbreken van een proces om te schakelen naar een ander proces.
Semafoor
Een synchronisatie mechanisme voor toegang tot gedeelde resources.