1/34
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
bleiten (ter.)
huilen (def.)
zagen (ter.)
zeuren (def.)
lopen BE
rennen NL
uitgaan (BE)
stappen (NL)
ik ga door (BE) (ter.)
ik ben weg (def.)
ik ga door (NL) (ter.)
je doet verder met wat je al deed ( def.)
gierig (ter.)
geen geld of bezit aan andere willen geven
zeuven (NL) (ter.)
zeven (BE) (def.)
spreken met een harde g (ter.)
nederlanders (def.)
tweeklanken (ter.)
de klanken die gespeld worden met de lettertekens au en ou (saus, kous), ei en ij (leiden, lijden), en ui (tuin). (def.)
Nederlands-Nederlands (ter.)
een variant van het Standaardnederlands die in Nederland gesproken wordt (def.)
belgsich-nederlands (def.)
een variant van het Standaardnederlands die in België gesproken wordt (def.)
vlaams (ter.)
het dialect dat in de provincies West- en Oost-Vlaanderen gesproken wordt (def.)
hollands (ter.)
het dialect dat in de provincies Noord- en Zuid-Holland gesproken wordt (def.)
verschillen tussen vlamingen en nederlanders (ter.)
herkenbare tongval en woordenschat (def.)
croque-monsieur (ter.)
standaardtaal in vlaanderen (def.)
tosti (ter.)
standaardtaal in nederland (def.)
ons (NL) (ter.)
gram (BE) (ter.)
kwark (NL) (ter.)
plattekaas (BE) (def.)
ham (NL) (ter.)
hesp (BE) (def.)
taugé (NL) (ter.)
soja (BE) (def.)
ui (NL) (ter.)
ajuienen (BE) (def.)
harde bolletjes (NL) (ter.)
pistolé (BE) (def.)
zachte puntjes (NL) (ter.)
sandwich (BE) (def.)
jus d’orange (NL) (ter.)
fruitsap (BE) (def.)
patat (NL) (ter.)
diepvriesfrieten (BE) (def.)
lolly’s (NL) (ter.)
lekstok (BE) (def.)
meertaligheid (ter.)
als je afwisselend meerdere talen gebruikt in de communicatie met anderen. (def.)
luistertaal (ter.)
personen met verschillende talige achtergronden hun eigen taal spreken en elkaar toch verstaan (def.)
docent (NL) (ter.)
leerkracht (BE) (def.)
jij (NL) (ter.)
gij (BE) (def.)
fysiotherapeut (NL) (ter.)
kinesist (BE) (def.)
jurk (NL) (ter.)
kleedje (BE) (def.)
kenmerken van Nederlands-Nederlands
harde g
ij wordt uitgesproken als een tweeklank
verlenging van lange klanken zoals “lowpen”
v uitgesproken als f
z uitgesproken als s
kenmerken van belgisch-nederlands
lange klanken worden niet verlengd
spreken met een zachte g
v uitgesproken als v
z uitgesproken als z
ij wordt uitgesproken als een eenklank