fysiologie histologie het epitheelweefsel

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/50

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 11:01 AM on 2/7/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

51 Terms

1
New cards

hoe noemen we de studie van de anatomische structuren die we met het blote oog kunnen waarnemen

dit noemen we de anatomie

2
New cards

wanneer spreken we over cytologie of celleer en histologie of weefselleer

we spreken hierover als we op microspopisch niveau naar het lichaam kijken

3
New cards

wat bestudeerd de fysiologie

de fysiologie bestudeert de functie van de cellen, weefsels, organen en orgaanstelsels in het lichaam en de manier waarop zij met elkaar samenwerken

4
New cards

wat vormd een weefsel

gespecialiseerde cellen die samenwerken om een bepaalde functie te vervullen vormen een weefsel

5
New cards

geef de definitie van een weefsel

een weefsel is een groepering van cellen die gelijkaardige kenmerken en gelijkaardige functies hebben

6
New cards

wat vormd een orgaan

een combinatie van weefsels vormt een orgaan en organen zijn gegroepeerd tot orgaanstelsels

7
New cards

welke 4 primaire types van weefsels onderscheiden we

- epitheel of dekweefsel:

  • dit bedekt en aflijnt andere weefsels

- bindweefsel:

  • fit geeft steun en vult inwendige ruimten op

- spierweefsel:

  • dit maakt actieve beweging mogelijk

- het zenuwstelsel:

  • dit geleidt elektrische impulsen om zo informatie verder te geleiden

8
New cards

wat moeten de vier primaire types weefsels doen om een orgaan goed te doen werken

ze moeten samenwerken, de meeste organen bevatten de vier primaire types van weefsels

9
New cards

geef een toepassing van histologie in de praktijk

  • een toepassing van histologie is de histopathologie

  • in de praktijk kunnen we onze kennis over de weefsels inzetten om pathologische processen te bestuderen, de microscopische studie van ziekte in de weefsels noemen we de histopathologie

10
New cards

leg uit wat histopathologie is

  • Histopathologie is het bestuderen van ziekteverschijnselen in weefsels onder de microscoop. Artsen kijken naar kleine stukjes weefsel (bijvoorbeeld uit een biopsie) om te zien of er afwijkingen zijn, zoals ontsteking, infectie of kanker. Het helpt vooral bij het stellen van een nauwkeurige diagnose.

  • veranderingen in het aantal, de grootte en de vorm van de cellen, de celorganellen en de andere weefselcomponenten kunnen helpen om een diagnose te stellen van een bepaald ziekte proces

11
New cards

wat vormd het epitheel

het epitheel vormt de bekleding van de organen en lichaamsholten, het bedekt de in- en uitwendige oppervlakten en bekleedt inwendige transportbuizen

12
New cards

geef de algemen eigenschappen van het epitheel

het epitheel of dekweefsel bevat:

  • dicht opeengepakte cellen die in lage gerangschikt zijn, dit kan slechts één laag of meerdere lagen zijn

  • de cellen zijn polair

  • het is avasculair

  • beschadigde epitheelcellen worden voortdurend vervangen of hersteld

13
New cards

leg uit wat er met polair en avasculair word bedoeld wanneer we spreken over de eigenschappen van epitheel

- polair:

  • dit wil zeggen dat ze in een bepaalde richting zijn georinteerd, met een apicaal oppervlakte richting het lumen van het orgaan of de lichaamsholte en een basaal oppervlak richting het onderliggende bindweefsel

- avasculair:

  • dit wilt zeggen dat het epitheel geen bloedvaten bevat, de meeste epitheelweefsels zijn wel geïnnerveerd wat wil zeggen dat ze zenuwen bevatten die belangrijke sensorische informatie doorgeven

14
New cards

welke zijn de 4 belangrijkste functies die een epitheel kan hebben

  • de biedt fysieke bescherming aan de onderliggende weefsels tegen schaven, uitdrogen en aantatsing door chemische stoffen of ziekteverwekkerd

  • het regeld de doorlaatbaarheid van biochemische stoffen naar de onderliggende weefsels, alle stoffen die het lichaam binnenkomen of verlaten moeten door een epitheel passeren

  • epitheel kan zintuigfuncties hebben, gespecialiseerde epitheelcellen kunnen veranderingen in de omgeving waarnemen en sensorische informatie ontvangen , die informatie word dan naar het centrale zenuwstelsel geleid om daar te worden waargenomen

  • epitheel kan ook aangepast zijn tot klierweefsel of glandulair epitheel, het bevat dan kliercellen die betrokken zijn in de secretie of excretie van biochemische stoffen

15
New cards

leg het verschil uit tussen excretie en secretie (exocriene en endocriene cellen)

- excretie:

  • wanneer de geproduceerde stoffen het lichaam uiteindelijk verlaten zoals bijvoorbeeld het geval is bij zweet of melkklieren spreken we van excretie of uitscheiding

- secretie:

  • als de geproduceerde stoffen in het lichaam aanwezig blijven spreken we van secretie of afscheiding, dit is het geval bij slijm, hormonen en enzymen

16
New cards

wat moeten epitheelcellen zijn om andere weefsels effectief te kunnen beschermen

  • om andere weefsels effectief te kunnen beschermen moeten epitheelcellen stevig verbonden zijn met elkaar en met het basale membraam

  • zodat er een samenhangende maar toch doorlaatbare bekleding ontstaat

17
New cards

omschrijf hoe epitheelcellen met elkaar verbonden zijn

  • de zijvlakken zijn gegolfd waardoor ze in elkaar passen als een puzzel

  • tussen naburige epitheelcellen zitten er kanaaltjes gevuld met matrix die voedingsstoffen en avalstoffen transporteren vanuit en naar de onderliggende weefsels

18
New cards

geef de vormen van cellulaire verbindingen weer van het epitheel

  • tight junctions

  • desmosomen

  • gap junctions

  • hemidesm

( de zijkanten van de epitheelcellen zijn verbonden met de naburige cellen via deze soorten verbindingen)

19
New cards

leg uit wat er bedoeld word met een tight junction

  • een tight junction word gevormd door de samenstelling van de buitenste lagen van de plasmamembramen van twee naburige cellen

  • dit vormt een ondoordringbare barrière die ervoor zorgt dat water en ionen niet tussen de cellen door kunnen passeren

  • tight junctions treffen we aan in weefsels waar er geen lekken mogen zijn zoals in de urineblaas of het spijsverteringsstelsel

20
New cards

leg uit wat er bedoeld word met een gap junction

  • een gap junction verbindt twee cellen via connexons

  • via een connexon is transport van ionen, voedingsstoffen en elektrische signalen van de ene cel naar de andere cel mogelijk

  • gap junctions zijn talrijk aanwezig in hartspierweefsel en glad spierweefsel waar ze een rol spelen in de coördinatie van de spiercontracties

21
New cards

leg uit wat connexons zijn

connexons zijn kanaaleiwitten die van het cytoplasma van de ene cel naar het cytoplasma van de andere cel lopen

22
New cards

leg uit wat er bedoeld word met een desmosoom

  • een desmosoom is een verdikking die de plasmamembramenen van twee naburige cellen met elkaar verbindt

  • de verbinding wordt gevrormd door intercellulaire filamenten die in elkaar passen als de vezels van een klittenband

  • epitheel weefsel met desmosomen is goed bestand tegen spanning en uitrekking

  • de vinden dit terug in de huid, het hart en de baarmoeder

23
New cards

leg uit wat hemidesmosoom is

  • een hemidesmosoom is een verbinding die eruitziet als een half desmosoom

  • het verbindt een epitheelcel met het basale membraam dat eronder ligt

24
New cards

leg uit wat het basale membraam is

  • het basale membraam vormt de fundering van de epitheelcel

  • het is een netwerk van vezels dar de epitheelcel stevig vasthecht aan het onderliggende bindweefsel

  • het is een sterk en elastisch membraam dat varieert in dikte naargelang de locatie

  • de basale membraam vormt een gedeeltelijke barrière waardoor O2, CO2, voedingsstoffen en afvalstoffen kunnen bewegen tussen de epitheelcel en het onderliggende bindweefsel

25
New cards

wat heeft het epitheel dat de bloedvaten bekleedt

het heeft een glad oppervlak zodat het bloed er zonder wrijving door kan stromen dit noemen we een oppervlakte specialisatie

26
New cards

wat is een oppervlakte specialisatie

oppervlakte specialisatie is een aanpassing van de cellen aan hun apicale (bovenste) kant, waardoor het epitheel een specifieke functie beter kan uitvoeren.

27
New cards

geef nog voorbeelden van oppervlakte specialisaties

  • epitheel dat inwendige transportbuizen bekleedt waar absorptie en secretie belangrijk zijn

  • in het ademhalingsstelsel en het urogenitaal stelsel vinden we epitheelcellen die bedekt zijn met duizende kleine trilharen of cillia

  • cillia of trilharen maken gecordineerde bewegingen waardoor ze stoffen langs het oppervlak van het epitheel kunnen verplaatsen, in de luchtpijp helpen ze om slijm en stofdeeltjes naarboven richting de keel te bewegen en in de eileiders helpen ze om eicellen richting de baarmoeder te bewegen

28
New cards

geef meer uitleg over epitheel dat inwendige transportbuizen bekleedt waar absorptie en secretie belangrijk zijn

  • zoals het spijsverteringsstelsel en het urinaire stelsel die vaak vingervormige uitstulpingen of microvilli aan het oppervlak hebben

  • waardoor het oppervlak vergroot waardoor er veel meer plaats is voor absorptie of secretie

29
New cards

wat doen de cillia of trilharen

cillia of trilharen maken gecordineerde bewegingen waardoor ze stoffen langs het oppervlak van het epitheel kunnen verplaatsen, in de luchtpijp helpen ze om slijm en stofdeeltjes naarboven richting de keel te bewegen en in de eileiders helpen ze om eicellen richting de baarmoeder te bewegen

30
New cards

wat is keratine en wat doet het

  • aan de oppervlakte van de huid slaan epitheelcellen een beschermende waterbestendige stof op die we keratine noemen

  • cellen met keratine noemen we verhoornde cellen en zij zorgen ervoor dat de huis een beschermende en waterdicht oppervlakte vormd

31
New cards

geef de 5 algemene eigenschappen van epitheel

1) dicht opeengeplakte cellen

2) ligt op een basaal membraam

3) geen bloedvaten (avasaal)

4) snelle celvernieuwing

5) duidelijke polariteit: cellen hebben een apicale en basale zijde

32
New cards

beschrijf de 4 belangrijkste functies van het epitheel

1) bescherming

2) doorlaatbaarheid

3) sensorische informatie ontvangen

4) kan aan excretie en secretie doen (kliercellen)

33
New cards

verklaar de functie van een glad oppervlak, de microvilli, de cillia en verhoorning

- glad oppervlak:

  • vrijving vermijden zoals bij de bloedvaten

- microvilli:

  • aan oppervlakte vergroting doen voor meer absorptie

- cillia:

  • stof verplaatsen langs het epitheel

- verhoorning:

  • bescherming en waterdichtheid

34
New cards

volgens welke drie criterie word epitheelweefsel ingedeeld

- het aantal cellagen:

  • we onderscheiden eenlagig en meerlagig epitheel

- de vorm van de cellen:

  • op basis hiervan onderscheiden we plaveiselepitheel (afgeplatte cellen), kubische epitheel en cilindrich epiteel

(meerlalig epitheel bevat cellen van verschillende vormen, de benaimg van het epitheel) (wordt bepaald door de vorm van de cellen in de buitenste cellaag)

- de aanwezigheid van een oppervlakte specialisatie:

  • zoals trilharen, microvilli of verhoornde cellen

35
New cards

welke types van epitheel zijn er allemaal

  • eenlagig plaveiselepitheel

  • meerlagig plaveiselepitheel

  • eelagig kubische epitheel

  • meerlalgig kubisch epitheel

  • eenlagig cilindrich epitheel

  • meerlagig cilindrich epitheel

  • pseudomeerlagig cilindrich epitheel

  • overgangsepitheel

36
New cards

wat is eenlagig plaveiselepitheel

  • eenlagig plaveiselepitheel bevat afgeplatte cellen met een schijfvormige kern

  • dit epitheel is dun en fragiel en komt voor op beschermde plaatsen in het lichaam waar het de passage van water O2, CO2 en kleine molecullen mogelijk maakt zoals in de longblaasjes en de nieren

  • het epitheel is vlak en glad, waardoor het geen vrijving veroorzaakt

37
New cards

wat is endotheel

dit is eenlagig plaveiselepitheel dat bloed- en lymfe vaten aflijnt, doordat het epitheel vlak en glad is word wrijving vermeden

38
New cards

wat is mesotheel

dit is eenlagig plaveiselepitheel dat de borst en buikholte aflijnt of het hart omringt

39
New cards

wat is eenlagig kubisch epitheel

  • eenlagig kubisch epitheel bestaat uit 1 laag kubische cellen met een ronde, centraal gelegen kern

  • we vinden het op plaatsen waar secretie en absorptie gebeurt

  • het komt voor op de oppervlakten van de eierstokken, in de schildklier, de speekselklieren, de lever, de pancreas en de nieren (microvilli)

40
New cards

wat is eenlagig cilindrich epitheel

  • eenlagig cilindrich epitheel bevat lange, dunne cellen met ovale kernen die dicht opeengepakt zijn waardoor het epitheel dikker is en meer bescherming biedt

  • dit epitheel is ook betrokken bij de secretie en absorptie

  • de vinden het terug in de afvoergangen van exocriene klieren en in de wand van het maagdarmstelsel

  • eenlagig cilindrisch epiteek met trilharen treffen we aan in de luchtwegen, de baarmoeder en de eileider

41
New cards

wat is meerlagig plaveiselepitheel

  • meerlagig plaveiselepitheel bestaat uit meerdere cellagen en biedt bescherming tegen wrijving en blootstelling aan chemische stoffen

  • we vinden onverhoornd meerlagig plaveiselepitheel terug in de mond, de slokdarm, de vagina, het rectum…

  • we vinden verhoornd meerlagig plaveiselepitheel terug in de epidermis van de huis in de verhoornde oppervlakkige cellen

42
New cards

wat is meerlagig kubische epitheel

  • meerlagig kubische epitheel bestaat meestal uit twee lange kubische cellen

  • het staat in voor de bescherming van de onderliggende weefsels in de grote afvoergangen van exocriene klieren zoals de zweetklieren, melkklieren en speekselklieren

43
New cards

wat is meerlagig cilindrisch epitheel

  • meerlagig cilindrisch epitheel bestaat uit verschillende cellagen waarbij de oppervlakkige cellen cilindrisch zijn

  • dit epitheel is zeldzaam en komt voor in de grote afvoergangen van de melkklieren en een deel van de urethra bij sommige mannelijke dieren

  • het zorgt voor de bescherming van de onderliggende weefsels

44
New cards

wat is pseudomeerlagig cilindrisch epitheel

  • pseudomeerlagig cilindrisch epitheel is een epitheel dat er meerlagig uitziet maar niet echt meerlagig is

  • alle cellen van dit epitheel zijn verbonden met het basale membraam maar niet alle cellen reiken tot aan het luminale oppervlak

  • doordat de kernen zich op verschillende hoogten bevinden lijkt het een meerlagig epitheel

  • dit epitheel is meestal voorzien van trilharen en bevat vaak ook slijmbekercellen

  • we treffen dit epitheel aan in het ademhalingsstelsel en in delen van het mannelijke voortplanting stelsel

45
New cards

wat is overgangs epitheel

  • overgangs epitheel is goed bestand tegen uitrekking

  • we treffen het aan in de urinewegen waar het epitheel bestand moet zijn tegen grote volumeveranderingen, als er bijvoorbeeld urine door de urethra loopt, dan moet het epitheel uitrekken om dit volume te kunnen opvangen

  • overgangsepitheel is waterdicht en zorgt ervoor dat er geen urine in de buikholte kan lekken

  • als we een lege urineblaas bekijken dan zien we een dik epitheel met afgeronde koepelvormige cellen aan het luminale oppervlak

  • bij een volle blaas wordt het epitheel uitgerokken en daardoor dunner

46
New cards

wat zijn klieren

klieren zijn cellen of groepen van cellen die secreties of excreties produceren

47
New cards

welke klieren onderscheiden we

we onderscheiden endocriene klieren en exocriene klieren

48
New cards

wat zijn endocriene klieren

  • endocriene klieren hebben geen afvoergangen

  • zij produceren hormonen die via de bloedbaan worden getransporteert naar de plaats in het lichaam waar ze hun functie uitoefenen

  • enkele voorbeelden van endocriene klieren zijn de hypofyse, de schildklier en de bijnieren

49
New cards

wat zijn exocriene klieren

  • zij voeren hun secreties of excreties via afvoergangen af naar celoppervlakken of lichaamsholten

  • voorbeelden van exocriene klieren zijn zweetklieren, talgklieren en speekselklieren

50
New cards

noem de 3 celvormen die kenmerkend zijn voor epitheelcellen

  • plaveiselvormig

  • kubisch vormig

  • cilindrisch vormig

51
New cards

noem twee locaties waar onverhoord meerlagig plaveiselepitheel, overgangsepitheel, eenlagig plaveiselepitheel, pseudomeerlagig cilindrisch epitheel en eenlagig kubisch epitheel voorkomen

- onverhoornd meerlagig plaveiselepitheel:

  • de mondholte en slodarm

- overgangsepitheel:

  • urineblaas, uterus en urethers

- eenlagig plaveiselepitheel:

  • longblaasjes, bloedvaten en lymfe vaten

- pseudomeerlagig cilindrisch epitheel

  • de luchtpijp, bronchi, mannelijke voortplantingsstelsel

- eenlagig kubisch epitheel:

  • nierbuisjes, schildklier en speekselklier