1/77
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress

ervan uitgaan
iets veronderstellen, aannemen dat iets zo is, of op iets rekenen zonder dat je het 100% zeker weet.

tjilpen
Het maken van een kort, hoog en piepend geluid, met name door kleine vogels (zoals mussen) of krekels.

betrekken bij
Iemand of iets laten meedoen, deel laten uitmaken van een activiteit, proces of beslissing.

aantreffen
Iemand of iets op een bepaalde plaats tegenkomen, vinden of opmerken, vaak onverwacht of bij aankomst.

onderschatten
Iets of iemand minder hoog, sterk, waardevol of bekwaam inschatten dan in werkelijkheid het geval is.

jongleren
Het behendig in de lucht houden en opvangen van meerdere voorwerpen (zoals ballen of kegels) tegelijk.
Figuurlijk: Het combineren van meerdere taken, verantwoordelijkheden of verplichtingen tegelijkertijd.

smullen van
Met heel veel smaak en genoegen iets eten of drinken.
Figuurlijk: Met heel veel plezier ergens van genieten, ergens intens van smullen (zoals nieuws, roddels of een goed boek).

aandacht schenken aan
Bewust je aandacht, tijd of zorg richten op iemand, een onderwerp of een probleem.

afrekenen met
Een schuld of rekening definitief betalen of vereffenen.
Figuurlijk: Definitive een einde maken aan iets (zoals een probleem, gewoonte of verleden), of iemand straffen/aanpakken voor diens daden.

tekortdoen
Iemand onrecht aandoen door hem/haar niet te geven waar hij/zij recht op heeft, of door iemands kwaliteiten te onderschatten.
Jezelf niet gunnen wat je nodig hebt (bijvoorbeeld te weinig eten, rust of plezier nemen).

opzijschuiven
Een voorwerp fysiek naar de kant verplaatsen.
Figuurlijk: Een idee, voorstel, plan of persoon negeren, negeren als onbelangrijk, of buiten spel zetten.

baat hebben bij
Voordeel, nut of profijt ondervinden van iets; ergens beter van worden.

stimuleren
Ansporen, aanmoedigen of de ontwikkeling, groei of activiteit van iets of iemand bevorderen.

de baarmoeder
Het holle spierorgaan in het onderlijf van een vrouw of vrouwelijk zoogdier waarin een bevruchte eicel zich ontwikkelt tot een foetus.

het chromosoom
Een structuur in de celkern die bestaat uit DNA en eiwitten, en die de erfelijkheidsdragers (genen) van een organisme bevat.

de eileider
De buis die de eierstok verbindt met de baarmoeder en waar de bevruchtning van de eicel plaatsvindt.

de ontwikkelingspsycholoog
Een psycholoog die gespecialiseerd is in de psychologische ontwikkeling van de mens gedurende de verschillende levensfasen (van baby tot ouderdom).

de neuroloog
Een medisch specialist die gespecialiseerd is in de diagnose en behandeling van aandoeningen van het zenuwstelsel (de hersenen, het ruggenmerg en de zenuwen) en de spieren.

de brij (een grote brij)
Letterlijk: Een dikke, kookbare massa van meel, granen of vlokken gekookt in melk of water (zoals pap).
Figuurlijk: Een onoverzichtelijke, chaotische mengelmoes, troep of wirwar van dingen, gedachten of woorden.

het ruimtelijk inzicht
Het vermogen om je een voorstelling te maken van driedimensionale objecten, vormen en ruimtes, en te begrijpen hoe deze zich tot elkaar verhouden (bijvoorbeeld hoe een vorm er gedraaid uitziet of hoe iets in een ruimte past).

de aanleg
Aangeboren talent / geschiktheid: Een natuurlijke begaafdheid of neiging voor iets (bijv. aanleg voor talen, aanleg om aan te komen).
Het aanleggen / bouwen: Het construeren, maken of installeren van iets (bijv. de aanleg van een tuin, spoorlijn of weg).

de achterstand
Het achterlopen op anderen in een race, ontwikkeling, werk, betaling of score; een situatie waarin je minder ver bent dan gewenst of vergelijkingseisen stellen.

het beloningssysteem
Psychologie/Sociologie & Werk: Een gestructureerd systeem binnen een organisatie om prestaties, inzet of goed gedrag te belonen (bijv. via salaris, bonussen, schouderklopjes of promotie).
Neurologie/Biologie: Een netwerk in de hersenen (het beloningscentrum) dat dopamine aanmaakt wanneer je iets prettigs of nuttigs doet, wat zorgt voor een gevoel van genot en motivatie.

de sociale status
De positie, aanzien of waardering die iemand inneemt op de maatschappelijke ladder, vaak bepaald door factoren als beroep, opleidingsniveau, inkomen, afkomst of invloed.

het sociaal aanzien
De mate van respect, waardering, bewondering en prestige die iemand van anderen in de maatschappij krijgt. Het gaat om hoe waardevol of belangrijk de omgevingem jouw maatschappelijke positie of gedrag inschat.

embryonaal
Biologisch: Betrekking hebbend op een embryo (het vroegste ontwikkelingsstadium van een ongeboren kind of dier).
Figuurlijk: In een heel vroeg, beginnend of onvolgroeid stadium (bijv. een idee, plan of stadium dat zich nog moet ontwikkelen).

aangeboren
Biologisch/Medisch: Vanaf de geboorte aanwezig (meegegeven via genen of ontstaan tijdens de zwangerschap), niet later in het leven aangeleerd of opgelopen.
Figuurlijk: Een natuurlijke eigenschap of talent dat iemand van nature heeft.

impulsief
Handelen of reageren vanuit een plotselinge ingeving of emotie, zonder eerst na te denken over de gevolgen of de situatie te overzien.

tamelijk
In behoorlijke mate, redelijk, nogal. Het zwakt een eigenschap iets af ten opzichte van 'zeer' of 'heel', maar geeft aan dat het meer dan gemiddeld is.

sappig
Letterlijk: Veel sap bevattend, fris en smakelijk (bijv. fruit of vlees).
Figuurlijk: Vol smeuïge, pikante of boeiende details (bijv. een verhaal, roddel of anekdote).
pertinent
Stellig / Absoluut: Heel beslist, zonder twijfel of voorbehoud (bijv. "pertinent weigeren" of "pertinent onjuist").
Ter zake / Relevant: Direct betrekking hebbend op het onderwerp (minder gebruikelijk in het alledaags Nederlands, maar formeel wel juist).
doorslaggevend
Iets wat de beslissing of de uitslag bepaalt; van beslissende betekenis.

geestig
Op een slimme, vrolijke of subtiele manier grappig; gevat of humoristisch.
dito
Luidt net zo / Evenzo: Wordt gebruikt om aan te geven dat hetzelfde geldt voor iemand anders of voor het volgende punt ("insgelijks", "van hetzelfde").
Desgelijks: Om een herhaling van woorden, een opstelling of een bestelling te voorkomen (vaak aangeduid met leestekens „ of ditto).
naar verhouding
Vergeleken met andere gevallen, in verhouding tot het geheel, of betrekkelijk/relatief.
wel degelijk
Echt wel, inderdaad, absoluut (wordt gebruikt om een twijfel, ontkenning of tegenwerping krachtig te spreken of te weerleggen).
in de regel
Gewoonlijk, normaal gesproken, over het algemeen (volgens de regel of vaste gewoonte).

uitsluitend
Alleen maar, niks anders dan, exclusief (zonder dat er iets of iemand anders bij hoort).

een duwtje geven
Letterlijk: Iets of iemand fysiek een lichte duw geven.
Figuurlijk: Iemand aanmoedigen, stimuleren of helpen om in beweging te komen of een beslissing te nemen (een 'duwtje in de rug').

onder de loep nemen
Iets of iemand heel nauwkeurig, kritisch en gedetailleerd onderzoeken of bekijken.

als een paal boven water staan
Iets is absoluut zeker, staat buiten kijf of valt niet te betwijfelen.

ergens achter komen (erachter komen dat)
Iets ontdekken, gewaarworden of ergens kennis van krijgen (vaak na onderzoek, bij toeval, of nadat het eerder verborgen was).

onder de knie krijgen / hebben
Onder de knie krijgen: Een vaardigheid of kennis aanleren totdat je het goed kunt.
Onder de knie hebben: Iets al goed beheersen of kennen.

op de koop toe nemen
Een ongunstig of minder prettig bijverschijnsel accepteren omdat het nu eenmaal hoort bij een situatie waar je voor kiest.

beren (en leeuwen) op de weg zien
Denkbeeldige of overdreven problemen en obstakels verwachten; vooraf al bang zijn voor moeilijkheden die er misschien helemaal niet komen.

uit het oog verliezen
Letterlijk / Sociaal: Het contact met iemand kwijtraken na verloop van tijd.
Figuurlijk: Een doel, belangrijk detail of principe vergeten of niet meer opmerken door afleiding.
zetelen
Bestuurlijk/Bedrijfsmatig: Een officieel kantoor, vestiging of hoofdzetel op een bepaalde plaats hebben.
Functie/Rol: Zitting hebben in een bestuur, raad, commissie of parlement.

vergrendelen
Iets stevig sluiten, vastzetten of blokkeren zodat het niet zomaar geopend, gebruikt of bewogen kan worden (bijv. een deur, een scherm of een mechanisme).

indommelen
Langzaam en rustig in een lichte slaap vallen, vaak ongemerkt of hazenslaapjes doen. Figuurlijk betekent het ook het verslappen van de aandacht of het langzaam stilvallen van een activiteit.
uitmonden in
Geografisch: Waar een rivier of waterstroom eindigt en overgaat in een zee, meer of andere rivier.
Figuurlijk: Uiteindelijk leiden tot, eindigen in, of resulteren in een bepaalde situatie.

aanspoelen op
Door de stroming van het water (of de zee) naar de kust of het strand gedreven worden en daar blijven liggen.

verwerpen
Het formeel of beslist afwijzen, niet accepteren of ongeldig verklaren van iets (zoals een voorstel, theorie, bod, wet of gedachte).

verbergen
Iets of jezelf buiten het zicht houden, niet laten zien of geheimhouden voor anderen.
(te) wijten aan
Het gevolg zijn van een bepaalde (meestal negatieve) oorzaak, omstandigheid of fout; toegeschreven worden aan.
ontsluiten
Toegankelijk maken, openleggen of beschikbaar maken voor gebruik of ontwikkeling (bijv. een gebied, informatie, bronnen of een markt).

overstemmen
Luider klinken dan een ander geluid waardoor dat niet meer te horen is, of (figuurlijk) de doorslag geven en andere stemmen, meningen of gevoelens overheersen.

ploffen
Fysiek: Met een dof geluid of neerploffen/vallen (bijv. zwaar op de bank ploffen, of een explosie/plof).
Culinair / Eten: Plofkippen (extreem snel opgefokte kippen) of pofrijst/popcorn.
Financieel / Failliet: Het "ploffen" van een bedrijf of constructie (plotseling failliet gaan of instorten).

vastlopen in
Niet meer verder kunnen met iets, geblokkeerd raken, of in een moeilijke/ongewenste situatie terechtkomen waar je niet zomaar uit komt.

het parcours
Een afgelegd of af te leggen traject, met name bij een sportwedstrijd (zoals wielrennen, hardlopen of paardensport). Figuurlijk gebruikt voor een afgelegde weg, proces of carrière.

de verbeelding
Het vermogen om je beelden, ideeën of situaties voor te stellen die er niet echt zijn (fantasie), óf het denkbeeld dat iets zo is terwijl het niet klopt ("dat is maar verbeelding").
de generator
Een toestel of apparaat dat een specifieke vorm van energie, stof of data opwekt (bijvoorbeeld stroom, stoom, gassen, of tekst/code via software).

de invloedssfeer
Het gebied, de omgeving of de kring waarin een staat, organisatie of persoon grote invloed kan uitoefenen.

het zintuig
Een orgaan waarmee een mens of dier de buitenwereld waarneemt (zoals zien, horen, ruiken, proeven en voelen).

de visuele cortex
Het deel van de hersenschors (in de achterhoofdskwab / occipitale kwab) dat verantwoordelijk is voor het verwerken van visuele informatie die binnenkomt via de ogen.

het voorstellingsvermogen
Het vermogen om je ergens een beeld van te maken in je hoofd, of om dingen te bedenken die er niet (direct) zijn; verbeeldingskracht of verbeelding.

de vermindering
Het minder, kleiner of lager worden (of maken) van iets, zoals een aantal, hoeveelheid, prijs of intensiteit.

de stikstofverontreiniging
De vervuiling van het milieu (lucht, bodem en water) door een overmaat aan stikstofverbindingen, zoals ammonia (uit de landbouw) en stikstofoxiden (uit het verkeer en de industrie).

fysiek
Alles wat te maken heeft met de lichamelijke gesteldheid, de tastbare werkelijkheid of de natuurkunde.
Het kan als bijvoeglijk naamwoord gebruikt worden (fysieke klachten = lichamelijke klachten) of als zelfstandig naamwoord (een sterk fysiek = een sterke lichamelijke bouw).

baanbrekend
Iets wat heel vernieuwend is, een grote verandering teweegbrengt en de weg vrijmaakt voor nieuwe ontwikkelingen (bijv. een baanbrekende ontdekking of technologie).
vergezocht
Iets wat heel onwaarschijnlijk, niet logisch of veel te ver gezocht is; een verklaring, theorie of argument die kunstmatig of gezocht overkomt.
esthetisch
Alles wat te maken heeft met de schoonheidsleer, de smaak of het mooie uiterlijk van iets. Als iets "esthetisch" is, is het mooi, smaakvol of artistiek verantwoord om te zien.
op je zenuwen werken
Iemand erg ergeren, irriteren of onrustig maken door irritant of herhaaldelijk gedrag.

in zijn achteruit zetten
Een voertuig (auto, vrachtwagen, enz.) in de achteruitversnelling schakelen om achteruit te kunnen rijden. Figuurlijk betekent het ook: een stap terugdoen of gas terugnemen.

op de loer liggen
Verborgen of onopgemerkt afwachten om iemand of iets te overvallen, te grijpen of te verrassen. Figuurlijk betekent het dat een gevaar, kans of ziekte dreigt of nabij is.

op het potje krijgen
Opvoeding/Peuters: Een klein kind leren om op het zindelijkheidspotje te gaan om te plassen of poepen (zindelijk maken).
Straattaal/Figuurlijk: Iemand aanpakken, op zijn kop geven, verslaan of ergens flink van langs geven.
ervan langs krijgen
Flink op de kop gekregen worden, een zware schrobbering of straf ontvangen, of (fysiek of mentaal) klappen incasseren.

zich blindstaren op
Zo gefocust zijn op één bepaald detail, idee of probleem dat je het overzicht verliest en geen oog meer hebt voor alternatieven of het grotere geheel.

wachten tot je een ons weegt
Heel erg lang moeten wachten op iets wat waarschijnlijk nooit gaat gebeuren of ontzettend lang op zich laat wachten.