Kaarten: Trajet 1 - 5de jaar | Quizlet

4.0(1)
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/94

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

95 Terms

1
New cards

l'abonnement

het abonnement

2
New cards

l'appli(cation)

de app

3
New cards

l'athlétisme

de atletiek

4
New cards

la boum

de fuif, het feestje

5
New cards

le court de tennis

de tennisbaan

6
New cards

l'escalade

de (berg) beklimming

7
New cards

le feu de camp

het kampvuur

8
New cards

le grimpeur

de klimmer

9
New cards

l'occasion

de gelegenheid

10
New cards

le public

het publiek

11
New cards

la randonnée

de (wandel)tocht, de (trek)tocht

12
New cards

le repos

de rust

13
New cards

les réseaux sociaux

de sociale media

14
New cards

le sac à dos

de rugzak

15
New cards

le tchat

de chat

16
New cards

amusant(e)

leuk, grappig

17
New cards

battre

verslaan

18
New cards

(se) blesser

(zich) verwonden, (zich) kwetsen

19
New cards

bouger

bewegen

20
New cards

dormir sous la tente

in de tent slapen

21
New cards

être (quatre)

(met z'n vieren) zijn

22
New cards

être passionné(e) de

heel geboeid zijn door, een passie hebben voor

23
New cards

grimper

klimmen, klauteren

24
New cards

jogger

joggen

25
New cards

monter sa tente

zijn tent opzetten

26
New cards

répéter

repeteren

27
New cards

s'abonner (à)

zich abonneren (op)

28
New cards

se baigner

zwemmen

29
New cards

sortir (en boîte)

uitgaan (in een discotheek)

30
New cards

tchatter

chatten

31
New cards

à l'aide de

met behulp van

32
New cards

à l'occasion de

ter gelegenheid van

33
New cards

à proximité de

dicht bij

34
New cards

les loisirs

de hobby's, de vrijetijdsbesteding

35
New cards

le participant, la participante

de deelnemer, de deelneemster

36
New cards

le passe-temps

de hobby, het tijdverdrijf

37
New cards

accessible

toegankelijk

38
New cards

atteindre

bereiken

39
New cards

avoir accès à

toegang hebben tot

40
New cards

avoir envie de

zin hebben in

41
New cards

encourager

aanmoedigen

42
New cards

être accro à

verslaafd zijn aan, bezeten zijn van

43
New cards

se distraire

zich vermaken, zich ontspannen

44
New cards

s'entraîner

trainen, oefenen

45
New cards

traîner

rondhangen

46
New cards

les arts martiaux

vechtsporten

47
New cards

le canoë

de kano

48
New cards

l'escaladeur

de (berg) beklimmer

49
New cards

le gymnase

de sportzaal, de turnzaal

50
New cards

l'ornithologie

de vogelkunde

51
New cards

le parc d'attractions

het pretpark, het attractiepark

52
New cards

le saut à l'élastique

het benjispringen, de benjisprong

53
New cards

le saut en parachute

het parachutespringen

54
New cards

cuisiner

koken

55
New cards

dresser sa tente

zijn tent opzetten

56
New cards

escalader

(berg)beklimmen

57
New cards

faire de la marche

wandelen

58
New cards

faire du canoë

kanoën

59
New cards

faire du cheval

paardrijden

60
New cards

observer les oiseaux

vogels spotten

61
New cards

partir à l'aventure

op avontuur gaan

62
New cards

plonger

duiken

63
New cards

le bouquin

het boek

64
New cards

le comédien, la comédienne

de acteur, de actrice

65
New cards

le festival

het festival

66
New cards

la littérature

de literatuur

67
New cards

la peinture

het schilderij, de schilderkunst

68
New cards

la photographie

de fotografie

69
New cards

la répétition

de repetitie

70
New cards

la scène

de scène, het podium

71
New cards

la sculpture

het beeldhouwwerk, de beeldhouwkunst

72
New cards

le spectacle

het spektakel

73
New cards

le spectateur, la spectatrice

de toeschouwer, de toeschouwster

74
New cards

la troupe (de théâtre)

het toneelgezelschap

75
New cards

avoir le trac

plankenkoorts hebben

76
New cards

bouquiner

lezen

77
New cards

entrer en scène

opkomen

78
New cards

faire de la musique

muziek maken

79
New cards

faire du théâtre

toneelspelen

80
New cards

jouer un rôle

een rol spelen

81
New cards

sculpter

beeldhouwen

82
New cards

la collection (de timbres)

de (postzegel-)verzameling

83
New cards

le collectionneur, la collectionneuse

de verzamelaar, de verzamelaarster

84
New cards

le jeu de société

het gezelschapsspel

85
New cards

la philatélie

de filatelie, het verzamelen van postzegels

86
New cards

la plateforme de vidéos à la demande

de streamingdienst

87
New cards

les règles du jeu

de spelregels

88
New cards

reposant(e)

rustgevend

89
New cards

aller à la pêche

gaan vissen

90
New cards

aller boire un verre

op café gaan, iets gaan drinken

91
New cards

jouer à un jeu de société

een gezelschapsspel spelen

92
New cards

jouer aux cartes

kaarten, een kaartspel spelen

93
New cards

prendre du repos

rusten

94
New cards

prendre un verre

op café gaan, iets gaan drinken

95
New cards

se relaxer

relaxen