1/52
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No study sessions yet.
Nederlands tijdvak
officieel kaarten van de militaire verkenningen
private cartografie (4)
officiële kaarten van de militaire verkenning
oprichting en triangulantienetwerk (2)
opdracht en uitvoering (3)
geografische dekking (3)
kwaliteit en kenmerken (3)
officiële kaarten van de militaire verkenning: oprichting en triangulatienetwerk
de regering van het Koninkrijk der Nederlanden, via de dienst "Militaire verkenningen", de Zuidelijke Nederlanden systematisch aan een topografische kartering
Aan de basis ligt een triangulatie dat aansluit op dat van Cassini in het zuiden en dat van Krayenhoff in het noorden
Nederlands tijdvak: private cartografie
opkomst van de boekencultuur en geografische interesse (3)
Jean-Baptiste de Bouge - DH
Madame Monborne
Guillaume de Wautier de Beren: Brusselse regio
Nederlands tijdvak: private cartografie: opkomst boekencultuur
Sinds de 18de eeuw werd de "boekencultuur" in de salons van steeds groter belang, waardoor de interesse voor geografie en cartografie in private kringen groeide
Madame Monborne
Over Madame Monborne is verder weinig bekend, maar zij voorzag de publicatie van een "Carte topographique, physique et militaire" in 60 kaartbladen van de grensregio's met Frankrijk en Nederland en de Brusselse regio
Er werden echter slechts 14 van de grenszones en 15 van de Brusselse regio teruggevonden (of gemaakt)
De kaarten zijn op schaal 1/16100 en gemaakt in de jaren 10 en 20; de grenskaarten zijn ongetwijfeld ten dele gebaseerd op de nochtans geheime kaarten van de "Militaire verkenningen"
Guillaume de Wautier de Beren: Brusselse regio
Deze kaarten zijn gemaakt op schaal 1:6100 (12 keer 4 kaartbladen), zijn rijk aan details en geven de situatie weer rond 1800 met aanvullingen tot 1822
Hij maakte nog andere kaarten zoals een grote kaart van Brussel die onuitgegeven bleef en een topografische kaart van de Brusselse omgeving
Belgische kaarten na 1830: de private cartografie en kaarten VanderMaelen: algemene situatie
Onmiddellijk na de Belgische onafhankelijkheid ging de officiële cartografie achteruit; ze zou maar geleidelijk weer op gang komen
De private cartografie daarentegen oogstte nog successen
Vandermalen
Persoon
Etablissement Géographique
hervormingen van bestaande kaarten
ieuwe kaarten + atlas
Vandermalen: hervorming van bestaande kaarten
herziene uitgave van de Carte marchande van Ferraris (1831-32)
Hij bracht ook een aangepaste uitgave van de kaart van de Noordelijke Nederlanden van Krayenhoff op een sterk gelijkende schaal, waardoor de kaart van Noord en Zuid kon worden ééngemaakt
Vermalen: herziene uitgave van Ferraris:
hij paste de grenzen aan (van vóór het verdrag van 1839),
actualiseerde het wegennet
voegde stadsplannen toe
maar respecteerde de originele schaal (1/86400)
Vandermalen: nieuwe kaarten
maakte kaart van België op 1/80000 (4)
Eerste Topografische kaart (4)
Atlas des chemins vicinaux (4)
Vandermalen: maakte kaart van België op 1/80000 (4)
in lithografie tussen 1837 en 1853
25 kaartbladen
in samenwerking met Paul Gérard: in bezit deel gemete uitvoeringen tijdens Hollands Bewind
voor eerste maal mogelijk: dekkende kaart die geodetisch ondersteund was (2)
Vandermalen: maakte kaart van België op 1/80000 (4): voor eerste maal mogelijk: dekkende kaart die geodetisch ondersteund was (2)
hoogtegegevens: uit verschillende bronnen + door schrapjes voorgesteld
planimetrische invulling: steunt op kadastrale plannen
Vandermalen: Eerste Topografische kaart (4)
op 1/20000 verschenen tussen 1846 en 1854 ⇒ 250 kaartbladen
Ze is, na Ferraris, de eerste topografische kaart die voor geheel België is afgewerkt, gebaseerd op de kadasterkaarten en op de triangulatie uit de Nederlandse tijd
Ze is van goede kwaliteit maar haalt voor grote delen niet het niveau van de kaarten op dezelfde schaal die vrij kort daarop verschijnen en gemaakt zijn door het Dépôt de la Guerre
Het reliëf is nog weergegeven met schaduwen en de perceelsrandbegroeiing is niet zo nauwkeurig aangebracht
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart:
oprichting dépot
eerste producties
De grootschalige basiskaart
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: oprichting dépot
Op 26 januari 1831 werd het Dépôt de la Guerre opgericht, onderdeel van het Ministerie van Oorlog
Vanaf 1878 heette het Militair Cartografisch Instituut, vanaf 1947 Militair Geografisch Instituut en sinds 1976 Nationaal Geografisch Instituut
De officiële cartografie had enige tijd nodig om weer het niveau te bereiken van de tijd van het Verenigd Koninkrijk, ook omdat de Nederlanders een deel van de informatie hadden meegenomen
doel vooral: kartering van de grenzen met Nederland en het Groothertogdom Luxemburg
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: eerste producties
tussen 1839 en 1843: publiceren enkele losse kaartdocumenten
De eerste kaarten waren grenskaarten en kaarten van versterkingen, maar ook wegenkaarten
september: 1843: basisopdracht: waaronder opstellen landsdekkende kaart
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: de grootschalige basiskaart
Opzet
werkwijze en technische aspecten
revisies en heruitgaven (1877-1914)
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: de grootschalige basiskaart: opzet
Succesvoller was het opzet van een topografische kaart op schaal 1/20000 en 1/40000, stapsgewijs volledig gerealiseerd
Deze kaarten bleven tot ongeveer 1950 en zelfs langer de basiskaarten voor de Belgische topografische cartografie en zijn daarom van uitzonderlijk belang
Officieel werd gestart in 1860 ⇒ duurde tot 1873 voor geheel België opgemeten was ⇒ de eerste kaarten werden pas in 1865 gepubliceerd
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: de grootschalige basiskaart: stapsgewijs volledig gerealiseerd
oorspronkelijk bedoeld: kaartserie op schaal 1: 40 000
kaartminuut hiervoor: planchetten op schaal 1/ 20 000
overtuigd door rijke inhoud: publicatie 1/40 000 én 1/20 000
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: de grootschalige basiskaart: werkwijze en technische aspecten
Stappenplan (5)
Bij de kaarten hoorden handgeschreven "Mémoires" met aantekeningen over cultuurgewassen, brandstof, landbouwtechniek en logiesmogelijkheden voor troepen (echter verloren gegaan)
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: de grootschalige basiskaart: werkwijze en technische aspecten: stappenplan
Als basis voor de planimetrie werden de perceelsplans van het kadaster gebruikt; het grondgebruik werd na verificatie op het terrein aangeduid
De kaarten werden aangevuld met metingen voor het maken van hoogtelijnen (per meter) en planimetrisch op elkaar afgestemd = geen schrapjes
Per kaartblad werd ongeveer zes à zeven maanden terreinwerk verricht, gevolgd door ongeveer twee maanden voor de nettekeningen = minuutplanchet
deze minuutplanchet: fotografisch uitvergroot = contouren overgetekend
fotografisch bracht men dat dan over op steen ⇒ doorheen hele productieproces = geen gravures meer
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: revisies en heruitgaven (1877-1914)
Het oorspronkelijk principe om de kaarten elke tien jaar te herzien kon niet worden volgehouden; in de praktijk gebeurde ongeveer elke twintig jaar een herziening
Vóór 1914 kwamen twee revisies tot stand; de eerste vond plaats tussen 1877 en 1890, de tweede: 1903-1912
Tijdens WOI: verandering van projectiesystem werd als noodzakelijk ervaren + duidelijk kaartvernieuwing nodig (DH)
Kaarten van het Dépot de la Guerre: De eerste basiskaart: revisies en heruitgaven: WO I
de werkzaamheden voor een uitgave werden aangevat in 1928
gebeurde nog steeds in projectie van Bonne, hoewel men wel al bewust was van de voordelen van Lambert = alle opmetingen in dit stelsel, maar kaartproductie in Bonne
bij uitbreken WO II: deze uitgave slechts voor 1/5 afgerond
na WO II: genoodzaakt kaartbladen in Bonne te publiceren of heruitgeven, met nodige bijwerkingen
Kaarten van het Dépot de la Guerre: tweede en derde basiskaart
modernisering vanaf 1950 (oa in kader van de integratie van de Navo)
1980
1990
Sinds 2016 werd opnieuw op 1:25000 gewerkt als basis met licht aangepaste legende, maar sinds de digitalisering kunnen kaarten op alle formaten worden gemaakt
Kaarten van het Dépot de la Guerre: tweede en derde basiskaart: modernisering vanaf 1950 (oa in kader van de integratie van de Navo)
Vanaf 1950 werd de basiskaart gemaakt op 1/25000 i.p.v. 1/20000, waarvan drie edities verschenen
Dankzij het gebruik van luchtfoto's (fotogrammetriek) werd de kwaliteit gevoelig verbeterd + er werd gekozen voor de projectie van Lambert
voor de realisatie van de kaart werden de verschillende thematische lagen gegraveerd in gescheiden graveerfilms
de geodetische datum werd in 1969 opnieuw vereffend = herdefiniëring Belgische cartografische systeem (DH)
Kaarten van het Dépot de la Guerre: tweede en derde basiskaart: modernisering vanaf 1950: herdefiniëring Belgische cartografische systeem
oude systeem = Lambert 50 ⇒ nieuwe systeem: Lambert 72
nieuw fundamenteel punt vastgelegd in de Koninklijke Sterrenwacht Ukkel
Kaarten van het Dépot de la Guerre: tweede en derde basiskaart: 1980
productietechniek herzien
dankzij directe belichting van gerasterde eindfilmen = graveertechniek en thematische maskerfilmen overbodig
Kaarten van het Dépot de la Guerre: tweede en derde basiskaart: 1990
in 1980s = technische vooruitgang + ontwikkelen geografische informatiesystemen
= nieuwe kaartserie gebaseerd op fotogrammetische restitutie
basisschaal niet langer 1/25 000 maar 1/20 000
kaart ook gepubliceerd op schaal 1/10 000
Kaarten van ministerie openbare werken
De diensten van het Ministerie van Openbare Werken lieten tussen 1950 en 1970 nauwkeurige kaarten maken op schaal 1/5000
Deze kaarten werden gedrukt en te koop aangeboden
De kaarten bestrijken de regio's in de onmiddellijke omgeving van de grote steden
Door hun grote schaal zijn ze soms goed bruikbaar voor historisch micro-onderzoek
atlassen van de buurtwegen
de opzet
in uitvoering
historische waarde en beperkingen
atlassen van de buurtwegen: de opzet
Juridisch kader en doelstelling
inhoud van de atlassen
atlassen van de buurtwegen: de opzet: Juridisch kader en doelstelling
De wet van 10 april 1841, nog steeds van toepassing, had tot doel het behoud en onderhoud van de buurtwegen te verzekeren
Om dit te realiseren moesten de wegen juridisch duidelijk vastgelegd worden in authentieke en voldoende gedetailleerde plannen en beschrijvende tabellen
De gemeenten werden ermee belast, onder goedkeuring van de bestendige deputaties, de nodige bescheiden aan te maken binnen een termijn van twee jaar
atlassen van de buurtwegen: de opzet: inhoud van de atlassen
De atlassen kwamen tot stand tussen 1843-1845
Elke atlas bevatte: een algemeen plan van het grondgebied met alle buurtwegen; detailplannen met wettelijk vereiste gegevens, loop van grachten, aangelanden en afmetingen; een tabel met perceelgegevens en eigenaarsinformatie; een staat met oppervlakte grond voor het publiek domein; een overzichtstabel van alle buurtwegen
De plannen dienden de reële breedte van de wegen op het terrein (grachten inbegrepen) te vermelden, evenals de voorziene breedte en de oppervlakte van de gronden die uit belendende percelen moesten teruggenomen worden
atlassen van de buurtwegen: in uitvoering
technische specificaties en schalen
kleurcode en symbolen
atlassen van de buurtwegen: in uitvoering: technische specificaties en schalen
De algemene plannen zijn gemaakt op schaal 1/100.000 en in principe op één blad
De gedetailleerde plannen zijn steeds over meerdere bladen verdeeld en op schaal 1/2.500
De plannen bestaan uit voorgedrukte kadastrale uitreksels die ingetekend en ingekleurd zijn
atlassen van de buurtwegen: in uitvoering: kleurcode en symbolen
Gemeentegrenzen zijn ingekleurd met een dikke roze lijn, grenzen van deelgebieden met groen
Rivieren, grachten en waterplassen zijn blauw, huizen zijn zwarte en grijze blokjes
Buurtwegen kregen een gele kleur en werden gevat tussen twee evenwijdige zwarte stippellijnen
De nummers bij de wegen verwijzen naar de algemene tabel; grote zwarte cijfers in vlakken afgebakend met rode lijnen refereren naar de in detail weergegeven deelgebieden
Rode cijfers op de wegen geven de breedte in meter weer; zwarte cijfertjes op belendende percelen verwijzen naar de tabellen van de eigenaars
Zwarte stippellijnen naast de wegen geven de grenzen aan van de aan het publiek domein gerestitueerde gronden; volle rode lijnen de voorziene verbredingen, rechttrekkingen of nieuwe openstellingen
atlassen van de onbevaarbare waterlopen
wet van 7 mei 1877
doel en uitbreiding naar kaarten
inhoudelijk
historische waarde
wet van 7 mei 1877
De wet belastte Provinciebesturen met het aanmaken van documenten: een aanwijzende staat van waterwegen per gemeente
Er moesten processen-verbaal opgesteld worden van werken die de natuurlijke loop van het water gewijzigd hadden
Deze processen-verbaal maakten onderscheid tussen gevaarlijke werken (onmiddellijk afschaffen) en werken die voorlopig gedoogd werden
Alle documenten werden na advies van de Bestendige Deputatie bij Koninklijk Besluit vastgelegd en bewaard bij Provinciebesturen en Gemeenten
atlassen van de onbevaarbare waterlopen: doel en uitbreiding naar kaarten
Het opzet was bedoeld als authentiek beheerinstrument om behoud en onderhoud van beken sterk te verbeteren
Geïnspireerd door het succes van de atlassen van de buurtwegen (1841-1845) besliste de overheid in 1880-1881 ook kaarten te maken
De kaarten werden op drie exemplaren vervaardigd: één in het Algemeen Rijksarchief Brussel, één bij het Provinciebestuur en één bij de Gemeente
Ook detailkaarten op schaal 1/2500 werden gemaakt (bewaard bij Provinciebestuur en Gemeente)
atlassen van de onbevaarbare waterlopen: inhoudelijk: technische kenmerken:
Voor West-Vlaanderen geldt specifieke kleurensymboliek: blauw voor onbevaarbare waterlopen (dubbele lijn indien onderworpen aan wet van 1877, enkele lijn indien niet), groen voor bevaarbare waterlopen
Gemeentegrenzen zijn rood, grenzen van gemeentesecties geel
Rode cijfertjes duiden de waarde aan van verschillende langsdoorsneden van de waterlopen
atlassen van de onbevaarbare waterlopen: historische waarde
Verschillende provinciale atlassen zijn uniek omdat exemplaren bij gemeenten verloren gingen door oorlogshandelingen (1914-1918 en 1940-1945)
De atlassen bevatten volledige beschrijving en visualisering van onbevaarbare waterlopen op één welbepaald moment in het verleden
Ze kunnen vandaag nog nuttig zijn bij het beslechten van eigendomsgeschillen, maar ook voor landschapsevolutie
De bloeiperiode van de globes
evolutie
succes
personen
De bloeiperiode van de globes: evolutie
vanaf de 16e eeuw tot de 18e eeuw waren globes één van de meest prestigieuze objecten in de salons van vorsten en rijke kooplui
oudste globes (2)
in periode voortdurende ontdekkingen = probleem updating = probleem werd opgevangen door de globe manueel bij te tekenen of door ze te overplakken
18e eeuw: bloeiperiode van de Hollandse en Franse globebouw + andere vormen 3D modellen van realiteit erg in trek
De bloeiperiode van de globes: evolutie: oudste globes
vermoedelijk: de op perkament getekende globe van Martin Behaim (3)
tot de oudste globes behoren ook 4 globes die Johannes Schöner bouwde tussen 1515 en 1533
De bloeiperiode van de globes: globe Martin Behaim
uitgevoerd in opdracht stad Nürnberg
voorgestelde wereldbeeld = geïnspireerd door de wereldkaart van Henricus Martellus
op deze wereldkaart en globe is het niet mogelijk via een westelijke oceaan het Verre Oosten te bereiken
De bloeiperiode van de globes: wereldkaart Henricus Martellus
vertekkend vanuit Ptolemaos
aanvullend met: ontdekkingen van Portugese zeevaarders lansheen de westkust van Afrika
beschrijvingen van Marco Pollo over het Verre Oosten
De bloeiperiode van de globes: succes
vanaf de Renaissance mogelijk door het toepassen van het principe van lengtewiggen (ging men tekenen of graveren en op de sfeer kleven
deze techniek werd nog volop in de 20e eeuw gebruikt, totdat men globes in kunststof ging produceren
De bloeiperiode van de globes: personen
Mercator en globes
Willem Blaeu en globes
Vincenzo Coronelli en globes
mercator en globes
hij hielp Gemma Frisius bij het graveren van globegores van de twee gekende globes van Frisius
in 1540 realiseerde hij een voor Karel V
Willem Blaeu en globes
ving zijn globebouw aan eind 16e eeuw, nadat hij een winter lang bij de Deense astronoom Tycho Brahé verbleef
zijn eerste globe mat 34cm in diameter
1608: verwierf een privilege van de Staten-Generaal
in een verbeten competitie met Hondius realiseerde hij een globe van 68 cm diameter
Vincenzo Coronelli en Globes
climax globebouw: 1683: Lodewijk XIV ontving een hemelsfeer en aardglobe met een doormeter van 4,87m
heeft er 2 jaar aan gewerkt + beroep gedaan op de meest uitgebreide documentatie en meest befaamde kunstenaars
globes = uitdrukking macht vorst = verschillende doelstellingen: didactische, prestige, strategie