TVO - pijler interactie (4)

0.0(0)
studied byStudied by 1 person
0.0(0)
call with kaiCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/16

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:15 PM on 1/27/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

17 Terms

1
New cards

Waarom is het belangrijk dat leerlingen al aan het begin van een lessenreeks mogen meepraten?

Het stelt hen in staat om hun eigen ervaringen met het onderwerp naar voren te brengen in de hen vertrouwde, alledaagse termen.

2
New cards

Wat verandert er in de interactie naarmate de lessenreeks vordert?

De leraar introduceert geleidelijk vakbegrippen en de logische relaties daartussen, waar de leerlingen aan gewend moeten raken.

3
New cards

Hoe kunnen leraren de betekenis van vaktermen verankeren bij leerlingen?

Door eerst de concepten te laten ontdekken en pas daarna de formele namen (vaktermen) aan te reiken.

4
New cards

Waarom wordt gesproken taal gezien als een "belangrijk schakelmoment"?

Het vormt de brug tussen de informele, spontane thuistaal en de formele, doordachte taal van geschreven lesmateriaal.

5
New cards

Waarom is interactie in de klas het belangrijkste middel voor begripsontwikkeling?

Het biedt de leraar de kans om de leerlingen de nodige steun (scaffolding) te bieden om hun gedachten in een formeel schooltaalregister te leren verwoorden.

6
New cards

Wat zijn de kenmerken van leerzame interactie volgens de term 'dialogisch onderwijs'?

  • Alle leerlingen krijgen de kans om vragen te stellen en hun eigen visie op de vakinhoud te verwoorden.

  • Leerlingen reageren op elkaars gedachten en vullen deze aan, wat helpt om het kennisnetwerk uit te breiden en nieuwe vakkennis te integreren.

  • De leraar fungeert als iemand die ook kan leren en stimuleert de inbreng van de leerlingen door mee te denken over hoe een onderwerp verder ontwikkeld kan worden.

7
New cards

Hoe verbindt de onderwijsleercyclus (Gibbons) mondelinge en schriftelijke schooltaal?

De cyclus slaat een brug tussen de eerste mondelinge verkenning van leerstof en het uiteindelijke lezen en schrijven van abstracte teksten.

8
New cards

Uit welke 4 stappen bestaat de onderwijsleercyclus?

  • Een betekenisveld opbouwen

  • Decontructie van een tekst

  • Gezamelijke constructie van een nieuwe, geschreven tekst

  • Zelfstandig schrijven

9
New cards

Welke drie hoofdfactoren bepalen de kwaliteit van interactie in de les?

  • Taalaanbod: Dit moet begrijpelijk, rijk en betekenisvol zijn.

  • Taalproductie: Leerlingen moeten volop de gelegenheid krijgen om zelf taal te gebruiken.

  • Feedback: Er moet gerichte terugkoppeling zijn op zowel de vorm als de inhoud van wat leerlingen zeggen of schrijven.

10
New cards

Wat is de praktische vertaling van de sociaal-culturele leertheorie van Vygotsky in de klas?

  • Dit wordt dialogisch onderwijs genoemd.

  • In deze visie wordt leren gezien als een sociaal onderhandelingsproces.

11
New cards

Welke twee kernbegrippen dienen als onderbouwing voor de pijler interactie tussen leerkracht en leerling(en)?

  • De Zone van de naaste ontwikkeling (wat een leerling met hulp kan bereiken).

  • Scaffolding (het tijdelijk bieden van de juiste ondersteuning om leerlingen naar een hoger niveau te tillen).

12
New cards

Wat is het doel van de fase "Betekenisveld opbouwen"?

  • Leerlingen krijgen de kans om mee te praten en mee te denken in hun vertrouwde dagelijkse taal (DAT).

  • De leraar introduceert vervolgens de cognitieve academische taal (CAT) door vakterminologie en logische relaties aan te bieden.

13
New cards

Welke activiteiten horen bij de fase van "Gerichte interactie"?

  • Deconstructie van een tekst: Het samen analyseren van hoe een vaktekst is opgebouwd.

  • CAT analyseren: Het bestuderen van het specifieke academische taalgebruik in de tekst.

  • De leraar fungeert hierbij als modellezer.

14
New cards

Hoe ziet de fase van "Productie" eruit in de onderwijsleercyclus?

  • Gezamenlijke constructie: Leraar en leerlingen schrijven samen een tekst als oefening.

  • Onafhankelijk schrijven: De leerling schrijft zelfstandig een tekst.

  • De leraar geeft hierop gerichte feedback.

15
New cards

Welke didactische stappen van Pauline Gibbons vormen de kern van de onderwijsleercyclus?

  1. Oriënteren: Op het onderwerp en de context.

  1. Instrueren: Door middel van modeling en analyse.

  1. Begeleiden: Via een geleide lees- of schrijfoefening.

  1. Stimuleren: Tot zelfstandig lezen en schrijven.

  1. Evalueren: Nakijken, feedback geven en revisie.

16
New cards

Wat is de kern van de pijler "Taalsteun" binnen TVO?

Het bieden van tijdelijke hulp (scaffolding) die leerlingen in staat stelt een taak uit te voeren die ze net nog niet zelfstandig konden.

17
New cards

Welke drie vormen van taalsteun worden onderscheiden op basis van de taalvaardigheden?

  1. Steun bij receptieve vaardigheden: Hulp bij het luisteren en lezen (bijv. tekstwijzers).

  2. Steun bij productieve vaardigheden: Hulp bij het spreken en schrijven (bijv. schrijfkaders).

  3. Steun bij de woordenschat: Hulp bij het aanleren van vaktermen en schooltaalwoorden.