1/15
laboterminologie
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
antigen
en lichaamsvreemde stof (zoals een eiwit, koolhydraat of vetmolecuul) die een immuunreactie kan opwekken doordat het herkend wordt door antilichamen
antilichaam
een eiwitmolecule die antigenen herkent en neutraliseert
biopsie
afname van een biopt (klein stuk weefsel)
celtropisme
de mogelijkheid van virussen om een bepaald celtype te infecteren
weefseltropisme
de mogelijkheid van een virus om een bepaald weefsel te infecteren
contaminatie
ongewenste bsmetting/vervuiling van een object/staal
detectielimiet
laagste hoeveelheiden van een stof die kan worden gedetecteerd
diurnaal ritme
een dagelijkse cyclus (dagactief)
ELISA
een immunochemische techniek om de aanwezigheid van een antigen of antilichaam in een staal aan te tonen
histologie
weefselleer
weefsels
gegroepeerde cellen met dezelfde functie
PCR
polymerase chain reaction: moleculaire techniek om kleine hoeveelheden DNA/RNA te vermenigvuldigen en op te sporen en zo detectie van een organismen
punctie
het wegnemen van een kleine hoeveelheid cellen en/of vocht uit orgaan/letsel om te onderzoeken
sensitiviteit
de mate waarin een test effectief positieve (zieke) patiënten kan opsporen
specificiteit
de mate waarin een test effectief negatieve (gezonde) patiënten kan opsporen
swab
een manier om een staal te nemen vanop een oppervlak of een holte