Mucosaal immuunsysteem – hoorcollege

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/38

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

40 vraag-en-antwoord flashcards in het Nederlands over kernbegrippen van de college-opname ‘Mucosaal immuunsysteem’.

Last updated 7:28 PM on 8/5/25
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

39 Terms

1
New cards

Welke drie grote mucosale systemen onderscheiden we bij de mens/diersoorten?

Respiratoir (BALT), Gastro-intestinaal (GALT) en Urogenitaal (NALT/uro-mucosa).

2
New cards

Wat is het voornaamste doel van het mucosale immuunsysteem?

Beschermen tegen pathogenen terwijl tolerantie wordt behouden voor voedselantigenen en commensale microbiota.

3
New cards

Hoe groot is de oppervlakte van de menselijke darmmucosa ongeveer?

Ongeveer 3000 m² (recent herberekend).

4
New cards

Wat zijn de twee hoofdfuncties van het mucosale immuunsysteem?

1) Inductie van tolerantie voor voedingsantigenen/microbiota. 2) Inductie van protectieve immuniteit tegen pathogenen.

5
New cards

Welke twee soorten plaatsen onderscheidt men in GALT?

Inductieplaatsen (bv. Peyerse platen) en effectorplaatsen (bv. lamina propria, epitheel).

6
New cards

Noem drie typen georganiseerde lymfoïde aggregaten in de darm.

Peyerse platen, cryptopatches en geïsoleerde lymfoïde follikels.

7
New cards

Wat is de typische opbouw van de darmepitheelbarrière (drie lagen)?

Mucuslaag – Glycocalyx – Strakke verbindingen (tight junctions) tussen epitheelcellen.

8
New cards

Welke cel domineert numeriek in het dunne-darmepitheel?

Enterocyt (voor opname en vertering).

9
New cards

Welke epitheelcel is gespecialiseerd in mucusproductie?

Slijmbeker- of gobletcel.

10
New cards

Welke darmepitheelcel produceert antimicrobiële peptiden zoals defensinen?

Paneth-cel (voornamelijk in de dunne darmcrypten).

11
New cards

Welke zeldzame epitheelcel detecteert worminfecties en secreteert IL-25?

Tuft-cel.

12
New cards

Waarom heeft de dikke darm meer gobletcellen dan de dunne darm?

Er bevinden zich veel meer bacteriën; een dikke mucuslaag is nodig als bescherming en niche voor microbiota.

13
New cards

Welke drie barrièrereceptoren herkenningslagen moet een pathogeen successievelijk passeren?

Mucus – Glycocalyx – Tight junctions/epitheelcellen.

14
New cards

Welke cytokines werden in vitro verhoogd geproduceerd door varkensepitheelcellen na ETEC-infectie?

IL-8 (chemo-kine) en IL-6 (pro-inflammatoir cytokine).

15
New cards

Hoe heten de unieke epitheelcellen boven Peyerse platen verantwoordelijk voor antigeentransport?

M-cellen (microfold cells).

16
New cards

Noem twee kenmerken van een M-cel die opname van partikels faciliteert.

Weinig/geen microvilli en een basolaterale zak met immuuncellen, plus dunne mucus- en glycocalyxlaag.

17
New cards

Noem twee pathogenen die specifiek M-cellen gebruiken als ingang.

Salmonella spp. en Listeria monocytogenes.

18
New cards

Welke drie alternatieve routes kunnen antigeen de epitheelbarrière passeren buiten M-cellen om?

1) Dendritische cel-dendrieten tussen tight junctions, 2) Goblet-cell Associated Passage (GAP), 3) FcRn-gemedieerde transcytose van IgG-antigeencomplexen.

19
New cards

Wat zijn de drie professionele antigeenpresenterende cellen?

Dendritische cellen, macrofagen en B-cellen.

20
New cards

Welke professionele APC is in staat naïeve T-cellen te activeren?

Dendritische cel.

21
New cards

Wat zijn de drie signalen die een T-cel nodig heeft voor activatie?

1) MHC-peptide – TCR, 2) Co-stimulatie (CD80/86-CD28, CD40-CD40L), 3) Cytokines die differentiatierichting bepalen.

22
New cards

Welk cytokineprofiel induceert TH17-differentiatie in de darm?

IL-23 (van DC) en aanwezigheid van TGF-β/IL-6; resultaat is productie van IL-17A/F.

23
New cards

Welke functies vervult IL-17A in het darmepitheel?

Stimuleert mucus- en antimicrobiële peptideproductie, versterkt barrière.

24
New cards

Welk chemokinereceptor‐ligandpaar leidt immatuur DC naar de epitheelrand?

CCR6 op DC – CCL20 geproduceerd door epitheelcellen.

25
New cards

Welke receptor vervangt CCR6 tijdens DC‐maturatie voor migratie naar de lymfeknoop?

CCR7 (herkent CCL19/CCL21 in lymfevaten).

26
New cards

Welk integrine op geactiveerde T/B-cellen medieert homing naar de darm?

α4β7-integrine (bindt MAdCAM-1 op darmendotheel).

27
New cards

Welk chemokinereceptor herkent CCL25 en stuurt cellen naar de dunne darm?

CCR9.

28
New cards

Welk metaboliet, geproduceerd door darm-DC via retinal-aldehyde-dehydrogenase, induceert α4β7 en CCR9?

Retinoïnezuur (afkomstig uit vitamine A).

29
New cards

In welke immunoglobuline-klasse wordt in de darm voornamelijk ‘class switch’ uitgevoerd?

Naar IgA.

30
New cards

Beschrijf de structuur van secretorisch IgA.

Dimeer IgA verbonden via een J-chain en omgeven door een secretorische component afkomstig van de pIgR.

31
New cards

Welke receptor transporteert dimeer IgA door epitheelcellen naar het lumen?

Polymeer Ig-receptor (pIgR).

32
New cards

Noem twee belangrijkste functies van secretorisch IgA in het lumen.

Immune exclusion (voorkomen adhesie/kolonisatie) en intracellulaire/extrusie-neutralisatie van pathogenen.

33
New cards

Waarom is secretorisch IgA resistenter tegen proteasen dan serum-IgA?

De gebonden secretorische component beschermt tegen afbraak.

34
New cards

Welke Ig-klasse domineert in herkauwermelk i.p.v. IgA?

IgG1.

35
New cards

Wat is het verschil in lymfocyt-migratie als activatie plaatsvond in Peyerse platen versus mesenteriale lymfeknopen?

Peyerse-plaatactivatie stuurt hoofdzakelijk homing naar de dunne darm; activatie in de dikke darm/mesenteriale knoop stuurt cellen vooral naar de dikke darm.

36
New cards

Hoe draagt butyraat, gevormd na vezelrijke voeding, bij aan mucosale immuniteit volgens de muismodel-studie?

Het stimuleert de expansie van Tritrichomonas, verhoging van succinaat, activatie van tuftcellen → IL-25 → ILC2-activatie → IL-13 → toename mucus en tuftcellen (positieve feedback).

37
New cards

Wat is de rol van follicular helper T-cellen (Tfh) in Peyerse platen?

Bieden ‘help’ voor B-cellen in germinal centers, inclusief klasse-switch naar IgA.

38
New cards

Waarom worden gobletcellen betrokken bij antigeenpassage (GAP)?

Ze kunnen kleine oplosbare antigenen transcyteren naar lamina propria-APC’s terwijl ze mucus produceren.

39
New cards

Welke barrière-eiwitten vormen tight junctions?

Occludine, claudines en junctional adhesion molecules (JAM’s) vormen een eiwitcomplex dat paracellulaire doorgang verhindert.