1/18
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
executieve functies
functies die nodig zijn om doelgericht gedrag te stellen en te leren, plannen en controleren van gedrag. sterk gelinkt aan de ontwikkeling van de hersenen
executieve functies bestaat uit
werkgeheugen
flexibiliteit en feedback
inhibitie
wanneer spelen executieve functies een rol
controle en regulatie van (doelgericht) gedrag: vooral bij niet-routine taak, iets nieuw doen, iets dat uit meerdere stappen bestaat, iets waarbij men een nieuw doel wil bereiken
multidimensioneel construct
combinatie van meerdere functies die met elkaar verwant zijn en deels overlappen/ verschillen
prefrontale cortex
lateraal: cognitieve controle (cool EF)
cf cognitief controleren van gedrag
meer aan de buitenzijde
sneller ontwikkeld
mediaal: emotionele controle (hot EF):
cf controle en regulatie van emoties
meer aan de binnenkant
minder snel ontwikkeld
patiënten met laterale frontale trauma’s
geheugenproblemen
moeite met stoppen van (onaangepast) gedrag
problemen met feedback (niet leren uit fouten), perseveratie: gedrag niet aanpassen na feedback
verminderde flexibiliteit en probleemoplossing
werkgeheugen
functie: tijdelijk bijhouden en verwerking informatie
capaciteit hangt af van: tijd, hoeveelheid info, leeftijd en manipulatie
model van Baddely en Hitch
3 componenten:
central executive: werkgeheugen → bijhouden en verwerken van informatie
2 slaafsystemen die instaan voor bijhouden van informatie
visuospatial sketchpad: bijhouden van visuele/spatiële infor
fonologische lus: bijhouden van auditieve informatie
laterale prefrontale cortex
domein-onafhankelijk van soort info die verwerkt moet worden
specifieke input van posterieure gebieden
activiteit is afhankelijk van
duur: hoe langer bijhouden, hoe meer activiteit
hoeveelheid info: hoe meer info bijhouden, hoe meer activiteit
bijhouden versus manipuleren:
ventraal: bijhouden van info
dorsaal: bijhouden en verwerken van info
responsinhibitie
stoppen van gedrag, onderdrukken van dominante respons
ontwikkelt doorheen de lagere school
een van de eerste EF die zich volledig ontwikkelt
Go No Go taak:
ventrale gebied van prefrontale cortex meer actief, hoe ouder kinderen worden. meer activiteit zorgt er voor dat er minder fouten worden gemaakt
meer verspreide activiteit bij kinderen int tot volwassenen: bij jonge kinderen is het dorsale gebied ook nog actief, taak is voor hen nog moeilijk dus meerdere regio’s gaan een rol spelen
anterior cingulate cortex: erg actief als we een fout maken
maken van een fout lokt een specifiek potentiaal verschil uit → error related negativity
cognitieve inhibitie
= negeren van irrelevante info binnen opdracht (weerstaan aan interferentie)
stroop paradigma
vereist automatisatie
ontwikkelt tot ver in de adolescentie
welk deel is actief bij cognitieve inhibitie
dorsolateraal deel van de prefrontale cortex neemt toe in activiteit wanneer we info moeten onderdrukken
plafonneert vanaf midden adolescentie
is ook moeilijker omdat het minder snel ontwikkelt
flexibiliteit
aanpassen van gedrag aan veranderende omgeving
flexibiliteit in denken en handelen vereist:
shifting van strategie
reactie op feedback: leren uit fouten en vervolgens gedrag bijsturen
Wisconsin card sorting test
complexe (re) EF
altijd combinatie van de 3 basisfuncties
planning, redeneren en probleemoplossen
tower of Hanoi: planning: combinatie van werkgeheugen, inhibitie en flexibiliteit
gebruikt bij einde lagere school en begin adolescentie
problemen in executieve functies
ADHD
niet aangeboren hersenletsel
leerstoornissen
autisme
oorzaken ADHD
problemen in executieve functies
moeite met inhibitie
zwak werkgeheugen
zwak planningsvaardigheden (tower of Hanoi loopt moeilijker)
maar geen 1 op 1 relatie: niet alle kinderen met ADHD vertonen EF afwijkingen en deze afwijkingen komen ook voor bij andere leerstoornissen
abnormale structuur en werking van PFC: afwijkingen in neurotransmitters in prefrontale cortex
te weinig dopamine in PFC → problemen in EF
beïnvloedbaar door rilatine
3 categorieën interventies om EF te stimuleren
cognitieve remediëring (COGMED, Apps)
personen met werkgeheugenproblemen, taken elke 5d in de week voor 5 weken lang. positief effect op werkgeheugen maar geen generalisatie
apps: weinig effect bij volwassenen
systematische review
belangrijkste conclusies interventies
EF interventies vertonen weinig of geen transfer
duur en breedte van de EF interventie bepaalt het effect
EF moeten uitgedaagd worden
effecten zijn het grootste bij zwakke EF
fysieke trainingsprogramma’s zonder cognitieve (EF) componenten hebben geen effect
negatieve (omgevingen) invloeden op PFC en executieve functies
stress
negatieve gevoelens
weinig slaap
eenzaamheid
fysieke gezondheid
zelfvertrouwen