1/75
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Absences
Kleine, korte aanvallen met een verminderd bewustzijn.
Acuut myocardinfarct (AMI)
Volledige obstructie in kransslagaders.
AED
Automatische Externe Defibrillator.
Agonale ademhaling/’gasping’
Vorm van inefficiënt ademen.
ALS
Advanced Life Support.
Anafylatische shock
Vocht gaat van bloed naar weefsels —> zwelling.
Anafylaxie
Hevige systematische allergische reactie.
Angor pectoris
Obstructie in doorbloeding.
ARDS
Adult Respiratory Distress Syndroom.
Arterieel
Slagaderlijk.
AST
Alternative Site Testing.
BLS
Basic Life Support.
Capillaire bloedvaten
Kleinste bloedvaten.
Cardiogene shock
Probleem met pompfunctie van het hart.
CBT
Code Beperking Therapie.
Clonische fase
Schokkende fase.
Commotio cerebri
Hersenschudding.
Contusio
Kneuzing: zacht weefsel gekneld tegen hard weefsel.
Contusio cerebri
Hersenkneuzing.
CPR
Cardio Pulmonaire Resuscitatie.
CVA
Cerebro Vasculair Accident.
Cyanose
Huid wordt blauw door zuurstoftekort.
Diabetes/suikerziekte
Chronische stofwisselingsstoornis.
Distorsio
Verstuiking: beweeglijkheid van gewricht is overschreden.
Distributieve shock
Verkeerde verdeling van het bloed.
DNR/NTR
Do Not Reanimate/Niet Te Reanimeren.
Elektrocutie
Bepaalde hoeveelheid stroom gaat door het lichaam.
Epilepsie/vallende ziekte
Onwillekeurige dysfunctie van hersenen.
ERC(G)
European Resuscitation Council (Guidelines).
Fingersweep
Obstructie in de mond verwijderen.
Fractuur/breuk
Geheel/gedeeltelijk breken van een bot.
Grand mal
Alle hersencellen worden geprikkeld met elektrische ontlading.
Headtilt/hyperextensie
Hoofd naar achter brengen met 1 hand.
Heimlich-manoeuvre
Buikstoten.
Hematoom
Blauwe plek.
Hemorragische shock
Groot bloedverlies.
Hoogstand/elevatie
Lidmaat omhoog houden.
Hydrocutie
Thermische shock.
Hyperglycemie
Te veel suiker in het bloed.
Hyperthermie
Thermoregulatie lichaam faalt/is verstoord.
Hyperventilatie
Ongecontroleerd snel in-en uitademen.
Hypocapnie
Te veel zuurstof in het bloed, te weinig CO2 in het bloed.
Hypoglycemie
Te weinig suiker in het bloed.
Hypotensie
Lage bloeddruk.
Hypovolemische shock
Shock die ontstaat doordat er te weinig bloed in de bloedvaten zit.
Hypoxemie
Verlaging van de partiële zuurstofdruk in het bloed.
Immersion
Droge verdrinking.
Immobiliseren
Het onbeweeglijk maken van een gekwetst lidmaat.
Inwendig
In het lichaam.
Jaw thrust
Aan hoofdeinde slachtoffer zitten, vingers achter de kaakhoek en naar voren duwen.
Kinlift/chinlift
Omhoog brengen van de kin (met 2 vingers).
Knevel
Bloedtoevoer afspannen.
Luxatie/ontwrichting
Wanneer 2 botuiteinden samenkomen in een gewricht en wanneer deze ten opzichte van elkaar verschuiven.
Necrose
Huid verkleurd door afsterven van weefsel.
Neurogene shock
Verwijding bloedvaten door stoornis in zenuwvoorziening bloedvaten.
Obstructieve shock
Obstructie van de vaten naar het hart toe en bij uitstroom van bloed uit het hart.
Ontwaakfase
Slachtoffer komt terug bij bewustzijn.
Rautekgreep
Evacuatie techniek.
Rechte draagdoek
Draagdoek voor ondersteuning arm.
Rescue breaths
Beademingen bij reanimatie.
Schuine draagdoek
Draagdoek voor sleutelbeen/schouder.
Septische shock
Door infecties komen schadelijke stoffen vrij.
Shockhouding
Liggende persoon met de benen omhoog.
Submersion
Natte verdrinking.
Syncope
Flauwvallen.
TBSA
Total Burned Surface Area.
TIA
Trans Ischemisch Attack.
Tonische fase
Verkrampende fase.
Toxinen
Giftige stoffen.
Toxische shock
Door toxische stoffen.
Uitwendig
Stroomt uit het lichaam.
Vasoconstrictie/koude
Vernauwen van de slagaders.
Vasodilatie
Verwijden van de bloedvaten.
Veneus
Aderlijk.
Verslappende fase
Spieren ontspannen.
Veruitwendigd
Inwendige bloeding die uitwendig zichtbaar is.