Klein Vaarbewijs I - Broach

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/25

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de belangrijkste begrippen en definities voor het Klein Vaarbewijs I examen op basis van de Broach cursus, inclusief BPR-definities, manoeuvreren en betonning.

Last updated 9:54 PM on 6/10/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

26 Terms

1
New cards

Klein schip

Een schip met een lengte van minder dan 20m20\,m (met enkele uitzonderingen).

2
New cards

Groot schip

Een schip dat niet wordt aangemerkt als een klein schip.

3
New cards

Snelle motorboot

Een klein motorschip dat sneller kan varen dan 20km/h20\,km/h.

4
New cards

Snel schip

Een groot motorschip dat sneller kan varen dan 40km/h40\,km/h.

5
New cards

Passagiersschip

Een schip dat is bestemd voor het vervoer van meer dan 1212 personen.

6
New cards

Zeilschip

Een schip dat uitsluitend door middel van zeilen wordt voortgestuwd.

7
New cards

Goed zeemanschap

De plicht om van de geldende regels af te wijken wanneer dit noodzakelijk is om de veiligheid te waarborgen en een aanvaring te voorkomen.

8
New cards

Wieleffect

De zijdelingse kracht van de schroef die het achterschip naar één kant duwt; bij een rechtse schroef in vooruit-stand wijkt het achterschip naar stuurboord.

9
New cards

Voorspring

Een landvast die van de kikker op het voorschip naar achteren op de kade loopt om voorwaartse beweging te voorkomen.

10
New cards

Achtersprong

Een landvast die van de kikker op het achterschip naar voren op de kade loopt om achterwaartse beweging te voorkomen.

11
New cards

Voortros

Een landvast die van de kikker op het voorschip naar voren op de kade loopt om het wegdrijven van het voorschip te voorkomen.

12
New cards

Achtertros

Een landvast die van de kikker op het achterschip naar achteren op de kade loopt om het wegdrijven van het achterschip te voorkomen.

13
New cards

SIGNI

Signalisatie de Voies de Navigation Intérieure; het betonningssysteem voor de meeste Nederlandse binnenwateren.

14
New cards

IALA

International Association of Lighthouse Authorities; het betonningssysteem voor open zee en getijdenwateren zoals de Waddenzee.

15
New cards

Rechteroever (SIGNI)

De zijde van het vaarwater die in de betonningsrichting (met de stroom mee) rood is, stomp van vorm is en een even nummering heeft.

16
New cards

Linkeroever (SIGNI)

De zijde van het vaarwater die in de betonningsrichting (met de stroom mee) groen is, spits van vorm is en een oneven nummering heeft.

17
New cards

Kardinale markering

Betonning die aangeeft aan welke zijde (Noord, Oost, Zuid of West) men een gevaarlijk punt moet passeren, herkenbaar aan geel-zwarte kleuren en toptekens.

18
New cards

NAP (Normaal Amsterdams Peil)

Het referentieniveau waaraan hoogtemetingen in Nederland worden gerelateerd.

19
New cards

KP (Kanaalpeil)

De gemiddelde waterstand in een bepaald kanaalvak, vaak uitgedrukt ten opzichte van NAP.

20
New cards

Kruiphoogte

De hoogte van de waterspiegel tot aan het hoogste vaste punt van het schip.

21
New cards

Dodemansknop

Een verplichte veiligheidsvoorziening bij een open stuurstand van snelle motorboten die de motor uitschakelt als de stuurman overboord valt.

22
New cards

Gele ruit

Het dagteken voor een zeilschip dat tevens de motor gebruikt voor voortstuwing; het schip wordt dan als motorschip beschouwd.

23
New cards

Ankerbol

Een zwart rond overdag-teken dat een stilliggend schip moet voeren wanneer het geankerd is.

24
New cards

Lage wal

De oever waar de wind naartoe waait.

25
New cards

Loefzijde

De kant van het schip waar de wind vandaan komt (de hoge kant).

26
New cards

Lijzijde

De kant van het schip die van de wind afgewend is (de lage kant).