Ruimtelijke ordening H2: belangrijke termen

0.0(0)
studied byStudied by 0 people
0.0(0)
full-widthCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/30

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

20 pagina's aan tekst hahhahahh

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No study sessions yet.

31 Terms

1
New cards

Marktfalen

Er is sprake van marktfalen als er zich situaties voordoen waarbij de markt zijn werk niet goed doet, bijvoorbeeld als de prijs en de hoeveelheid in het marktevenwicht niet het (maatschappelijk) gewenste resultaat opleveren.

Tot de vormen van marktfalen behoren negatieve externaliteiten, monopolies, inefficiënties in productie en toewijzing, onvolledige informatie en ongelijkheid

2
New cards

Allocatie van schaarse goederen.

De allocatie van schaarse goederen is de verdeling van schaarse goederen : hoe, waar en door wie worden schaarse goederen gebruikt?

3
New cards

Vrijemarkteconomie

Een vrijemarkteconomie is een economisch systeem waarin de prijzen van goederen en diensten worden bepaald door vraag en aanbod. Dit betekent dat er geen overheidsbemoeienis is, maar dat bedrijven en consumenten vrij zijn om hun eigen beslissingen te nemen over wat ze kopen en verkopen.

4
New cards

Pareto optimum

Verdeling van schaarse middelen, waarbij geen enkele partij een groter deel kan krijgen zonder dat dit ten koste gaat van het deel van een of meer andere partijen.

5
New cards

Efficiëntie-beginsel

Economische efficiëntie is, ruwweg, een situatie waarin niets verbeterd kan worden zonder iets anders te verslechteren

6
New cards

Marktfalen

Marktfalen is de economische situatie die wordt gedefinieerd door een inefficiënte distributie van goederen en diensten op de vrije markt.

7
New cards

Externaliteit

Een externaliteit ontstaat wanneer het gedrag van een economische actor het welzijn of de productiemogelijkheden van anderen beïnvloedt zonder compensatie, via niet-monetaire variabelen.

8
New cards

zoneringsbeleid

Met zoneringsbeleid kunnen gebieden exclusief worden toegewezen aan specifieke vormen van activiteiten, zoals wonen, industrie of kantoren.

9
New cards

agglomeratievoordelen

Agglomeratievoordelen zijn voordelen die bedrijven en huishoudens hebben als ze in de buurt van andere bedrijven en huishoudens gevestigd zijn. Agglomeratievoordelen zorgen ervoor dat bedrijven productiever zijn, of sneller groeien als ze gevestigd zijn in de nabijheid van andere bedrijven.

10
New cards

private kosten

De private kosten zijn de kosten waar een individu naar kijkt bij het nemen van beslissingen, zonder dat hij daarbij de maatschappelijke kosten mee laat tellen.

11
New cards

sociale kosten

Sociale (maatschappelijke) kosten zijn kosten die niet alleen door een individu, bedrijf of organisatie worden gedragen, maar ook door de samenleving als geheel worden betaald.

12
New cards

Zuiver publieke goederen

goederen die niet-uitsluitbaar en niet-rivaliserend zijn.

13
New cards

Semipublieke goederen

Goederen die of niet-uitsluitbaar of niet-rivaliserend zijn.

14
New cards

Free riders

Wanneer personen wel gebruik maken van het publieke goed maar er niet voor betalen.

15
New cards

Lindahl-belasting

Belasting waarbij ieders bijdrage wordt afgestemd aan de wensen van de individuele burgers.

16
New cards

residueel grondwaarde (grond)

De marktwaarde van het huis minus de stichtingskosten, btw en de winst.

17
New cards

Incomplete markt (marktfaal)

Wanneer de markt faalt in het aanbieden van een goed of dienst terwijl de kosten lager zijn dan de betalingsbereidheid van de gebruikers.

18
New cards

Asymmetrische informatie

De ene partij beschikt over meer informatie dan de andere partij

19
New cards

onroerendgoedmarkt

Onder onroerend goed vallen woningen, (bedrijfs)panden, fabrieken en alle bijbehorende grond, Het is dus een woord voor grond met het pand en de inhoud van de panden. Denk hierbij aan wc, keuken of ramen. Het gaat om niet-verplaatsbare objecten die dus ook onder het onroerende goed valt.

20
New cards

prisoner’s dilemma

Prisone’s dilemma is een situatie waarin 2 partijen, die gescheiden van elkaar zijn en niet in staat zijn te communiceren, moeten kiezen of ze met elkaar gaan samenwerken.

21
New cards

Paternalisme

Paternalisme is het beperken van de vrijheid of autonomie van een persoon of groep in naar wat wordt aangenomen hun eigen bestwil. Dit kan een overheid zijn tegenover het volk, of van een overheersend volk tegenover een kolonie.

22
New cards

De hedonische prijsmethode

De hedonische prijsmethode schat de waarde van goederen op basis van hun kenmerken. De prijs van een huis wordt beïnvloed door factoren zoals locatie, grootte en nabijheid van voorzieningen. Door te analyseren hoe woningprijzen veranderen met deze eigenschappen, kunnen we de waarde van dingen zoals een park of goede bereikbaarheid afleiden. Dit helpt de overheid bij het bepalen van investeringen in publieke voorzieningen.

23
New cards

urbanisatie

Verhuizing van het platteland naar de stad

24
New cards

suburbanisatie

Vertrek van stedelijke gebieden naar het platteland.

25
New cards

re-urbanisatie

Mensen hadden eerst gesuburbaniseert en vervolgens kiezen te toch naar de stad terug te keren.

26
New cards

Ruilverkavelingsprojecten

In ruilverkavelingsprojecten wordt door overerving historisch versnipperd landbouwgebied opnieuw ingedeeld in grote percelen die geschikt zijn voor machinale bewerking.

27
New cards

homogene goederen

Een goed dat vervangen kan worden.

28
New cards

gesegmenteerde markten

Segmenteren van de markt is het opdelen van een markt in specifieke (deel)segmenten.Binnen de rurale grondmarkt bestaan weer vele grondmarkten afhankelijk van het type agrarisch grondgebruik: grasland, akkerland, tuinbouw, glastuinbouw, etc.

29
New cards

rurale grondmarkt

Grondmarkt op het platteland

30
New cards

stedelijke grondmarkt

grondmarkt in de stad

31
New cards