1/27
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
algemeen kiesrecht
Situatie waarin alle volwassen burgers (mannen en vrouwen) het recht hebben om hun stem uit te brengen bij verkiezingen.
arbeidersklasse
De groep mensen die zelf geen productiemiddelen bezitten en alleen geld kunnen verdienen door hun arbeid te verkopen.
burgerlijk gezinsideaal
Het in de 19e eeuw algemeen geldende idee dat de man het hoofd van het gezin moest zijn, zodat vrouwen zich op het huishouden en de opvoeding van de kinderen konden richten.
censuskiesrecht
Kiesrechtsysteem waarbij alleen mensen met voldoende vermogen mogen stemmen.
communisme
Stroming binnen het socialisme die het lot van de arbeidersklasse wil verbeteren door middel van een revolutie, die moet leiden tot een klasseloze samenleving en gemeenschappelijk bezit van de productiemiddelen.
confessionalisme
Politieke stroming waarbij het geloof (rooms-katholiek of protestants) uitgangspunt is voor het politieke handelen.
conservatisme
Behoudende politieke stroming die zich keerde tegen de maatschappelijke vernieuwingen van de Franse Revolutie, het liberalisme en het socialisme.
constitutionele monarchie
Staatsvorm met aan het hoofd een vorst die zijn of haar functie uitoefent op basis van erfrecht, en waarin die macht wordt beperkt door een grondwet (constitutie).
democratisering
De uitbreiding van het kiesrecht over een steeds grotere groep burgers.
economisch liberalisme
Het streven naar een economisch systeem waarbij de staat zich zo min mogelijk bemoeit met de economie en de ondernemer maximale vrijheid heeft.
eerste feministische golf
De feministische beweging in de periode 1840-1920, waarbij feministen streden voor meer rechten voor vrouwen, zoals het kiesrecht.
emancipatiebeweging
Beweging die streeft naar de juridische en sociale gelijkberechtiging van achtergestelde groepen, zoals slaven, vrouwen, arbeiders en religieuze groepen.
feminisme
Politieke beweging die zich ten doel stelt de achtergestelde positie van vrouwen te verbeteren, in de eerste plaats via hervorming van het kiesrecht.
handelingsonbekwaamheid
De wettelijke bepaling dat gehuwde vrouwen niet zelfstandig een rechtshandeling konden verrichten, zoals het tekenen van een overeenkomst.
industrialisatie
Mechanisering van de arbeid.
industriële revolutie
Grote verandering in de samenleving waarbij industrie en verkeer steeds meer worden gemechaniseerd.
industriële samenleving
Samenleving waarin industrie het voornaamste bestaansmiddel is.
middenklasse
De groep geschoolde mensen die bijvoorbeeld als boekhouder of ingenieur in fabrieken werken of als onderwijzer, ambtenaar of winkelier in de steden.ò
ministeriële verantwoordelijkheid
Staatkundige afspraak dat de ministers slechts aan het parlement verantwoording verschuldigd zijn voor hun eigen politieke handelen en dat van de koning.
modern kapitalisme
Een economisch systeem waarin ondernemers geld investeren in de productie van goederen met als doel zoveel mogelijk winst te maken.
parlementaire democratie
Vorm van bestuur waarbij de macht ligt bij een volksvertegenwoordiging (parlement) die door alle of een groot deel van de burgers is gekozen.
politiek liberalisme
Politieke stroming die het opneemt voor de vrijheid van het individu tegenover de macht van de staat.
Restauratie
Herstel van de maatschappelijke en politieke verhoudingen van vóór de Franse Revolutie.
sociaaldemocratie
Stroming binnen het socialisme die langs parlementaire weg opkomt voor de arbeidersklasse.
sociale kwestie
Het vraagstuk van de slechte werk- en leefomstandigheden van arbeiders.
socialisme
Politieke stroming die opkomt voor de arbeidersklasse, hetzij door een revolutie, hetzij door te streven naar kiesrechtuitbreiding en hervormingen langs parlementaire weg.
vakbond
Organisatie van arbeiders die samen strijden voor betere arbeidsomstandigheden en meer loon.
verzuiling
Een maatschappelijke en politieke situatie waarin katholieken, protestanten, socialisten en liberalen zich hebben teruggetrokken in hun eigen organisaties en waarin alleen de leiders van deze organisaties nog onderling contact hebben.