1/36
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Recht
Verzameling van regels die gelden voor een bepaalde samenleving en op een bepaald ogenblik; het is context-, tijds- en plaatsgebonden.
Rechtssubject
Een burger of rechtszoekende die onderworpen is aan het recht.
Gebodsbepaling
Een rechtsregel die aan het rechtssubject een verplicht gedrag oplegt (dit gedrag kan positief of negatief omschreven zijn).
Verbodsbepaling
Een rechtsregel die een bepaald gedrag of het stellen van een bepaalde handeling verbiedt.
Verlofbepaling
Een rechtsregel die het rechtssubject toestaat een bepaalde handeling te stellen, zonder daartoe verplicht te zijn.
Rechtsregel toepasselijk na keuze
Een regel die bindend wordt zodra een rechtssubject in een bepaalde toestand kiest voor een specifiek gedrag.
Electa una via non datur recursus ad alteram
Latijnse spreuk die betekent: eenmaal een weg gekozen, moet je die weg blijven bewandelen.
Wilsaanvullende rechtsregel
Een regel die de wil van partijen aanvult indien zij zelf geen eigen regeling hebben uitgewerkt.
Ondersteunende regel
Een regel die niet het gedrag van een rechtspersoon regelt, maar instellingen inricht, werking in tijd/ruimte bepaalt of het conflictenrecht regelt.
Technische regel en formalisme
Vorm- en procedurevoorschriften waaraan rechtshandelingen moeten voldoen om rechtsgeldig te zijn omwille van rechtszekerheid.
Nietigheid
De onherstelbare rechterlijke sanctie waarbij een handeling geacht wordt nooit te hebben bestaan.
Gesanctioneerde feitelijkheid
Het bekrachtigen van bestaande feitelijke toestanden en handelingen door ze te verheffen tot een dwingende juridische norm.
Instrumentele visie van het recht
Het hanteren van het recht als beleidsinstrument om een bepaalde levensvisie of politiek systeem te bekrachtigen en te vernieuwen.
Juridisering van de samenleving
De trend waarbij burgers maatschappelijke of persoonlijke problemen steeds vaker kwantificeren als juridische geschillen.
Nachtwakersstaat
Een staatsvorm die zich puur beperkt tot de basistaken (veiligheid en orde), waarna de evolutie naar een welvaartsstaat zorgde voor meer rechtsregels.
Rechtstreekse totstandkoming van recht
Rechtsregels die direct ontstaan via de (democratisch) verkozen organen van de staat, zoals het parlement.
Onrechtstreekse totstandkoming van recht
Recht dat ontstaat door gewoontes of algemene principes die door staatsorganen worden erkend via de rechtspraak.
Hiërarchie van de normen
Het principe dat lagere rechtsnormen de hogere rechtsnormen niet mogen tegenspreken en dat niet alle regels dezelfde waarde hebben.
Bevoegdheidsverdelende regels
Regels die bepalen welke specifieke overheid (bijv. Federaal of Gewest) regelgevend mag optreden voor een bepaalde materie.
Procedureregels
Vormvoorschriften die bepalen op welke wijze en volgens welke stappen een rechtsregel rechtsgeldig tot stand moet komen.
Penale sanctie
Een strafrechtelijke straf opgelegd door de overheid, zoals een vrijheidsberoving of een geldboete.
Administratieve sanctie
Een niet-strafrechtelijke sanctie opgelegd door het bestuur, zoals een GAS-boete of de stillegging van een bouwwerf.
Civiele of gerechtelijke sanctie
Een burgerlijke sanctie opgelegd door een rechter, zoals een dwanguitvoering, dwangsom of schadevergoeding.
Eigenrichting
Het zelf in eigen handen nemen van het recht door een burger, wat strikt verboden is.
Heteronoom
Kenmerk van het recht waarbij de regels afkomstig zijn van een uitwendige macht (externe autoriteit).
Autonoom
Kenmerk van godsdienst en moraal waarbij de regels voortvloeien uit openbaring of het eigen menselijk geweten.
Publiekrecht
De rechtstak die de verhouding tussen de burger en de overheid regelt, gekenmerkt door ongelijkheid wegens het algemeen belang.
Privaatrecht
De rechtstak die de verhoudingen tussen staatsburgers onderling regelt met het oog op private belangen.
Objectief recht
Het geheel van rechtsregels die we terugvinden in de bronnen van het recht (Engels: 'law').
Subjectief recht
Het specifieke recht van een rechtssubject om een juridische verplichting af te dwingen van een derde (Engels: 'right').
Materieel recht
De rechtsregels die aan personen rechten toekennen en plichten opleggen en deze inhoudelijk omschrijven.
Formeel recht
Het procedurerecht dat bepaalt volgens welke formele stappen iemand het materieel recht kan afdwingen of naleven.
Aanvullend recht
Rechtsregels die gelden als leidraad voor zover partijen er zelf niet contractueel van zijn afgeweken.
Dwingend recht
Rechtsregels die zijn opgesteld ter bescherming van de private belangen van de zwakste partij (bijv. de consument).
Recht van openbare orde
Rechtsregels die de essentiële grondslagen van de maatschappelijke ordening of de staat bevatten en waarvan nooit mag worden afgeweken.
Positief recht
Het recht zoals het vandaag de dag daadwerkelijk bestaat en van kracht is.
Natuurrecht
Het wenselijke, ideale recht gebaseerd op rechtsfilosofie.