1/31
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No study sessions yet.
geomorfologie
De wetenschap die de vormen van het aardoppervlak bestudeert, alsook de processen die de vormen creëren en veranderen
endogene processen
interne krachten, naar binnen toe, die nieuwe landschapsvormen kunnen creëren (bv. Bergketens en vulkanen).
BV. Vulkanisme, aardbevingen en tektonische activiteit
exogene processen
externe krachten, naar buiten toe, die het landschap veranderen door slijtage en afzetting
BV. Verwering = gesteente de afbrokkel,
sedimentatie= transport van verweerd materiaal,
erosie, werking van water, wind, ijs en zwaartekracht
Verwering
Het afbreken of oplossen van gesteenten en mineralen op de plaats waar ze zich bevinden, zonder dat er materiaal wordt verplaatst.
Kan zowel fysisch (mechanisch) als chemisch zijn.
De samenstelling of structuur van het gesteente verandert ter plaatse.
Erosie
Het proces waarbij het losgekomen materiaal door natuurlijke krachten, zoals wind, water of ijs, wordt verplaatst van de plaats waar het door verwering is ontstaan.
Erosie zorgt ervoor dat verweringsproducten worden afgevoerd en op een andere locatie worden afgezet.
Mechanische (fysische) verwering
het verbrokkelen of vergruizen van gesteenten, waarbij de chemische samenstelling onveranderd blijft.
In koude klimaten: vorstverwering

Chemische verwering
de chemische samenstelling van het gesteente verandert door chemische reacties: water, samen met de stoffen die erin opgelost zijn (zoals zuurstof en koolstofdioxide), reageert met het vaste gesteente.
Bv: oxidatie
Biologische (organische) verwering
een type verwering dat optreedt door de inwerking van planten en organismen
bv: algen, vogel kak

vorstverwering
als water in barsten van gesteenten bevriest, neemt het 9 % meer volume in, waardoor het werkt als een wig die het gesteente doet barsten.

Oxidatie
een proces van chemische verwering waarbij mineralen die ijzer bevatten (zoals pyriet of olivijn) reageren met zuurstof en water. Tijdens dat proces bindt het ijzer zich aan zuurstof. Dat resulteert in de vorming van ijzeroxiden (roest).
- Roestvorming op gesteenten
- Kleurveranderingen
- Versnelde afbraak

Kalksteenverwering of karstvorming
proces van chemische verwering waarbij kalksteen geleidelijk oplost in water dat verzadigd is met zuur.
Bv: Grotten en ondergrondse gangen, Dolines (inzinkingen), stalactieten en stalagmieten, Karstbronnen (resurgenties: rivieren komen terug bovengronds)

Tijdlijn van verwering
- Begin fase:
- Intermediaire fase
- gevorderde fase
begin fase verwering
enkele tientallen- hondereden jaren
traag process omdat het gesteente een beschermende laag heeft
intermediaire fase verwering
duizenden - tienduizenden jaren
versnelt het verwerings process
invloeden van klimaat en biologische activiteit
gevorderde fase verwering
honderedduizenden - miljoenen jaren
oorspronkelijke steen is vergaan
diepgaande veranderingen in de aard van het gesteente
langzame accumulatie vn sedimenten
landschapsvorming: grootschalige verandering in het landschap
factoren die snelheid vn verwering beinvloeden
- klimaat
- type gesteente
- biologische activiteit
Hellingsprocessen
De beweging van gesteente, grond en sedimenten langs hellingen. Aangedreven door de zwaartekracht. Beïnvloeden de vorm en dynamiek van landschappen
concaaf
de helling buigt naar binnen. Kan materiaal vasthouden zodat het trager beweegt aan de onderkant

convex
de helling buigt naar buiten. Kan sneller materiaal afvoeren bc zwaartekracht

rol van water in hellingsprocessen
•Smeermiddel door interne wrijving tussen grond- en gesteentedeeltjes te verminderen
•Verzadigde bodem -> cohesie tussen deeltjes daalt -> beweging
•Kan ook erosie veroorzaken aan de basis van hellingen -> ondersteunende materiaal wordt verwijderd -> helling instabieler
Locatie van hellingsprocessen
- Gebieden met steile hellingen en vochtig klimaat (=vocht verzadigt de bodem)
BV: gebergten of kustlijnen
- Gebieden met hoge seismische activiteit (langs subductiezones): aardverschuivingen en aardbewegingen
- Gebieden met bepaalde menselijke activiteiten
BV: ontbossing, graafwerkzaamheden
Factoren die hellingsprocessen beïnvloeden
- natuurlijke factoren
- interne aardprocessen
- menselijke activiteiten
Afstorting
de plotselinge val van rotsen of aarde van een helling, vaak a.g.v. verwering of schokken (bv. Aardbeving)
kenmerken afstorting
- voornamelijk op steile hellingen (zwaartekracht trekt materiaal naar beneden)
- afgevallen stukken variëren van kleine brokjes en grind tot grote rotsformaties, afhankelijk van de stabiliteit van de helling en de omstandigheden die de afstorting hebben veroorzaakt.
- Na een afstorting: ontstaan van een puinbed aan de voet van de helling, waar al het afgevallen materiaal zich verzamelt (-> nieuwe ecosystemen kunnen vormen, maar ook een risico voor menselijke activiteiten en infrastructuur)
Aardverschuiving
snelle bewegingen van grote hoeveelheden grond en gesteente langs een helling
kenmerken aardverschuiving
- Ontstaan vaak wanneer de grond verzadigd raakt door neerslag (instabiliteit)
- Van kleine tot grote verwoestende massa's
Creep (bodemkruip)
langzame, vaak onmerkbare beweging van los bodemmateriaal naar beneden, veroorzaakt door omgevingsfactoren zoals temperatuurveranderingenen vochtigheid
kenmerken creep (bodemkruip)
- Kromme stammen van bomen (door voortdurende beweging van de grond)
- Scheuren in muren en funderingen van gebouwen
- Onregelmatige wegen en paden
Modderstroom
vorm van snelstromend onsamenhangend materiaal dat verzadigd is met water en zich snel naar beneden beweegt
kenmerken modderstroom
- Na hevige regenval
- Zeer destructief (vnl. In dichtbevolkte gebieden)
- Grote hoeveelheden sediment, puin en water
- Schade aan infrastructuur en milieu
Afspoelingserosie
het proces waarbij losse deeltjes door stromend water langs een helling worden vervoerd, zonder dat er duidelijke geultjes of afvoerpaden ontstaan.
kenmerken afspoelingserosie
- Hevige regenval > vallende regendruppels verplaatsen kleine deeltjes > verzadigde bodem > cohesie tussen deeltjes neemt af
- Water neemt losgemaakte deeltjes mee > stromen naar beneden (zonder vorming van duidelijke afvoerpaden/geultjes) > vruchtbare bovenste bodemlaag spoelt weg > bodemkwaliteit neemt af
- Verergerende factoren: menselijke activiteiten (landbouw en ontbossing -> maken bovenste bodemlaag kwetsbaarder voor erosie)