1/18
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
4 kenmerken vd democratie
is een flexibel ideaal (vrijheid)
universeel (sinds 20ste eeuw)
substantieel (= waarden & normen) vs procedureel (processen, instellingen, systeem…)
meestal nieuwste vorm: deliberatieve democratie (representatief + direct)
verhouding principaal-agent
principaal (volk) geeft soevereien macht aan vertegenwoordigers (agent) om taken uit te voeren → !!! heeft meer kennis over werk dan principaal, misbruik??
6 (ideaal)vormen van bestuur Aristoteles
2 vragen: wie heerst?: few/many/all wie heeft daar voordeel bij?: eigenbelang/algemeen belang
tirannie
oligarchie
democratie
monarchie
aristocratie
politeia: middenklasse heerst voor algemeen belang ++ (aristocratie + democratie)

kritiek op democratie
plato: democratie = ochlocratie: bestuur vd menigte/gepeupel (onwetenden)
churchhill: democratie = slecht maar beter dan alle vorigen
de tocqueville: democratie = tirannie vd meerderheid
brennan: heerserij van de onwetenden en irrationelen
→ wil epistocratie: heerserij vd wijzen: hobbits, hooligans → vulcans (kritisch)
sociaal kapitaal
= geheel van bronnen die in samenleving beschikbaar worden door de netwerken, relaties en interacties van mensen = collectieve bron
vertrouwen, samenwerking, netwerken en wederkerigheid = ↓ formele regulering & controle ↑ vrijheid (afspraak ipv contract)
binnen maatschappelijk veld (ruimte tss overheid en burger: sociale bewegingen)
sociaal kapitaal de tocqueville
de la democratie en amerique (verenigingen)
= essentieel voor democratie, bij verenigingsleven in middenveld leren mensen samenwerken voor collectieve voorzieningen en verschillende meningen verenigen = over de grenzen van diversiteit
sociaal kapitaal putnam
making democracy work (italie)
hoe actiever het verenigingsleven in samenleving hoe beter de economie/overheid functioneert
bowling alone (vs)
= door dalende participatie in verenigingen komt democratie in gevaar !!! minder betrokkenheid, lidmaatschap…
liberale democratie principes
liberaal = ideologie, als fundamentele waarde: vrijheid
liberale democratie = vrijheid als middel voor democratie ⇔ totalitaire/messianistische democratie (volksdemocratie) = vrijheid als doel → bevrijding van de mens via dwang
besluitvorming door iedereen = pol. gelijkheid (iedereen = mag stemmen/kandidaat worden)
bescherming van fundamentele rechten en vrijheden
gelijke rechten en vrijheden: pers, vereniging, meningsuiting, kandidaat worden…
democratisch kiessysteem: vrije verkiezingen met volksvertegenwoordigers (parlement) verantwoording aan burgers
scheiding der machten: garantie v vrijheid voor volk (machten beperkt, checks and balances)
rule of law: rechtstaat = iedereen moet zich aan regels houden, ook bestuurders
politiek pluralisme = vrije partijen & organisaties in competitie voor belangenvertegenwoordiging = civiele samenleving (middenveld)
vrije markt kapitalisme
transparantie = verantwoorden voor daden + feedback = accountability
→ in belgie: transparantie moeilijk door particratie
bestandsdelen van democratie
door lincoln: gettysburg address
= goverment of the people, by the people and for the people
of the people: volk = soeverein (principaal), alle macht vd natie
volk = iedereen?: leeftijd, nationaliteit, strafblad… (lang niet zo, vroeger: geslacht, cijns, confederacy, slaven…)
by the people: bestuur door het volk (elite, dictator, professionals…)
directe democratie = echt volksbestuur via referendas, volksraadplegingen… = vote-centric (belgie: te binair, traag & instrumenteel (EB) ,professionals nodig?)
indirecte democratie = volksvertegenwoordigers in verkiezingen = onrechtstreeks: praktisch, professioneel, principal-agent probleem (agent heeft kennismonopolie over taken; misbruik)
for the people: rule in public interest / algemeen belang (neutraal begrip)
= noodzakelijk maar niet voldoende
locke = in algemeen belang van eigenaars (wie belastingen betaald)
mill = iedereen, onevenwichtige stem (arbeider 1, professional 6)
deliberatieve democratie
= reactie op eenzijdigheid van representatieve democratie → wederkerigheid (stemmen EN feedback)
= vorm van participatiedemocratie → best combineren met representatieve democratie (los = minder goed)
DD ⇔ representatieve democratie (indirect)
gemeenschappelijke problemenoplossing: invloed (passief)
talk-centric (proces/dialoog >)
besluit obv argumentatie voor algemeen belang (meerderheid)
al vroeg in proces (niet enkel stemmen)
gelijkwaardige posities (burgerpanel, commissies) = vaak loting
→ voorbeeld: beweging ademnood en ringland antwerpen
(vroeger in proces, meer invloed, wederzijdse communicatie, gelijkheid)

consensus (consociational) vs meerderheidsdemocratie
via onderhandelingen en compromis → grootst mogelijke meerderheid (inclusief)
via competitie resultaat krijgen (exclusief) = adversarial
4 democratietypes: politieke cultuur & gedrag
centripetale democratie (stabiel, geen conflict) = homogene politieke cultuur + competitie tss elite
centrifugale democratie (ontzuiling): gefragmenteerde pol. cultuur + competitie tss elites
gedepolitiseerde (kartel)democratie = homogene pol. cultuur + samenwerking (onstabiel)
pacificatiedemocratie = gefragmenteerde pol. cultuur + samenwerking (stabiel)

pacificatiedemocratie lijphart
= gesegmenteerde samenleving (zuilen/subculturen) die stabiel blijft door vreedzame samenwerkende elites (leiders van verschillend deel van samenleving komen samen voor oplossing) = specifieke conflictbeheersing
4 kenmerken:
grote coalities/machtsdeling → verschillende groepen = uitvoerende macht
proportionaliteit → vertegenwoordiging/middelen in democratie obv aandeel in bevolking
wederzijdse veto´s (overruled)
gesegmenteerde autonomie → sl verdeeld en elk gemeenschap regelt eigen zaken
voorwaarden:
rol van elites = pragmatisch, zakelijk, geen ideologieen
gevoelige kwesties: gedepolitiseerd in geheim topoverleg = package deals (grote akkoorden)
coordinatie, consensus, cooperatie (competitie/meerderheid)
!!! opletten voor monisme = bestuurders en vertegenwoordigers > passieve burger
4 vormen van representatie
promissory = vertegenwoordiger maakt beloftes die tellen bij volgende verkiezingen
anticipatory = vertegenwoordiger anticipeert wat kiezers willen bij volgende verkiezing
gyroscopic = kiezer stemt obv concreet gedrag/karakter en niet op beloftes
surrogate = vertegenwoordiger behartigt ook belangen van niet-kiezers (zonder electorale band)
3 dimensies van vertegenwoordiging pitkin
wat verbindt agent en principle? (waarom aanvaard)
formele structuur = legitieme afspraak met volk, vertegenwoordiger heeft gezag (aanvaard) + accountability → verkiezingen
descriptief/symbolisch= geljkenissen tss volk en vertegenwoordigers (microkosmos: geslacht, afkomst, klasse, zelfde proportionaliteit…)
substantieel = inhoud: wat ze doen (niet zijn) → acting for ipv standing for (bv. mamdani)
vrouwenquota
pro
noodzakelijk kwaad voor gelijkheid
quotas werken (ook effectief meer vrouwen verkozen)
erkenning van bestaande kwaliteiten van vrouwen
contra
discriminatie tegen mannen
echte machtsposities?
identiteit > kwaliteit?
delegate model
vertegenwoordiger = afgevaardigde, strikte instructies van hoger af
zo strikt mogelijke band tss kiezer en verkozene (geen invloed v buitenaf)
geen algemeen belang, enkel som van deelbelangen → enkel kiezer kent eigen belang
bv. M5S (italie)
= beperkt, nieuwe inzichten?
trustee-model Burke
vertegenwoordiger krijgt vertrouwen om via eigen inzicht te handelen
= mature judgement: degene met kennis handelen voor die zonder
belangen worden verzoend door parlement = algemeen belang
gevaar van eigenbelang van elite (vertegenwoordiger)
mandate model
= mandaat komt van partij ipv 1 specifieke persoon
kiezer stemt op partijprogramma → voor mandaat
combinatie van delegate + trustee MAAR kiezer kiest beide (programma en uitvoerder)
dubbele loyaliteit → aan partij en aan kiezer (verbonden aan partijprogramma)
!!! partijdiscipline/cohesie >
(kiezer weer passief)
belgie vandaag
pacificatiedemocratie = vooral communautair, niet meer verzuild
parlementaire democratie => sinds uitbreiding van stemrecht: parlement als vertegenwoordiging, toch langzaamaan kloof tussen burger en politiek: wantrouwen tegenover politiek, verminderde verkiezingsdeelname, dalende ledencijfers... → reactie = meer inspraak: administratie = verantwoording aan ministers = verantwoording aan parlement = verantwoording aan volk